Bijdrage Ouwehand Debat wijziging ESM


22 mei 2012

Bekijk de bijdrage via debatgemist.nl.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter. "We gaan Nederland teruggeven aan de Nederlanders", dat was de grote ambitie van de VVD en de belofte van Mark Rutte toen zijn partij de grootste werd van Nederland. Maar het kan verkeren. Vandaag staat het gevallen kabinet-Rutte op het punt Nederland weg te geven aan de "Verenigde Staten van Europa". Want substantiële Nederlandse belangen en rechten worden overgeheveld naar een ondemocratische en oncontroleerbare instelling. Het ESM, een Europees stabiliteitsmechanisme, is bedoeld als permanent noodfonds om aanvallen vanuit de financiële markten op zwakke eurolanden te pareren. Een naïeve gedachte, omdat de meedogenloze financiële markten de omvang van de strijdkas, de strategie, de stemverhouding en de onenigheid tussen de verschillende landen kennen. Het is een dominospel dat niet gewonnen kan worden door overheden binnen de huidige werkwijze en ook niet met het ESM. Het is een permanent noodfonds voor een permanente crisis op kosten van de burger die deze crisis niet veroorzaakt heeft.

De Partij voor de Dieren heeft vanaf het uitbreken van de eurocrisis verklaard geen steun te verlenen aan het uitschrijven van ongedekte cheques door dit kabinet. Nu denkt een demissionair kabinet dat het zijn plaats is om miljarden aan Nederlands belastinggeld te storten in een fonds waar we geen zeggenschap over zullen hebben al het erop aankomt en om te tekenen voor 40 mld. in totaal, als dat al niet meer gaat worden. Controversiële zaken laat de Tweede Kamer na de val van een kabinet over aan een nieuwe Kamer, na verkiezingen en het aantreden van een nieuw kabinet. Veel controversiëler dan het opheffen van het budgetrecht, het recht van de volksvertegenwoordiging om in alle gevallen zelf te besluiten wat er met het Nederlandse belastinggeld gebeurt, krijg je het niet. Waarom wordt de afschaffing van de parlementaire democratie door dit demissionaire kabinet gesteund door partijen die zichzelf als hoeders van de democratie positioneren? Was dit nu de democratische vernieuwing die D66 voor zich zag?

Voor het eerst in de Europese geschiedenis, zo zegt Jürgen Habermas, maken we een afbraak mee van de democratie. Zou de burger daar niet iets over te zeggen moeten hebben? De Partij voor de Dieren was de eerste partij in deze Kamer die een referendum voorstelde over het ESM, maar we werden alleen gesteund door de SP en de PVV. Hoewel ook de PvdA vindt dat het ESM democratische tekorten vertoont en niet transparant is, vindt die partij, net als GroenLinks, D66, CDA en VVD, dat het noodfonds er zo snel mogelijk moet komen, zonder de burger te durven vragen of die het er wel mee eens is. Het ESM is de ultieme vorm van symptoombestrijding, de duurste fopspeen uit de geschiedenis, die de financiële markten heel even zoet moet houden. De bedenkers hebben leentjebuur gespeeld bij artikel 5 van het NAVO-handvest: een aanval op één, is een aanval op allen. Vertaald naar de situatie van de eurocrisis: is er een boot lek, dan is de vloot lek.

Wij zitten in dit schuitje en we zullen mee moeten zinken met Griekenland, Spanje, Portugal en Italië. De noordelijke lidstaten zetten eensgezind de hier opgebouwde pensioentegoeden en spaargelden in en beweren daarmee onze welvaart veilig te stellen en die van de zuidelijke lidstaten te herstellen, maar het tegendeel zal het geval blijken. De 700 mld. die om te beginnen het drijfvermogen van het ESM moet vormen, zal moeten worden uitgebreid, als het tegenzit. Prof. Weening zegt dat als Griekenland niet wordt gered, het ESM moet worden uitgebreid met 2500 mld. Wat zegt de minister van Financiën over die analyse?

