Bijdrage Ouwehand Debat extra Europese Top


23 mei 2012

Bekijk de bijdrage via debatgemist.nl


Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter. Het woord "onverantwoordelijk" valt de laatste tijd nogal eens in dit huis. Als je niet meewerkt aan ondoordachte bezuinigingsmaatregelen, zou je onverantwoordelijk bezig zijn. Je zou dat ook zijn als je bijvoorbeeld het ESM-verdrag niet steunt, zoals de PvdA gisteren uitte. Wat de Partij voor de Dieren onverantwoordelijk vindt, is de houding van Europa tegenover onze economie, tegenover de twee productiefactoren die essentieel zijn om een economie draaiende te houden: menselijk en natuurlijk kapitaal. Deze zijn belangrijker dan geld, maar inmiddels de stiefkinderen van economie en politiek.

Als sinds het uitbreken van de bankencrisis wordt rücksichtslos bezuinigd met het menselijk kapitaal als direct slachtoffer. Na de economie in heel Europa kapotbezuinigd te hebben, met als gevolg een nieuwe recessie, moet nu ingezet worden op groei. De Europese leiders bespreken dat vanavond tijdens een informeel diner. Want groeien zal onze economie. Groei moet koste wat kost. De consumentenbestedingen moeten omhoog, want anders stort ons hele systeem in elkaar. Zo worden we bang gemaakt. Ik vraag de minister-president waar de grondstoffen vandaan komen om oneindige groei te faciliteren. Ik krijg graag een serieus antwoord op deze vraag. Vorige week verscheen het nieuwe Living Planet Report van het Wereld Natuur Fonds. De belangrijkste conclusie daarin is dat we bijna drieënhalve aardbol nodig hebben als iedereen in de wereld zou leven zoals we in Nederland en Europa doen. Die aardbollen zijn er niet. Het enige wat niet gaat groeien, is de aarde. We zullen onze economie dus binnen de grenzen van de draagkracht van de aarde moeten brengen, en snel ook. Dat kan. We hoeven er alleen maar voor te kiezen. De beste manier om dat te doen begint bij kleine dingen. De minister-president kan vanavond starten. Als we bijvoorbeeld kleine dingen veranderen in ons eetpatroon, kunnen we grote winsten boeken. Die zijn gratis.

Een andere manier om veel milieuwinst te boeken en direct de innovatie en de duurzame economie te stimuleren, die we zo hard nodig hebben, is het afschaffen van milieuvervuilende subsidies: 5 tot 10 mld. per jaar structureel. De minister-president moet er een beetje om lachen, maar ik meen dat dit bedragen zijn die hij best wel in zijn zak zou willen houden. Als dat anders is, dan hoor ik het graag. Het is een structurele besparing als we stoppen met het subsidiëren van de fossiele, verouderde economie en we de prijsprikkels gaan inzetten die een nieuwe economie kan aanjagen.

Voorzitter: Bosma

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter. Naast "onverantwoordelijk" is "solidariteit" een woord dat we veel tegenkomen in de Europese context om recht te praten wat krom is. Immers, hoe solidair is het om voor de Europese overconsumptie en voor onze agressieve exportstrategie beslag te leggen op 14,5 miljoen ha landbouwgronden in landen buiten Europa? Die zijn niet van ons. Hoe solidair is het om willens en wetens te blijven bijdragen aan klimaatverandering, waarvan we weten dat vooral de zuidelijke landen er slachtoffer van worden? We hebben het dan niet over Griekenland, Spanje en Portugal, maar over Afrika, Azië en de kleine eilandstaten. Hoe solidair is het om gesubsidieerd de zeeën leeg te blijven vissen en om onze bio-industrieoverschotten te blijven dumpen op de wereldmarkt? Hoe solidair is het om boeren in ontwikkelingslanden kapot te concurreren en hen zo de kans op een menswaardig bestaan te ontnemen? Hoe solidair is onze agressieve exportstrategie, die niet alleen Griekenland in deze crisis heeft geholpen, maar die ook Colombiaanse uienboeren en Ghanese kippenboeren het brood letterlijk uit de mond stoot?

