Bijdrage Thieme Debat Rege­rings­ver­klaring (eerste termijn)


26 oktober 2010

Bekijk de bijdrage via debatgemist.nl

De heer Blok (VVD):

Wij liberalen hebben een traditie om te vechten voor het verbod op discriminatie, voor gelijkwaardigheid: mannen en vrouwen, homo's en hetero's, gelovigen en ongelovigen, ongeacht huidskleur. Iedere suggestie dat er nu gemarchandeerd zou worden met de rechtsstaat, raakt ons liberalen dus recht in het hart. Die suggestie is ook volstrekt onjuist. Juist door te investeren in veiligheid, ook financieel en door ervoor te zorgen dat de politieagent echt de baas is en dat er geen enkele tolerantie is voor agressie tegen gezagsdragers, groeit het draagvlak voor de rechtsstaat weer. Dan hebben mensen weer het gevoel: dit is mijn rechtsstaat, dit is mijn land, hier ben ik veilig.

De maatregelen van dit kabinet zijn juist zo nodig om dat vertrouwen in die rechtsstaat overeind te houden.

Mevrouw Thieme (PvdD):

Ik hoor de heer Blok zeggen dat het respect voor de rechtsstatelijke instituten en de reputatie ervan weer op peil moeten komen en dat wij alles op alles moeten zetten om dat voor elkaar te krijgen. Dat heb ik toch juist? Nu hebben wij onlangs van de heer Wilders vernomen dat onze rechterlijke macht aan maffiapraktijken doet en dat miljoenen mensen geen vertrouwen meer hoeven te hebben in de rechterlijke macht, mocht de uitspraak van de rechter in zijn eigen rechtszaak de heer Wilders onwelgevallig zijn. Wij hebben ook van de heer Wilders vernomen dat Noord-Korea een betere rechtspraak heeft dan Nederland. Dat heeft hij in 2005 gezegd. Wat vindt de heer Blok van dergelijke uitspraken? Vindt hij dat hij als liberaal, die zo'n belang hecht aan het feit dat de rechtsstatelijke instituten ook autoriteit behouden en dat er geen afbreuk aan wordt gedaan, zijn gedoogpartner hierop moet aanspreken?

De heer Blok (VVD):

Ik vind het van groot belang dat wij ons als Kamerleden onthouden van uitspraken over zaken die onder de rechter zijn. Ik zal dat dus ook doen. Ik zal ook geen kritiek uitspreken op de onafhankelijke rechterlijke macht en ik zou dus zeker andere woorden hebben gekozen dan de heer Wilders.

Mevrouw Thieme (PvdD):

Ik constateer dat de heer Blok niet duidelijk afstand wil nemen van het feit dat de gedoogpartner verdachtmaktingen richting de rechterlijke macht uit, hetgeen ondermijnend is voor de rechtsstaat, en dat hij de heer Wilders daar niet op wil aanspreken. Ik vraag mij dan af waarom dat is. Is dat omdat de heer Blok de rechtsstatelijke instituten uiteindelijk toch over wil laten aan de politieke waan van de dag en de manier waarop de politiek daarover denkt? Of vindt hij de samenwerking met de heer Wilders belangrijker dan zijn principes ten aanzien van de machten, met name de autoriteit van de rechterlijke macht?

De heer Blok (VVD):

Nee, het is een andere reden. Ik ben niet de politiek ingegaan om commentaar te leveren op de uitspraken van andere politici. Ik ben de politiek ingegaan om problemen bij de kop te nemen. In dat kader vind ik het van belang dat de rechtsstaat goed functioneert. Ik kies dus andere woorden dan de heer Wilders en overigens ook andere woorden dan u waarschijnlijk zou gebruiken.

Mevrouw Thieme (PvdD):

U noemde de heer Wilders niet alleen een gedoogpartner, maar ook zelfs een coalitiepartner. U haalt de banden dus nogal nauw aan. Dat betekent dus ook dat u medeverantwoordelijk bent voor dat soort uitspraken. Juist in het kader van de discussie over de rechtstaat en waar u het zo belangrijk vindt dat wij daar allemaal meer respect voor hebben, moet dit debat hier dan ook gevoerd moet worden. U gaat dat debat uit de weg en dat heeft -- ik kan niet anders concluderen -- maar een reden, namelijk dat u vooral wilt blijven zitten op het pluche met uw partij, hier in vak-K.

