Kamer­vragen aan de ministers van LNV en Justitie over het laten stikken van vissen door hobby­vissers


1. Kent u het bericht `Groningse hobbyvissers laten vissen stikken’?

2. Kunt u aangeven wie het initiatief heeft genomen om de visserijcontroles te organiseren en hoe vaak deze controles plaatsvinden?

3. Bij hoeveel hobby- of sportvissers er jaarlijks tijdens visserijcontroles overtredingen worden geconstateerd?

4. Bent u bereid om, in samenwerking met de politie en de Hengelsportfederatie, de frequentie van controles op hobbyvissers te vergroten? Zo ja, op welke wijze en binnen welke termijn? Zo neen, waarom niet?

5. Kunt u aangeven wat de omvang is van de boetes die opgelegd worden bij constatering van een overtreding als in aangehaald artikel, waarbij levende vissen in tassen zijn gestopt? Acht u deze boete in redelijke verhouding tot de aard en ernst van de overtreding? Zo ja, kunt u dit toelichten? Zo neen, bent u bereid de sancties in dergelijke gevallen te verzwaren en op welke wijze en op welke termijn? Zo neen, waarom niet?

6. Acht u een waarschuwing voldoende afschrikwekkend om dergelijke ongewenste omgang met (levende) dieren tegen te gaan? Zo ja, kunt u dit toelichten? Zo neen, hoe verhoudt zich dit tot artikel 36 van de Gezondheid en Welzijnswet voor Dieren (GWWD)?

7. Kunt u aangeven op welke wijze de rallyvisserij in Groningen en Drenthe momenteel wordt afgebouwd, zoals aangegeven in antwoord op de feitelijke vragen over de nota Dierenwelzijn ?

8. Kunt u aangeven wat de actuele stand van zaken is rondom het plan van aanpak voor de evaluatie van de gedragscode van Sportvisserij Nederland?

Antwoorddatum: 18 mei 2008

Geachte Voorzitter,

Hierbij doe ik u de antwoorden toekomen op de vragen die gesteld zijn door het lid Ouwehand (PvdD) inzake het laten stikken van vissen door hobbyvissers.

1
Kent u het bericht `Groningse hobbyvissers laten vissen stikken’?

Ja.

2
Wie heeft het initiatief genomen om de visserijcontroles te organiseren en hoe vaak deze controles plaatsvinden?

Het initiatief en de onderlinge afstemming van visserijcontroles op de binnenwateren ligt zowel bij de sportvisserijsector zelf, door middel van door de sector aangestelde Bijzondere Opsporings Ambtenaren (BOA’s) en hengelsportcontroleurs, als bij de handhavende instanties zoals KLPD en regiopolitie. Visserijcontroles vinden dagelijks plaats. Daarnaast werken op nationaal niveau politie en AID samen binnen een drietal stroperijteams die zich toeleggen op de bestrijding van illegale visserijpraktijken op de binnenwateren.

3
Bij hoeveel hobby- of sportvissers worden er jaarlijks tijdens visserijcontroles overtredingen geconstateerd?

Dit is zonder uitgebreid onderzoek bij de verschillende betrokken instanties niet op korte termijn aan te geven.



4
Bent u bereid om, in samenwerking met de politie en de Hengelsportfederatie, de frequentie van controles op hobbyvissers te vergroten? Zo ja, op welke wijze en binnen welke termijn? Zo neen, waarom niet?

Op dit moment zie ik geen concrete aanleiding om de huidige frequentie van controles op hobbyvissers te vergroten. Er is op dit moment reeds sprake van een adequaat hand¬havingsstelsel voor de sportvisserij op de binnenwateren. Ik verwijs hiervoor verder naar de beantwoording van vraag 2.

5
Wat is de omvang van de boetes die opgelegd worden bij constatering van een overtre¬ding als in aangehaald artikel, waarbij levende vissen in tassen zijn gestopt? Acht u deze boete in redelijke verhouding tot de aard en ernst van de overtreding? Zo ja, kunt u dit toelichten? Zo neen, bent u bereid de sancties in dergelijke gevallen te verzwaren en op welke wijze en termijn? Zo neen, waarom niet?

Voor zover gedragingen strijdig zijn bevonden met artikel 36 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (GWWD) geldt het volgende.
Personen die dieren zonder doel of noodzaak doden, maken zich schuldig aan overtreding van artikel 36 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (Gwwd). Overtreders van dit artikel kunnen sinds 1 februari 2006 worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of een geldboete van maximaal € 18.500,-.
Het is aan de Officier van Justitie of de rechter in het concrete geval om een straf te bepalen of een transactie aan te bieden. Zoals ik eerder in antwoord op vragen van lid Thieme van 24 juli 2007 (Aanhangsel Handelingen II 2006-2007, nr. 2543) heb aangegeven, ben ik van mening dat de huidige maximumstraf voldoende is.

6
Acht u een waarschuwing voldoende afschrikwekkend om dergelijke ongewenste omgang met (levende) dieren tegen te gaan? Zo ja, kunt u dit toelichten? Zo neen, hoe verhoudt zich dit tot artikel 36 van de Gezondheids- en Welzijnswet voor Dieren (GWWD)?

Het is aan de opsporingsambtenaren in concrete gevallen te besluiten hoe op te treden bij overtreding. De strafmaat voor overtreding van artikel 36 GWWD heb ik hierboven reeds uiteengezet.

7
Kunt u uiteenzetten op welke wijze de rallyvisserij in Groningen en Drenthe momenteel wordt afgebouwd, zoals aangegeven in antwoord op de feitelijke vragen over de nota Dierenwelzijn? 2)

Naar aanleiding van de door het kamerlid Van Velzen ingediende motie tijdens het Notaoverleg Dierenwelzijn van 4 februari jl. heb ik u toegezegd om in overleg met Sportvisserij Nederland te kijken naar de mogelijkheden voor het versnellen van het afbouwproces en het heroverwegen van de overgangstermijn.

Ik ben hierover met Sportvisserij Nederland in gesprek. Over de uitkomsten hiervan kan ik u derhalve op dit moment nog niet berichten.

8
Kunt u uiteenzetten wat de actuele stand van zaken is rondom het plan van aanpak voor de evaluatie van de gedragscode van Sportvisserij Nederland?

Zoals beschreven in de nota Dierenwelzijn is een van mijn ambities een traject in te zetten om de huidige gedragscode van en de voorlichting en het toezicht hierop door Sport¬visserij Nederland te evalueren. Ik zal dit in samenwerking doen met de sportvisserij sector.

DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
VOEDSELKWALITEIT,



G. Verburg

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer