Inbreng Partij voor de Dieren schrif­telijk overleg L&V-raad


30 mei 2018

Vragen en opmerkingen van de leden van de Partij voor de Dieren-fractie.

De leden van de Partij voor de Dieren-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van de geannoteerde agenda voor de komende Landbouw- en Visserijraad, evenals van het verslag van de vorige Raad. Deze leden hebben hierover zoals gebruikelijk enkele kritische vragen en opmerkingen.

De leden van de Partij voor de Dieren-fractie hebben een aantal vragen over kangoeroevlees. Deze leden wijzen nogmaals op het ernstige dierenleed dat schuilgaat achter het kangoeroevlees dat de Europese Unie en Nederland importeren uit Australië. De minister schreef in haar beantwoording dat ze de trailer van de film Kangaroo – A love-hate story heeft bekeken en de leden van de Partij voor de Dieren-fractie bedanken haar daarvoor. De minister baseert daarop de uitspraak dat dit nog geen indicatie biedt voor schendingen van de Europese Verordening (EG) Nr. 1099/2009 inzake de bescherming van dieren bij het doden of de OIE-standaarden voor het doden van dieren. Dat kan kloppen, stellen deze leden, want in de trailer van de film toont men slechts het topje van de ijsberg. Is de minister bereid om, zodra deze beschikbaar is en haar wordt aangeboden, de volledige film te bekijken? De minister en haar medewerkers zijn in elk geval van harte welkom bij de gehele vertoning van de film Kangaroo – A love-hate story op donderdag 31 mei 2018 in de Kamer, georganiseerd door de fractie van de Partij voor de Dieren. Is de minister bereid om haar standpunt aan te passen, zodra zou blijken dat de Europese Verordening (EG) Nr. 1099/2009 of de OIE-standaarden wel degelijk geschonden worden? Zo nee, waarom niet?

De leden van de Partij voor de Dieren-fractie pleiten voor een importverbod op kangoeroevlees en zien daar meer dan voldoende ruimte voor in de Europese regels. Ter vergelijking wijzen deze leden op het verbod op de import van zeehondenbont. Dat kon worden ingevoerd, omdat het doodknuppelen van de zeehonden niet geaccepteerd wordt door de Europese bevolking. De toenmalige minister Schippers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de toenmalige staatssecretaris Van Dam van Economische Zaken schreven in 2016 aan de Kamer dat “de verordening betreffende de handel in zeehondenproducten (1007/2009) is vastgesteld op basis van de EU publieke moraal over het welzijn van zeehonden die bejaagd worden. Door de omstandigheden waarin de zeehondenjacht plaatsvindt, kan een acceptabele dodingsmethode van deze dieren niet gerealiseerd worden.” De leden van de Partij voor de Dieren-fractie menen dat de Europese bevolking ook niet erg enthousiast is over de manier waarop kangoeroes worden gedood. Dat gaat immers gepaard met vergelijkbare gruwelijkheden. Na het doodschieten van hun moeder worden jonge kangoeroes ofwel doodgeknuppeld ofwel hulpeloos achtergelaten, waarna een gruwelijke lijdensweg volgt tot het dier dood is. Het vlees van geschoten kangoeroes die niet in het hoofd maar elders in het lichaam geraakt zijn, wordt niet geschikt geacht voor humane consumptie waardoor deze dieren gewond worden achtergelaten. Ook deze dieren sterven een langzame en pijnlijke dood. Ziet de minister de gelijkenis met de gronden waarop de import van zeehondenbont in de Europese Unie verboden is? Zo nee, op basis waarvan meent zij te kunnen veronderstellen dat de Europese bevolking de gruwelijke manier waarop kangoeroes en hun jongen worden gedood acceptabel zou vinden? Graag ontvangen deze leden een uitgebreide toelichting.
Naast het op grove wijze schenden van de intrinsieke waarde en het welzijn van dieren brengt de import van kangoeroevlees ook andere negatieve zaken met zich mee. Vanwege de zeer gebrekkige koelingsomstandigheden en lange transporttijd van het vlees is het niet verbazingwekkend dat kangoeroevlees berucht is vanwege de zeer regelmatige besmettingen met bacteriën zoals Salmonella en E. Coli. Dat was destijds voor Rusland en Californië al reden om over te gaan tot een importban.

Voorts hebben de leden van de Partij voor Dieren-fractie vragen over handelsmissies. De recente handelsmissie naar India stond voor de Nederlandse delegatie voor een groot deel in het teken van de agrarische sector. Kan de minister een volledig overzicht verschaffen van alle getekende contracten? Welke doelen zijn eigenlijk leidend bij de handelsmissies van het Nederlandse kabinet als het gaat om landbouw en voedsel? Enerzijds lijkt het kabinet de productie van plantaardige eiwitten te willen bevorderen, maar de recente missie naar China stond juist weer haaks op de noodzaak om de productie en consumptie van dierlijke eiwitten de komende jaren fors terug te dringen. Kan de minister helderheid verschaffen over de inzet van handelsmissies in het licht van de klimaatdoelen, de biodiversiteitsdoelen en de Sustainable Development Goals op het gebied van duurzame landbouw en voedselzekerheid? De minister weet toch ook dat het van groot belang is om plantaardige productie en consumptie te bevorderen en dierlijke consumptie af te remmen, willen we een kans maken om de honger in de wereld uit te bannen, de opwarming van de aarde binnen de perken te houden en het almaar voortdurende verlies van biodiversiteit te stoppen? Graag ontvangen de leden van de Partij voor de Dieren-fractie een reactie. Onderschrijft de minister de volgende uitspraak van delegatielid Henk Schouten van het bedrijf Schouten Europe: “De consumptie van vlees groeit en dat is een bedreiging. Als China en India net zo veel vlees eten als wij heb je een probleem.” Zo nee, waarom niet? Hoe ziet de minister deze uitspraak in het licht van de vorige handelsmissie naar China, waarin door Nederland volop werd ingezet op de export van kalfsvlees en producten uit de pluimveesector?

