Inbreng verslag Raming Tweede Kamer 2009


2 juni 2008

Energiebesparing
De leden van de fractie van de Partij voor de Dieren hebben met belangstelling kennis genomen van de Raming der Tweede Kamer en zijn verheugd dat energiebesparing is benoemd als één van de (acht) speerpunten voor 2009. Herhaaldelijk is immers al gebleken dat hier nog een grote verbeteringsslag in te maken valt. De leden hebben nog een aantal vragen en opmerkingen over de invulling van dit speerpunt.

Er wordt gesteld dat op dit moment reeds veel initiatieven zijn ontplooid op het gebied van energiebesparing. Hierbij worden voorbeelden genoemd als 100% groene stroom en warmteterugwinning. De leden zouden graag kennis nemen van de resultaten die hiermee reeds geboekt zijn en de doelstellingen die hierbij worden gesteld voor de komende jaren. Vervolgens wordt ingegaan op de onderdelen waar nog winst te behalen valt, zoals de toepassing van led-verlichting. De leden vragen zich af of hiertoe concrete plannen bestaan. De leden zouden tevens willen vernemen of het mogelijk is licht- en bewegingssensoren toe te passen, bijvoorbeeld voor de verlichting in alle werkkamers. Ook zouden de leden inzicht willen in de vorderingen met betrekking tot het plaatsen van zonnepanelen op de daken van de gebouwen van de Tweede Kamer en de mogelijkheden om het aantal zonnepanelen uit te breiden. De leden van de Partij voor de Dieren zijn van mening dat plaatsing van (een significant aantal) zonnepanelen op het parlementsgebouw blijk geeft van de bereidheid om zelf verantwoordelijkheid te dragen voor de winning van de benodigde energie.

De grootste bijdrage aan energiebesparing moet worden gevonden in het gedrag van de ‘bewoners’ van de Tweede Kamer, stelt het Presidium. De leden van de fractie van de Partij voor de Dieren delen de mening dat hier een belangrijke basis ligt voor het maken van duurzame, milieu- en diervriendelijke keuzes en zijn dan ook erg benieuwd naar de invulling van de aangekondigde campagne. De leden wijzen hierbij echter met klem naar de individuele bewegingsruimte die nodig is om verantwoorde keuzes te kunnen maken. Zij vragen zich af of dit aspect zal worden meegenomen in de geplande maatregelen en zo ja, op welke wijze.
De leden van de Partij voor de Dieren willen de aandacht vestigen op een aantal beperkingen die duurzaam, milieu—en diervriendelijk gedrag op dit moment nog in de weg staan. Zo blijkt dat wanneer in de winter alle gebouwen van de Tweede Kamer zodanig verwarmd worden dat de temperatuur in de fractiekamers te hoog oploopt, er nu slechts kan worden geadviseerd het raam open te doen. De Partij voor de Dieren vraagt zich af of in het kader van energiebesparing gezocht kan worden naar meer duurzame vormen van klimaatbeheersing die ook op kamerniveau te regelen zijn.

Aanbod van duurzame producten
Een ander aspect waar de leden van de Partij voor de Dieren aandacht voor willen vragen als het gaat om het mogelijk maken van duurzaam, milieu- en diervriendelijk gedrag van Kamerbewoners, is het aanbod in de drie restaurants.

Het is bijvoorbeeld op dit moment niet mogelijk een warme maaltijd (lunch of avondeten) samen te stellen die geheel uit biologische producten bestaat. De leden van de Partij voor de Dieren zijn van mening dat Kamerbewoners hier een keuze in moeten hebben en dat de restaurants er naar zouden moeten streven om dagelijks minimaal 1 biologische maaltijd aan te bieden. Ook willen de leden van de Partij voor de Dieren er op aandringen dat in ieder geval alle aangeboden producten van dierlijke oorsprong zoals vlees, zuivel en vleeswaren van biologische herkomst zijn. De welzijnsomstandigheden van dieren die biologisch worden gehouden is beduidend beter dan bij gangbare systemen en bovendien wordt in de biologische veehouderij geen gebruik gemaakt van chemische bestrijdingsmiddelen, kunstmest en preventieve toediening van antibiotica. Het behoeft geen betoog dat de leden van de Partij voor de Dieren het liefst zagen dat alle aangeboden etenswaren van biologische kwaliteit zouden zijn.