De euro is het grootste monetaire experiment uit de geschiedenis en dat experiment loopt slecht af. De euro is ons verkocht door partijen die beloofden dat alle mensen broeders zouden worden met deze fantastische gezamenlijke munt, maar is een splijtzwam gebleken die Europa en alle burgers in een steeds knellendere wurggreep houdt. We zien en kennen de gevolgen, maar de geschiedenis herhaalt zich keer op keer. Eurofiele politici wilden de euro en hielden zich doof voor geluiden die erop wezen dat het een heel slecht plan is om een gedwongen financieel huwelijk aan te gaan met andere lidstaten. De pers stelde nauwelijks kritische vragen. Datzelfde zagen wij gebeuren bij de Europese grondwet, die er moest en zou komen. En ook nu worden kritische burgers niet gehoord en niet serieus genomen. Politici houden zich stil of vertellen sprookjes. Media werken mee aan het ophouden van de schone schijn door lange tijd geen aandacht te besteden aan het verdrag of door die sussende woorden over te nemen. We zien dat kritische burgers worden weggezet als simpele zielen die niet zouden weten waarover zij het hebben en die het vooral moeten overlaten aan de intellectuelen in Den Haag.

Het is de vraag hoelang de kiezers van GroenLinks, D66, Partij van de Arbeid, VVD en CDA in dit soort framing blijven geloven, nu de donkere kanten van een mislukt monetair experiment hun schaduw vooruitwerpen. Wat krom is, valt niet recht te praten. Het is een feit dat het ESM een verstrekkende werking heeft en dat de rekenkamers van Nederland, van andere Europese landen en van Europa meermalen aan de bel hebben getrokken over dit verdrag. Het ESM dat voorligt, is niet te controleren, niet democratisch en niet transparant.

Dat wordt ook wel toegegeven, maar een meerderheid in dit huis doet samen met de regering alsof er nog wel wat te veranderen zou zijn via moties of de zogenaamde by-laws. Deze zogenaamde reparatiewetten zouden achteraf de controle op het verdrag en op het ESM moeten regelen. Dat is alsof je een dure auto koopt die het niet doet, maar waarvoor je wel mag lappen en waarbij je dan mag vertrouwen op de blauwe ogen van de beunhaas die je belooft dat hij het heus wel in orde gaat maken, als je eerst maar alle rekeningen betaalt. Maar de burger trapt er niet in en wij zijn niet aangenomen om goedgelovig te zijn, maar om namens die burgers de machthebbers te controleren. Dat is in dit geval onmogelijk en dus zou de hele volksvertegenwoordiging zich unaniem tegen het ESM moeten keren.

Voorzitter. Ik rond af. Mensen zouden niet zoveel naar verontrustende ESM-filmpjes moeten kijken, zei minister De Jager een aantal malen in dit huis. Dan vraag ik mij af waar de filmpjes blijven waarin hij uitlegt dat het ESM wel democratisch, transparant en verantwoord zou zijn. Of is zo'n filmpje gewoon niet te maken? We zien dat de Nederlandse kiezer ongeïnformeerd en in vertwijfeling achterblijft, met het grote risico een aanzienlijk deel van zijn bezit kwijt te raken via een systeem waarvoor hij nooit heeft gekozen -- hij heeft de kans niet gekregen om daarvoor te kiezen -- en waarover hij ook niet goed en onafhankelijk is geïnformeerd. Partijen die zonder de burger te raadplegen dit ESM willen doordrukken, zullen op 12 september worden afgestraft voor hun onverantwoorde keuzes. Ik zeg dat zonder een spoor van vreugde of vermaak, want de Nederlandse burgers zullen de rekening gepresenteerd krijgen in de vorm van een ernstige verschraling van hun leefomstandigheden. Het grootste monetaire experiment uit de geschiedenis is mislukt en het ESM staat erop als een monument van politiek onvermogen en opportunisme.

[...]

