Laat de natuur niet stikken


Onze idealen

  • Een krimp van de veehouderij met 75% van het huidige aantal dieren zorgt voor meer lucht voor de natuur. Rondom natuurgebieden wordt de vee-industrie en de vervuilende sierteelt, vanwege de grote hoeveelheden gifgebruik en kunstmest, versneld afgebouwd.
  • Aangezien 70% van de agrarische productie op dit moment geëxporteerd wordt, betekent een forse krimp van de veehouderij dat de Nederlandse boer weer in de eerste plaats voor de eigen regio gaat produceren. Dit levert korte voedselketens op en een veel kleinere ecologische voetafdruk van de agrarische sector.
  • De overheid zet in op vermindering van de productie en consumptie van dierlijke eiwitten met een actieve campagne en stimuleringsbeleid die moeten zorgen voor een snellere transitie naar een meer plantaardige en dus diervriendelijke en klimaatvriendelijke samenleving.
  • In 2030 is de uitstoot van stikstof (ammoniak en stikstofoxiden) landelijk 50% lager dan in 2020. Deze afrekenbare doelstellingen worden wettelijk vastgelegd. In gebieden waar dat voor de natuur nodig is, wordt na 2030 de stikstofuitstoot nog verder gereduceerd.
  • Er gaan geen subsidies meer naar technische lapmiddelen van de vee-industrie, zoals lucht-wassers of zogenaamd emissiearme stalsystemen. Ook voor de vee-industrie gaat gelden dat de vervuiler betaalt.
  • In en rondom Natura 2000-gebieden vinden geen mijnbouwactiviteiten (zoals gaswinning of zoutwinning) plaats.
  • De luchtvaart krimpt fors; het aantal vliegbewegingen wordt verlaagd naar maximaal 300.000 per jaar in 2030. Door het aantal vliegbewegingen te laten afnemen vermindert de uitstoot van broeikasgassen en stikstof.

In Nederland stoten we veel meer stikstofverbindingen uit dan de natuur kan verdragen. Maar liefst 41% van de stikstofneerslag op de beschermde natuur is afkomstig uit de Nederlandse landbouwsector. Het gaat hier vooral om ammoniak uit dierlijke mest en urine. Wanneer de ammoniak neerslaat in een natuurgebied verderop, verzuurt en vermest het de bodem, wat levensbedreigend is voor veel planten- en diersoorten. De opzichtige manier waarop het kabinet noodzakelijk ingrijpen voor zich uitschuift, is niet te tolereren. Een forse krimp van het aantal dieren dat in de veehouderij gefokt, gebruikt en gedood wordt is noodzakelijk. Hierdoor krijgt de natuur weer lucht en kan zij herstellen van de jarenlange overbemesting. Bovendien moet er strikter worden gehandhaafd op natuurvergunningen om schadelijke industrie, wegenbouw en megastallen te beperken. Dat geldt ook voor bedrijven die niet beschikken over de juiste natuurvergunningen en waar de overheid tot dusver oogluikend toekijkt, zoals bij Schiphol, Lelystad Airport en veel biomassacentrales.

Het standpunt Laat de natuur niet stikken is onderdeel van: Een leefbare Aarde voor al haar bewoners