Vorig jaar antwoordde het Presidium op vragen over ditzelfde onderwerp dat zij zich afvraagt of de bewoners bereid zijn om (50%) meer te betalen voor biologische producten. De prijs van biologisch kalfsvlees werd hierbij als voorbeeld genoemd. De leden van de fractie van de Partij voor de Dieren vragen zich op hun beurt af of deze vraag inmiddels al aan de bewoners is voorgelegd. Ook willen de leden graag weten welke criteria momenteel worden gehanteerd bij het selecteren van de producten die biologisch worden ingekocht en waarom van sommige producten wel biologische alternatieven worden aangeboden en van andere producten niet. Maakt dierenwelzijn onderdeel uit van deze criteria? Graag vernemen de leden wat het percentage biologische producten momenteel is, zowel van het gehele aanbod als van de dierlijke producten in het bijzonder en of er voornemens bestaan om het aanbod en het aandeel van biologische producten te verhogen.

Het behoeft geen betoog dat een plantaardig voedselpakket een duurzamere keuze is dan een voedselpakket met dierlijke eiwitten. Dit inzicht is onlangs ook door het Kabinet vastgesteld in haar brief aan de Kamer over de kabinetsbrede aanpak duurzame ontwikkeling. Een vegetarische maaltijd kan daarom een belangrijke bijdrage leveren aan het verduurzamen van het consumptiegedrag. Helaas worden er in de restaurants van de Tweede Kamer drempels opgeworpen die de keuze voor een vegetarische maaltijd bemoeilijken, zo ondervinden ook de leden van de Partij voor de Dieren. Nog altijd zijn de Kamerbewoners die vegetarisch willen eten gedwongen te wachten op hun avondmaaltijd. Daar waar de vleesmaaltijden vooraf bereid zijn en direct opgeschept kunnen worden, moeten de vegetarische maaltijden apart besteld en vervolgens bereid worden. De leden verwachten dat door een kleine aanpassing zoals het serveren van het vlees in een afzonderlijke bak en niet samen met de saus en/of groenten, een flinke tijdswinst te behalen valt. Ook kan de vleescomponent van de maaltijd dan gemakkelijk worden vervangen door een vleesloos alternatief. Zowel voor de koks als voor de bewoners kan dit een efficiënte en kostenneutrale oplossing zijn om vegetarische maaltijden meer toegankelijk te maken. Graag een reactie.

Verder vragen de leden van de Partij voor de Dieren zich af of het vanuit het perspectief van duurzaamheid wenselijk is dat een grote hoeveelheid identieke producten wordt aangeboden waarvan sommige merken vanuit andere werelddelen zijn overgevlogen. Zij vraagt zich af of milieuaspecten zoals het aantal voedselkilometers worden meegenomen in de keuzes die worden gemaakt in het restaurantaanbod. Hiermee samenhangend willen de leden van de Partij voor de Dieren weten of het mogelijk is het aanbod van bronwaters uit andere delen van de wereld terug te dringen en tijdens vergaderingen alleen kraanwater te schenken. De leden van de Partij voor de Dieren willen daarbij refereren het promotieonderzoek van Alex van der Helm van de TU Delft uit 2007 waarin wordt geconcludeerd dat bronwater twintig tot vijftig keer zo belastend is voor het milieu als kraanwater. Het Britse Lagerhuis heeft omwille van het milieu dan ook al besloten alleen nog kraanwater te schenken tijdens vergaderingen. De leden van de Partij voor de Dieren vinden dat het Nederlands parlement er goed aan doet dit sympathieke voorbeeld te volgen.

De leden van de Partij voor de Dieren zijn verbaasd te moeten vernemen dat in het aanbestedingsbestek van warme dranken geen serieuze eisen worden gesteld ten aanzien van de duurzaamheid van koffie, cacao en suiker. Ook het aspect van eerlijke handel en het inzetten van kindslaven lijkt geen onderdeel te zijn van de selectieprocedure van een leverancier van warme dranken. De leden van de Partij voor de Dieren vinden dit onacceptabel en vragen het presidium stevige selectiecriteria op te stellen waarin het duurzame karakter en de duurzame ambities van het parlement, mede gezien haar voorbeeldfunctie in de samenleving, tot uiting komen.

Dierenwelzijn zou wat de leden van de Partij voor de Dieren een niet-inruilbaar of hard criterium moeten zijn. Zo zou de Tweede Kamer ook een goed voorbeeld geven door over te gaan op het gebruik van schoonmaakmiddelen die niet op dieren zijn getest, zoals de gemeente Den Haag reeds in 2005 heeft gedaan. De leden horen graag of het Presidium bereid is hiertoe te besluiten.

