Bijdrage Thieme WGO Buiten­landse Handel en Ontwik­ke­lings­sa­men­werking


17 december 2012

Wetgevingsoverleg Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

Voorzitter. We voeren een merkwaardig debat vandaag. We bespreken een begroting die nog niet bestaat, en waarvan we al weten dat er ook niet veel in zal komen te staan behalve een groot rood cijfer van een miljard in de min voor ontwikkelingssamenwerking. Een PvdA minister mag deze grove bezuiniging op de armsten in de wereld verdedigen. Ik heet haar welkom en wens haar daar succes bij.

Waar vorige kabinetten met de PvdA nog de pretentie hadden dat zij over de grenzen van ons landje heenkeken en zich het lot van de allerarmsten aantrokken, staat de huidige minister van Ontwikkelingssamenwerking vooral ten dienste van ons eigen bedrijfsleven. Ze verdedigt een beleid van welbegrepen eigenbelang in de derde wereld als een nieuwe VOC mentaliteit, en versoepelt de criteria die gelden voor officiële. Handelsmissies, de klimaatgelden: het valt nu allemaal onder ontwikkelingshulp.

Dat is extra schrijnend, voorzitter, nu klimaatverandering en uitbuiting van natuurlijke hulpbronnen een zware tol eisen van ontwikkelingslanden. Het dodental van de orkaan die de Filipijnen begin deze maand trof, ligt boven de 1.000. Natuurlijk is er geen directe link, maar dat we steeds meer van deze tragische gebeurtenissen gaan zien door klimaatverandering, is niet te negeren. We moeten ons opmaken voor miljoenen klimaatvluchtelingen volgens een panel van deskundigen in Science. Toch zal de klimaatfinanciering, die mensen in kwetsbare landen moet helpen beschermen tegen de gevolgen van bijvoorbeeld de stijgende zeespiegel, voortaan uit het al zeer magere budget voor ontwikkelingssamenwerking komen. De fractievoorzitter van de partij van de minister noemde dat eerder het zakken door de fatsoensgrens. En zo is het. Ronduit schandalig om dat hier toch te verdedigen. Klimaatslachtoffers ruil je niet uit tegen hypotheekrente-aftrek. Onder de fatsoensnorm valt niks te ruilen, daar komt het aan op principes, daar spreek ik de minister persoonlijk op aan.

Voorzitter, bij het ontwikkelingswerk speelt landbouw een cruciale rol. Recht op voedsel is de kern hierbij. Ik wil de minister wijzen op aangenomen moties in dit Huis. De Kamer wil dat ontwikkelingsgelden die besteed worden aan voedselzekerheid ten goede komen van kleine boeren en het ondersteunen van agro-ecologische landbouwpraktijken. De minister ging in haar eerste week als bewindspersoon op dit punt al in de fout. Op de grootste handelsmissie ooit naar Brazilië werd het mantra van intensiveren ongegeneerd uitgedragen. Dit door Prins Willem Alexander namens de regering versterkte standpunt op een groot Nederlands runderfokbedrijf staat haaks op de wens van de Kamer om in te zetten op agro-ecologische landbouwpraktijken en ondersteuning van kleine boeren. Intensivering is niet de weg die we in moeten om de voedselvoorziening van de wereldbevolking veilig te stellen, zo stelt ook Olivier de Schutter, speciaal rapporteur voor het recht op voedsel bij de VN. Hoe gaat de minister de aangenomen motie alsnog uitvoeren? Graag een toezegging op dit punt.

De Kamer heeft via een motie de regering opgedragen, op geen enkele wijze meer bij te dragen aan de financiering van megastallen in het buitenland. Het geld moet ten goede komen aan de allerarmsten. Ook deze motie is nog niet uitgevoerd. Ik wacht al 3,5 maand op antwoorden op Kamervragen over een gigastal in de Oekraïne, waar jaarlijks 111,7 miljoen plofkuikens worden gefokt, mede mogelijk gemaakt met geld van de Nederlandse belastingbetaler. Verstrekt ná het aannemen van de eerder genoemde motie van mijn fractie. Graag een heldere reactie. Er is de afgelopen 10 jaar via het agentschap Atradius maar liefst 250 miljoen euro aan exportkredietverzekeringen afgegeven aan deze megabedrijven. Voorzitter, wanneer komen de antwoorden op mijn vragen over dit oneigenlijke gebruik van ontwikkelingsgeld? En gaat de minister dit soort financiering stop zetten?

Voorzitter. Om projecten te beoordelen die in aanmerking willen komen voor financiering uit het Fonds Duurzaam Water en het Fonds Duurzaam Ondernemen en Voedselzekerheid, worden criteria gebruikt met betrekking tot duurzaamheid (het FIETS-model). Ik wil van de minister de toezegging dat deze criteria aangevuld worden met de voorwaarde die de Kamer heeft geformuleerd dat het geld ten goede komt van kleine boeren en agro-ecologische landbouw, en dus niet wordt besteed aan megastallen die schadelijk zijn voor mens, dier, natuur en milieu.

750 Miljoen uit het ontwikkelingsbudget wordt ingezet voor ons eigen bedrijfsleven, via een revolverend fonds. Wat onze fractie betreft is dit geen ontwikkelingssamenwerking, maar verkapte staatsteun en maakt het de ordinaire bezuiniging op de armsten in de wereld nog gênanter. Ik mag aannemen, - maar ik krijg graag een bevestiging hier – dat de zojuist genoemde duurzaamheidscriteria ook gelden voor de investeringen in het buitenland die vanuit dit fonds gedekt worden. Graag een reactie. De brief die we hier vandaag over kregen was nog veel te vaag, voorzitter.

Voorzitter. Op de internationale duurzaamheidsconferentie Rio+20 zijn dit jaar afspraken gemaakt om te komen tot duurzame ontwikkelingsdoelen (Sustainable Development Goals (SDG’s)). Wat zal de inzet van de minister voor deze duurzame ontwikkelingsdoelen zijn? Is de minister het met me eens dat de SDG's de kans bieden om duidelijke, dwingende normen op te stellen voor het gedrag van regeringen en bedrijven? Zal dat haar inzet zijn?