Kamer­vragen aan de minister van LNV over verwaar­loosde schapen


Vragen van het lid Thieme (PvdD) aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over verwaarloosde schapen

  1. Kent u het bericht ‘Schapenboer wordt vandaag gehoord door AID’ uit het AD d.d. 06-04-07 (1)?

  2. Kunt u aangeven hoeveel AID en LID controles jaarlijks worden uitgevoerd bij veehouders en hoeveel van deze controles aangekondigd en hoeveel onaangekondigd plaatsvinden?

  3. Hoe vaak wordt een veehouder gemiddeld gecontroleerd en hoe snel vindt gemiddeld hercontrole plaats bij vaststelling van wetsovertreding?

  4. Bent u met ons van mening dat er voortaan in alle gevallen onaangekondigde controles zouden moeten plaatsvinden, opdat de pakkans van overtreders vergroot wordt? Zo ja, op welke wijze gaat u dit beleid vormgeven? Zo neen, waarom niet?

  5. Op welke wijze wordt controle ingezet om recidive te voorkomen?

  6. Kunt u aangeven hoe het mogelijk is dat een dergelijke mate van verwaarlozing is aangetroffen bij een veehouder die reeds onder de aandacht stond van de AID?

  7. Bent u bereid controle en opsporing extra uit te breiden? Bent u bereid de kwaliteit en omvang van de opvang van in beslag genomen dieren te waarborgen bij groei van het aantal inbeslagnames?


(1) http://www.ad.nl/rotterdam/article1253873.ece

Antwoorddatum: 15 mei 2007

Hierbij doe ik u de antwoorden toekomen op de vragen die gesteld zijn door het lid Thieme (PvdD) over verwaarloosde schapen.

1
Kent u het bericht ‘Schapenboer wordt vandaag gehoord door AID’ (1)?

Ja

2 en 4
Kunt u aangeven hoeveel controles jaarlijks door de Algemene Inspectiedienst (AID) en de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) worden uitgevoerd bij veehouders? Hoeveel van deze controles vinden aangekondigd en hoeveel vinden onaangekondigd plaats?

Deelt u de mening dat er voortaan in alle gevallen onaangekondigde controles zouden moeten plaatsvinden, opdat de pakkans van overtreders vergroot wordt? Zo ja, op welke wijze gaat u dit beleid vormgeven? Zo neen, waarom niet?

In juni 2006 is er een samenwerkingsconvenant gesloten tussen Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID), de Algemene Inspectiedienst (AID) en het ministerie van LNV. Op grond van dit convenant worden controles bij veehouders primair uitgevoerd door de AID.

Voor controles op dierenverwaarlozing heeft de AID 12.000 uur per jaar beschikbaar. Deze uren worden vooral besteed aan controles naar aanleiding van klachten en meldingen van derden over vermeende dierenverwaarlozing. Daarnaast bezoekt de AID haar bekende overtreders op eigen initiatief. Deze controles vinden onaangekondigd plaats. Er wordt dus vooraf geen quotum voor controles gepland.

De LID is op grond van het convenant primair belast met meldingen over verwaarlozing van of mishandeling van gezelschapsdieren. Meldingen betreffend landbouwhuisdieren die door de LID worden ontvangen, worden conform het convenant aan de AID overgedragen voorzover de dieren bedrijfsmatig worden gehouden.
In 2006 zijn door de LID ruim 1500 meldingen over dierenverwaarlozing betreffende niet bedrijfsmatig gehouden landbouwhuisdieren in behandeling genomen. Ook de LID voert de inspecties onaangekondigd uit.

3
Hoe vaak wordt een veehouder gemiddeld gecontroleerd? Hoe snel vindt gemiddeld hercontrole plaats bij vaststelling van een wetsovertreding?

In 2006 heeft de AID in totaal 1600 controles op dierenverwaarlozing bij veehouders uitgevoerd, waarvan ongeveer 1000 naar aanleiding van klachten en meldingen.
In veel gevallen leidt een overtreding tot onmiddellijke inbeslagname van de dieren. Er hoeft dan geen hercontrole meer plaats te vinden. In andere gevallen vindt afhankelijk van de ernst en de aard van de overtreding hercontrole plaats.

5
Op welke wijze wordt controle ingezet om recidive te voorkomen?

De bij de AID bekende overtreders worden regelmatig bezocht.

6
Kunt u aangeven hoe het mogelijk is dat de nu geconstateerde mate van verwaarlozing (2) is aangetroffen bij een veehouder, die reeds onder de aandacht stond van de AID?

Het betreffende bedrijf is begin november 2006 gecontroleerd. Bij die controle werd één dood schaap aangetroffen. Dat dier was niet tijdig ter destructie aangeboden.
Een dergelijke overtreding is niet ongewoon en geeft dan ook geen aanleiding tot een verhoogd toezicht. Van onthouden van de nodige zorg of verwaarlozing van de veestapel was destijds geen sprake.

De AID doet meerdere keren per jaar een administratieve en fysieke controle naar het opsparen naar dode dieren. Dit richt zich met name op kleine dieren zoals lammeren, biggen en pluimvee.

Bij de administratieve controle van de destructiegegevens door de AID van dit bedrijf, eind maart 2007, bleek dat de betreffende veehouder geen aangifte had gedaan van dode dieren. Dit was gezien de grootte van zijn kudde schapen afwijkend en aanleiding voor een bedrijfscontrole, zeker omdat het lammerentijd was. Bij de controle werden 64 dode lammeren en 9 dode schapen aangetroffen.

7
Bent u bereid de controle en opsporing extra uit te breiden? Bent u bereid de kwaliteit en omvang van de opvang van in beslag genomen dieren te waarborgen bij een groei van het aantal inbeslagnames?

Bij de behandeling van de LNV-begroting 2007 is aan uw Kamer toegezegd om de handhavingscapaciteit van de AID op het gebied van dierenwelzijn met ongeveer 20% uit te breiden, i.c. met 15 fte (3). Deze uitbreiding is in de begroting 2007 verwerkt en heeft inmiddels plaatsgevonden.

De kwaliteit van de opvang van in beslag genomen dieren is gewaarborgd door contractuele afspraken met dierenopvangcentra en het toezicht op het nakomen van die afspraken.

DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
VOEDSELKWALITEIT,


G. Verburg


(1) Algemeen Dagblad, 6 april 2007

(2) zie noot 1

(3) Handelingen TK d.d. 7 december 2006