Bijdrage SO Natuur- en mili­eu­ef­fecten veehou­derij inclusief PAS


13 december 2012

Inbreng Partij voor de Dieren Schriftelijk Overleg Natuur- en milieueffecten veehouderij inclusief PAS

De veehouderij heeft grote negatieve effecten op mensen en dieren, maar ook op milieu en natuur, in Nederland en in de rest van de wereld. De leden van de fractie van de Partij voor de Dieren willen graag hierover enkele vragen stellen ter voorbereiding van het Algemeen Overleg over dit onderwerp.

Hoeveel broeikasgassen stoot de Nederlandse veehouderij jaarlijks uit, zowel direct (methaan, lachgas) als indirect (via de broeikasgassen die vrijkomen bij ontbossing, productie en gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen en het vervoer van het veevoer)?

Hoeveel kilogram (kg) veevoer, zoals soja, mais en palmpit, wordt er jaarlijks geïmporteerd in Nederland? Hoeveel wordt er daarvan in Nederland gebruik voor de veehouderij? Uit welke landen is dit veevoer afkomstig? Hoeveel hectare is er voor nodig om het in Nederland gebruikte veevoer te telen? Welk verlies aan biodiversiteit heeft dit tot gevolg? Welk aandeel van het in Nederland gebruikte veevoer bestaat uit genetisch gemanipuleerde gewassen?

Wordt nog steeds 70% van het in Nederland geproduceerde vlees geëxporteerd naar andere landen? Zo nee, wat is het huidige percentage? Hoeveel levende dieren worden er geëxporteerd, en hoeveel dode?

In 2007 heeft CE Delft berekend dat het in Nederland gebruikte krachtvoer staat voor minimaal 62 PJ aan primaire energie (Bron: 2007, CE Delft, Energiegebruik in de veevoerketen, Inventarisatie t.b.v. MJA2 , Publicatienummer: 07 6136 01). Kan het kabinet aangeven of dit nog steeds het juiste getal is, of dat dat in de afgelopen jaren veranderd is, en wat dan wel het correcte cijfer is als dit cijfer niet meer klopt?

Hoeveel kg mest wordt er door de Nederlandse veehouderij jaarlijks geproduceerd, per diersoort, en hoeveel kg stikstof en fosfaat houdt dit in? Hoeveel kg dierlijke mest kan er verantwoord worden geplaatst op Nederlandse landbouwgrond, uitgaande van evenwichtsbemesting?

Wat zijn de kosten van de inzet van ambtenaren van de ammoniak- en fijnstof- regelgeving en (subsidie)maatregelen? Wat zijn de kosten van de inzet van ambtenaren op het mestbeleid, inclusief de inzet in Brussel om tot aanpassing van de Europese regels te komen? Hoeveel geld wordt er uitgetrokken voor de subsidie aan de intensieve veehouderij, zoals luchtwassers en ammoniakarme stalsystemen en welke emissiereductie wilt u hiermee bereiken? Hoeveel kosten de extra medewerkers bij AgentschapNl die de vergunningverlening voor mestverwerkingsinstallaties sneller moeten laten verlopen? Wat zijn de kosten van de inzet van ambtenaren op het dossier Programmatische Aanpak Stikstof?

Hoeveel euro zou een stikstofheffing, zoals deze werd voorgesteld in de maatregelen die de Partij van de Arbeid heeft laten doorbereken door het Centraal Bureau voor de Statistiek, momenteel jaarlijks opleveren?

Wat is het gemiddelde rendement van respectievelijk de mono- en de co-mestvergisters? Kan het kabinet bevestigen dat er ongeveer evenveel energie in de vergisters gestopt moet worden als er weer uit komt?

Hoe kan het dat er zoveel fouten worden gemaakt in de vergunningverlening en het opstellen van een Milieueffectrapportage ten behoeve van de intensieve veehouderij? Hoeveel ambtenaren houden zich hiermee bezig in Nederland? Hoeveel beroeps- en bezwaarprocedures zijn er de afgelopen vijf jaar aangespannen door burgers en belangengroepen tegen een verleende vergunning voor een veehouderij? Hoeveel van deze zaken heeft inderdaad tot de vernietiging van een vergunning geleid? Indien het kabinet niet over deze gegevens beschikt, is zij dan bereid hierover navraag te doen bij de provincies en gemeenten?