Interrupties

De heer Koolmees (D66):

[...]

Dit noodfonds geeft dat signaal ook aan de financiële markten: Europa staat pal voor de euro en is bereid geld te reserveren om ervoor te zorgen dat de besmetting niet doorgaat. De hoofdlijnen van het verdrag zijn goed. De hoofdlijn over de unanimiteit bij beslissingen over het totale bedrag van het noodfonds is geregeld. Het feit dat de ministers van Financiën van de landen die 85% van het gestorte kapitaal hebben, moeten instemmen met steun, vormt een goede waarborg. De afspraken over conditionaliteit en de betrokkenheid van het IMF, waar mogelijk, zijn goed en noodzakelijk om het noodfonds echt te kunnen laten werken. Als wij dit op de lange baan schuiven, geven wij het signaal af dat het onzeker is of het noodfonds er komt. Dat lijkt mij op dit moment, in deze onzekerheid, een volstrekt verkeerd signaal.


Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dit kennen wij van D66. Ik geloof dat deze partij er een voorstander van is om alleen op hoofdlijnen te debatteren, maar wij hebben nu juist geleerd, ook van de commissie-De Wit, maar ik ken tal van andere voorbeelden, dat de duivel vaak in het staartje zit. Het is misschien een ongelukkige beeldspraak, want ik wilde mij net aansluiten bij de kritische vragen van de SGP. Vindt D66 het verantwoord om de mogelijkheid van 40 mld. waarover wij als het erop aankomt geen veto hebben, aan te gaan? De minister van Financiën heeft mooie woorden gesproken: ik ben natuurlijk voor betrokkenheid van het Nederlandse parlement. Ja, ik ben ook wel eens ergens voor, maar het staat niet zwart op wit. Vindt D66 dit nou echt verantwoord financieel beleid?


De heer Koolmees (D66):
Ik vind het verantwoord, ook omdat wij een keuze moeten maken. Het fonds moet er snel komen en moet daadkrachtig kunnen ingrijpen als er onzekerheid op de financiële markten is. Bij onzekerheid kun je niet heel lang wachten met ingrijpen. Dat betekent dat je een fonds moet hebben dat snel kan interveniëren. Als wij Malta de mogelijkheid geven om de besluitvorming over een ingreep te blokkeren, creëer je onzekerheid en maak je de problemen in de eurozone groter. Wij hebben dat in het verleden gezien bij Slowakije en bij discussies over Finland. 85% van het gestort kapitaal kan beslissen om in noodsituaties, alleen in noodsituaties, uit te keren. Bij besluitvorming over alle andere procedures, over de vaststelling van conditionaliteiten, worden de ministers van Financiën en daarmee ook de Tweede Kamer betrokken.

Duitsland draagt 27% van het totale bedrag bij: 190 mld. De heer Irrgang wees er al op dat drie landen wél een veto hebben: Duitsland, Frankrijk en Italië. Die landen leveren meer dan 15% en een heel grote bak met geld aan het noodfonds. Ze gaan echt niet zomaar geld overmaken als dat niet in het belang zou zijn van de stabiliteit van de hele eurozone.

De waarborgen in het verdrag, de hoofdlijnen, de conditionaliteit, de unanimiteit over de besluitvorming over de verhoging van het garantieplafond, zijn voor ons voldoende om de financiële markten een signaal te geven: hier staan wij voor, wij staan pal voor de euro.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Als ik het goed samenvat, is het geven van signalen aan de financiële markten voor D66 belangrijker dan goede controle, goede democratie en het vragen van een oordeel aan de burger. Als ik mij niet vergis, stonden deze constructie en dit verdrag niet in het programma van D66. D66 heeft ook altijd tegen moties gestemd waarin om een referendum over deze constructies werd gevraagd.

De heer Koolmees (D66):
Deze vraag heb ik eerder beantwoord. In 2009 had D66 voor de Europese verkiezingen een programma met: Europa ja. In ons programma staat dat wij een pro-Europese partij zijn. De toekomst van Nederland ligt in Europa en ligt in samenwerking met Europa. Wij vinden het ontzettend belangrijk dat de euro overeind blijft. De afgelopen jaren hebben wij gezien dat de hele eurozone last heeft van de onzekerheid op de financiële markten en het gevaar van besmetting van andere landen. Wij zijn verweven met elkaar. Daarom is het ook zo goed dat er zo'n noodfonds komt. Daarom is het goed dat er een beschermingsconstructie komt, dat wij voorkomen dat andere landen besmet raken, waardoor wij met z'n allen veel dieper in de problemen komen. Mevrouw Ouwehand heeft de vorige keer ook gevraagd of wij voor een referendum zijn. In ons verkiezingsprogramma staat heel helder dat wij een pro-Europese partij zijn. Ik vertegenwoordig mijn verkiezingsprogramma, ik vertegenwoordig mijn kiezers. Ik ben daarin de afgelopen twee jaar consistent.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Er staat volgens mij niet: we zijn zo pro-Europees dat als het er op aankomt, we het budgetrecht van het Nederlandse parlement willen inleveren.

De heer Koolmees (D66):
Dat doen we ook niet. We leveren het budgetrecht van het parlement niet in. We stemmen vanavond in met het storten van 4,6 mld. en een garantieplafond van 35,5 mld. Dat is het budgetrecht van de Kamer. Als het garantieplafond wordt verhoogd, moet de minister van Financiën weer naar de Tweede Kamer komen om er toestemming voor te krijgen. Dat is het budgetrecht en dat is ook met dit verdrag geregeld.

[...]

De heer Plassterk (PvdA):
Ik ben benieuwd naar het antwoord van de regering, maar denk dat de Kamer hoe dan ook zelf de verantwoordelijkheid zal moeten nemen om ze in een Kameruitspraak vast te leggen en mee te geven aan onze regering. Deze punten hebben er bijvoorbeeld betrekking op dat wat in het fonds gebeurt, zo veel mogelijk publiek moet worden gemaakt, dus moet worden gepubliceerd, ook online. Ook dient de controle door de zogenaamde "auditors" te worden verbeterd, bijvoorbeeld doordat de auditors een onafhankelijke onderzoeksbevoegdheid krijgen op het gebied van de naleving van het beleid, het rechtmatig gebruik van de middelen van het ESM, het zogenaamde "risicomanagement".

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter. Ik hoor de heer Plasterk namens de Partij van de Arbeid spreken over de zorgen van burgers, van de Algemene Rekenkamer en iedereen die er verstand van heeft. Ik ben wel een beetje benieuwd naar waar dit heen gaat. Zo kan ik het namelijk ook: alle zorgen benoemen, en dan aan de minister van Financiën vragen of hij deze herkent en of hij zich ervoor wil inspannen dat het zus en zo wordt geregeld. Zitten er voor de Partij van de Arbeid voorwaarden aan? De Kamer heeft namelijk eerder gezegd dat er parlementaire betrokkenheid moet blijven. Wij kregen daarop mooie woorden terug als "ja, dat vind ik ook belangrijk". Maar nu zien we dat Nederland, als het erop aankomt, geen veto heeft en dus buiten de beslissingen kan worden gehouden. Ik vraag de Partij van de Arbeid dus het volgende. Is er na alle vragen die de heer Plasterk gaat stellen en alle antwoorden die hij vandaag of morgen terugkrijgt, voor de Partij van de Arbeid nog een moment om dit toch niet te steunen, omdat zij geen garanties ziet, alleen maar beloftes? Of is de Partij van de Arbeid eigenlijk toch al om?

