Bijdrage Ouwehand AO Behan­del­voor­behoud EU-voor­stellen voor het nieuwe GLB


4 september 2018

Bijdrage Ouwehand AO Behandelvoorbehoud EU-voorstellen voor het nieuwe GLB

4 september 2018

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter, dank u wel. Die hoogproductieve landbouw en de trots die altijd wordt uitgesproken over de Nederlandse landbouw, hebben ook zo hun keerzijde. Nederland en Europa hebben veel boeren die precies weten wat zij doen; hoe zij goed moeten zorgen voor hun bodem en voor voldoende agrobiodiversiteit op hun eigen bedrijf en in de omgeving, om

Tweede Kamer, ervoor te zorgen dat ze niet alleen dit jaar, maar ook het jaar daarna en hopelijk ook over twintig jaar gewassen kunnen verbouwen. Die boeren verdienen alle steun.

De hoogproductieve exportlandbouw waar de VVD voor pleit – en ik hoorde ook het CDA daarvoor beginnen te pleiten – daarvan moeten we erkennen dat die de echte boeren, de boeren die met vakmanschap en liefde willen werken, die beschermd willen worden tegen de gifjongens zoals Monsanto en Bayer die lachend rijk worden, in de weg zit. Waar we ons toe moeten zetten, is om een keuze te maken. Die hoogpro-ductieve exportlandbouw is op de korte termijn leuk. Na de oorlog was er veel voor te zeggen, maar nu zijn de nadelen veel groter dan de voordelen. Als we die keuze niet maken, dan blijven we zitten met de situatie dat er zeven boeren per dag stoppen, ook al gaat er 365 miljard euro naar het landbouwbeleid de komende zeven jaar. Dan zul je zien dat Nederlandse boeren door de druk op prijs gewoon blijven verliezen, want in Roemenië en in Polen kan het goedkoper. Laten we de keuze maken om de Nederlandse boeren te beschermen tegen dat massa-exportmodel, want we gaan het daarmee niet winnen. Laten we alsjeblieft de maatschappelijke uitdagingen vooropstellen die we nou eenmaal op te lossen hebben: de klimaatverandering en het verlies aan biodiversiteit. Als die 365 miljard de komende zeven jaar wordt uitgegeven zonder dat we de klimaatverandering en het verlies aan biodiversiteit effectief weten te stoppen, dan zijn dat heel, heel dure jaren. We zien het speelveld ook in Europa. De Minister zal daar een zware dobber aan hebben, maar ze zal niet schrikken voor een uitdaging. Onze oproep is: een fundamentele koerswijziging in het Europese beleid. Dan gaat het niet alleen om het GLB, maar ook om de vrijhandelsverdragen. Stop daarmee, want we concurreren Nederlandse en Europese boeren de tent uit. Niet meer sluiten die deals! Er is veel te doen, maar als we 365 miljard gaan uitgeven, dan moet het ook echt goed.

Wat de Partij voor de Dieren betreft moeten we voedsel waarderen voor wat het is. Voedsel kan ook gewoon verdiend worden in de markt. We moeten weer leren dat voedsel wat waard is, dus die subsidies kunnen op termijn afgeschaft, maar laten we de komende periode gebruiken om ze in te zetten bij de omschakeling naar die duurzame landbouw die op lange termijn voor iedereen echt het beste is, en niet in de laatste plaats voor de boeren zelf.

Minister Schouten: Ja. Mevrouw Ouwehand heeft gepleit voor een meer fundamentele koerswijziging. Zij roept er eigenlijk toe op om het helemaal over een andere boeg te gooien. Ik heb net geprobeerd aan te geven dat we op een aantal zaken echt wel ambities hebben, bijvoorbeeld rondom meer betaling voor maatschappelijke doelen, rondom innovatie en rondom verduurzaming. Dat zijn allemaal thema’s die ook wij van groot belang vinden en waar het soms ook wel wat ambitieuzer kan in Europa, zeg ik ook. Het is uiteindelijk een soort tanker die je altijd maar een klein stukje kunt bijsturen. Maar de heel fundamentele koerswijziging die mevrouw Ouwehand bepleit, waarbij ze ook nog zegt dat we uiteindelijk helemaal van het GLB af kunnen... Over dat laatste verschil ik wel van mening met haar. Ik denk dat wij, juist om te zorgen dat we voldoende voedsel kunnen produceren van een hoge kwaliteit en tegen standaarden waarvoor mevrouw Ouwehand altijd pleit, wel een GLB nodig hebben om ervoor te zorgen dat voedsel breed beschikbaar is voor een betaalbare prijs. Dat is het evenwicht waar we in zitten. Daarom vind ik het van het grootste belang dat wij het GLB hebben. Het wordt weleens onderschat. Er wordt misschien ook weleens een beetje smalend over gesproken, maar het feit dat wij zulk hoogwaardig voedsel van deze kwaliteit, geproduceerd tegen hoge standaarden, in onze schappen hebben liggen, is echt te danken aan het feit dat wij een GLB hebben. Daarom ben ik er groot voorstander van om dat ook te houden.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Ik wil zeker erkennen dat de Minister ten opzichte van het voorstel van de Commissie een poging doet om wat meer richting duurzaamheid en vermindering van directe betalingen te gaan; waardering daarvoor. Maar het moet toch wel gezegd dat hoogwaardig voedsel tegen lage prijzen een ja en een nee is. De voedselrapporteur van de mensenrechtenorganisatie van de Verenigde Naties zegt, ik denk terecht, dat landbouwgewassen vooral in bulk worden geproduceerd om te exporteren of te laten verwerken voor de voedingsindustrie tot meestal niet zo voedzame en eigenlijk ongezonde producten. Als we echt duurzaam en gezond voedsel willen, moeten we daar kritisch naar kijken. Het GLB houdt dit in stand. Dat is dus de nuancering. Mijn vraag luidt als volgt. Ook mevrouw Bromet noemde dit terecht. De ambities worden opnieuw uitgesproken, maar het GLB heeft, bijvoorbeeld als het gaat over natuur en het behoud van biodiversiteit, nog nooit geleverd. Hoe gaan we meten en in de gaten houden dat dat deze keer wel gebeurt? Ik noem dan alleen nog maar de natuur; over klimaat heb ik het dan nog niet gehad. We kunnen niet iedere keer zeven jaar een programma hebben en dan na zeven jaar concluderen dat het niet is gelukt.

Minister Schouten: Ik heb net aangegeven dat in de strategische plannen de keuzes worden gemaakt en dat we daar nationaal de ruimte hebben om die te maken. Als mevrouw Ouwehand vindt dat daar meer moet, is dat de plek waar ze dat soort zaken kan inbrengen. Ik denk dat de strategische plannen ruimte bieden om een GLB neer te zetten waarin we de boeren zo goed mogelijk kunnen bedienen tegen zo weinig mogelijk lasten. Dat is mijn ambitie. Of het gaat lukken met hoe Europa dat allemaal voor zich ziet, vereist nog wel even een discussie, want daar hebben wij wel zorgen over. Het streven is dat wij ons heel goed kunnen richten op wat wij als land belangrijk vinden, waarbij de boeren ook niet bedolven worden onder allerlei administratieve lasten en het stelsel ook gewoon nog eenvoudig is. Het kabinet heeft al aangegeven dat we ons daar meer richten op de betaling van het roemen van maatschappelijke doelen en innovatie. Dat is een discussie die wij ook hier gaan voeren, maar ik heb volgens mij in het fiche en in de beantwoording van de vragen al aangegeven dat ook zaken als klimaat en duurzaamheid belangrijke thema’s daarbij zijn.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Een korte vraag nog. Als er een politiek akkoord over het GLB is bereikt, wordt er dan nog een toets gedaan op de internationale afspraken met betrekking tot het klimaat en biodiversiteit? Of zal dat allemaal in de strategische plannen zitten? Komt er nog een Europabrede toets, of wordt het allemaal naar de strategische plannen geschoven?

Minister Schouten: Op het voorstel dat de Commissie nu heeft gepresenteerd, is een impactassessment gedaan. Daaruit blijkt wat dat betekent voor biodiver-siteit, duurzaamheid en klimaat. Op de plannen van de Commissie is dus een impactassessment gedaan.