Kamer­vragen aan de minister van LNV over verplicht aflei­dings­ma­te­riaal voor varkens


Vragen van het lid Thieme van de Partij voor de Diere aan de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit over verplicht afleidingsmateriaal voor varkens

1. Kent u het bericht ‘varkens krijgen speeltuin’ (1)?

2. Kunt u bevestigen dat Nederland van 1 januari 2003 tot 1 juli 2007 niet heeft voldaan aan de Europese regelgeving om te zorgen voor voldoende afleidingsmateriaal voor varkens? Zo ja, waarom heeft u nagelaten de Europese regelgeving te volgen? Zo neen, hoe kunt u verklaren dat Nederland hier door Europa op is aangesproken en vanaf 1 juli 2007 met nieuwe regels komt?

3. Kunt u bevestigen dat de Algemene Inspectie Dienst (AID) tot heden heeft geaccepteerd dat varkenshouders een ketting gebruiken als afleidingsmateriaal terwijl dat volgens de Europese regelgeving niet is toegestaan?

4. Kunt u bevestigen dat afleidingsmateriaal nodig is omdat varkens hun natuurlijke gedrag niet kunnen vertonen zoals wroeten en daarom uit verveling elkaar tot bloedens toe kunnen bijten? Zo ja, kunt u aangeven waarom u afleidingsmateriaal als oplossing verkiest boven het verbeteren van de omstandigheden zodat varkens wel hun natuurlijke gedrag kunnen vertonen? Zo nee, waarom is afleidingsmateriaal verplicht en wordt die verplichting per 1 juli aangescherpt?

5. Kunt u de uitspraak van de voorzitter van de Vaste Kamercommissie voor Landbouw (2) bevestigen dat kettingen omwikkeld met een plastic slang vanaf 1 juli toegestaan zijn als afleidingsmateriaal? Zo ja, waarom acht u dat voldoende afleidingsmateriaal en op welke criteria heeft u dat beoordeeld? Zo neen, op welke wijze informeert u varkenshouders over toegestaan afleidingsmateriaal en acht u dit voldoende om eventuele misverstanden te voorkomen?

6. Wat zijn de nieuwe eisen die worden gesteld aan het afleidingsmateriaal en op basis van welke criteria wordt beoordeeld of de kwaliteit van het afleidingsmateriaal voldoende is?

7. Kunt u voorbeelden geven van het afleidingsmateriaal dat is toegestaan per 1 juli 2007?

8. Kunt u per toegestaan materiaal aangeven wat de mate is waarin het materiaal het staartbijten en ander ongewenst gedrag bij varkens voorkomt en hoe het ene materiaal zich verhoudt tot de andere toegestane materialen wat betreft effectiviteit? Zo neen, waarom niet en bent u bereid daartoe aanvullend onafhankelijk onderzoek te initiëren en op welke termijn en wijze?

9. Kunt aangeven welk van de toegestane materialen u het meest effectief acht in het voorkomen van ongewenst gedrag bij varkens?

10. Kunt u aangeven waarom dit materiaal het meest effectief is en waar dat uit blijkt?

11. Deelt u de mening van de Dierenbescherming dat het houden van varkens op stro het beste is om varkens afleiding te bezorgen? Zo ja, bent u voornemens om het houden van varkens op stro te verplichten en kunt u uw voornemen toelichten? Zo neen, waarom niet?

(1) SPITS, 21 juni 2007

(2) Gedaan tijdens het werkbezoek Intensieve veehouderij op 11 juni 2007

Antwoorddatum: 13 aug. 2007

Geachte Voorzitter,

Hierbij doe ik u de antwoorden toekomen op de vragen die zijn gesteld door het lid Thieme (PvdD) over verplicht afleidingsmateriaal voor varkens.

1
Kent u het bericht ‘Varkens krijgen speeltuin’?

Ja.

2
Kunt u bevestigen dat Nederland van 1 januari 2003 tot 1 juli 2007 niet heeft voldaan aan de Europese regelgeving om te zorgen voor voldoende afleidingsmateriaal voor varkens? Zo ja, waarom heeft u nagelaten de Europese regelgeving te volgen? Zo neen, hoe kunt u verklaren dat Nederland hier door Europa op is aangesproken en vanaf 1 juli 2007 met nieuwe regels komt?

