Kamer­vragen aan de ministers van LNV en VROM over de beperking van de vlees­con­sumptie in Nederland


Vragen van het lid Thieme aan de minister van LNV en de minister van VROM over de beperking van de vleesconsumptie in Nederland

1. Kent u het artikel ‘klimaatverandering uitdaging voor veehouderij' (1)?

2. De onderzoekers van het CLM geven aan dat beperking van de groei van vlees- en wellicht zuivelconsumptie onvermijdelijk is om de klimaatdoelen die in Nederland zijn gesteld serieus te nemen. Deelt u deze mening? Zo ja, welke maatregelen gaat u nemen om de consumptie van vlees en zuivelproducten in Nederland te beperken? Zo neen, waarom niet?

3. Bent u met ons van mening dat vlees het meest milieubelastende onderdeel van ons voedselpakket is? Zo ja, op welke wijze gaat u een meer plantaardig dieet stimuleren? Zo neen, waar baseert u uw mening op en hoe verhoudt zich dat tot de uitspraak van voormalig staatssecretaris van Geel die vlees ook het meest milieubelastende onderdeel van ons voedselpakket noemde? (2)

4. Bent u met ons van mening dat voor het beperken van de uitstoot van broeikasgassen in Nederland een reductie van het aantal voor vleesconsumptie gehouden dieren noodzakelijk is? Zo ja, op welke wijze en wanneer bent u voornemens deze reductie te realiseren? Zo nee, waarom niet?

5. Kunt u een overzicht geven wat uw beleidsvoornemens zijn voor de komende vier jaar om de uitstoot van klimaatgassen door de veehouderij te reduceren? Kunt u daarbij expliciet aangeven of het gaat om maatregelen die de symptomen bestrijden van de bijdrage van de veehouderij aan de uitstoot van broeikasgassen (zoals bijvoorbeeld luchtwassers voor ammoniakuitstoot) of om maatregelen die de oorzaak aanpakken van de uitstoot van broeikasgassen door de veehouderij in Nederland (zoals bijvoorbeeld de reductie van het aantal dieren)? Kunt u ook aangeven op welke wijze uw beleidsvoornemens voor de aanpak van de uitstoot van broeikasgassen door de veehouderij mogelijk negatief kunnen uitpakken voor het welzijn van dieren?

(1) Agrarisch Dagblad 14 april 2007

(2) Brief van Staatsecretaris van Geel aan de Tweede kamer van 6 oktober 2004

Antwoorddatum: 14 jun. 2007

Geachte Voorzitter,

In deze brief beantwoord ik mede namens de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (hierna: VROM) de vragen die door Kamerlid Thieme (PvdD) zijn ingezonden op 19 april 2007 over de beperking van de vleesconsumptie in Nederland.

1
Kent u het artikel 'Klimaatverandering uitdaging voor veehoudering'?

Ja.

2
Deelt u de mening van de onderzoekers van het Centrum voor Landbouw en Milieu (CLM), die aangeven dat beperking van de groei van de vlees- en wellicht de zuivelconsumptie onvermijdelijk is om de klimaatdoelen die in Nederland zijn gesteld serieus te nemen? Zo ja, welke maatregelen gaat u nemen om de consumptie van vlees- en zuivelproducten in Nederland te beperken? Zo neen, waarom niet?

Ik deel de mening van de onderzoekers van het CLM niet. Nederland kent voor de periode tot 2020 ambitieuze klimaatdoelen. Ik verwacht dat deze kunnen worden gehaald zonder in te grijpen in het consumptiepatroon. Natuurlijk kan een verandering van consumptie¬patroon, zoals door u bepleit, daarbij helpen. Ik heb daar sympathie voor, maar ik beschouw het niet als onvermijdelijk om de doelen te kunnen halen.

In de uitwerking van het project “Klimaat en Energie: Schoon en Zuinig” zal het kabinet aangeven welke aanvullende inspanningen er door de verschillende sectoren, dus ook voor de landbouw, geleverd zullen moeten gaan worden.

3
Deelt u de mening dat vlees het meest milieubelastende onderdeel van ons voedselpakket is? Zo ja, op welke wijze gaat u een meer plantaardig dieet stimuleren? Zo neen, waar baseert u uw mening op en hoe verhoudt zich dat tot de uitspraak van de voormalig staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, die vlees ook het meest milieubelastende onderdeel van het voedselpakket noemde?

Aan ons voedselpakket in het algemeen en de vleesproductie in het bijzonder kleven milieubezwaren(1) (2) . Als dierlijke eiwitten in ons voedselpakket zouden worden vervangen door plantaardige eiwitten, zou de milieudruk dalen. De rijksoverheid heeft op dit moment geen specifieke communicatieactiviteiten gepland. Informatie over voeding en milieuaspecten wordt verstrekt door het Voedingscentrum en Milieu Centraal. Deze organisaties worden door de rijksoverheid ondersteund.

4
Deelt u de mening dat voor het bespreken van de uitstoot van broeikasgassen in Nederland een reductie van het aantal voor vleesconsumptie gehouden dieren nood¬zakelijk is? Zo ja, op welke wijze? Wanneer bent u voornemens deze reductie te realiseren? Zo neen, waarom niet?

5
Kunt u een overzicht geven wat uw beleidsnormen zijn voor de komende vier jaar om de uitstoot van klimaatgassen door de veehouderij te reduceren? Kunt u daarbij expliciet aangeven of het gaat om maatregelen die de symptomen bestrijden van de bijdrage van de veehouderij aan de uitstoot van broeikasgassen (zoals bijvoorbeeld luchtwassers voor ammoniakuitstoot) of om maatregelen die de oorzaak aanpakken van de uitstoot van broeikasgassen door de veehouderij in Nederland (zoals bijvoorbeeld de reductie van het aantal dieren)? Kunt u ook aangeven op welke wijze uw beleidsvoornemens voor de aanpak van de uitstoot van broeikasgassen door de veehouderij mogelijk negatief kunnen uitpakken voor het welzijn van dieren?

Ik heb in het antwoord op vraag 2 aangegeven dat het klimaatbeleid zich niet expliciet zal richten op het verminderen van de consumptie van vlees- en zuivelproducten. Dit neemt niet weg dat de uitstoot van broeikasgassen door de landbouw zullen moeten worden verminderd. Er lopen verkenningen naar de mogelijkheden hiertoe.

Ik heb in de antwoorden op vragen van Kamerlid Ouwehand (PvdD) over de uitstoot van broeikasgassen uit de landbouw (Kamervragen 2006/2007 nr. 1629) aangegeven dat er dit jaar een voorlichtingstraject zal starten om de uitstoot van methaan en lachgas te verminderen in de melkveehouderij. In dit traject zullen verschillende maatregelen aan de orde komen, die afzonderlijk of in onderlinge samenhang uitgevoerd kunnen worden. Hierbij zal rekening worden gehouden met de effecten op het welzijn van de dieren.

Voor het overige verwijs ik u naar de maatregelen die het kabinet in het project “Klimaat en Energie: Schoon en Zuinig” zal publiceren.

DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
VOEDSELKWALITEIT,


G. Verburg

(1) Tukker A et al. (2006) Environmental impact of products (EIPRO). Analysis of the life-cycle environmental impacts related to the final consumption of the EU-25. European Commission, Joint Research Centre, Institute for Prospective Technological Studies, technical report series, EUR 22284 EN, 139 pagina’s.

(2) Nijdam DS, Wilting HC (2003) Milieudruk consumpties in beeld. Dataverwerking en resultaten. RIVM, rapport 771404004, 79 pagina’s.