Vragen Teunissen en Van Raan over de laatste ontwik­ke­lingen omtrent het door FMO gefi­nan­cierde Hondurese bedrijf dat is veroor­deeld voor een moord­complot


Indiendatum: 30 nov. 2021

Vragen van de leden Teunissen en van Raan (beiden Partij voor de Dieren) aan de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en de minister van Financiën over de laatste ontwikkelingen omtrent het door FMO gefinancierde Hondurese bedrijf dat is veroordeeld voor een moordcomplot

  1. Bent u bekend met het bericht ‘FMO financierde bedrijf achter moordcomplot’ in het Financieel Dagblad van 24 juli jl. over de moord op de Hondurese activist Berta Cáceres,[1] en de ontwikkelingen in deze zaak in de afgelopen maanden? Wat is uw reactie op dit bericht?
  2. Erkent u dat er in deze zaak fouten zijn gemaakt door FMO? Zo ja, heeft u contact gezocht met FMO om opheldering te krijgen en te onderzoeken wie er verantwoordelijk zijn geweest voor de gemaakte fouten? Zo nee, hoe beoordeelt u de rol van FMO in de gebeurtenissen rondom de moord op Cáceres?
  3. Kunt u bevestigen dat maatschappelijke organisaties vanaf 2011 meermaals bij zowel u als FMO aandacht hebben gevraagd voor de sociale en politieke context in het gebied in Honduras waar het Agua Zarca project plaatsvond? Klopt het dat zij in brieven en gesprekken regelmatig wezen op het risico op conflictescalatie?
  4. Deelt u de reactie van FMO dat het vonnis schokkend is? Hoe rijmt u de verbazing over het vonnis met de frequente waarschuwingen vanuit het maatschappelijk middenveld richting uw ministerie? Bent u het ermee eens dat deze verbazing duidt op een gebrek aan aandacht vanuit FMO en het ministerie van Buitenlandse Zaken voor de signalen van direct betrokkenen bij deze en andere projecten van de bank?
  5. In de context van alle waarschuwingen die Berta Cáceres en COPINH aan het adres van FMO en het ministerie van Buitenlandse Zaken hebben gemaakt ten tijde van de financiering, en de hoge risico-omstandigheden van het Agua Zarca project, hoe is het naar uw mening mogelijk dat FMO fouten heeft gemaakt in haar primaire taak om de geldstromen te monitoren? Wat heeft het ministerie gedaan om ervoor te zorgen dat de controleplicht van FMO goed werd uitgevoerd?
  6. Zijn naar uw mening de controlemechanismes binnen het ministerie van Buitenlandse Zaken op orde? Zo nee, waar ziet u noodzaak voor verbetering? Zo ja, welke controlemechanismes zijn volgens u niet goed gevolgd?
  7. Welke 'safeguards' moet FMO volgens u verankeren in het huidige besluitvormingsmodel, die ervoor zouden moeten zorgen dat dergelijke signalen serieus genomen worden? Welke verbeteringen in het proces zal u voorstellen?
  8. Hoe draagt u er zorg voor dat FMO een gender-lens in haar beleid verankert en juist ook vrouwen de mogelijkheid geeft signalen te geven?
  9. Verbindt u consequenties aan de steken die FMO ogenschijnlijk in het kader van de Agua Zarca financiering heeft laten vallen, en zo ja, welke zijn dat?
  10. Wat is uw inzet richting de nieuwe strategie van FMO? Op welke wijze adresseert deze strategie de bestaande problemen in de aanpak van FMO omtrent repressie van lokaal activisme tegen door FMO gesteunde projecten? Op welke manier betrekt u de lessen uit Agua Zarca in dit strategieproces?
  11. Bent u het ermee eens dat het van groot belang is dat de opdrachtgevers voor de moord op Berta Cáceres worden vervolgd? Ben u het ermee eens dat om dit te kunnen bereiken transparantie over het Agua Zarca project nodig is? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u bereid ervoor te zorgen dat de nabestaanden inzage krijgen in de (compliance) dossiers van FMO?
  12. Bent u bereid om het onderzoek naar mogelijke opdrachtgevers van de moord te bevorderen door zoveel mogelijk inzage te geven in de cliëntanalyse van FMO en alle communicatie met zowel de medewerkers als het bestuur van het project?
  13. Bent u bereid grondig onderzoek te doen naar de financiering van – en de financiële terugtrekking uit het Agua Zarca project, waarbij in ieder geval wordt meegenomen welke controles er waren op de autorisatie van de betalingen aan het Agua Zarca project, wie daarvoor verantwoordelijk was en hoe het mogelijk is dat FMO de zaken zoals genoemd in het FD-artikel over het hoofd heeft gezien? Zo ja, bent u bereid in dat onderzoek het structurele karakter van dergelijke fouten bij het FMO ook mee te nemen? Zo nee, waarom niet?
  14. Bent u van mening dat de Nederlandse overheid alsnog verantwoordelijkheid moet nemen voor de onherstelbare materiele en immateriële schade die het project heeft veroorzaakt? Zo ja, hoe gaat u dit doen?
  15. Wat is uw mening over de in het artikel genoemde stelling van het FMO dat ‘een vraag die opnieuw en prangender voor ons ligt, is in hoeverre FMO nog actief kan en wil zijn in fragiele staten met ontoereikende wet- en regelgeving, waar de rule of law beperkt wordt gehandhaafd’? Bent u bereid zich in te zetten voor een gewijzigd mandaat waarbinnen FMO juist wel actief kan zijn in fragiele staten, waarbij de gemeenschappen die dienen te profiteren van economische ontwikkeling aan de basis staan van te ontwikkelen projecten? Zo ja, welke veranderingen moeten er volgens u bij FMO plaatsvinden om dit mogelijk te maken?
  16. Bent u bekend met het bericht ‘Streep door omstreden lening aan Hondurese bank’ in het Financieel Dagblad van 19 mei 2021,[2] over de ingetrokken lening van FMO aan de Hondurese bank FICOHSA die wordt beschuldigd van betrokkenheid bij de financiering van Agua Zarca?
  17. Kunt u bevestigen dat FMO geen informatie deelt over waarom is besloten de lening aan FICOHSA niet door te laten gaan en het proces waarmee dit besluit is genomen?
  18. Bent u het ermee eens dat het, juist na wat er is gebeurd in het Agua Zarca project, het van groot maatschappelijk belang is om transparant te zijn over dergelijke omstreden financieringsaanvragen, juist voor het verbeteren van de omstandigheden in landen waar FMO zich op richt? Bent u bereid bij FMO aan te dringen deze informatie te delen met in ieder geval belanghebbende maatschappelijke organisaties?
  19. Herinnert u zich uw antwoord op eerdere vragen van het lid Teunissen en van Raan waarin u stelde dat er geen grote problemen zitten in de IMVO-analyses die door FMO worden uitgevoerd?[3] Bent u nu wel bereid te erkennen dat FMO structureel tekort schiet in het identificeren van risico’s van een financiering voor de lokale bevolking en hun leefomgeving, en het niet om incidenten gaat? Zo ja, welke stappen gaat u zetten om dit te verbeteren?


[1] Staatsbank FMO financierde bedrijf achter moordcomplot in Honduras (fd.nl)

[2] Streep door omstreden lening FMO aan Hondurese bank (fd.nl)

[3] 2021D31767