Bijdrage Partij voor de Dieren aan Land­bouw­be­groting, tweede termijn


31 oktober 2007

Voorzitter. Ik dank de minister voor de beantwoording in eerste termijn. Ik dank de minister ook voor haar toezegging dat prestatie- en effectindicatoren zullen worden gevoegd bij de financiële middelen ten behoeve van de Nota Dierenwelzijn. Het valt op dat de antwoorden in veel gevallen terugverwijzen naar wat al eerder is gezegd of vooruit wijzen naar wat in de toekomst kan of zal worden gezegd, maar nauwelijks duiden waar de minister vandaag staat. De minister zegt dat de inspanningen van de veehouderij enorm zijn geweest en dat wij helemaal in lijn met de Europese nitraatrichtlijnen handelen.

De minister laat weten dat de inspanningen van de veehouderij enorm zijn geweest en dat Nederland helemaal in lijn handelt met de Europese nitraatrichtlijn. De minister kan veel woorden vuilmaken aan dit probleem dat letterlijk stinkt, maar duidelijker is het om samen even te kijken naar een kaart van het mestportret van Europa. Eén flinke zwarte plek valt op, dat is de schandvlek van het grootste mestprobleem en dat is Nederland. Ondanks haar optimistische antwoord kan de minister niet ontkennen dat bij het mestprobleem in relatie tot nitraat Nederland de schandvlek van Europa is. Of heeft zij een andere verklaring voor dit mestportret van de Europese Commissie? Graag de reactie van de minister.

Wat verder opvalt, is dat de minister nog zoveel vragen onbeantwoord laat. Het zijn er zoveel dat ik ze nauwelijks kan noemen in mijn ruime resterende spreektijd. Ik doe toch een poging, het zijn twaalf vragen:

Vraag 1: hoe gaat de minister de inwoners van dorpen waar varkens- en kippenflats komen geruststellen over het leven en gezondheidsklimaat rond de megastallen?

Vraag 2: wat gaat de minister doen met de conclusies van de Wereldvoedselorganisatie dat intensieve veehouderij gezondheidsrisico's voor mens en dier met zich meebrengt?

Vraag 3: hoe kan de minister verantwoorden dat voor elke Nederlander 60 keer zijn eigen lichaamsgewicht aan mest geproduceerd wordt? Dat is 4000 kilo per Nederlander.

Vraag 4: de maatschappelijke kosten voor vervuiling van lucht, bodem en water vanuit de veehouderij zijn jaarlijks meer dan 2,1 mld. Hoe gaat de minister deze maatschappelijke kosten toerekenen aan dierlijke producten in het kader van: de vervuiler betaalt?

Vraag 5: hoe kan de minister zeggen dat zij nu al weet dat het stimuleren van één vleesloze dag per week niet tot haar beleid zal behoren, terwijl zij nog onderzoek doet naar bewustere en meer duurzame vleesconsumptie? Heeft zij haar conclusies al getrokken voordat het onderzoek is afgerond? En dat terwijl CDA-fractievoorzitter Van Geel heeft aangegeven dat hij vlees beschouwt als het meest belastende onderdeel van ons voedselpakket.

Vraag 6: Oostenrijk mag genetisch gemanipuleerde gewassen weigeren van de EU. De minister geeft geen schriftelijk antwoord op de vraag of en zo ja hoe de minister dit soort vrijheden ook voor Nederland wil of kan benutten.

Vraag 7: de minister geeft aan dat zij de 3 miljoen katten die Nederland telt, niet wil laten chippen de komende jaren. Bedoelt zij daarmee dat het zwerfkattenprobleem niet op haar aandacht en interventie mag rekenen, met name dat laatste?

Vraag 8: Voor dierenambulances en dierenasielen laat de minister weten dat zij het geheel zelf moeten uitzoeken wat haar betreft, eventueel in samenspraak met lokale of regionale overheden. Waarom blijft de minister de verantwoordelijkheid voor de opvang en het vervoer van dieren in nood verre van haar werpen? Doet het haar niets als dieren lijden? Heeft zij geen oog voor de problemen van dierenambulances en asielen?

Vraag 9: de minister denkt dat een plastic slang om een ketting van 50 cm genoeg moet zijn om te voldoen aan de Europese regels om varkens speel- en onderzoeksmogelijkheden te verschaffen. Als dit de manier is waarop normen van Europa ingevuld kunnen worden, wat wij overigens zeer betwijfelen, wat kunnen wij dan verwachten van Europa op dierenwelzijngebied?

Vraag 10: het knippen van hoektanden van varkens mag vanaf 2009 niet meer, maar vijlen nog wel. Uiteraard zonder verdoving, want dierenwelzijn mag niets kosten in deze sector. Kan de minister aangeven waarom zij dit als een dierenwelzijnverbetering ziet?

Vraag 11: de minister geeft aan dat 21 kippen per m2 misschien toch wel de vijf vrijheden die dieren zouden moeten hebben mogelijk maakt. Kan de minister dat uitleggen op een manier zodat ook kinderen die iets meer willen weten van de natuur en van het natuurlijke gedrag van dieren, het kunnen begrijpen? Kan de minister het gedrag beschrijven dat de kippen op dit moment kunnen uiten? Wat ziet de minister aan natuurlijk gedrag?

Vraag 12: Is de minister bereid om tot een heldere, afrekenbare definitie van weidegang te komen? Hoe wil zij weidegang stimuleren voor koeien die niet de 10% consumptiemelk leveren, maar de 90% die in bulk wordt aangewend in niet aan de weidegang gerelateerde producten?

Ik wil echt antwoord op deze twaalf vragen, die geheel of gedeeltelijk buiten beschouwing zijn gebleven bij de beantwoording van de vragen. De Partij voor de Dieren heeft ervoor gekozen 50% van de haar toegemeten spreektijd te besteden aan deze voor mensen, dieren en natuur zo belangrijke begroting. Ik vraag de minister, alsnog adequaat te antwoorden, ook als de vragen een keer niet in schriftelijke vorm tot haar komen.

Ik dien de volgende moties in.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat het onverdoofd ritueel slachten van dieren op grote ethische bezwaren in de Nederlandse samenleving stuit;

constaterende dat het onverdoofd ritueel slachten in landen als Oostenrijk, Denemarken, Finland en Estland reeds verboden is;

constaterende dat Nederland zich heeft ontwikkeld tot een exportland van vlees afkomstig van onverdoofd ritueel geslachte dieren;

constaterende dat verdoving, bijvoorbeeld in de vorm van reversibel bedwelmen voorafgaand aan ritueel slachten, geen enkel religieus bezwaar kent, zoals ook is aangegeven in de Nota Dierenwelzijn;

verzoekt de regering om binnen een halfjaar een verbod in te stellen op het onverdoofd ritueel slachten,
en gaat over tot de orde van de dag.

Thieme
Van Gent

Zij krijgt nr. 126 (31200-XIV).

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat veel Nederlandse dierenasielen kampen met financiële tekorten;

constaterende dat het hierdoor niet mogelijk is om benodigd extra personeel aan te trekken, benodigd onderhoud aan de opvanglocatie te plegen of om onverwachte medische hulp te bekostigen;

constaterende dat dierenasielen afhankelijk zijn van de bereidwilligheid van gemeenten om voor financiële ondersteuning te zorgen;

van mening dat dierenasielen een belangrijke maatschappelijke functie vervullen en de overheid een verantwoordelijkheid heeft in het garanderen van hun voortbestaan;

verzoekt de regering om met de VNG in overleg te treden om te komen tot een kader voor de structurele financiële ondersteuning van dierenasielen en toe te zien op de uitvoering,

en gaat over tot de orde van de dag.

Thieme, Van Velzen, Van Gent en Van der Ham.

Zij krijgt nr. 127 (31200-XIV).

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat er vele signalen zijn dat de handhaving en prioritering door de Algemene Inspectie Dienst niet naar behoren verlopen;

overwegende dat de positie van de Algemene Inspectie Dienst ten opzichte van het ministerie van LNV, waarbij het ministerie haar eigen regelgeving controleert, kan leiden tot mogelijke belangenverstrengeling;

overwegende dat deze mogelijke belangenverstrengeling een objectief onderzoek naar het handhavingssysteem onmogelijk maakt wanneer dit intern wordt uitgevoerd;

verzoekt de regering om een onafhankelijk onderzoek in te stellen naar het functioneren van de Algemene Inspectie Dienst en daarbij aandacht te besteden aan de positionering ten opzichte van het ministerie van LNV,

en gaat over tot de orde van de dag.

Thieme, Van Velzen, Van Gent en Van der Ham.

Zij krijgt nr. 128 (31200-XIV).


Vanmiddag stond in het Agrarisch Dagblad dat burgers zeer veel belang hechten aan de weidegang. De volgende motie is een uitvloeisel daarvan.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de overgrote meerderheid van burgers de melkkoeien het liefst in de wei ziet lopen en dat de minister weidegang wil stimuleren uit het oogpunt van landschap, dierenwelzijn en maatschappelijk verantwoord ondernemen;

constaterende dat de markt hierop in heeft gespeeld met het aanbieden van weidemelk, maar dat strenge regels ontbreken, waardoor melk van koeien die slechts 720 uur van het jaar buiten lopen ook als weidemelk kan worden verkocht;

constaterende dat minder dan 10% van de totale zuivelproductie in Nederland in de vorm van consumptiezuivel wordt verkocht en dat de markt voor weidemelk daardoor nooit groter kan zijn dan 10%;

van mening dat de markt slechts zeer beperkte mogelijkheden biedt voor het stimuleren van weidegang van melkkoeien en dat daardoor een krachtig en stimulerend overheidsoptreden gewenst is;

verzoekt de regering om binnen een halfjaar te komen met een plan van aanpak met daarin effectieve stimuleringsmaatregelen en zo nodig regelgeving om de koe in de wei te houden,
en gaat over tot de orde van de dag.

Thieme, Van Velzen, Van Gent en Van der Ham.

Zij krijgt nr. 129 (31200-XIV).

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat detectie aan de slachtlijn op de aanwezigheid van berengeur technisch mogelijk is en er ook andere mogelijkheden zijn die castratie overbodig maken en al worden toegepast in andere Europese landen;

constaterende dat steeds meer voorlopers in de varkenshouderij gestopt zijn met het castreren van biggen;

verzoekt de regering om voor 2009 een verbod op castratie in te voeren van alle in Nederland gehouden varkens,

en gaat over tot de orde van de dag.

Thieme, Van Velzen, Van Gent en Van der Ham.

Zij krijgt nr. 130 (31200-XIV).

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat terreinbeheerders een financiële vergoeding ontvangen van jagers voor het beheren van populaties wilde dieren op hun terreinen;

van mening dat de uitvoering van faunabeleid uitsluitend zou moeten worden overgelaten aan professionele, gecertificeerde jagers die in dienst zijn van de terreinbeheerder;

verzoekt de regering om, in geval er wordt overgegaan tot faunabeheer door middel van afschot, te bewerkstelligen dat dit uitsluitend gedaan wordt door professionele, gecertificeerde jagers in dienst en onder verantwoordelijkheid van de terreinbeheerder,

en gaat over tot de orde van de dag.

Thieme en Van Gent.

Zij krijgt nr. 131 (31200-XIV).

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat er vele signalen zijn dat de verschillende taken die onder de verantwoordelijkheid van de Algemene Inspectie Dienst vallen, ertoe leiden dat er onvoldoende proactieve controles op dierenwelzijn plaats kunnen vinden;

constaterende dat de controles op Europese subsidies veel capaciteit van de inspecteurs vergen;
constaterende dat dit ten koste kan gaan van de mogelijkheden voor het doen van opsporingsonderzoek in het kader van dierenwelzijn;

verzoekt de regering om een plan van aanpak op te stellen voor het invoeren van een scheiding tussen de controles op subsidies en de controles op dierenwelzijn, bijvoorbeeld door het instellen van twee gescheiden afdelingen binnen de Algemene Inspectie Dienst waarbij een inspecteur slechts voor één van deze taken ingezet kan worden,

en gaat over tot de orde van de dag.

Thieme. Zij krijgt nr. 132 (31200-XIV).