Bijdrage Ouwehand Initi­a­tiefwet onver­doofd ritueel slachten (eerste termijn)


17 februari 2011

Bekijk de bijdrage via debatgemist.nl

Mevrouw ouwehand (PvdD): Voorzitter. Als mensen dieren slachten, hebben zij de wettelijke plicht om de pijn, de stress en het lijden die dit bij de dieren veroorzaakt, tot een absoluut minimum te beperken. Bij het slachten of doden van productiedieren moet elke vermijdbare pijn, opwinding of vermijdbaar lijden worden voorkomen, zo heet dat dan in officiële wettelijke termen. We mogen ervan uitgaan dat geslacht worden per definitie pijnlijk, stressvol en angstaanjagend is; geen enkel levend wezen wil worden doodgemaakt. Als dat bij zogenaamde "productiedieren" toch gaat gebeuren, kent ons land wetgeving die deze dieren, voorafgaand aan de slacht, moet beschermen tegen onnodig lijden. In die wet is bepaald dat dieren -- schapen, runderen, geiten, varkens, konijnen en pluimvee -- moeten worden verdoofd of bedwelmd voordat ze worden opengesneden. De dieren moeten in een zo kort mogelijke tijd buiten bewustzijn worden gebracht, zodat de pijn en de stress van de slacht hun zo veel mogelijk wordt bespaard. Er is dus al een verbod op het onverdoofd slachten.

Er zijn dus duidelijke wetten en regels voor het beperken van het lijden van dieren voorafgaand aan de slacht. Hoewel die regels er zijn, geldt de bescherming in Nederland niet voor alle dieren die bij de slachthuizen worden aangeleverd. Ten behoeve van religieuze overtuigingen is namelijk een uitzondering gemaakt op deze dierenbeschermingswet. Die uitzondering stelt dat vanwege religieuze opvattingen en tradities de verdoving van dieren bij de slacht achterwege mag blijven. Dat geldt in Nederland voor de Israëlitische en Islamitische rituelen, de koosjere en de halal slacht. Het gevolg van deze uitzonderingsbepaling is dat in Nederland ieder jaar bij zo'n 2 miljoen dieren, ten volle bij bewustzijn, de keel wordt doorgesneden. Het massale dierenleed dat jaar in, jaar uit kan plaatsvinden omdat er een uitzondering is gemaakt op bestaande dierenbeschermingswetgeving rond de slacht is voor steeds meer mensen onacceptabel. Ik ben er dan ook bijzonder trots op dat een volksvertegenwoordiger van de Partij voor de Dieren vandaag heeft plaatsgenomen in het ministersvak om het politieke taboe op ritueel slachten te doorbreken en een wetsvoorstel te verdedigen dat een einde maakt aan die uitzondering op het verbod op onverdoofde slacht. Wetgeving bestaat immers uit gestolde moraal en de Nederlandse moraal anno 2011 verdraagt zich niet met het onverdoofd slachten van dieren zoals blijkt uit de uitgangspunten van onze dierenwelzijnswet- en regelgeving. Wij hopen dan ook zeer dat het wetsvoorstel kan rekenen op de steun van de meerderheid in deze Kamer. Ik zal ook uiteenzetten waarom.