De heer Plasterk (PvdA):
Ik was daar nog niet aan toe, maar ik heb zojuist aangekondigd dat ik ook over de parlementaire betrokkenheid het een en ander aan de regering zal vragen. In deze Kamer stellen wij vragen aan de regering en wachten wij het antwoord af. Zo nodig doen wij als Kamer een uitspraak. Ik wil op dit punt alvast zeggen dat ik van mening ben dat wij als Kamer inderdaad in een uitspraak moeten vastleggen dat wij vinden wat de betrokkenheid van onze Kamer bij de werking van het ESM zou moeten zijn. Mijn antwoord is dus bevestigend: ja, ik vind dat we dat moeten vastleggen.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Goed, maar dat gaat dan over een uitspraak van deze Kamer, waarmee we naar Europa kunnen. En als het niet wordt geregeld -- en die kans is aanwezig -- zegt de Partij van de Arbeid dat ze dat hier in een motie heeft voorgesteld, daarvoor heeft gestemd, dat we allemaal hebben gezegd dat het Nederlandse parlement gewoon hierbij betrokken moet blijven. Maar als het niet lukt, dan is dat jammer; het was een inspanningsverplichting, geen resultaatverplichting.

De heer Plasterk (PvdA):
Met alle respect voor mevrouw Ouwehand: ik geloof dat er nu twee zaken door elkaar heen lopen. De eerste is de manier waarop wij in Nederland de parlementaire rol regelen in de opstelling van de regering ten aanzien van de werking van het ESM. Dat is aan ons. Wij kunnen daarover als Kamer uitspraken doen en die zijn bindend voor de Nederlandse regering. De tweede is de rol van Nederland binnen het werkingsmechanisme van het ESM. Op dat laatste punt is het duidelijk, ook uit de schriftelijke beantwoording, dat Nederland een vetorecht heeft bij handelingen van het ESM, tenzij er sprake is van een werkelijke noodprocedure en er risico is voor de hele EU-regio. Dan nog kan er slechts worden gehandeld indien minimaal 85% van de gewogen leden het daarmee eens is. Daarover is vorig jaar al gesproken en ik heb dat toen ook bepleit. Toen hebben wij gezien dat Finland in zijn eentje de hele procedure stil kon leggen. Wij hebben daarvan geleerd dat dat onwenselijk is.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik vraag de heer Plasterk om in zijn betoog, als hij al die zorgen langsloopt en die vertaalt naar vragen aan het kabinet, aan te geven of het voor de PvdA-fractie gaat om een inspannings- of een resultaatsverplichting. Met andere woorden: is het nog mogelijk dat de PvdA-fractie nee zegt tegen dit ESM-verdrag? Mag dat duidelijk worden uit de rest van het betoog?

De heer Plasterk (PvdA):
Ik heb in de beantwoording op de vorige vraag al aangegeven dat het daar juist om gaat. Het Nederlands parlement is verantwoordelijk voor de wijze waarop het hier intern wordt geregeld. In dat verband is het vanzelfsprekend dat dat een harde voorwaarde is die wij verbinden aan onze instemming. Op het punt van de rol van Nederland in het geheel van Europa kan het Nederlands parlement niet anders dan meegeven aan de Nederlandse regering wat de opstelling zou moeten zijn.

[...]

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik hoorde de VVD-fractie eigenlijk vragen: minister van Financiën, wij krijgen zo veel mailtjes van verontruste burgers en dat is heel vervelend, want straks stemmen ze niet op ons; wilt u dus alstublieft uitleggen dat de burgers ongelijk hebben? Eigenlijk zegt men: iedereen is gek, behalve wij. Als de minister van Financiën dat uitgebreid gaat doen, wil ik daaraan de voorwaarde toevoegen dat duidelijk wordt wat de inzet is, wat de wens is van Nederland. Wij willen betrokkenheid van het parlement, wij willen eigenlijk geen situatie waarin wij geen mogelijkheid hebben om te beslissen in noodsituaties. Kan de minister dat garanderen of niet? Als wij dit spelletje gaan spelen, vind ik dat wij deze vraag aan het kabinet moeten stellen, opdat de burger eerlijke informatie krijgt.

De voorzitter:
En wat is uw vraag aan de heer Harbers?

