Bijdrage Ouwehand AO Staats­bos­beheer


26 oktober 2011

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. Hoewel ik de eer eigenlijk altijd toeschrijf aan de CDA-fractie, zoals de heer Koopmans weet van ons, valt het mij op dat de rollen misschien een beetje beginnen te veranderen. Het lijkt erop dat CDA en VVD strijden om de titel "wie is de grootste vijand van de natuur?". Ik denk dat mevrouw Lodders een goede kans maakt als ik haar inbreng beluister. Ik heb haar wel degelijk horen zeggen dat Staatsbosbeheer een arrogante club zou zijn. Zij vindt het prima dat er gronden moeten worden verkocht. Je komt er dan niet mee weg door te zeggen dat die woorden haar door derden in de mond zijn gelegd. Je kiest er immers zelf voor om die te herhalen.


Ik begin mijn betoog met het voorlezen van artikel 21 uit de Grondwet: "De zorg van de overheid is gericht op de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het leefmilieu". Er staat uitdrukkelijk niet "en dat besteden we uit aan particulieren". De groene en schone lucht die we kunnen inademen en de gebieden waarin we kunnen ontspannen in onze steeds ingewikkelder wordende omgeving zijn een collectief goed. Het is bijna misdadig te noemen om gebieden in de uitverkoop te doen waarvan onze generatie moet kunnen genieten, maar ook toekomstige generaties. Men maakt zelfs broodnodig gebruik van de natuur en de ontspanning die ons land biedt. Echter, onze staatssecretaris is dat wel van plan! Ironisch genoeg bereiken mij geluiden dat juist de door zijn partij bejubelde cultuurlandschappen zullen sneuvelen als de plannen van de staatssecretaris worden uitgevoerd. Heeft de staatssecretaris er al zicht op van welke gebieden we afscheid moeten nemen als het aan hem ligt? Hoe ziet hij bijvoorbeeld het afkalven van de gebieden voor recreatie om de stad, waar mensen, vooruitlopend op de te realiseren plannen, een huis hebben gekocht? Als die recreatie, dat groen om die nieuwbouwwijken, er niet is, zitten mensen opgesloten in betonnen bakken. In die wijken is namelijk gekozen voor een heel beperkt aanbod aan groen omdat er nu eenmaal groen om het gebied heen zou komen. Als dat niet doorgaat, zijn die huizen niet zo aantrekkelijk om in te wonen en nog een stuk minder aantrekkelijk om te verkopen. Ik vraag mij af welke zorg het kabinet voor die mensen eigenlijk in petto heeft.

Ik was redelijk gechoqueerd door het betoog van de VVD. Ik sluit mij aan bij de vraag van de SP-fractie om deze staatssecretaris klip-en-klaar te laten uitspreken wat hij van zijn eigen zbo vindt. Staat hij achter Staatsbosbeheer? Is hij trots op die mensen? Of vindt hij het wel prima om een beetje in de teneur mee te gaan dat kritiek op Staatsbosbeheer hip is en komt het hem wel goed uit omdat hij niet zo veel op heeft met natuur? Mij viel op dat door zowel VVD als CDA werd gevraagd om openstelling van meer gebieden van Staatsbosbeheer. Daar is de Partij voor de Dieren op zichzelf niet op tegen als de natuurwaarden niet in het geding komen. Wel vraag ik mij af waarom het kroondomein dan niet open zou hoeven. Dat is nota bene aan het volk geschonken door koningin Wilhelmina. Het moet alleen een paar maanden per jaar dicht omdat er zo nodig gejaagd moet worden. Kan de staatssecretaris daarop ingaan?

We hebben gezien dat de beheeradviescommissie Oostvaardersplassen is ingesteld. Ik wil de garantie van de staatssecretaris dat deze commissie geen bindende adviezen oplegt die strijdig zijn met ICMO -2. Ik wil de toezegging dat het Hollandse Hout komende winter opengaat, zoals is aanbevolen in het ICMO -rapport. De staatssecretaris schrijft in zijn brief dat er weliswaar het afgelopen jaar geen grote welzijnsaantasting heeft plaatsgevonden doordat dat gebied gesloten was. Als we echter de onderliggende stukken lezen, zien we wel dat er eerder en vaker geschoten is omdat de dieren niet konden schuilen in het Hollandse Hout. Dat lijkt mij op gespannen voet te staan met juist de zorgvuldigheid die ICMO met het aanpassen van het vroeg-reactief beheer betracht. ICMO heeft in de Kamer verteld dat het dit kan gaan doen, maar dat het echt balanceren wordt. Als het gesloten houden van een van die gebieden inhoudt dat je daar een ruimere marge neemt in het moment waarop je gaat schieten, is dat onverantwoord. Gelet op de zorg van de staatssecretaris voor de dieren daar wil ik graag de toezegging dat het Hollandse Hout opengaat.