De heer Blok (VVD):

Ik sta hier en zit niet in vak-K. Ik ben hier gekomen om het debat aan te gaan, ook met u. Ik zie het echt niet als mijn taak om voortdurend commentaar te leveren op uitspraken van welke andere politicus dan ook. Ik kies mijn eigen woorden en ik ben zeer gehecht aan de onafhankelijke rechtspraak. Ik zal geen uitspraken doen over zaken die onder de rechter zijn en ik zou ook nooit de woorden van de heer Wilders gekozen hebben, maar ik ga ook niet collega-politici de hele dag de maat nemen.

Mevrouw Thieme (PvdD):

Nog even heel kort. Ons werd bij de presentatie van het regeerakkoord en het gedoogakkoord duidelijk gemaakt dat er een open debat zou kunnen ontstaan, juist over de verschillen tussen de rechtsstatelijke uitgangspunten van de heer Wilders en die van de coalitiepartijen van dit kabinet. Ik moet constateren dat het eerste debat hierover al uit de weg wordt gegaan.

(….)

De heer Van Haersma Buma (CDA):

Voordat wij het geld uitgeven, moet wij het wel eerst verdiend hebben. Ook in de toekomst moeten we Nederland als vestigingsplaats en kweekvijver van bedrijvigheid behouden. Tijden waarin het economisch gezien niet goed gaat, dwingen ons tot nadenken. Waarmee verdienen we over tien jaar ons brood? Waar liggen kansen? Nederland heeft een sterke agrarische sector. Wij zijn internationaal vermaard om onze bloemenveiling en tuinbouwkassen, om onze strijd tegen het water en onze baggeraars. Dit soort sectoren moeten speerpunt van onze economische kracht blijven. Daarvoor is niet alleen een sterke maar ook een duurzame economie nodig.

Alleen dan kan de economie van de toekomst namelijk ook sterk zijn. De combinatie van kennis, innovatie en duurzaamheid wordt de gouden driehoek voor de toekomst. Dat is het wenkende perspectief waarmee veel ondernemers al aan de slag zijn gegaan en waarvoor ook de overheid een verantwoordelijkheid heeft. Daarnaast is op nationale schaal een structurele en duurzame energievoorziening nodig, ook om minder afhankelijk te worden van bijvoorbeeld het Midden-Oosten. Daarom: windenergie, zonne-energie en kernenergie; geen taboes. De CDA-fractie vraagt aan de minister-president hoe hij met zijn kabinet deze doelstellingen op het gebied van duurzaamheid gaat vormgeven.

Mevrouw Thieme (PvdD):

De milieuwoordvoerder van het CDA heeft de afgelopen jaren regelmatig aangegeven dat het CDA heel graag wil doorgaan met de vergroening van het fiscale stelsel. In het regeerakkoord is echter te lezen dat de groenregeling wordt afgeschaft. Dat gaat lijnrecht in tegen de beloftes van het CDA dat daarmee vooral moet worden doorgegaan. Wat heeft het CDA gekregen in ruil voor het laten varen van de groenregeling?

De heer Van Haersma Buma (CDA):

Ik wil niet praten over een-op-eenruil, maar gezien de nieuwe SDE-regeling en de regeling via de energierekening blijft er in de toekomst heel veel geld beschikbaar voor groene energie. Sterker nog, dit kabinet komt met meer dan velen in de Kamer verwacht hadden. Dit kabinet creëert een toekomst die de economie sterker en duurzamer maakt. Dat gaat over deze zaken en over de hele energievoorziening.

Mevrouw Thieme (PvdD):

Toch staat dit lijnrecht tegenover de gedachte van dit kabinet dat je individuen verantwoordelijk moet maken voor verantwoord ondernemen. Juist de groenregeling heeft ervoor gezorgd dat er 8 mld. is geïnvesteerd in groene innovaties. Dat wordt nu gewoon weggestreept en wordt als kop op de energierekening gestopt, terwijl de markt zo geen impuls krijgt voor groene innovaties. Ik begrijp de redenering van het CDA dus nog steeds niet.