Richtlijn 2001/93/EG (tot vaststelling van minimumnormen ter bescherming van varkens) schrijft voor dat “varkens permanent moeten kunnen beschikken over voldoende materiaal om te onderzoeken en mee te spelen, bijvoorbeeld stro, hooi, hout, zaagsel, compost van champignons, turf of een mengsel daarvan, voorzover de gezondheid van de dieren daardoor niet in gevaar komt”. Deze verplichting is opgenomen sedert 1 augustus 2003 in nationale wetgeving onder artikel 9 van het Varkensbesluit. Het betreft een doelvoor¬schrift dat op velerlei wijzen is in te vullen. Nederland heeft tot nu toe het gebruik van de ketting als afleidingsmateriaal toegestaan omdat nader onderzoek moest uitwijzen welke materialen tegemoet komen aan de behoeften van het varken. De Food and Veterinary office (FVO) heeft tijdens een inspectiebezoek in Nederland in 2005 aangegeven dat de ketting onvoldoende tegemoet komt aan de behoeften van het varken maar heeft inge¬stemd met tijdelijk voortzetten van de huidige praktijk in afwachting van de onderzoeks¬resultaten.

3
Kunt u bevestigen dat de Algemene Inspectie Dienst (AID) tot heden heeft geaccepteerd dat varkenshouders een ketting gebruiken als afleidingsmateriaal terwijl dat volgens de Europese regelgeving niet is toegestaan?

De Europese regelgeving schrijft voor dat het aan te bieden afleidingsmateriaal het doel,
spelen en onderzoeken, moet dienen. De regelgeving geeft vervolgens enkele voor¬beelden maar zegt niet expliciet dat de ketting niet voldoet. De AID heeft vervolgens, in afwachting van de onderzoeksresultaten, de ketting als afleidingsmateriaal in de door u genoemde periode en met instemming van de FVO toegestaan.

4
Kunt u bevestigen dat afleidingsmateriaal nodig is omdat varkens hun natuurlijke gedrag niet kunnen vertonen zoals wroeten en daarom uit verveling elkaar tot bloedens toe kunnen bijten? Zo ja, kunt u aangeven waarom u afleidingsmateriaal als oplossing verkiest boven het verbeteren van de omstandigheden zodat varkens wel hun natuurlijke gedrag kunnen vertonen? Zo nee, waarom is afleidingsmateriaal verplicht en wordt die verplichting per 1 juli aangescherpt?

Het aanbieden van afleidingsmateriaal aan varkens is belangrijk om te voldoen aan de behoefte van varkens tot spelen en onderzoeken. Het voorkomt verveling en draagt bij aan het verminderen van de neiging tot bijten van hokgenoten. Het probleem van staartbijten is echter multifactorieel, dat wil zeggen dat er meerdere factoren zijn die de incidentie van staartbijten bepalen.

5
Is het waar dat kettingen omwikkeld met een plastic slang vanaf 1 juli toegestaan zijn als afleidingsmateriaal? Zo ja, waarom acht u dat voldoende afleidingsmateriaal en op welke criteria heeft u dat beoordeeld? Zo neen, op welke wijze informeert u varkenshouders over toegestaan afleidingsmateriaal en acht u dit voldoende om eventuele misverstanden te voorkomen?

De verplichting om afleidingsmateriaal beschikbaar te stellen is omschreven als een doelvoorschrift. Het gekozen materiaal en de vormgeving moeten zodanig zijn dat aan de behoefte van het varken tegemoet wordt gekomen. Een ketting met daaraan een stuk slang wordt in de praktijk een verrijkte ketting genoemd. Dit is een zeer minimale invulling van de ruimte die de wet op dit gebied geeft. LNV heeft een brochure opgesteld die als leidraad moet dienen bij het beter invullen van afleidingsmateriaal in de praktijk. Deze heeft elke varkenshouder inmiddels ontvangen. Tevens heeft de agrarische media al veelvuldig aandacht besteed aan de soorten afleidingsmateriaal die voorhanden zijn. Ik ga ervan uit dat met deze informatie varkenshouders anders over het nut en doel van afleidingsmateriaal zijn gaan denken en dat de invulling in de praktijk navenant is.