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Of hij, als hij zo'n uitgebreid betoog van de minister van Financiën vraagt, het met de PvdD eens is dat het compleet en eerlijk moet zijn, inclusief eventuele wensen van Nederland en mogelijkheden tot wijziging van het verdrag als wij het morgen ratificeren.

De heer Harbers (VVD):
Ik heb mijn betoog gehouden zoals ik dat heb gehouden. Ik constateer dat mevrouw Ouwehand vergeten heeft om vragen aan de minister te stellen. Dat ga ik voor haar niet oplossen. Op de voorbeelden die ze geeft, ben ik in mijn betoog uitvoerig ingegaan: ja, wij zijn betrokken en wij hebben wensen, maar wij hebben ook in vrijwel alle gevallen ons vetorecht, tenzij er sprake is van zo'n noodsituatie dat er binnen een etmaal beslist moet worden. Die situatie hebben wij echter nog niet aan de hand gehad. Ik vermoed dat alle landen indringend kijken naar elkaars wensen, in de wetenschap dat ze allemaal een vetorecht hebben. Het zal dus naar ieders wens moeten worden gemoduleerd.

Tweede termijn

Bekijk hier de tweede termijn op: debatgemist.nl.

Beantwoording door de Minister van Financiën
Bij de reguliere procedure kan Nederland die minderheid zelfs in z'n eentje vormen. Ik begrijp wel dat met een extreem forensische of negatieve bril op kritische vragen worden gesteld, en dat is ook terecht, maar dit betreft nou precies wat het parlement aan de Nederlandse regering heeft gevraagd: het noodfonds moet wel slagvaardig zijn. Ik weet nog dat de heer Plasterk daar expliciet naar heeft gevraagd. Bij het IMF wordt dit soort procedures ook gevolgd. Daar is ook de heer Dijkgraaf tot nu toe niet over gevallen. De noodprocedure bij het ESM, besluiten bij een meerderheid van 85%, is gelijk aan de reguliere procedure van het IMF. Ook bij het IMF wordt over het Nederlandse geld beslist. Dat is belangrijk omdat wij zo aan de markten kunnen laten zien dat wij deze crisis slagvaardig kunnen bestrijden. De afgelopen twee jaar heeft de Kamer een minister van Financiën gezien die als een bok op de haverkist zit, en zo zal het ook straks zijn. Dat kan ik de heer Dijkgraaf toezeggen. Wij zien die waarborgen. Wij hebben hier goed naar gekeken en dat blijven wij doen.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dat dit demissionaire kabinet nu last heeft van bangmakerij, terwijl het zelf de burger de stuipen op het lijf heeft gejaagd door de miljardenbezuinigingen erdoor te drukken met de stelling dat wij anders in Nederland slecht af zouden zijn, zou je vermakelijk kunnen noemen.

Maar ik vind het niet zo vermakelijk, want het stoort me een beetje. Wat me ook stoort, is dat de minister van Financiën denkt dat hij een valide argument heeft als hij zegt "maar we doen het op een aantal terreinen al op deze manier". Het onvermogen om kritische vragen te stellen over de manier waarop we dingen doen en dat doen op basis van het argument "zo doen we het al, laten we nog maar een stapje verder gaan" vormen de bron van veel foute beslissingen. Mijn vraag is de volgende. De demissionaire minister van Financiën wil na het voorzetje van het VVD alle misverstanden de wereld uit helpen. Is hij bereid om eerlijk te zeggen: als het erop aankomt, dan verliezen we ons vetorecht over de besteding van die 40 mld.? Is hij bereid om dat te zeggen zonder omhaal van woorden, zonder het argument dat dit alleen maar in noodprocedures en alleen maar zorgvuldig gebeurt? Daar kopen we niks voor! Waar komt het op neer? Als het erop aankomt, zijn we ons veto kwijt over de besteding van die 40 mld.