De heer Van Haersma Buma (CDA):

Echt verantwoordelijkheid nemen betekent dat je ook groen investeert als de overheid dat niet voor jou meefinanciert. Begrijpt u wat ik bedoel? Als je groene investeringen belangrijk vindt, doe je die omdat je je verantwoordelijkheid neemt en niet omdat de overheid daaraan bijbetaalt.

Mevrouw Thieme (PvdD):

Deze maatregel levert een besparing op van 100 mln., maar zorgt ook ervoor dat de 8 mld. die de afgelopen jaren door groene innovaties zijn verdiend, gewoon weg zijn en dat zulke verdiensten in de toekomst niet meer kunnen plaatsvinden. Dat is in feite een enorm verlies voor de economie. Kunt u dat voor uw rekening nemen?

De heer Van Haersma Buma (CDA):

Ik wil dat er niet slechts groen wordt geïnvesteerd dankzij een fiscaal hulpje van de regering, maar dat er groen wordt geïnvesteerd omdat "duurzaam" op een andere manier tot rendement leidt. Zo moet het in de toekomst zijn en daarop wil ik dit kabinet aanspreken: op een duurzame economie die rendeert, die ons minder afhankelijk van andere landen maakt voor bijvoorbeeld olie en die op lange termijn voor een groenere samenleving zorgt. Daarop zullen wij dit kabinet ook beoordelen.

Mevrouw Thieme (PvdD):

Dat is vreemd. U legt de verantwoordelijkheid voor groene investeringen dus toch weer bij de overheid. Bij de SDE+-regeling moet de overheid namelijk gaan investeren in groene energie, terwijl bij de groenregeling particulieren hun spaarcenten gingen inzetten voor een betere wereld. Dat staat lijnrecht tegenover dit beleid.

De heer Van Haersma Buma (CDA):

U bent hier zelf blij mee, maar u bent wel boos op mij dat ik dit in stand houd. De SDE+-regeling zal straks via opslag op de energierekening tot stand komen. U vindt die regeling belangrijk, maar u wordt boos op mij dat ik die in stand houd. Dat vind ik vreemd.

Mevrouw Halsema (GroenLinks):

Dit is de eerste keer dat er door een van de regeringspartijen iets wordt gezegd over groene politiek. Mijnheer Van Haersma Buma, ik ben benieuwd of de heer Wilders het met u eens is dat er nu echt een doorbraak in duurzaamheid wordt geforceerd. Ik heb namelijk een volstrekt andere indruk: het milieubeleid kachelt achteruit ten opzichte van de afgelopen jaren, waarin het al niet zoveel was. Een mooi symbool daarvan is het feit dat dit kabinet de doelstellingen naar beneden heeft bijgesteld om misschien nog een beetje in de buurt te kunnen komen.

De heer Van Haersma Buma (CDA):

Ik weet niet of de heer Wilders het ermee eens is. Ik heb hem dat eerlijk gezegd ook niet gevraagd. Dit is namelijk onderdeel van het regeerakkoord en niet van het gedoogakkoord. Het is ons namelijk niet gelukt de heer Wilders ook onder dit onderdeel zijn handtekening te laten zetten, maar misschien lukt het u wel, mevrouw Halsema. U zult op dit punt denk ik meer bereiken dan ik.

De doelstellingen hebben wij teruggebracht tot het op zichzelf helemaal niet slechte niveau van Europa. Dat niveau hadden we in Nederland ook altijd voor het vorige kabinet. Dat ten eerste.

Ten tweede moeten het doelen zijn die te realiseren zijn. Wij vinden namelijk wel dat je eerlijk moet zijn. Als je doelen stelt, moet je die realiseren en daarop zullen wij het kabinet afrekenen. Ik wel!

Mevrouw Thieme (PvdD):

Als helemaal niet aan de heer Wilders heeft gelegen wat het beleid zou zijn op het terrein van duurzaamheid en u wat dat betreft eigenlijk autonoom kon opereren, begrijp ik niet waarom u de doelstellingen ten aanzien van duurzaamheid naar beneden hebt bijgesteld. Is het dan de VVD die dat wilde?

