Bijdrage Wassenberg AO Externe veiligheid


16 mei 2018

Voorzitter, het is niet saai bij Chemours, er gebeurt daar veel. De ene keer een nieuw lek, dan weer een nieuwe illegale lozing van giftige stoffen. Het gifgas perfluorisobuteen bijvoorbeeld, dat op de lijst van verboden chemische wapens van de VN staat, is in de eerste maanden van dit jaar al drie keer vrij gekomen. Heeft Chemours ondertussen al de beloofde nadere gegevens hierover aangeleverd?

Voorzitter, twee maanden geleden spraken we voor het laatst over Chemours. Nadien heeft het bedrijf opnieuw illegaal geloosd, dit keer het giftige PFOA. En dat terwijl Chemours sinds 2013 bij herhaling heeft gesteld deze stof niet meer te gebruiken en te lozen – PFOA zou vervangen zijn door het net zo giftige GenX.

Deze illegale lozing laat in ieder geval opnieuw zien hoe Chemours – excusez le mot – schijt heeft aan regels en aan de veiligheid van mens en milieu.

Voorzitter, hoe kan PFOA in 2018 worden geloosd als het al 5 jaar niet meer wordt gebruikt? Heeft Chemours de boel belazerd? Is PFOA überhaupt ooit weggeweest uit het productieproces? Wordt hier onderzoek naar gedaan? We zijn blij met de opgelegde dwangsom door de provincie, maar die is niet van toepassing op illegale lozingen uit het verleden. Als uitkomt dat Chemours vaker illegaal heeft geloosd, kan dat leiden tot nieuwe sancties?

Voorzitter, GenX en PFOA blijkt op 40% van de onderzochte gewassen in moestuinen van omwonenden voor te komen. Omwonenden maken zich terecht zorgen. Wat heeft de staatssecretaris hen te bieden? Ik vraag haar bij de provincie er op aan te dringen om de vergunning van Chemours flink aan te scherpen en het lozen van GenX te verbieden. “Het RIVM benadrukte deze week nog dat “GenX-stoffen vrijwel niet afbreken in het water en bovendien erg goed oplosbaar en dus mobiel zijn. Dat betekent dat de stoffen zich snel en blijvend verspreiden in het milieu.” Voorzitter, deze stof hoort niet thuis in het water, niet in de natuur, niet in de lucht, niet in moestuintjes. Stop het lozen.

Als ik alle brieven van de staatssecretaris en de minister lees, dan valt mij op hoe ontzettend veel onderzoeken er nodig zijn om zicht te krijgen op de verspreiding van GenX. Bodemonderzoek, blootstellingsonderzoek, brononderzoek, transportonderzoek. Wie betaalt die onderzoeken? Chemours? Of de overheid? Het kan toch niet zo zijn dat je kankerverwekkende stoffen lekt of loost, en dat de samenleving het letterlijk en figuurlijk mag uitzoeken? Graag een reactie.

Intussen hebben we een lijst met potentieel Zeer Zorgwekkende Stoffen, opgesteld door het RIVM. Dank daarvoor. Aleen, wat ik niet begrijp is de keuze om de lijst niet juridisch bindend te maken. Dat is verwarrend, vindt ook het Kenniscentrum van Zakelijke Energie- en Watergebruikers. Ik citeer: “wederom een nieuwe stoffenlijst introduceren waarbij de juridische status én het handelingsperspectief niet duidelijk zijn, zal niet helpen. Deze zal alleen maar verwarring creëren, zowel bij de bedrijven als bij het bevoegd gezag alwaar men toch al moeite heeft om de ontwikkelingen in het stoffenbeleid en de implementatie daarvan te bevatten.”

Voorzitter, ik zou óók voor de potentieel Zeer Zorgwekkende Stoffen het voorzorgbeginsel leidend willen laten zijn. Daar zouden dezelfde voorwaarden moeten gelden als voor de lijst Zeer Zorgwekkende Stoffen. Dat schept duidelijkheid voor bedrijven en opsporingsinstanties.

Voorzitter, door naar hormoonverstorende stoffen. Daar zijn twee problemen mee.

Hormoonverstorende stoffen werken als hormonen, al in zeer kleine hoeveelheden hebben ze effect. Dat is één.

Hormoonverstorende stoffen worden slecht afgebroken. blijven lang in het lichaam. Daardoor krijg je op de lange termijn een opstapeling, een cumulatie. De effecten worden dan ook groter. Dat is twee.

Voorzitter, mens en dier, natuur en milieu, hebben nul, nihil, nada belang bij de aanwezigheid van kunsthormonen, want dat zijn het, in plastics, in verpakkingen, in speelgoed, in voedsel, in water, in hun bloed. Alleen bedrijven hebben er belang bij om hun productieprocessen niet te veranderen. Voorzitter, ik vind de volksgezondheid belangrijker dan de belangen van de industrie.

Daar waar we hormoonverstoorders kunnen tegen houden, moeten we dat vooral doen.

Nederland heeft Bisfenol A echter nog niet uitgebannen en beleid met betrekking tot andere hormoonverstoorders is er nog helemaal niet. Een brede aanpak is vereist, als we Bisfenol A vervangen door Bisfenol S schieten we niets op, want de functionele groepen in die moleculen (zeg maar de actieve groepen) blijven gelijk. De hormoonverstorende werking ook.

Europese lidstaten mogen aanvullende regels stellen voor hormoonverstoorders en doen dat ook. Frankrijk, Denemarken, Zweden, Oostenrijk hebben allemaal bisfenol A uitgebannen.

Laten we een voorbeeld nemen aan België, die ‘de nog beperkte kennis over de cocktaileffecten van hormoonverstoorders’ erkent en daarom het voorzorgsprincipe hanteert en zelfstandig actie onderneemt met maar liefst 72 maatregelen tegen hormoonverstoorders. Graag een reactie van de staatssecretaris.