Hoeveel reconstructiegelden zijn er nog, ook provinciaal? Op welke begroting(en) staan deze gelden? Hoeveel is er vanuit de reconstructiegelden per jaar uitgegeven sinds het begin van het reconstructiebeleid, en waaraan?

Hoeveel veehouderijen staan er in Nederland binnen een straal van respectievelijk 50, 100, 250, 500, 750 en 1000 meter van niet-agrarische bewoning dan wel van de bebouwde kom, met welke dieren?

Is de Nederlandse veehouderij nog steeds verantwoordelijk voor 23% van de Nederlandse fijnstofuitstoot, of is dit cijfer ondertussen veranderd, en zo ja, wat is dan het huidige percentage? Zijn hier feitelijke meetgegevens van, of is het antwoord van het kabinet slechts gebaseerd op berekeningen?
Hoeveel mensen in Nederland wonen in gebieden waar de normen voor fijnstoot worden overschreden als gevolg van veehouderijen?

Is de Nederlandse veehouderij nog steeds verantwoordelijk voor 90% van de Nederlandse ammoniakuitstoot, of is dit cijfer ondertussen veranderd, en zo ja, wat is dan het huidige percentage?

Hoeveel mensen in Nederland ervaren er naar schatting stankoverlast van veehouderijen?

Kan het kabinet bevestigen dat de kosten van klimaatbeleid over de periode 2000 – 2050 met 50% lager uit kunnen vallen bij een overgang door alle wereldburgers naar een dieet met
weinig vlees, opgesteld op basis van gezondheidscriteria?

Kan het kabinet bevestigen dat voor de Nederlandse consumptie, volledige vervanging van dierlijke producten door plantaardige een besparingspotentieel van ca. 12.500 km2 heeft? Kan het kabinet ook aangeven hoeveel CO2 (equivalenten) dit zou besparen?

Kan het kabinet een overzicht geven van de herstelkosten en jaarlijkse beheerkosten van elk afzonderlijk Natura2000 die gemaakt moeten worden om verzuring en vermesting tegen te gaan?

Wat is precies de definitie van brongerichte maatregelen die vallen onder het maatregelenpakket PAS en welke maatregelen vallen hier allemaal onder? In hoeverre financiert de overheid en/of de provincie de brongerichte maatregelen die nodig zijn in het kader van de PAS en hoeveel bedraagt de benodigde cofinanciering?

Welke verschillende specifieke hydrologische maatregelen behoren tot het maatregelenpakket en hoeveel kosten de afzonderlijke maatregelen de overheid en de provincies? Welk aandeel cofinanciering is er aanvullend nog nodig? Welk percentage van de verdroogde gebieden kan met het bedrag dat gereserveerd staat voor hydrologische maatregelen worden hersteld?

Hoeveel ha verlaagde grondwaterstand is er in Nederland ten behoeve van de (melk)veehouderij? Kan het kabinet uiteenzetten welke gevolgen dit heeft op de biodiversiteit en de omliggende natuurgebieden?

Welke specifieke herstelmaatregelen maken naast afplaggen onderdeel uit van het maatregelenpakket PAS en hoeveel kosten deze afzonderlijke maatregelen? Welke resultaten worden er beoogd met het nemen van de herstelmaatregelen, hoe hangen deze beoogde resultaten samen met de te realiseren instandhoudingsdoelstellingen en hoe worden ze precies gemeten? Hoe wordt bepaald welke specifieke herstelmaatregelen en/of hydrologische maatregelen en noodzakelijk zijn per stikstofgevoelig natuurgebied, welke criteria worden er gehanteerd bij deze afweging, hoe hangen deze criteria samen met de te realiseren instandhoudingsdoelen? Op welke wijze wordt geëvalueerd in hoeverre de herstelmaatregelen en de kosten daarvoor bijdragen aan de te behalen instandhoudingsdoelstellingen? Wordt ook integraal getoetst in hoeverre de maatregelen bijdragen aan het behalen van de internationale biodiversiteitsdoelen en welke specifieke maatregelen er nog extra nodig zijn om deze doelen te halen? Zo ja, hoe? In hoeverre wordt er bij het toepassen van herstelmaatregelen afgewogen en of dit wel de meest kosten-efficiënte manier is om de instandhoudingsdoelstellingen te halen en over op basis van welk tijdspad wordt dit bepaald?