6
Wat zijn de nieuwe eisen die worden gesteld aan het afleidingsmateriaal? Op basis van welke criteria wordt beoordeeld of de kwaliteit van het afleidingsmateriaal voldoende is?

Er worden geen aanvullende of nieuwe eisen gesteld aan afleidingsmateriaal. De brochure geeft advies over mogelijke afleidingsmaterialen en toepassingen en hoe te voorkomen dat speeltjes vies worden waardoor varkens er niet meer mee spelen. Ook worden criteria genoemd als eetbaarheid en vervormbaarheid om aan te geven waar toepassingen aan zouden moeten voldoen om aan de behoefte van het varken tegemoet te komen. Veilig voor de gezondheid van het dier en de mens en veilig voor het milieu zijn natuurlijk ook randvoorwaarden die aan het gebruikte materiaal worden gesteld.

7
Kunt u voorbeelden geven van het afleidingsmateriaal dat is toegestaan per 1 juli 2007?

Mogelijke voorbeelden zijn een stroruif, ruwvoer in een trog, een strobed, een stuk touw, rubberen speeltjes en dergelijke.

8, 9 en 10
Kunt u per toegestaan materiaal aangeven wat de mate is waarin het materiaal het staartbijten en ander ongewenst gedrag bij varkens voorkomt en hoe het ene materiaal zich verhoudt tot de andere toegestane materialen wat betreft effectiviteit? Zo neen, waarom niet en bent u bereid daartoe aanvullend onafhankelijk onderzoek te initiëren en op welke termijn en wijze?
Kunt u aangeven welke van de toegestane materialen u het meest effectief acht in het voorkomen van ongewenst gedrag bij varkens?
Kunt u aangeven waarom dit materiaal het meest effectief is? Waaruit blijkt dat?

Zoals ik in mijn antwoord op vraag 4 heb aangegeven, is het (niet) hebben van afleidings¬materiaal niet de enige factor die de incidentie van staartbijten bepaalt en kan daarom ook niet als zodanig als maatstaf worden gebruikt. De behoefte van het varken en in hoeverre het materiaal of de toepassingsvorm tegemoet komt aan deze behoefte is echter wel een mogelijke meetlat. Wroeten is één van de belangrijkste onderzoeksgedragingen van het varken. Materiaal dat hieraan tegemoet komt heeft een hoge waarde qua afleiding. Toepassingen die zorgen voor interactie tussen de varkens in het hok of zelfs tussen hokken in, verhogen het speeleffect en scoren daarmee ook hoog qua afleiding. Materialen of toepassingen van materialen die vrij statisch zijn, een blok hout bijvoor¬beeld, hebben daarentegen een lagere afleidingswaarde. Voor meer informatie verwijs ik u naar de website van ASG waarop de score van een groot aantal materialen en toepassingsvormen zijn gepubliceerd (onderzoeksrapport nr. 38, http://www.asg.wur.nl/NL/publicaties/).

11
Deelt u de mening van de Dierenbescherming dat het houden van varkens op stro het beste is om varkens afleiding te bezorgen? Zo ja, bent u voornemens om het houden van varkens op stro te verplichten en kunt u uw voornemen toelichten? Zo neen, waarom niet?

Stro biedt inderdaad zeer goede afleiding voor varkens. Dit materiaal is echter niet in alle bestaande huisvestingssystemen inpasbaar. Daarentegen heeft enig stro al een gewenst effect op afleiding, voor dat doel is niet persé een geheel strobed nodig. De Nederlandse varkenshouderij ontwikkelt zich door steeds meer gebruik te maken van andere vormen van huisvestingssystemen (o.a. groepshuisvesting van zeugen op stro en vleesvarkens op zaagsel). Afdwingen remt eigen initiatief en marktwerking. Ik zet liever in op het stimuleren van andere vormen van huisvesting. In de Nota Dierenwelzijn zal ik hier eveneens op terugkomen.

DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
VOEDSELKWALITEIT,


G. Verburg