Bijdrage Partij voor de Dieren AO Landbouw- en Visse­rijraad


18 juni 2008

LNV AO met Minister LNV op 19 juni 2008 over de Landbouw- en Visserijraad van 23-24 juni 2008

VISSERIJ GEDEELTE

Algemeen
Graag wil ik ingaan op enkele punten die de minister heeft aangemerkt in de geannoteerde agenda.

Voorstel bestrijding illegale, niet gerapporteerde en niet-gereguleerde visserij
Voorzitter, de minister zegt dat ze blij is dat er wereldwijd meer aandacht komt voor het probleem van illegale, niet gerapporteerde en niet-gereguleerde visserij. Dat is prachtig, maar de minister denkt de oplossing vooral te vinden in controle door de sector zelf. Hier heb ik een probleem mee. En wel om de volgende redenen:

  • ten eerste: de sector vragen om zichzelf te controleren werkt doorgaans niet. Het is juist de taak van de overheid om regels te stellen aan activiteiten, en toe te zien op naleving daarvan. Een ondernemer die zichzelf een boete oplegt, ben ik nog niet tegengekomen. Ofwel, de overheid controleert en past zonodig sancties toe, níet de sector;
  • ten tweede: u neigt weer, evenals in uw beleid ten aanzien van de intensieve veehouderij, naar het zoeken van draagvlak bij de sector. De Algemene Rekenkamer heeft onlangs in haar rapport geconcludeerd dat u met deze werkwijze te weinig resultaten bereikt.

De Partij voor de Dieren verwerpt die zelfcontrole en roept de minister op om datzelfde te doen. Daar zal ze geen gehoor aan geven vermoed ik –ik ken de minister inmiddels wel wat langer dan vandaag-, maar in dat geval ben ik benieuwd hoe die zelfcontrole eruit zal gaan zien. Krijgt de sector doelstellingen mee, op welke manier zal het toezicht op de zelfcontrole plaatsvinden en wordt deze werkwijze na verloop van tijd geëvalueerd?

Voorstel bescherming kwetsbare mariene ecosystemen in de volle zee
Met betrekking tot het voorstel van de Commissie inzake kwetsbare mariene ecosystemen in de volle zee tegen schadelijke bodemvisserij, geeft de minister aan dit voorstel te steunen. Dit verheugt mij. Tegelijkertijd verbaast het mij hoogstelijk. In de brief van de minister van 3 juni namelijk, die een reactie is op het artikel van de visserijbioloog Daniel Pauly ‘vis dreigt snel uit de oceanen te verdwijnen’, maakt de minister zich helemaal niet druk over de bodemberoerende visserij. Pauly noemt in zijn artikel dat de Nederlandse boomkorvisserij de zeebodem verandert in een woestijn. Hierop stelt de minister in haar brief van 3 juni luchtig dat de vraag is te stellen of een lichte mate van bodemberoerende visserij niet ook juist de productiviteit van de zee kan verbeteren. Hier haak ik af. Ik vind dit inconsistent. Is de minister nu vóór bescherming van de kwetsbare mariene ecosystemen (en dus tegen de boomkorvisserij), of tegen? Ik ben van mening dat als de minister instemt met het voorstel van de Commissie, en zij eerlijk is tegen zichzelf, haar beleidsdoelstelling zou moeten zijn om tot een afbouw en een verbod van de boomkorvisserij in Nederland te komen, binnen enkele jaren. Ik vraag de minister mij hier helderheid over te verschaffen.

Voorstel sluiting Visserij Protocol met Mauritanië
Ik lees uit de reactie van de minister op het voorstel van de Commissie dat de nieuwe afspraken met Mauritanië leiden tot een grotere visvangst, Mauritanië wordt voor deze vangst financieel gecompenseerd, en dat deze financiën worden ingezet voor de ontwikkeling van de Mauritaanse visserij tot een meer duurzame visserij. De vraag is wat de minister en de Commissie precies verstaat onder duurzaam. Wat zijn de uitgangspunten, heeft de Commissie daar criteria voor geformuleerd?

Commissiemededeling inzake beleidsverklaring vangstmogelijkheden voor 2009
De reactie van de minister op de beleidsverklaring inzake vangstmogelijkheden voor 2009 is dat zij hiermee kan instemmen. Uit deze beleidsverklaring komt onder andere ook naar voren dat sinds de GVB-hervormingen van 2002 onvoldoende concrete vooruitgang is geboekt; TAC’s zijn hoger vastgesteld dan volgens de wetenschappelijke adviezen had gemogen en het zeedagensysteem heeft de visserijinspanning niet doeltreffend kunnen beperken.

Ik wil de minister in dit verband ook wijzen op het eerder door mij genoemde artikel van de visserijbioloog Daniel Pauly. Kern van zijn betoog is dat er op wereldschaal onverantwoord veel vis wordt gevangen. Hoe erg is dit? Ik verwijs u naar de figuur in uw brief van 3 juni. Bron D. Pauly. Hieruit blijkt dat rond 1960 nog bijna 70% van de visbestanden minder dan optimaal was bevist. Visbestanden konden zich nog ontwikkelen. In het jaar 2000 is al 60% overbevist of zelfs ingestort. Doortrekken van deze lijn geeft aan dat in 2048 de vis ‘op’ is. Dit is in lijn met cijfers van de FAO, welke een onbetwiste autoriteit met een internationaal mandaat is .

De reactie van de minister hierop in haar brief van 3 juni is dat het algemene beeld dat veel bestanden wereldwijd over-geëxploiteerd zijn, klopt en ook tot op zekere hoogte geldt voor Europese wateren. De minister merkt tevens op dat om de ommekeer te maken de EU heeft afgesproken in 2015 alle bestanden te beheren volgens het Maximum Sustainable Yield (MSC)-principe, wat onder andere betekent: werken volgens de ecosysteembenadering, langetermijnbeheerplannen en mogelijk lagere vangstmogelijkheden.

Dit gaat de goede richting op. Meer en meer mensen raken ervan overtuigd dat als er niet gekozen wordt voor beperkende maatregelen ten aanzien van de overbevissing er straks helemaal niets meer te vissen valt. Er is haast bij een omslag. Voortkabbelen naar 2015 past daar niet in. Ik wil de minister vragen om nu al deze omslag in te zetten, en een sterke inspanning te leveren om haar EU-collega’s hierin mee te nemen.
Graag de reactie van de minister hierop.

(eventueel) Wijziging toegestane vangsthoeveelheid voor kabeljauw in Keltische zee

Ik lees dat in het licht van nieuwe wetenschappelijke inzichten de Raad mogelijk van gedachten zal wisselen over een eventuele ophoging van de kabeljauw TAC in de Keltische zee.

Algemeen bekend is dat de kabeljauw in de Noordzee ernstig is overbevist. Ook is algemeen bekend dat maritieme ecosystemen met elkaar zijn verbonden. De Keltische Zee (dit is de zee tussen Ierland, Groot-Brittannië en Frankrijk) ligt niet zo ver van de Noordzee en staat daarmee in verbinding.

De Partij voor de Dieren is erg benieuwd naar deze nieuwe wetenschappelijke inzichten. Kan de Minister uitleggen wat de ommekeer heeft veroorzaakt.