Kamer­vragen aan de minister van LNV over illegale vangst van inheemse vogel in Utrecht


Vragen van het lid Thieme aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over illegale vangst van inheemse vogel in Utrecht

  1. Kent u het bericht `Levende uil vastgeplakt op karton’1?
  2. Deelt u de mening dat dit incident, waarbij de Flora- en faunawet twee maal overtreden is (artikel 4, lid 1., b en artikel 73) aanleiding geeft voor een grondig onderzoek naar toedracht en motivatie van de dader(s)? Zo ja, kunt u aangeven of en zo ja, welke maatregelen getroffen worden om de dader(s) te achterhalen en welke sancties er op zullen volgen? Zo neen, kunt u dit toelichten?
  3. Acht u de maatregelen die worden getroffen om de illegale vangst van en handel in inheemse roofvogels en uilen aan te pakken afdoende? Zo ja, waar baseert u dat op? Zo neen, op welke wijze en op welke termijn bent u voornemens hier verbetering in te brengen?
  4. Kunt u aangeven of toezicht en controle door politie en AID in de Utrechtse wijk Kanaleneiland aangescherpt zullen worden na dit incident, met het oog op mogelijke herhaling? Zo ja, vanaf wanneer en voor hoelang? Zo neen, waarom niet en hoe denkt u herhaling van dit voorval te kunnen voorkomen en uitsluiten?

(1) AD, 6 juni 2008.

Antwoorddatum: 10 aug. 2008

Geachte Voorzitter,

Hierbij doe ik u toekomen mijn antwoorden op de vragen van het lid Thieme (PvdD) over illegale vangst van inheemse vogel in Utrecht (ingezonden 24 juni 2008).

1
Kent u het bericht ‘Levende uil vastgeplakt op karton’?

Ja.

2
Deelt u de mening dat dit incident, waarbij de Flora- en faunawet twee maal overtreden is (artikel 4, lid 1., b en artikel 73) aanleiding geeft voor een grondig onderzoek naar toedracht en motivatie van de dader(s)? Zo ja, kunt u uiteenzetten of en zo ja, welke maatregelen getroffen worden om de dader(s) te achterhalen en welke sancties er op zullen volgen? Zo neen, kunt u dit toelichten?

Artikel 4, eerste lid, onderdeel b, van de Flora- en faunawet bevat geen verbodsbepalingen die kunnen worden overtreden. Artikel 73 van de wet heeft betrekking op beheer en schadebestrijding krachtens de artikelen 65 tot en met 70 dan wel krachtens een ontheffing ex artikel 75. Geen van deze artikelen zijn hier aan de orde. Ik ben niet voornemens nader onderzoek te laten doen naar de toedracht van het incident.

3
Acht u de maatregelen die worden getroffen om de illegale vangst van en handel in inheemse roofvogels en uilen aan te pakken afdoende? Zo ja, waar baseert u dat op? Zo neen, op welke wijze en op welke termijn bent u voornemens hier verbetering in te brengen?

Ja. Zie mijn antwoord d.d. 27 juni 2007, kenmerk TRCJZ/2007/1635, op uw eerdere vragen.

4
Kunt u uiteenzetten of toezicht en controle door politie en AID in de Utrechtse wijk Kanaleneiland aangescherpt zullen worden na dit incident, met het oog op mogelijke herhaling? Zo ja, vanaf wanneer en voor hoelang? Zo neen, waarom niet en hoe denkt u herhaling van dit voorval te kunnen voorkomen en uitsluiten?

Zie mijn antwoord op vraag 2.

DE MINISTER VAN LANDBOUW,
NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT,



G. Verburg