(….)

Mevrouw Thieme (PvdD):

Voorzitter. Vrijheid en verantwoordelijkheid spreken ons aan, maar onze partij geeft een heel andere invulling aan die begrippen. De verantwoordelijkheid waarover het regeerakkoord spreekt, ligt geheel bij CDA en VVD die er niet voor terugdeinzen het natuurbeleid te kappen, een groot deel van de bibliotheken te sluiten, 200 mln. te bezuinigen op de kunst- en cultuursector, werknemers van sociale werkplaatsen naar huis te sturen, jonggehandicapten drastisch te korten op hun uitkering en te korten op ontwikkelingssamenwerking. CDA en VVD nemen de verantwoordelijkheid om de allerkwetsbaarsten de prijs te laten betalen voor de crisis waaraan zij part noch deel hadden. En de vrijheid uit het kabinetsmotto komt Geert Wilders toe, die geen enkele verantwoordelijkheid draagt maar wel voortdurend de vinger aan de trekker houdt om dit kabinet te bedreigen in zijn voortbestaan.

De opdracht was om op zoek te gaan naar een stabiel kabinet dat kan rekenen op een vruchtbare samenwerking met de Staten-Generaal. Die stabiliteit en vruchtbare samenwerking zijn ver te zoeken in de nu gepresenteerde coalitie met de krapst denkbare meerderheid in dit huis en minstens zeven maanden een minderheid in de Eerste Kamer.

Gedogen is toelaten wat eigenlijk niet mag. Het is niet alleen de politieke partij met slechts één lid, de PVV, die gedoogt, het zijn ook CDA en VVD die gedogen. Hoewel dat niet te verwachten was voor wie de minster van Buitenlandse Zaken van het vorige kabinet beluisterde op 8 april 2009 in het Filmhuis in Den Haag. Toen zei hij: "Met al zijn generalisaties zaait Geert Wilders verdeeldheid. Hij zet groepen mensen tegen elkaar op. Dan gaan mensen hun hele identiteit, hun hele wezen ophangen aan wat in feite maar een kenmerk van hun leven is, hun godsdienst. Wilders maakt daarmee met zijn uitspraken Nederland een land van wij tegen zij. Dat is niet het Nederland waar ik wil leven. Ik wil leven in een Nederland van gedeelde waarden."

Dat is dezelfde Wilders van wie het CDA nu welbewust kiest er afhankelijk van te willen zijn. CDA en VVD gedogen dat de heer Wilders rechters in ons land beschuldigt van maffiapraktijken. CDA en VVD gedogen dat mensen die een hoofddoek willen dragen geschoffeerd worden met bewust beledigende gekozen formuleringen zoals de kopvoddentaks. CDA en VVD gedogen uitspraken over het feit dat rassenrellen zo hun positieve kanten kunnen hebben. CDA en VVD gedogen dat de Nederlandse rechtspraak wordt ondermijnd met uitspraken dat miljoenen mensen terecht geen vertrouwen meer zouden hebben in die rechtspraak wanneer die komt met een uitspraak die de heer Wilders niet welgevallig is, omdat hij vindt dat het rechtssysteem in Noord-Korea veel beter is dan het onze. CDA en VVD gedogen dat ministers worden bestempeld als knettergek en partijvoorzitters als zeurpieten. Als zo'n zeurpiet vervolgens maar staatssecretaris mag worden.

Je moet wel erg desperaat zijn om liever de provocaties van de heer Wilders en de zijnen te gedogen dan op basis van een ruime meerderheid te willen samenwerken met partijen die wel democratisch georganiseerd zijn. Dit kabinet blinkt al voor het goed en wel begonnen is uit in haantjesgedrag. Al was het maar door zijn eenzijdige samenstelling die op geen enkele wijze recht doet aan het aantal deskundige vrouwen dat Nederland telt. Mark Rutte wil premier zijn van alle Nederlanders, maar zonder grote groepen Nederlanders serieus te willen nemen. Denk aan de ruim 8 miljoen vrouwen, de ruim 4 miljoen dieren-, natuur- en milieubeschermers, de 3 miljoen allochtonen, de 3,6 miljoen leden van de publieke omroepen, de 1 miljoen mensen met een dubbel paspoort, de vele miljoenen liefhebbers van kunst en cultuur en de honderdduizenden werknemers van sociale werkplaatsen.

Natuurlijk, er zit een aantal dubbeltellingen in, maar het geeft een indruk van het grote aantal mensen dat door dit kabinet met nadruk niet serieus genomen wordt.

De angst regeert: angst dat de PVV nog groter zal worden, dat de communicerende vaten op rechts zullen leiden tot ernstige lekkage bij de regeringspartijen. De angst is zelfs zo groot dat de VVD bereid was, haar liberale ziel te verkopen aan de SGP voor steun. "Samenwerken met Wilders om hem te ontmaskeren", hoor ik zo hier en daar. Dat betekent in feite niets anders dan bereid zijn, het koekoeksei van de heer Wilders uit te broeden. Het land waarin minister Verhagen vorig jaar nog niet wilde leven, krijgt een kabinet dat zo'n land alsnog mogelijk zal maken, powered by Geert Wilders.

Afspraak is afspraak, hoor ik premier Rutte verkondigen aan iedereen die het horen wil. Er schuilt echter een hoge mate van bereidheid tot ontrouw achter deze spierballentaal. Afspraak is afspraak: een man een man, een woord een woord. Wij hebben een coalitie van veel mannen en veel woorden. Laten wij deze eens onder de loep nemen.

"Afspraak is afspraak" geldt voor dit kabinet duidelijk niet voor de natuur. Sinds 1990 is met man en macht geïnvesteerd in aaneengesloten natuurgebieden. Dit kabinet maakt een abrupt einde aan dit natuurbeleid. Het komt daarmee de afspraken met provincies, maatschappelijke organisaties en boeren niet na. De eerste daad van staatssecretaris Bleker veroorzaakte een golf van verontwaardiging bij provincies en maatschappelijke organisaties. Ik citeer een CDA-gedeputeerde uit Groningen: Bleker gaat veel te ver; onbestaanbaar dat hij durft te tornen aan eerder gemaakte afspraken; bij hem is niets meer zeker. Hoe denkt de minister-president om te gaan met de schadeclaims die zullen voortvloeien uit het breken van het adagium "afspraak is afspraak"?

De verontwaardiging in de maatschappij is inmiddels al aanzienlijk. Natuurmonumenten wist binnen 24 uur al 20.000 handtekeningen te verzamelen tegen dit natuurbeleid, of beter gezegd: dit gebrek aan natuurbeleid. Het is zeer kortzichtig van het kabinet om te stoppen met investeren in de natuur. Investeren in natuur is meer solide dan investeren in goud. €1 investeren, levert €100 op, zo berekenden de Verenigde Naties onlangs. Europese wetenschappers becijferden dat het verlies aan natuurgebieden minstens 50 mld. per jaar zal kosten. Wat hebben we aan een kabinet dat al die rekeningen doorschuift naar toekomstige generaties?

Afspraak is afspraak. De handtekening van de Nederlandse regering staat onder internationale verdragen voor de bescherming van de unieke natuur van de Westerschelde. Dat is een ongedekte cheque, want het kabinet kondigt aan dat het herstel er voorlopig niet van zal komen. Is dit kabinet echt van plan om de afspraken alsnog te schenden en minstens 120 mln. extra uit te geven aan een alternatief voor de ontpoldering van de Hedwigepolder?

Het akkoord stelt dat we kernenergie nodig hebben. Nederland moet volgens het kabinet voor zijn energie minder afhankelijk worden van het buitenland. Hoe vallen deze twee uitspraken met elkaar te rijmen, terwijl iedereen weet dat uranium toch echt uit het buitenland komt? Graag een reactie. Van dit kabinet zouden wij de rekening niet mogen doorschuiven. Kerncentrales worden gebouwd op de schatkist. Er is geen private investeerder zo gek om garant te staan voor de enorme financiële risico's die de bouw van een nieuwe kerncentrale met zich brengt. Kan de minister-president misschien aangeven hoe hoog de kosten en de risico's voor de belastingbetaler zullen zijn?