Onlangs stelde een wetenschapper dat de slacht het meest kritieke moment is in een dierenleven. Dieren ervaren daarbij veel pijn en stress in een korte periode. Voor dieren die zonder verdoving worden geslacht, geldt dat hen op drie punten extra leed wordt aangedaan: de behandeling voor het slachten en de stress die dat veroorzaakt, de slacht zelf, de pijn en stress als gevolg van het doorsnijden van de hals, en het ongerief dat optreedt tot de dood is ingetreden, tot het dier het bewustzijn verliest. Dieren die zonder verdoving worden geslacht, worden, nadat zij zijn opgedreven naar de slachtplaats, gefixeerd. Zij moeten stilliggen voordat de Islamitische of Israëlitische slager het mes in hun keel zet. Schapen worden op hun rug op fixeertoestellen gedraaid en runderen worden kantelboxen ingedreven waar zij 90°, 120° of 180° worden omgedraaid. Voor de koosjere slacht worden kippen uit kratten gepakt en vastgehouden waarbij de nek wordt gestrekt voordat de hals wordt doorgesneden. Voor de halal slacht worden kippen aan hun poten, op hun kop, aan haken gehangen, waarna zij mechanisch door een elektrobad worden geleid. Daar krijgen zij een schok waarvan zij niet buiten bewustzijn raken, maar waarvan zij wel hun nek strekken, waarna het slachtmes een onverdoofd einde aan hun leven maakt. Die fixatie is een van de ergste dingen die je een dier kunt aandoen, zo zei de voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Dierenartsen tijdens de hoorzitting die wij in november vorig jaar organiseerden in deze Kamer. Alleen al het feit dat een dier, volledig wakker, op zijn rug gedraaid wordt, levert hem een hevige mate van stress op. Wij hebben tijdens die hoorzitting beelden bekeken van onverdoofde slacht en wat daaraan vooraf gaat. De angst en paniek in de ogen van de koe in die kantelbox blijven op je netvlies staan. Het op de rug draaien, zorgt ook voor druk op het middenrif en de magen van het dier. Dat is het geval bij runderen, schapen en geiten. Kippen hebben geen middenrif. Als zij op hun kop worden gehangen, drukken de ingewanden direct op hun hart en longen. Die fixatie is dus bijzonder pijnlijk en stressvol voor een dier dat bij zijn volle bewustzijn is. En dan moet de slacht nog volgen.

Bij onder de hand slachten wordt bij een onverdoofd dier de hals doorgesneden. Die halssnede is vanwege het grote aantal pijnreceptoren in de halsstreek zeer pijnlijk. Die pijn- en angstgevoelens kunnen de dieren niet uiten omdat de luchtpijp ook is doorgesneden. Wetenschappers zijn het er daarom over eens dat het onverdoofd doorsnijden van de keel veel pijn oplevert. Ook aan het wondoppervlak zelf bevinden zich veel pijnreceptoren. Het dier is dus ernstig verwond, ervaart veel pijn en stress, en dat allemaal bij volle bewustzijn. Het duurt bovendien lang voordat een onverdoofd geslacht dier zijn bewustzijn verliest. Bij veel dieren worden de randen van de wond in de hals gemanipuleerd om het uitbloeden te bespoedigen. Dat veroorzaakt ondraaglijke pijn vanwege de vele pijnreceptoren in de halsstreek. Bij runderen wordt bij de halssnede de arteria vertebrale, de slagader boven in de nek, niet doorgesneden. Dat betekent dat de bloedvoorziening naar hun hersenen nog wel even aanhoudt en dat het bij runderen dus extra lang duurt voordat het bewustzijnsverlies intreedt. Dieren die zonder verdoving de keel wordt doorgesneden, hebben zeer te lijden van de aard en de duur van de doodsstrijd die bij hun volle bewustzijn gevoerd wordt.

Met een doorgesneden hals, met het volle gewicht aan één poot opgehangen worden tot je doodbloedt. De dieren kunnen hun eigen bloed inademen. De wetenschap zegt daarover: "Tijdens het verbloeden kan bloed in de luchtpijp en longen terechtkomen. Dieren die nog bij bewustzijn zijn, moeten dat als ernstig ongerief ervaren. Het voelt aan als stikken." Het gevoel te stikken in je eigen bloed. Bij herkauwers kan het zelfs gebeuren dat hun pensinhoud in de longen terechtkomt, er kan ademnood optreden of een plotselinge daling van de bloeddruk die de stress nog kan verergeren. Dit zijn allemaal factoren die het leed verlengen en erger maken. En dat allemaal terwijl wij in Nederland wetgeving kennen die bedoeld is om dieren deze pijn, angst en stress te besparen. Voorafgaande verdoving of bedwelming moet ervoor zorgen dat het dier in een fractie van een seconde zijn bewustzijn verliest, zodat hij de stress van fixatie, de pijn van het aansnijden en de paniek van de doodstrijd niet hoeft te ervaren. Op die wettelijke bescherming van slachtdieren is een uitzondering gemaakt voor het uitvoeren van religieuze rituelen. De Partij voor de Dieren vindt onverdoofde slacht niet te rechtvaardigen. Wij mogen dieren niet extra laten lijden omwille van religieuze opvattingen. De uitzondering op de wet, die dieren moet beschermen tegen onnodige pijn, stress en angst bij de slacht, moet worden opgeheven en dat is precies wat het initiatiefwetsvoorstel dat wij vandaag behandelen, doet en dat wordt tijd.