Ten aanzien van landbouwgif hebben de leden van de Partij voor de Dieren-fractie de volgende vragen. De Belgische minister van Landbouw Ducarme kondigde aan dat hij zich gaat inzetten voor een derogatie voor het gebruik van de drie neonicotinoïden die recent werden verboden in open teelten. Wat vindt de minister daarvan? Wat is de inzet van de minister om te voorkomen dat het recente succes in het tegengaan van landbouwgif direct weer zal worden overschaduwd door eventuele uitzonderingsposities?

Terwijl het verbod op drie neonicotinoïden in open teelten een stap in de goede richting is, kreeg de Europese natuur recent weer een grote domper te verwerken. Ondanks het Nederlandse standpunt dat de schadelijke pesticide diquat van de markt moet verdwijnen, is het de Europese Commissie niet gelukt om een verbod op diquat te realiseren. Klaarblijkelijk is de giflobby nog altijd sterk genoeg om verboden op schadelijke producten tegen te houden. De leden van de Partij voor de Dieren-fractie vragen de minister om haar inzet voor een verbod op diquat vol te houden. Kan zij toelichten hoe het vervolgproces eruit zal zien?

De leden van de Partij voor de Dieren-fractie hebben vernomen dat met de voorstellen voor het nieuwe GLB in aantocht, duidelijk lijkt te worden dat jonge boeren speciale aandacht zullen krijgen binnen het GLB. Deze leden moedigen de minister aan om hier een sterke verduurzamingsambitie aan te koppelen. Zij wijzen op de motie van het lid Ouwehand waarin de regering wordt opgeroepen in te zetten op omschakelsubsidies voor boeren om boeren te helpen omschakelen naar natuurinclusieve en/of biologische landbouw. Wat is hierop de inzet van de minister in de komende jaren?

Gelet op de grote noodzaak de Europese veestapel te krimpen en de productie en consumptie van dierlijke eiwitten te beperken, ligt het niet voor de hand nog te investeren in dierlijke productie. Is de minister bereid zich ervoor in te zetten dat het GLB, inclusief de maatregelen voor jonge boeren, zich richt op de productie van groente, fruit en plantaardige eiwitten?

Binnen het onderzoekfonds Horizon Europe staat 10 miljard euro geoormerkt voor onderzoek op het gebied van landbouw. Kan de minister uiteenzetten wat haar inzet is om de verdeling en besteding van dit bedrag te beïnvloeden? Deelt de minister de mening dat het cruciaal is om deze onderzoeksmiddelen in te zetten voor een plantaardige, duurzame, gifloze, kleinschalige, natuurinclusieve landbouw? Zo nee, waarom niet?

VSO L&V-raad:

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter, dank u wel. Kangoeroes, je zou ze niet zomaar als voedsel zien. En toch importeren de Europese Unie en Nederland kangoeroevlees. Daar is van alles mis mee. Klokkenluiders die wonen in het gebied waar deze dieren worden afgeslacht, hebben inzichtelijk gemaakt en laten zien dat het er heel wreed en inhumaan aan toegaat. Het is niet makkelijk om dat in kaart te brengen, want de dieren leven in de schemering en dus vindt hun slachting ook in de schemering plaats. Maar we hebben een documentaire gezien — de minister heeft daar kennis van genomen, waarvoor dank — waaruit blijkt dat de dieren een gruwelijke lijdensweg ondergaan. Ze worden niet in één keer doodgeschoten. De moederdieren hebben vaak jonge kangoeroes in hun buidel. Die worden, hupsakee, aan hun lot overgelaten of tegen een auto doodgeslagen.

Californië heeft om deze reden al jaren geleden gekozen voor een importverbod en Rusland ook, want dit spul zit vol met bacteriën. De minister heeft na het bekijken van de beelden meteen gebeld met Australië, waarvoor dank. Volgens de Australische autoriteiten zijn de beelden van die klokkenluiders niet representatief. Maar een verzoek van een Australisch parlementslid om onderzoek te doen naar het kangoeroemanagementprogramma werd geblokkeerd. De vergelijking met zeehondenbont dringt zich op. Ook daarvan hebben we gezegd: dat is onacceptabel. Ook daarvan zeiden de Canadese autoriteiten toen: nou, er is niet zo veel aan de hand. En toch hielden we voet bij stuk. Daarom de volgende motie.