Er ligt in Europa 50 mld. per jaar voor het oprapen als we maar durven om onze vernietigende landbouw- en visserijsubsidies per direct aan te pakken. Dat zal tegelijkertijd een milieuwinst realiseren en dus ook een besparing op de uitgaven op langere termijn, waarvan de economische waarde een veelvoud vormt van het nu over Europese boeren uitgestrooide bedrag.

We moeten die 50 mld. gebruiken om de landbouw om te vormen tot een bedrijfstak die op eigen benen kan staan en die ons van gezond voedsel voorziet waarvoor we een normale prijs betalen. Geen subsidies dus voor de vee-industrie inclusief de melkveehouderij en geen subsidies voor het uitputten en vergiftigen van onze landbouwgronden met kunstmest en landbouwgif. Het gaat om kwaliteitsproductie voor een reële prijs, zodat boeren een goede boterham kunnen verdienen zonder dat zij in de benen worden gehouden met subsidies.

De staatsschuld moet omlaag, zo zegt deze minister-president andere Europese leiders na. Die mening deelt de Partij voor de Dieren. Veel belangrijker is echter dat we onze groene staatsschuld reduceren tot nul. De kosten van de ecologische crisis die wij veroorzaken door de blinde focus op een smal gedefinieerde economische groei, zijn gigantisch en onhoudbaar. Het verlies aan biodiversiteit zal de Europese Unie 450 mld. per jaar kosten en dat is nog maar één post op de balans van de aarde.

Voorzitter, ik zie dat ik moet afronden. Ik roep de minister-president op om vanavond het gesprek te laten gaan over de kritische factoren en de basisvoorwaarden voor een gezonde economie. Als we het tij nu niet keren, zijn de huishoudboekjes misschien één of twee maanden op orde, maar is de rekening die we presenteren aan toekomstige generaties onbetaalbaar. Ik geloof toch dat deze minister-president dat niet op zijn geweten wil hebben.

Interrupties

De heer Dijkhoff (VVD):
De echte groei zit in een andere lijst, van concrete maatregelen.
Concrete plannen die zo uitvoerbaar zijn, leveren veel op. Ik noem ze. 1. Stop het kortzichtig protectionisme en het tegenwerken van bedrijven door lidstaten. 2. Breid de dienstenmarkt uit. 0,7% economische groei voor heel Europa ligt klaar. 3. Open de digitale interne markt. Dat levert nog eens 0,8% groei voor heel Europa op. 4. Versnel de uitvoering van de Europese voorstellen die gericht zijn op groei en het verlagen van de regeldruk voor ondernemers. Dat levert naar schatting 12 mld. op. 5. Hervorm het Europees budget. Bouw de landbouwsubsidies af. Daarin zitten enorme bedragen die, door de manier waarop deze nu worden ingezet, de innovatie afremmen. Het is zot om eerst de miljarden en miljarden van de Europese begroting te laten liggen en om vervolgens te gaan zeuren om een investeringspotje.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik zou graag zien dat de VVD een keer een keuze maakt. Als het debat over Europa en de Europese verkiezingen gaat, horen wij keurig dat de landbouwsubsidies moeten worden afgebouwd, maar als wij in achterafzaaltjes in deze Kamer, als de pers niet meekijkt, spreken over de Nederlandse inzet bij de hervorming van het Europese landbouwbeleid, dan zegt de VVD-fractie bij monde van de woordvoerder landbouw dat de subsidies intact moeten blijven.

Ik vind het een erg goedkoop praatje voor de bühne om te zeggen dat die 50 mld. moet worden afgebouwd als je dat op andere momenten, als er niemand meekijkt, tegenhoudt.

De heer Dijkhoff (VVD):
In neem aan dat mevrouw Ouwehand met "achterafzaaltjes" onze gewaardeerde commissiezalen bedoelt waar wij algemeen overleg voeren. Ik ben daar niet altijd bij. Ik kan mij echter niet voorstellen dat daar iets wordt gezegd wat afwijkt van de lijn van de VVD. Die komt duidelijk in debatten tot uitdrukking en ook in allerlei moties die worden ingediend. De meest recente is de motie-Lucas waarin wordt opgeroepen tot meer innovatie ten koste van de landbouw- en cohesiefondsen. Volgens mij is dit een helder verhaal.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Volgens mij niet. Ik hoor de woordvoerders Europese zaken inderdaad wel zeggen dat wij daarmee moeten ophouden, maar als ik de landbouwwoordvoerder van de VVD daarop dan aanspreek, zegt zij dat het geen subsidies zijn, maar vergoedingen voor verricht werk. De moties van de oppositie die zijn gericht op het afbouwen van de landbouwsubsidies, worden nooit door de VVD gesteund. Geef dat toe of houd hier een ander verhaal.