Dit kabinet schaft de Groenregeling af om 100 mln. te besparen. De betrouwbare overheid waar premier Rutte voor zegt te staan, brengt daarmee de hardwerkende Nederlander die zijn spaargeld wilde inzetten om zijn verantwoordelijkheid voor een duurzamere wereld te nemen, in de problemen.

De groene banken die ervoor zorgden dat er ongeveer 8 mld. werd geïnvesteerd in groene innovaties, worden keihard getroffen door de afschaffing van de groenfondsen. De Telegraaf, de krant van wakker Nederland, zegt daarvan: "Wie gelooft dat milieu- en energietechnologie geldverspilling is, moet maar eens in China gaan kijken. Daar is het de overheid die miljarden rechtstreeks in deze tak van industrie pompt. Dat is natuurlijk niet omdat de Chinezen nu zo milieubewust zijn. Nee, die ruiken kansen. Dit wordt weer een punt waar de Chinezen straks een voorsprong op ons kleine kikkerlandje hebben." De afschaffing van deze maatregel staat haaks op het liberale denken van de VVD en het rentmeesterschapsdenken van het CDA. Ik wil daarop graag een reactie van de minister-president.

Minister-president Rutte, de man die ons in augustus 2008 een groenrechtse koers van de VVD in het vooruitzicht stelde, zwalkt als een dronken bestuurder met 130 kilometer per uur over het nieuwe asfalt. Mag ik Trouw van 22 augustus 2008 nog even in herinnering roepen? "Door subsidiegeld te steken in innovatieve industrie verwacht de VVD een succesvolle tegenhanger te worden van de partijen ter linkerzijde die volgens de VVD 'het klimaatprobleem claimen'. In het najaar van 2008 komt partijleider Mark Rutte met een uitgewerkt milieuplan, een groenrechtse agenda." Ik ben die groenrechtse agenda ook in de regeringsverklaring op geen enkele wijze tegengekomen. Groenrechts betekent nieuwe snelwegen die recht door groene polders gaan, zoals de A4 door Midden Delfland en het Blankenburgtunneltracé door het Lickebaertgebied. Groenrechts betekent dat de Tijdelijke crisis- en herstelwet permanent gemaakt wordt om onder meer varkensflats en kippenfabrieken te bouwen. Waar is de verontwaardiging van de minister-president gebleven toen hij mij tijdens de algemene politieke beschouwingen in 2009 vertelde dat hij tegenstander was van "het stapelen van varkens op een mensonwaardige manier" en dat "consumenten die €1 betalen voor een pond gehakt, de kop in het zand steken als ze menen dat dit vlees diervriendelijk geproduceerd kan zijn". Hoe anders is dat nu als we kijken naar het regeer- en gedoogakkoord, dat de deur wagenwijd openzet voor de dier- en milieuonvriendelijke vee-industrie die nota bene ook onze volksgezondheid ernstig in gevaar brengt? Graag een verklaring voor dit gedraai van de minister-president.

Dan veiligheid. Een van de middelen is het inzetten van 3000 extra agenten, van wie 500 zich gaan bezighouden met de opsporing en bestrijding van dierenmishandeling: 114-red-een-dier, maar op geen enkele manier wordt duidelijk of je ook kunt bellen met dat nummer als het gaat om de georganiseerde dierenmishandeling van 500 miljoen dieren in de vee-industrie. De minister-president zei meesmuilend: "Ach, je moet wel eens wat" en minister Donner dacht dat animal cops politiehonden waren. Ja, bij het kabinet zit datgene wat het gaat doen, er goed in!

