Bijdrage Wassenberg Debat over de verkiezing van de Kamer­voor­zitter


13 januari 2016

De positie van de Voorzitter van de Tweede Kamer is belangrijk. De Partij voor de Dieren vindt het belangrijk dat die voorzitter bereid en in staat is om boven de partijen te staan en om zich sterk te maken voor een krachtig en goed functionerend parlement. Dat is hard nodig. Niet voor onszelf, maar omdat wij hier staan als vertegenwoordigers van het volk.

Namens de burgers van dit land controleren wij de regering, beslissen wij over wetten, over de manier waarop belastinggeld wordt besteed en dienen wij zelf initiatiefwetsvoorstellen in als opeenvolgende kabinetten belangrijke onderwerpen laten liggen die wel degelijk leven onder de burgers.

Ik dank alle kandidaten voor hun bereidheid om de taak als Kamervoorzitter op zich te nemen en voor hun prachtige brieven. Ik vind het van belang om te horen hoe hij of zij de rol van Voorzitter voor zich ziet.

In de wetenschap dat er discussies gevoerd worden over de omvang van het parlement en over de financiering ervan.

In de wetenschap dat Nederland een van de kleinste parlementen van Europa heeft, nu al, en dat medewerkers die Kamerleden ondersteunen, niet heel talrijk zijn en dat er geen grote budgetten zijn om het werk goed te doen.

En in de wetenschap dat de individuele partijen het moeilijk vinden om dit verhaal te vertellen en een pleidooi te houden voor een goed functionerend parlement, waar dus ook budget bij hoort.

Zien de kandidaten voor zich dat zij als voorzitter kunnen wijzen op die feiten? Kunnen ze een pleidooi houden om belangrijke ondersteuning bij ons werk als volksvertegenwoordiger in ieder geval niet weg te cijferen?

Ik wil ook graag van de kandidaten horen hoe zij de positie van de minderheid in de Kamer veilig willen stellen: de positie en de instrumenten waar kleinere partijen op aangewezen zijn. Kamervragen, moties en dertigledendebatten.

De voorzitter noemde gisteren bij de Regeling van Werkzaamheden het grote aantal nog in te plannen debatten. Ik wil de kandidaten erop wijzen dat die grote stroom van dertigledendebatten slechts een symptoom is van de manier waarop het gaat in de commissies, waar de meerderheid de minderheid lang niet altijd een commissiedebat in de vorm van een Algemeen Overleg gunt. Kunnen de kandidaten daarop reflecteren?

En op welke wijze zijn de kandidaten van plan om het recht van Kamerleden om moties in te dienen te verdedigen? Ik weet dat een aantal van u van mening is dat er altijd te veel moties worden ingediend. Ieder heeft recht op een eigen mening, behalve de Voorzitter… Op welke wijze bent u van plan vol op te komen voor het recht van elk individueel Kamerlid om de Kamer om een uitspraak te vragen?

De agenda van de plenaire zaal is altijd erg vol. Onze indruk is dat deze volle agenda echter soms misbruikt wordt door partijen om een Wetgevingsoverleg in te laten plannen in plaats van een plenair debat over een wetsvoorstel. Dat gaat in ernstige mate ten koste van de spreektijd van vooral de kleinere fracties over een wetsvoorstel. Zeker als een wetsvoorstel ingrijpende gevolgen heeft verdient dat een normale, plenaire behandeling met voldoende tijd om vragen te stellen en moties in te dienen. Zijn de kandidaten dat met de Partij voor de Dieren eens, en zo ja, op welke wijze zullen zij als Voorzitter zich ervoor inzetten om de medewetgevende rol van het parlement goed tot zijn recht te laten komen?

Ik ben ook erg benieuwd naar de opvattingen over de embargoregeling en de informatiepositie van oppositiepartijen. Ook dit jaar was daar wederom veel gedoe over, de heer Van Raak stond hier op een gegeven moment elke dag om te vragen om openbaarmaking van gelekte informatie…
Wij moeten constateren dat het voor oppositiepartijen ondoenlijk is om in zeer korte tijd de miljoenennota en alle onderliggende stukken te lezen in de voorbereiding op een goed debat. Wij zien graag een Voorzitter die ervoor zorgt dat álle leden van deze Kamer, dus niet alleen de coalitie- of bevriende oppositiepartijen, op tijd kennis kunnen nemen van alle stukken, opdat er een goed debat gevoerd kan worden. De embargoregeling is een van de meest in het oog springende voorbeelden.

Meer in zijn algemeenheid gaat het natuurlijk over het niveau en de kwaliteit van de informatievoorziening. Zien de kandidaten een rol voor zich weggelegd om bewindspersonen aan te sporen als de informatievoorziening niet tijdig komt of van ondermaats niveau is?

Dan dualisme en de verhoudingen in het debat. Hoe zien de kandidaten voor zich dat ze omgaan met bewindslieden die -- ik zeg het gechargeerd -- bij wijze van spreken uren aan het woord zijn zonder ook maar één keer in te gaan op gestelde vragen, laat staan een antwoord te formuleren?

Tot slot wil mijn fractie haar waardering uitspreken voor het werk dat de vorige Kamervoorzitters in gang hebben gezet: het beter toegankelijk maken van het parlement en ervoor zorgen dat burgers goed mee kunnen krijgen wat wij hier doen door debatten te volgen en stukken na te lezen. Ik vertrouw erop dat de kandidaten voornemens zijn om dat pad verder te bewandelen? Dat is voor de Partij voor de Dieren zeer belangrijk.

Ik sluit af met het wensen van succes aan de kandidaten met de beantwoording van de vragen en met de verkiezing.