Minister De Jager:
Zoals ik al zo vaak heb gezegd, is dat binnen die 40 mld. inderdaad het geval. Dat is echter gebeurd op uitdrukkelijk verzoek van dit parlement, met de bedoeling om het noodfonds slagvaardig te maken. Maar er kan geen euro meer worden uitgegeven of gecommitteerd zonder de expliciete instemming van dit parlement. In de tussentijdse stappen zijn er ook heel veel waarborgen. Bij andere internationale instellingen gebeurt dit al decennia. Ik zou niet willen weten hoe de wereld er op dit moment had uitgezien en hoe laag de welvaart van de samenleving en de zorg voor de natuur en dieren zouden zijn als wij instellingen niet de ruimte hadden gegeven om de economie op peil te houden. Hoe zou de wereld er hebben uitgezien als wij bij het IMF iedere lidstaat in de wereld het vetorecht hadden gegeven over een reddingsoperatie? Dat zou niet de luxewereld zijn waar we op dit moment in verkeren.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dat is dan toch wel grappig. De minister van Financiën moet zich in het zweet werken om dit te kunnen verdedigen in de richting van de burgers zodat de partijen die dit steunen, straks ook nog wat stemmetjes krijgen en komt met compleet onderbouwde stellingen dat de wereld voor dieren en natuur er slechter uit zou zien als we overal vetorechten hadden. Maar goed, dat laat ik even. Ik constateer hier dat de minister van Financiën precies één seconde bereid is om te zeggen "ja, het komt er wel op neer dat we ons veto kwijt zijn en dus het laatste woord opgeven voor die besteding van 40 mld". Vervolgens probeert hij snel met heel veel wol en heel veel woorden de aandacht af te leiden van het feit waar de discussie over gaat, waar mensen zich zorgen over maken en waar mensen in het land van zeggen "40 mld., het is nogal wat; ik moet de broekriem aanhalen en ga bezuinigen". Hij wijdt daar precies één seconde aan en probeert het vervolgens meteen weer te verdedigen met naar mijn mening niet-valide argumenten. Ik stel hier vast dat de minister van Financiën, die misverstanden uit de weg wil hebben, dit ene belangrijke punt zo snel mogelijk weer laat ondersneeuwen.

Minister De Jager:
Het debat gaat hier nu al een uur over. Mevrouw Ouwehand heeft het niet juist verwoord. Het geldt niet onder alle omstandigheden, wij hebben alleen geen vetorecht in bijzondere omstandigheden. Ik wijs erop dat dit is gebeurd naar aanleiding van een bewust verzoek van dit parlement. Dat wordt er nu eventjes niet bij gezegd. Wij hebben gehoor gegeven aan het verzoek van dit parlement, omdat we anders geen slagvaardig fonds zouden hebben. Het gaat om de slagvaardigheid van het fonds, het gaat erom dat niet iedere lidstaat dat in het extreme geval zou kunnen gijzelen terwijl er heel veel urgentie is. Dat vergt moeilijke beslissingen. Nogmaals, wij gaan met het voorstel dat hier voorligt zelf over het bedrag als zodanig. Daarmee kan deze Kamer instemmen. De fractie van de Partij voor de Dieren zal dat waarschijnlijk niet doen, maar het is het parlement dat hier uiteindelijk in meerderheid over beslist. Als dan een fractie wordt overstemd, is dat een democratisch gebeuren.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Het is precies wat ik gevraagd heb. Ik heb niet gezegd "in alle gevallen". Ik heb gevraagd: is de conclusie juist dat als het erop aankomt, wij onze zeggenschap kwijt zijn? Ja, dat klopt. De minister van Financiën gaat zich vervolgens meteen verschuilen achter het parlement en achter allerlei andere dingen. Hij zegt: het parlement heeft het me gevraagd. Als deze Kamer besluit om dit toch te behandelen, dan wil de burger horen, ook van een demissionair minister van Financiën, dat wij dáárover vandaag de knoop doorhakken. Dat moet hij niet onder zoveel niet-valide argumenten wegstoppen.