Vragen Wassenberg over het bericht dat Defensie klimaat­ac­ti­visme en werken als reservist onver­e­nigbaar vindt


Indiendatum: feb. 2020

Schriftelijke vragen van het lid Wassenberg (PvdD) aan de staatssecretaris van Defensie en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over het bericht dat Defensie klimaatactivisme en werken als reservist onverenigbaar vindt.

  1. Kent u het bericht ‘Militair én klimaatactivist is geen fijne combinatie: ‘Wat heb je gedaan, pannenkoek?’ [1]
  2. Wist u dat voormalig Commandant der Strijdkrachten Tom Middendorp stelt dat klimaatverandering de wereldvrede bedreigt en daarmee een gevaar is voor onze veiligheid? [2]
  3. Erkent u dat klimaatverandering de aarde kan ontwrichten dat het de grootste bedreiging is voor de wereldwijde vrede en veiligheid en dat er geen stabiliteit kan zijn zonder klimaatveiligheid?
  4. Wat vindt u ervan dat actievoeren voor een leefbare aarde bij Defensie wordt beoordeeld als onverenigbaar met het werken als reservist? Zouden reservisten bij Defensie niet juist moeten strijden voor wereldwijde vrede en veiligheid en daarom ook tegen klimaatverandering?
  5. Klopt het dat de betreffende reservist door zijn meerderen is gevraagd te stoppen met demonstreren? Zo nee, hoe zit het dan? Zo ja, vindt u dit terecht?
  6. Wat vindt u ervan dat Defensie hier verwijst naar de ‘Leidraad Persoonlijke Gedragingen’, waarin gesproken wordt over “loyaliteit aan de werkgever, de Nederlandse samenleving en de democratische rechtsorde” [3], en daarmee suggereert dat geweldloos klimaatactivisme buiten de democratische rechtsorde zou vallen?
  7. Deelt u de mening dat het niet uit te leggen is om met verwijzing naar de democratische rechtsorde een reservist te beperken in zijn grondrecht op demonstratie?
  8. Erkent u dat demonstreren tegen klimaatverandering binnen de grenzen van de wet een grondrecht is, ook voor reservisten? Zo nee, waarom niet?
  9. Erkent u dat klimaatactivisme binnen de grenzen van de wet géén bedreiging vormt voor de Nederlandse democratische rechtsorde en daarom niet in strijd is met de ‘Leidraad Persoonlijke Gedragingen’? Zo nee, waarom niet?
  10. Bent u bereid duidelijk te maken dat klimaatactivisten altijd welkom zijn bij Defensie? Zo nee, waarom niet?


[1] https://www.ad.nl/nieuws/militair-en-klimaatactivist-is-geen-fijne-combinatie-wat-heb-je-gedaan-pannenkoek~a628d545/
[2] https://nos.nl/artikel/2146639...
[3] https://www.defensie.nl/downloads/brochures/2015/02/05/l
eidraad-gedrag-bij-veiligheidsonderzoek

Indiendatum: feb. 2020
Antwoorddatum: 8 apr. 2020

Vragen van het lid Wassenberg (PvdD) aan de Staatssecretaris van Defensie en de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over het bericht dat Defensie klimaatactivisme en werken als reservist onverenigbaar vindt (ingezonden 24 februari 2020).

Antwoord van Staatssecretaris Visser (Defensie), mede namens de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (ontvangen 8 april 2020). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2019–2020, nr. 2107.

Vraag 1

Kent u het bericht «Militair én klimaatactivist is geen fijne combinatie: «Wat heb je gedaan, pannenkoek?»1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2

Wist u dat voormalig Commandant der Strijdkrachten Tom Middendorp stelt dat klimaatverandering de wereldvrede bedreigt en daarmee een gevaar is voor onze veiligheid?2

Antwoord 2

Ja.

Vraag 3

Erkent u dat klimaatverandering de aarde kan ontwrichten dat het de grootste bedreiging is voor de wereldwijde vrede en veiligheid en dat er geen stabiliteit kan zijn zonder klimaatveiligheid?

Antwoord 3

Dreigingen komen veelal voort uit een samenloop van verschillende ontwikkelingen. In onze dreigingsanalyses kijken we daarom naar een groot aantal verschillende trends en ontwikkelingen: op het gebied van de geopolitiek en de internationale economie, demografie en maatschappelijke ontwikkelingen, technologie en ook ecologie. Klimaatverandering kan dus, net als deze andere factoren, een rol spelen in het huidige en toekomstige dreigingsbeeld.

