Bijdrage Partij voor de Dieren AO VWA en Dier­waardig vervoer


15 december 2008

Voorzitter. Per jaar vervoeren de Nederlandse transporteurs meer dan 675 miljoen levende dieren in 400.000 transportbewegingen. De verdubbeling van de vliegende brigades heeft volgens de minister 1800 controles opgeleverd. Nog geen half procent van de transporten wordt dus gecontroleerd. Ondertussen blijken die controles wel hoogstnoodzakelijk. Want het aantal geconstateerde overtredingen is het afgelopen jaar verdubbeld. Hoe meer controle hoe meer misstanden dus zichtbaar worden.

Als we de huidige controle resultaten extrapoleren hebben we het dus over ruim 20.000 transporten die niet aan de wettelijke eisen voldoen. Dat zijn bijna 34 miljoen dieren! Als de minister deze cijfers wil weerleggen zal zij in de eerste plaats meer inzicht moeten geven in de aard van de overtredingen en de controlegegevens openbaar moeten maken. Wanneer komt de minister daar nu eens mee?

Voorzitter. De honderden miljoenen dieren die jaarlijks levend van de ene naar de andere plaats worden gesleept, zijn dus overgeleverd aan de goede wil van de transporteurs. Transporteurs die de zorg voor het welzijn van dieren niet serieus nemen en waarbij volgens onderzoeker Hoekstra niet-regelconform gedrag eerder norm dan uitzondering is. Beide sectororganisaties die verantwoordleijk zijn voor het kwaliteitssysteem Dierwaardig Vervoer, (Saveetra en de NBHV), pleiten zelfs openlijk voor het versoepelen van de regels om zo niet gestraft te worden voor het illegaal vervoeren van zieke, manke of gewonde dieren. Daarnaast doen zij er alles aan om onder de wettelijke transporteisen uit te komen. Het Productschap voor Vee en Vlees wil zelfs de geldende beladingsnormen bestrijden. Tot zover de sector die beweert dierenwelzijn zo hoog in het vaandel te hebben. Hoe lang laat de minister zich nog voor de gek houden?

Onbegrijpelijk dat de minister deze sector al meer dan een jaar aan laat modderen met een systeem voor zelfregulering. De kwaliteitssystemen die in april (Dierwaardig Vervoer) en juni (NBW-Q) door de minister werden goedgekeurd, voldoen niet aan de wettelijke eisen. Mijn fractie had dat al in april en juni aangegeven en nu heeft Ernst en Young dit geconstateerd in haar rapport van 10 oktober. De sector heeft het afgelopen half jaar, en met steun van de minister, dus onwettelijk geopereerd. De Europese transportrichtlijn wordt met voeten getreden en de minister laat de sector gewoon voortmodderen. Dat zien we nu ook weer met het nieuwe rapport van Ernst en Young. Dit zou echt onbestaanbaar zijn indien we te maken zouden hebben met een veiligheidssysteem in de luchtvaart. We laten toch ook geen vliegtuigen opstijgen waarbij het controlesysteem op veiligheid niet is getoetst aan de wettelijke richtlijnen?

Voorzitter. Nog geen 24 uur voor het geplande debat op 4 december kregen we het Ernst en Young rapport met daarin de vernietigende beoordeling van het kwaliteitssysteem Dierwaardig Vervoer en NBW-Q. Het rapport dateert nota bene van 10 oktober. En nog geen 24 uur voor dit debat kregen wij ineens een vervolgrapport van Ernst en Young over hoe de grote omissies in het Kwaliteitssysteem Dierwaardig Vervoer verder te beoordelen. Voor de zoveelste keer zwaait de minister vlak voor een debat met rapporten om een onbetrouwbare sector de hand boven het hoofd te kunnen houden. Hoe denkt de minister een serieus debat te kunnen voeren? En wie betaalt die rapportages en onderzoeken eigenlijk? Wie financierde de beoordelingen van Ernst en Young?