De heer Koopmans (CDA): Mevrouw Ouwehand stelde voor dat er geen sluitingstermijn wordt gehanteerd voor het kroondomein. Ik stel voor dat we dan een deal maken dat dit daar niet meer gebeurt, maar dat er in de rest van het land dan geen hekken worden neergezet als een vogel er toevallig een ei legt.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorwaarde is natuurlijk dat je de natuur niet stoort. Dat weet de heer Koopmans van ons. Wij zijn voor het openstellen van gebieden, maar al helemaal als een gebied aan het volk is geschonken waar je het hele jaar mag lopen behalve als de koninklijke familie wil jagen. Als de heer Koopmans vindt dat Staatsbosbeheer gebieden moet opstellen, dan moet hij ook het lef hebben dat de koninklijke familie het hele jaar gastvrij is. Sterker nog, het is van het volk, dus laat ons daar het hele jaar lekker wandelen.

De heer Koopmans (CDA): Ik doe niet aan die eenzijdige blik. Ik ben ervoor dat het overal altijd open is. We zien dat van de regeling waar mevrouw Ouwehand het over heeft veel te royaal gebruik wordt gemaakt. Het CDA streeft ernaar dat zo veel mogelijk gebieden in alle omstandigheden open zijn, zonder hekken en zonder entree.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Het is helemaal niet waar dat het CDA voor altijd geopende natuurgebieden is, want het steunt nooit de moties om het kroondomein het hele jaar rond open te stellen. Het is wel duidelijk waar de prioriteiten liggen. Om de jacht veilig te stellen, mag een gebied dicht. Het CDA heeft er echter lak aan om de natuurlijke processen van de in het wild levende dieren veilig te stellen, want als het aan de heer Koopmans ligt, kunnen we er dan gewoon doorheen banjeren. Dat is natuurlijk niet consequent.

Interruptie bij andere partijen

(…)

Mevrouw Lodders (VVD): Juist. Dat zal aan het eind van mijn betoog ook duidelijk worden, wanneer ik kom op een van de voorbeelden, namelijk de Wieden en de Weerribben. Op dat gebied moeten we zorgvuldig zijn. Staatsbosbeheer zal dus prioriteiten moeten stellen, maar ook keuzes moeten maken. Wat de VVD betreft, kan dat. Er zijn marktpartijen die delen van het bosgebied wel degelijk kunnen beheren.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): De VVD is van mening dat Staatsbosbeheer keuzes moet maken. Houdt dit ook in dat Staatsbosbeheer kijkt of het beheer goedkoper kan en probeert zijn begroting meer richting de wensen van de VVD te krijgen?

Mevrouw Lodders (VVD): Hier heb ik het net over gehad in mijn antwoord aan de D66- fractie. De VVD is van mening dat er wel degelijk mogelijkheden zijn om het beheer op een goedkopere, efficiëntere wijze uit te voeren. Dat houdt niet in dat er minder onderhoud
gepleegd wordt. Er zijn marktpartijen die heel efficiënt, heel verstandig en professioneel beheer kunnen uitvoeren, waarbij de houtopstand, die uit het bos gehaald wordt, ook afgezet kan worden in de markt.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Dat is goed om te horen. Dan neem ik aan dat de VVD zich aansluit bij mijn pleidooi om aan Staatsbosbeheer vooral het signaal af te geven dat als Staatsbosbeheer bijvoorbeeld in een beheerplancommissie zit, de staatssecretaris fel van leer trekt tegen de gruwelijke ammoniakdepositie van de veehouderij, waar beheer ontzettend duur door wordt. Ik ga ervan uit dat de VVD zich daarbij aansluit.

Mevrouw Lodders (VVD): Ik ben bang dat dit niet het geval is. Dat is weer een ander vraagstuk. Zo direct kom ik terug op het bosbeheer.