De heer Dijkhoff (VVD):
Het doet mij deugd te horen dat mevrouw Ouwehand wel blij is met mij. In de praktijk zijn de landbouwsubsidies en het budget zo groot, dat daarin ontzettend veel verschillende zaken zijn begrepen. Een aantal zaken heeft nut, want die zijn een rechtstreekse vergoeding voor een functie die een boer vervult in het kader van bijvoorbeeld landschapsbeheer. Dat is iets anders dan al die protectionistische en innovatieremmende zaken die gemakkelijk kunnen worden geschrapt en verminderd, en die het agrarisch bedrijf juist niet belonen voor innovatie waarin onze Nederlandse boeren nu juist zo goed zijn.

[...]

De heer Plasterk (PvdA):
Ik sluit helemaal niet uit dat het geld voor landbouwbeleid kan worden aangewend voor landbouwgebieden in Griekenland, bijvoorbeeld om zonne-energieprojecten te starten of anderszins, want dan snijdt het mes aan allerlei kanten.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ook ik heb een vraag over de landbouwsubsidies. De PvdD vindt dat die inderdaad moeten worden afgebouwd, want deze post op de Europese begroting van 50 mld. per jaar is belachelijk. Wij vinden wel dat boeren moeten worden geholpen bij de hervorming van de landbouw, zodat ze op eigen benen kunnen staan en waardoor sprake is van kwaliteitsproductie waardoor ze een goede boterham kunnen verdienen, terwijl er ook een eerlijke prijs in de markt wordt betaald. Zover zijn wij echter nog niet. In eerste aanleg stellen wij voor om die 50 mld. zodanig aan te wenden dat de landbouw een sector wordt die niet inteert op het natuurlijk kapitaal, een sector die het milieu niet belast en die de natuur niet vernietigt, waardoor daar weer andere subsidies tegenover moeten staan om een en ander te herstellen. Erkent de PvdA dat dit de route zou moeten zijn en dat je niet zomaar een hap uit de kas kunt nemen, omdat het bestaande systeem dan in tact blijft, waardoor er niets verandert aan de vernietiging van natuur en milieu en waardoor er ook niet wordt meegewerkt aan het op eigen benen laten staan van de landbouwsector?

De heer Plasterk (PvdA):
Mevrouw Ouwehand neemt het nu op voor de landbouwsubsidies. Dat is interessant, maar wat mevrouw Ouwehand bepleit, namelijk het hervormen van de landbouwsector, wordt al jaren gepreekt. Wij zijn daar allemaal voor. Je kunt er ook moeilijk bezwaar tegen maken. Ik zou het op zich echter niet zo bezwaarlijk vinden als er onder druk van deze crisis iets meer stappen zouden worden gezet en als een aantal bestemmingen van landbouwsubsidies zouden worden verlegd naar projecten in de agrarische regio's in een aantal zuidelijke lidstaten.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik vind het flauw dat de heer Plasterk doet alsof ik het opneem voor de landbouwsubsidies. Ik stel expliciet dat je die zak met geld ter waarde van 50 mld. moet gebruiken om dat bedrag op termijn juist niet elk jaar uit te geven. Wij vinden dat de sector moet worden hervormd, zodat die op eigen benen kan staan. Als de PvdA het daarmee eens is, dan ben ik blij dat dit de uitkomst van ons interruptiedebatje is.

De heer Plasterk (PvdA):
Eens daarmee.

Beantwoording door de minister-president

Minister Rutte:
Ik had nog een paar vragen liggen. Ik was net aangekomen bij de Partij voor de Dieren.

[...]