Gezonde voeding
In 2007 heeft het aantal mensen in de wereld dat lijdt aan overgewicht (1 miljard), het aantal mensen dat honger lijdt overtroffen (850 miljoen). Ook in Nederland is een snelle stijging waar te nemen in het percentage mensen dat lijdt aan overgewicht. Met name mensen die in hun werk weinig fysieke inspanningen leveren hebben een verhoogde kans op overgewicht. Bovendien blijken maaltijden die buitenshuis worden genuttigd vaak meer vet, meer zout en minder groenten te bevatten dan een maaltijd in huiselijke kring. De leden van de Partij voor de Dieren vragen zich af of de samenstelling van de warme maaltijden in de restaurants van de Tweede Kamer voldoet aan de voedingsadviezen die het Voedingscentrum heeft opgesteld, zoals minimaal 200 gram groenten per dag, maximaal 15 gram vet, minder verzadigd vet, minder zout en vezelrijk. Graag een reactie.

Informatievoorziening duurzame consumptie
De leden van de Partij voor de Dieren zijn van mening dat duurzaam, milieu- en diervriendelijk gedrag van de Kamerbewoners verder kan worden gestimuleerd door adequate informatievoorziening. Immers, de bewoners kunnen alleen een afgewogen keuze maken als zij voldoende op de hoogte zijn van de mate van duurzaamheid, milieu- en diervriendelijkheid van de aangeboden producten.

Zo kan de Tweede Kamerbewoner bij het kiezen van een lunch of avondmaaltijd in de restaurants op dit moment niet nagaan of hetgeen hij of zij wil nuttigen afkomstig is uit India, China, het Westland of elders. Ook wordt niet vermeld in hoeverre de ingrediënten in de aangeboden maaltijd duurzaam zijn (bijvoorbeeld of gebruik is gemaakt van bedreigde diersoorten als paling en kabeljauw), welke milieubelasting is gemoeid met de productie en het transport en in welke mate rekening is gehouden met het welzijn van dieren.

Doordat etikettering van het aanbod in de restaurants ontbreekt, is het ook niet duidelijk welke producten wel en welke niet biologisch of vegetarisch zijn. De leden van de Partij voor de Dieren willen pleiten voor een betere etikettering waarbij aandacht wordt besteed aan de scores van de producten op criteria als duurzaamheid, milieubelasting en dierenwelzijn. Onlangs is een advies verschenen van de Stuurgroep Technology Assessment getiteld ‘Waarden voor je geld’ waarin handreikingen worden gegeven voor een duidelijke etikettering van producten. De leden van de Partij voor de Dieren vragen zich af of de deze handreikingen gebruikt kunnen worden voor een betere informatievoorziening in de Kamerrestaurants met betrekking tot de mate van duurzaamheid van de daar aangeboden producten.

Duurzaam recyclen
Tot slot hebben de leden van de fractie van de Partij voor de Dieren nog enkele vragen over het niet-verkochte voedsel uit de verschillende restaurants. Is er zicht op de totale hoeveelheid voedsel die wekelijks overblijft? In hoeverre en op welke wijze wordt hier het inkoopbeleid op aangepast en wat gebeurt er met het overtollige voedsel? Is overwogen het overtollige voedsel weg te geven, bijvoorbeeld aan dak- en thuislozen?

Bestrijding van muizen
Van het overtollige voedsel is het slechts een kleine stap naar de (vermeende) muizenoverlast in de gebouwen van de Tweede Kamer en de restaurants die zich hier bevinden. De leden horen graag op welke wijze de muizen op dit moment worden bestreden in de verschillende ruimten, hoeveel muizen er naar schatting het afgelopen jaar zijn gevangen en gedood en in hoeverre er zicht is op de effecten van de bestrijding. Is er een afname te zien van het aantal muizen in de afgelopen jaren? Welke preventieve maatregelen worden toegepast om de vermeende muizenoverlast te voorkomen en op basis van welke criteria wordt plaagdierbestrijding ingezet? Ook willen de leden van de Partij voor de Dieren weten of en zo ja welke informatie wordt verstrekt aan Kamerbewoners om hun werkplekken onaantrekkelijk te maken voor muizen. Vindt er actieve informatievoorziening plaats om het inzetten van plaagdierbestrijding te voorkomen en zo neen, is het Presidium bereid daartoe over te gaan?