Andere beloften zijn het zoeken naar alternatieven voor dierproeven, het harder aanpakken van fokkers die zich niet aan de regels houden en het harder aanpakken van dierenmishandeling en van de illegale handel in exotische dieren. Ook wil dit kabinet de dieronvriendelijke slachtveetransporten verkorten over lange afstanden en wil het dat dieren ingeënt worden tegen ziektes in plaats van dat zij preventief worden gedood. Natuurlijk is het geweldig dat het kabinet de aangenomen moties van de Partij voor de Dieren vertaalt in goede voornemens, maar het is duidelijk dat de dekking daarvan flinterdun is. Eén nacht ijs, meer is het vooralsnog niet. Hoe gaat het kabinet de afspraak nakomen dat 3000 extra politieagenten ingezet worden, onder wie die 500 animal cops, terwijl daar helemaal geen geld voor schijnt te zijn? De 300 mln. die dit kabinet zegt vrij te gaan maken, zal volgens de politiebonden moeten worden gebruikt om het huidige tekort op te vullen. De belofte van een dierenpolitie is dus gewoon een tandenloze tijger. Graag hoor ik van de minister-president welke concrete invulling hij in gedachten heeft en hoe dit kabinet ervoor gaat zorgen dat dierenpolitiezaken ook voor de rechter komen, wat nu praktisch niet gebeurt. Hoe verklaart de minister-president daarnaast dat tegelijkertijd met de beloofde instelling van een dierenpolitie 18 mln. wordt bezuinigd op het toezicht en de controle op het dierenwelzijn in de vee-industrie, bij diertransporten en in de slachthuizen?

Dat wordt niet goedgemaakt met onervaren animal cops met een nog onduidelijke visie en onduidelijke missie. Wat dieren betreft, spreekt uit dit akkoord de dubbele moraal van gedoogpartner PVV: doen alsof zij de ambassadeur van dierenwelzijn is, terwijl zij de grootste groep mishandelde dieren gewoon links laat liggen. Dieren krijgen wat kalmerende woorden toegezwaaid in het regeerakkoord; kalm, koest maar, goed volk. Opnieuw wordt echter duidelijk dat de onzichtbare hand van Adam Smith nooit een hond zal aaien of een varken zal verlossen uit de vee-industrie.

Wie voor verbetering van het dierenwelzijn inzet op Europese maatregelen en een level playing field, maakt Nederland afhankelijk van het dierenwelzijnsbeleid van landen als Roemenië waar ze beren in kooitjes houden en Spanje waar ze dieren langzaamaan dood martelen. Nederland heeft een eigen verantwoordelijkheid voor het welzijn van dieren en moet die ook zelf nemen. Nergens ter wereld zijn er meer dieren per hectare te vinden dan hier.

Dan het klimaat. Het kabinet zegt dat het inzet op een gelijk speelveld in Europa voor de uitstoot van broeikasgassen. De afspraak was dat wij de opwarming van de aarde zouden beperken tot maximaal twee graden. Kan de minister-president aangeven of het kabinet zich zal houden aan deze afspraak en wel om een belangrijke reden: de klimaatverandering zorgt nu al voor droogtes en overstromingen, voor misoogsten en voor tekorten aan voedsel en drinkwater.

Wij leven letterlijk op de pof. Onze grootste kredietverstrekkers zijn de ontwikkelingslanden. Via ons aandeel in de wereldhandel en veelal in het kader van onze eigen vee-industrie, halen we waardevolle grondstoffen uit ontwikkelingslanden, veel meer dan de aarde kan leveren. Wij vieren onze levensstijl ten koste van natuur, milieu en mensen aan de andere kant van de wereld en wij laten hen letterlijk sterven van de honger door onze manier van leven en handel drijven.

Het schrappen van 900 mln. in je ontwikkelingsbudget, het van de ene op de andere dag je ambities naar beneden schroeven, is dat vrijheid, is dat verantwoordelijkheid? Het zou nu eens over moeten zijn met de stoere taal om de maatschappelijk teleurgestelden naar de mond te praten. Dit kabinet helpt Nederland niet uit de crisis maar verder erin. Het is tijd voor een kabinet dat ons land werkelijk een andere richting op stuurt die onze economie verduurzaamt, voor beleid gericht op het bevorderen van het welzijn van mens en dier. Natuurlijk zullen wij alle voorstellen van dit kabinet telkens opnieuw op zijn merites beoordelen, maar een kabinet dat de schuld aan toekomstige generaties laat oplopen en meewerkt aan het onleefbaar maken van onze planeet, kan niet rekenen op onze steun. U kunt het ministerie van LNV afschaffen, maar niet voordat er een einde komt aan de bio-industrie.