Voorzitter. Het is tekenend dat de minister in haar brief van 2 december niet eens in is gegaan op de belangrijkste conclusies uit het Ernst en Young rapport van 10 oktober. Namelijk dat Ernst en Young vraagtekens zet bij de vorm en intensiteit van het toezicht. Zij stelt letterlijk dat (ik citeer) ‘daadwerkelijk zicht krijgen op de beladingsgraad, het wel of niet vervoeren van wrakke dieren, het vaststellen of daadwerkelijk water aanwezig is vraagt om meer toezicht ter plaatse’. (einde citaat). In de aanvullende rapportage van gisteren (pag.10) zie ik nog steeds niet dat dit met het aangepaste systeem Dierwaardig Vervoer adequaat is geregeld. Zo zijn er nog steeds geen onaangekondigde audits voorzien. Bovendien constateert Ernst en Young dat inzicht in het calculerend gedrag van vervoerders nog onvoldoende is (pag. 12). Met andere woorden: wanneer zijn betrokkenen geneigd om wettelijke regels en het kwaliteitssysteem aan de laars te lappen omdat de economische belangen groot genoeg zijn om het risico te lopen. We weten allemaal uit het rapport Hoekstra dat dit niet-regelconforme gedrag kenmerkend is voor deze sector. Hoe gaat de minister daar me om?

Ook kwam Ernst en Young (in het rapport van 10 oktober) tot de schokkende conclusie dat er niet eens een strafblad wordt opgebouwd als transporteurs wettelijke overtredingen begaan. Zij stellen dat (ik citeer): ‘het dwingende karakter van de sancties te gering achten. Er bestaat geen register waarin overtredingen per gecertificeerd bedrijf worden bijgehouden zodat bij een x aantal overtredingen binnen y jaar een nadere sanctie volgt…’ (einde citaat) Ernst en Young adviseert een sanctiebeleid zoals het puntenrijbewijs. In het Kwaliteitsysteem Dierwaardig Vervoer is nu een tabelletje 1.4 toegevoegd (pag. 7), zo lees ik in het Ernst en Young rapport van gisteren. Maar dat zegt mij niets. Gaat er nu wel of niet een strafblad opgebouwd worden en wat zijn daarvan de juridische implicaties? Of moeten we ede sector maar op de blauwe ogen geloven dat zij in een waas van zelfreinigend vermogen veelplegers overleveren aan het bevoegd gezag? Ik heb daar erg grote twijfels bij, voorzitter.

Ernst en Young zette in haar eerste rapport (van 10 oktober) grote vraagtekens bij de systematiek om bij zware wettelijke overtredingen de mogelijkheid te bieden om verbeteracties te organiseren. Letterlijk stelden zij dat de overtreder nu gewoon wegkomt met (ik citeer): ‘we hebben 20 varkens teveel geladen en zullen het nooit meer doen’ (einde citaat). Ik zie in de huidige rapportage van Ernst en Young niet hoe deze kritiek daadwerkelijk is weggenomen. Want met het verzwaren van de weging van overtredingen van ‘middel’ naar ‘zwaar’ zoals het kwaliteitssysteem Dierwaardig Vervoer nu voorstelt, ben je er nog niet (pag. 10). Wat gebeurt er met vervoerder die een zware (wettelijke) overtreding begaat? Komt die nog steeds weg met een lijstje van goede intenties? Of kan die rekenen op zware sancties en welke dan? Worden vrachtwagens aan de ketting gelegd?

Voorzitter. Vorig jaar kreeg de sector de kans om de diertransporten op orde te brengen. Zowel uit de controles, als uit de warse houding van de sector, als uit het keer op keer onder de maat geleverde huiswerk van Saveetra en de NBHV, blijkt dat de sector de verantwoordelijkheid niet kan dragen. Minister, stop met dit gebed zonder eind en neem uw controlerende en sanctionerende bevoegdheid serieus. Treed op!

Voorzitter. Ik wil nog even ingaan op wat andere punten uit de voortgangsrapportage (van 10 oktober). Vanthemsche constateerde normvervaging bij slachthuizen, verzamelplaatsen en het transport. Waar blijven de instructies van de minister aangaande het dierenwelzijn tijdens transport en in het slachthuis? Een dergelijke richtlijn heeft de minister de Kamer toegezegd. Maar ik heb nog niets vernomen. Graag duidelijkheid!

Voorzitter. De minister spreekt (in haar brief van 10 oktober) met trots over de paar vliegende brigades die zij heeft ingesteld om ook in de kleine slachthuizen te controleren op dierenwelzijn. Maar die vliegende brigades zijn echt geen antwoord op het door Vanthemsche geconstateerde structureel gebrek aan toezicht op het welzijn van dieren in kleinere slachthuizen. Er is permanent toezicht nodig door VWA dierenartsen. Welke structurele oplossing heeft de minister voor dit structurele probleem?