Dat dieren extra lijden als gevolg van het achterwege blijven van verdoving voorafgaand aan de slacht, staat vast. Toch horen wij vaak, binnen en buiten de Kamer, ook vandaag weer, mensen en groepen het tegendeel beweren. Een veelgehoord argument is: als het maar goed gedaan wordt, is rituele slacht geen probleem. Daarover het volgende. Op basis van de wetenschappelijke kennis -- dat is inclusief de rapporten die door tegenstanders van een verbod nog weleens worden aangehaald -- hebben verschillende groeperingen een oordeel geveld over de toelaatbaarheid van de rituele onverdoofde slacht. Dat zijn deskundigen op het gebied van dodings- en bedwelmingsmethoden. De Europese verenigde dierenartsen, de Britse Farm Animal Welfare Council, de Raad voor Dierenwelzijn in België en in ons eigen land de Raad voor Dierenaangelegenheden en de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde hebben allemaal geconcludeerd dat ritueel slachten zonder verdoving een onaanvaardbare aantasting van het dierenwelzijn oplevert. Zelfs de Europese voedsel- en warenautoriteit, die in opdracht van de Europese Commissie onderzoek heeft gedaan naar de dierenwelzijnsaspecten van dodings- en bedwelmingsmethoden, heeft geconcludeerd dat, gelet op de grote dierenwelzijnsrisico's bij onverdoofd slachten, er altijd bedwelming moet plaatsvinden voorafgaand aan de slacht.

In Nederland wordt door de Animal Sciences Group in Wageningen al geruime tijd onderzoek verricht op dit gebied. Aan een aantal Europese universiteiten zijn de afgelopen jaren soortgelijke onderzoeken uitgevoerd. De Nicolaas G. Pierson Foundation heeft deze wetenschappers, dé experts als het gaat om de effecten van de verschillende dodings- en bedwelmingsmethoden op het welzijn van het dier, gevraagd naar hun oordeel over de gevolgen van het slachten zonder verdoving. Hun oordeel is eensluidend: slachten zonder verdoving geeft een aanzienlijk groter risico op pijn, angst en stress bij de dieren. In een hoorzitting in de Kamer hebben wij beelden vertoond van onverdoofde slacht van koeien, schapen, geiten en kippen, voorzien van het commentaar van deze internationale experts. Op die manier hebben wij alle partijen in de gelegenheid willen stellen, zich goed te informeren over de wetenschappelijke stand van zaken ten aanzien van de welzijnsaantasting bij de onverdoofde slacht. Ook de moslim- en de Joodse organisaties waren uitgenodigd.

De Nederlandse expert op het gebied van slachtmethoden was aanwezig, evenals de voorzitter van de KNMvD. Aan hen hebben wij de stelling voorgelegd die wij ook vandaag weer hebben gehoord: dieren die op deze manier geslacht worden, zouden lijden omdat de omstandigheden niet optimaal zijn. Het ligt dus niet aan het achterwege blijven van de verdoving, zo luidt deze stelling, maar aan de omstandigheden in de slachterij: te veel dieren tegelijkertijd, slecht opgeleide mensen, te hoog slachttempo, te weinig toezicht. Wij hebben expliciet gevraagd: klopt dat, is het zo dat als je alle omstandigheden optimaal maakt, als je alles goed doet en er niets mis gaat tijdens de slacht, de aantasting van het dierenwelzijn te minimaliseren is als je de verdoving achterwege laat? Het antwoord was heel duidelijk: nee, dat klopt niet. Natuurlijk is er veel aan te merken op en nog te verbeteren aan de omstandigheden en het tempo in de slachthuizen. Maar al zou je alles goed doen, dan nog levert slachting zonder voorafgaande verdoving meer pijn, stress en angst op voor de dieren dan wanneer je ze eerst bedwelmt. Het moet mij van het hart dat partijen als het CDA hier wel erg hun eigen straatje staan schoon te vegen door nu allerlei voorstellen te doen voor verbetering in de slachthuizen en het terugdringen van het aantal onverdoofd geslachte dieren. Het zijn nota bene hun ministers geweest die de boel hebben laten zitten: overleg met de organisaties, het opheffen van de behoefteverklaring en het schrappen van toezicht in slachthuizen. Mensen, groeperingen en partijen die in het licht van dit debat de wantoestanden in slachterij in het algemeen naar voren brengen, doen dat toch vooral om de aandacht af te leiden van de vraag zelf. Is het te rechtvaardigen om dieren extra te laten lijden omwille van een geloofsovertuiging?