Beantwoording

Staatssecretaris Bleker: Voorzitter. Ik begin met Staatsbosbeheer in algemene zin. Daarna kom ik op de erfpacht/Wadden, vervolgens op de grond en voorts op de Oostvaardersplassen en het OostvaardersWold. Ik sluit af met enkele overige punten.
Allereerst Staatsbosbeheer. Mevrouw Ouwehand en mevrouw Jacobi hebben gevraagd of er nog een Staatsbosbeheer is na de decentralisatie. Het antwoord daarop is tweeërlei: ja en ja. Op die wijze kijk ik ertegen aan. Staatsbosbeheer is en blijft een prominente
terreinbeheerder in Nederland. Staatsbosbeheer zal in ieder geval het beheer in de toekomst blijven voeren over wat we de parels van de Nederlandse natuur zouden kunnen noemen. Ik heb het dan over de Oostvaardersplassen, over de Weerribben, over de
Biesbosch enzovoorts. Het zijn grote gebieden die een coherent, adequaat en geprofessionaliseerd beheer behoeven. Het past bij de Nederlandse Staat om een organisatie zoals Staatsbosbeheer te hebben, die voor dit type gebieden als beheerder, het
uithangbord, het visitekaartje, kan functioneren.

(…)

Samen met Staatsbosbeheer gaan wij goed bekijken welke gebieden vervreemd of geprivatiseerd kunnen worden. Nogmaals, het blijft natuur. Mevrouw Ouwehand haalde zelfs de Grondwet aan. Eén artikel in de Grondwet ken ik heel goed, namelijk het recht op
onderwijs. In Nederland wordt 70% van het recht op onderwijs geëffectueerd door private verenigingen en stichtingen. Dan kan mevrouw Ouwehand mij toch niet vertellen dat als het natuur blijft en men aan de natuurdoelen blijft voldoen, een private partij dat niet ook zou kunnen. Daar zijn gelukkig ook voorbeelden van. Ik ben trots op het werk dat Staatsbosbeheer doet.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): De staatssecretaris bezweert voortdurend dat het allemaal wel goed komt en dat de natuurdoelstellingen behouden blijven; dat hoor ik hem ook in andere debatten over de natuur zeggen. Als hij een vent is, koppelt hij daar ook zijn eigen politieke lot aan. Het enkel op een papiertje opschrijven van de natuurdoelstellingen en dat meegeven aan de particulier die dit gebied gaat beheren -- ook de Natura 2000-gebieden zijn overigens alleen maar op papier beschermde gebieden -- gaat niet op. Hij moet zeggen: over een jaar kunt u mij afrekenen op de kwaliteit van dit natuurgebied; als de situatie dan is verslechterd, ga ik naar huis. Dan pas heeft de staatssecretaris met zijn bezweringen een beetje een verhaal in de Kamer.

Staatssecretaris Bleker: Als ik toezeg dat ik dan naar huis ga, zegt u dan toe dat u in het vervolg al mijn voorstellen positief beoordeelt als ik bereik dat geen enkele hectare binnen de ehs verloren gaat? Dan wordt het ook makkelijker opereren.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Zeker. Als deze staatssecretaris de natuur in Nederland echt gaat beschermen, ben ik bereid om hem voortaan op zijn woord te geloven. Dat zit er op het moment echter niet in. In die Grondnota wil ik graag ook onderbouwd zien hoe Nederland de biodiversiteitsdoelstellingen denkt te gaan halen. Concreet, afrekenbaar en niet van "het staat op papier en we gaan het doen".

Staatssecretaris Bleker: Ik denk dat mijn politieke toekomst wel heel onzeker wordt als ik die in de schoot van mevrouw Ouwehand leg. Daar kan ik beter niet aan beginnen.

(…)

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. Ik ben niet gerustgesteld door de staatssecretaris. Ik denk dat het helemaal niet goed komt. De Partij voor de Dieren strijdt tegen het verkwanselen van een cruciaal collectief goed als de natuur. Daarmee hoort de
staatssecretaris dat nog maar eens. Dan heb ik nog opmerkingen over de Oostvaardersplassen. Ik was niet op de hoogte van het overlijden van de heer Vaarkamp; dat is erg verdrietig. Bij dezen geef ik blijk van mijn medeleven. Ik heb de staatssecretaris gevraagd of de adviezen die de beheeradviescommissie gaat uitbrengen, niet strijdig zijn met ICMO-2. Het zou mooi zijn als hij dat bevestigt. Wat het Hollandse Hout betreft, het volgende. Het kan niet zo zijn dat we internationale wetenschappers tot twee keer toe vragen om een breed gedragen advies uit te brengen over de manier waarop wij het gebied het beste kunnen beheren en dat de VVD-fractie in Lelystad het voortouw neemt om dat tegen te houden. Dat heeft ook consequenties voor de dieren in dat gebied. Ik moedig de staatssecretaris aan om wél in te zetten op openstelling van het Hollandse Hout.

Staatssecretaris Bleker: Ook heeft mevrouw Ouwehand een vraag gesteld over de beheeradviescommissie Oostvaardersplassen. Die commissie opereert in lijn met ICMO -2.