Vraag 4, 6, 7, 8, 9
Wat vindt u ervan dat actievoeren voor een leefbare aarde bij Defensie wordt beoordeeld als onverenigbaar met het werken als reservist? Zouden reservisten bij Defensie niet juist moeten strijden voor wereldwijde vrede en veiligheid en daarom ook tegen klimaatverandering? Wat vindt u ervan dat Defensie hier verwijst naar de «Leidraad Persoonlijke Gedragingen», waarin gesproken wordt over «loyaliteit aan de werkgever, de Nederlandse samenleving en de democratische rechtsorde», en daarmee suggereert dat geweldloos klimaatactivisme buiten de democratische rechtsorde zou vallen? Deelt u de mening dat het niet uit te leggen is om met verwijzing naar de democratische rechtsorde een reservist te beperken in zijn grondrecht op demonstratie? Erkent u dat demonstreren tegen klimaatverandering binnen de grenzen van de wet een grondrecht is, ook voor reservisten? Zo nee, waarom niet? Erkent u dat klimaatactivisme binnen de grenzen van de wet geen bedreiging vormt voor de Nederlandse democratische rechtsorde en daarom niet in strijd is met de «Leidraad Persoonlijke Gedragingen»? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 4, 6, 7, 8, 9
Actie voeren voor een leefbare aarde wordt bij Defensie in beginsel niet als onverenigbaar met het werken als reservist beoordeeld. Het recht op betoging is een grondrecht dat geldt voor iedereen, ook voor ambtenaren en dus ook voor militairen. Vanzelfsprekend eerbiedigt Defensie als werkgever dit recht van haar personeel. Aan de uitoefening van het grondrecht kunnen echter beperkingen worden gesteld. Voor militairen is deze beperking in de Wet ambtenaren Defensie opgenomen. Op grond van deze wet moet een militair zich onthouden van het uitoefenen van het recht tot vereniging, tot vergadering en tot betoging, indien door de uitoefening van deze rechten de goede vervulling van zijn functie of de goede functionering van de openbare dienst, voor zover deze in verband staat met de functievervulling, niet in redelijkheid zou zijn verzekerd. Of hier sprake van is, is afhankelijk van de specifieke omstandigheden van het geval en vereist ten minste een verband met de functie die de militair vervult en kan alleen achteraf worden getoetst. Bepaalde gedragingen en situaties in de vrije tijd kunnen risicovol zijn voor de militair en voor Defensie. In de gedragsregels van Defensie is voorge-schreven dat bij twijfel over wat privé te doen en te laten, de militair dit met diens leidinggevende bespreekt. Daarnaast kan ook de leidinggevende de militair aanspreken op zijn gedrag. Daarbij staat de open dialoog centraal, en wordt er altijd gekeken naar de specifieke omstandigheden van het geval, zoals de aard van de gedraging en de specifieke kwetsbaarheid van de functie. Er valt dus niet vooraf te zeggen of gedragingen wel of niet samen-gaan met het werken bij Defensie. Daarnaast ondergaat elke militair een veiligheidsonderzoek, omdat alle militaire functies vertrouwensfuncties zijn. Daarbij worden alle gedragingen en omstandigheden meegewogen. In de «Leidraad Persoonlijke Gedragingen en Omstandigheden» staat beschreven op welke wijze persoonlijke gedragin-gen en omstandigheden daarbij een rol spelen. Dat is een beoordelingskader dat enkel geldt voor veiligheidsonderzoeken. Reservisten worden aangesteld als militair ambtenaar; bovenstaande geldt dus onverkort ook voor hen.

Vraag 5
Klopt het dat de betreffende reservist door zijn meerderen is gevraagd te stoppen met demonstreren? Zo nee, hoe zit het dan? Zo ja, vindt u dit terecht?

Antwoord 5
Vanwege de personeelsvertrouwelijkheid doe ik in het openbaar geen uitspraak over individuele gevallen.

Vraag 10
Bent u bereid duidelijk te maken dat klimaatactivisten altijd welkom zijn bij Defensie? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 10
Zoals hierboven benoemd, kan ik hier in algemene zin geen uitspraak over doen. De open dialoog staat altijd centraal, en er wordt altijd gekeken naar de specifieke omstandigheden van het geval, zoals de aard van de gedraging en de specifieke kwetsbaarheid van de functie. Er valt dus niet vooraf te zeggen of gedragingen wel of niet samen gaan met het werken bij Defensie.