De Partij voor de Dieren vindt van niet. De vrijheid tot het uitvoeren van godsdienstige rituelen houdt op waar het lijden van mens of dier begint. Daarmee komen wij op de vraag of dit wetsvoorstel zich verhoudt tot de godsdienstvrijheid. Ja, dat is het geval. Het Europese hof heeft aangegeven dat een verbod op het onverdoofd ritueel slachten binnen de kaders van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens kan worden gezien en dat de vrijheid van godsdienst daarmee niet wordt aangetast. Nederland heeft tot nu toe zeer veel ruimte gelaten voor het onverdoofd slachten van dieren. Als uitzondering op haar eigen wettelijke bepaling, die dieren moet beschermen bij de slacht. In het Besluit doden van dieren, waarin deze uitzonderingsmogelijkheid is vastgelegd, heeft de wetgever nog gesteld dat de Nederlandse overheid zich ervoor zou moeten inspannen om het aantal onverdoofd geslachte dieren zoveel mogelijk te beperken. Maar het tegendeel is gebeurd. Waar eerst nog een behoefteverklaring nodig was voordat dieren onverdoofd mochten worden geslacht, is die verplichting losgelaten en blijkt ons land zelfs een exporteur te zijn geworden van vlees dat afkomstig is van onverdoofd geslachte dieren. Handel dus op basis van een uitzonderingsbepaling, over de ruggen van miljoenen dieren. Zoals gezegd, dit wetsvoorstel laat het kernrecht van de vrijheid van godsdienst in stand, zoals ook blijkt uit de eerdere uitspraak van het Europese hof. Daarbij komt dat opvattingen over de toelaatbaarheid van het lijden van dieren veranderen in de tijd. En ook tradities en opvattingen over de precieze uitleg van religieuze boeken zijn onderhevig aan voortschrijdende inzichten en veranderende moraal. Zo hoort het ook.

Ik wijs erop dat verschillende stromingen binnen de religieuze groepen het vooraf bedwelmen van dieren vinden passen bij de voorschriften van hun geloof. In de schappen van een niet nader te noemen grootgrutter in ons land kun je gecertificeerd halalvlees vinden, waarvan de fabrikant stelt dat de dieren zijn verdoofd. Daar liggen dus mogelijkheden. Dat laat onverlet dat ook onze eigen Grondwet ruimte laat voor het stellen van grenzen aan de vrijheid van godsdienst. Die vrijheid geldt namelijk ieders verantwoordelijkheid voor de wet. Ook de beperking van goede zeden laat een mogelijkheid omdat daar duidelijk opvattingen over de behandeling van dieren ruimte en een plaats kunnen krijgen. Tot slot. Overwegingen van politieke correctheid maakten dat lang werd vermeden om iets te zeggen over de onaanvaardbare manier waarop dieren ritueel worden geslacht. Ook op dit debat staat grote druk, getuige de brief die zelfs uit te Verenigde Staten aan een aantal fracties is gestuurd. Dat heb ik in de krant mogen lezen. Maar het beschermen van dieren is geen aanval op welke religieuze beleving of bevolkingsgroep dan ook. De kritiek op fois gras, het vetmesten van ganzen voor hun lever, wordt ook niet uitgelegd als een francofobe houding. Dieren hebben recht op de bescherming die wij wettelijk voor ze hebben geregeld. Het verdoofd ritueel slachten is inmiddels al in andere landen volledig geaccepteerd. Spanje, Luxemburg, Finland, delen van Oostenrijk, Zwitserland, Noorwegen en Zweden. Dit wetsvoorstel zou Nederland in dit rijtje plaatsen, en dat wordt tijd.