Welke concrete natuurdoelen en verbeteringen moeten er bereikt zijn met de 27,8 miljoen euro aan herstelmaatregelen in 2013? Welke natuurdoelen en verbeteringen moeten er bereikt zijn in 2016 en volgens welke criteria zal tijdens de evaluatie in 2016 getoetst worden of de ontwikkelopgave in combinatie met andere te nemen maatregelen toereikend is voor het realiseren van de internationale doelen? Hoe wordt dit precies beoordeeld als niet vaststaat wanneer de internationale doelen gerealiseerd moeten zijn? Welke criteria worden er gehanteerd en hoe hangen deze samen met de bereikte natuurdoelen? Hoeveel afname in stikstofdepositie moet er gerealiseerd zijn in 2016 en hoe wordt bepaald of deze afname voldoende is om de internationale instandhoudingsdoelstellingen te behalen?

Op welke termijn verwacht het kabinet de instandhoudingsdoelen met het gereserveerde budget voor herstelbeheer en hydrologische maatregelen tezamen met de overige maatregelen uit de PAS te realiseren? Welk deel hiervan verwacht het kabinet voor het evaluatiemoment in 2016 te behalen?

Hoeveel landelijke afname in stikstofdepositie beoogt het kabinet jaarlijks te bereiken met het nemen van maatregelen in het kader van de PAS en na hoeveel jaar zal de stikstofdepositie voor elk afzonderlijk stikstofgevoelig natuurgebied hiermee onder de kritische depositiewaarde zijn? Kan het kabinet per Natura2000 gebied een overzicht geven van de maximale kritische depositiewaarde in relatie tot de instandhoudingsdoelen van dat gebied tezamen met een overzicht van de huidige stikstofdepositie? Zijn de huidige stikstofdeposities gebaseerd op berekeningen middels rekenmodellen of zijn ze gebaseerd op feitelijke meetgegevens?

Hoeveel provincies en gemeenten hebben al uitbreidingen van veehouderijen toegestaan of bestemmingsplannen die die mogelijk maken op basis van verwachte ontwikkelruimte in het kader van de PAS, terwijl de PAS nog niet van kracht is? Wat heeft het ministerie precies gecommuniceerd naar gemeenten en provincies over hoe om zij om moeten gaan met uitbreidingen van veehouderijen en het vaststellen van bestemmingsplannen in de tussentijd dat er nog gewacht wordt op de definitieve PAS?

Moet de PAS eerst per Natura 2000 gebied in een beheerplan worden uitgewerkt voordat er ontwikkelingsruimte vrij komt? Zo ja, wat is de planning voor het vaststellen van de beheerplannen? Hoeveel beheerplannen van Natura2000 gebieden zijn er tot nu toe al definitief vastgesteld en hoeveel wachten er nog op de PAS? Wie bepaalt wie welke ontwikkelruimte krijgt en welke ontwikkelingen krijgen voorrang?

Garandeert het kabinet dat de afspraak om de voor PAS ontwikkelde instrumenten (rekenmodel Aerius, ecologische redeneerlijnen en de gebiedsanalyses) Raad van State-proof zijn?

Hoeveel veehouderijen zijn er in Nederland en hoeveel veehouderijen staan er dan binnen een straal van respectievelijk 50, 100, 250, 500, 750 en 1000, 1500 en 3000 meter van Natura2000 gebieden? Hoeveel veehouderijen in Nederland hebben een natuurbeschermingswetvergunning, hoeveel hebben er een vergunning aangevraagd maar hebben een afwijzing gekregen, hoeveel zijn er getoetst en hebben geen vergunning nodig en hoeveel hebben er geen vergunning maar zouden die wel moeten hebben? Indien het kabinet niet over deze gegevens beschikt is zij bereid om navraag te doen bij provincies en gemeenten? Hoe heeft het kabinet de natuurbeschermingswet getoetst, gehandhaafd en afgegeven natuurbeschermingswetvergunningen en getoetste bedrijven geregistreerd in de periode dat zij zelf het bevoegd gezag hiervoor vormde voor 2005? Hoe is deze overdracht geweest naar provincies toen zij in 2005 het bevoegd gezag werden?

Kan het kabinet de reactie op het rapport van de gezondheidsraad ‘De invloed van stikstof op de gezondheid’ die de staatssecretaris van I&M de Kamer heeft beloofd ook namens de bewindspersonen verantwoordelijk voor natuur, landbouw en veehouderij de Kamer doen toekomen?