Minister Rutte:
De vraag betrof de grondstoffen. Waar moet het vandaan komen. Zonder hier een heel debat in te gaan over duurzaamheid en het milieu kan ik de mevrouw van de Partij voor de Dieren verzekeren dat wij er als kabinet uiteraard alles aan doen om ervoor te zorgen dat groen en groei, zoals dat hoort bij een centrumrechts kabinet, hand in hand gaan. Tegelijkertijd proberen wij oplossingen te vinden voor de grote vraagstukken van de toekomstige energievoorziening, met het opraken van de fossiele brandstoffen en de belasting van het milieu. Ik denk bijvoorbeeld ook aan Rio+20, waar dadelijk 60.000 mensen heen vliegen. Ik zal de voetprint daar met 1/60.000ste verminderen door er niet heen te gaan. Zo proberen we op alle mogelijke manieren met praktische oplossingen te komen om de problemen aan te pakken.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik heb die vraag natuurlijk gesteld omdat in het eerste hoofdstuk van alle economieboeken genoemd is wat de productiefactoren zijn waarop een economie draait. Dat zijn primair menselijk kapitaal en natuurlijk kapitaal, terwijl geld pas een afgeleide is. De minister-president gaat vanavond alleen maar over de centen zitten praten en doet alsof wat wij nodig hebben voor onze economie -- natuurlijk kapitaal -- uit een soort voorraadkast komt die zichzelf altijd maar blijft vullen. Dat geloof is desastreus. Ik zou hem dan toch willen vragen om wat concreter te worden. Wij hebben interruptiedebatjes gehad over de landbouwsubsidies. Er zijn activiteiten in onze economie en de manier waarop wij consumeren, vooral de hoeveelheid, waarvan wij kunnen zien dat wij dat niet gaan volhouden. Kan de minister-president aangeven dat hij daarvoor vanavond ook aandacht zal vragen?

Minister Rutte:
Niet vanavond maar in algemene zin hebben wij daarvoor natuurlijk aandacht. Maar vanavond, met 27 mensen aan tafel, mag je blij zijn als je een aantal belangrijke speerpunten kunt benoemen en als je ook kunt ingaan op de opvattingen van anderen. Ook hier geldt schaarste, maar dan van tijd.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Kan de minister-president dan aangeven hoe lang hij denkt dat wij dat dan gaan volhouden, als wij de natuurlijke hulpbronnen blijven zien als iets waaraan wij toekomen wanneer wij het even met de centen hebben geregeld? Hoe lang denkt hij dat het nog kan doorgaan dat wij driekwart van het jaar nodig hebben om onze hele jaarvoorraad aan natuurlijke hulpbronnen op te maken, en dat jaar na jaar na jaar?

Minister Rutte:
Ik ben het niet eens met die tegenstelling tussen geld en natuurlijke hulpbronnen. Volgens mij ligt dat allemaal in elkaars verlengde. Ik behoor tot diegenen die ervan overtuigd zijn dat Nederland veel economische groei zou kunnen ontlenen aan het vinden van een antwoord op de vraagstukken van het eindig zijn van de voorraden aan fossiele brandstoffen, mits wij dat slim doen. Ik ben ook niet voor consuminderen of het idee dat wij met ons allen de verwarming een graadje lager moeten zetten. Ik geloof dat Nederland daaruit met een heel positieve, innovatiegedreven agenda met onze goede universiteiten en ons bedrijfsleven een enorm voordeel kan halen.

De voorzitter:
Afrondend, kort, mevrouw Ouwehand.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Afrondend, wil ik nog even iets zeggen over Rio. Als de minister-president zelf gaat en hij laat de twee staatssecretarissen thuis, bespaart hij één dure hotelkamer en een vliegticket, dus dit is de laatste kans. Jongeren hebben hem meermalen opgeroepen om te gaan. Daar zijn 130 wereldleiders. Als hij meent wat hij zegt, dat de Nederlandse regering zich hier echt voor inzet, niet vanavond maar op andere momenten, dan moet hij naar Rio.

Minister Rutte:
Ik kan mevrouw Ouwehand verzekeren dat de Nederlandse regering zeer nauw betrokken is bij de voorbereidingen van Rio+20. Ik heb daar afgelopen maandag nog uitvoerig over mogen spreken in een bilateraal gesprek met de secretaris-generaal van de Verenigde Naties. Wij zijn er volop mee bezig, maar de twee staatssecretarissen wegen opgeteld even veel als ik, dus het zou niets helpen als ik één thuislaat.

Tweede termijn

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter. Energiebedrijven proberen mensen te helpen om hun energierekening in toom te houden en voeren campagnes om duidelijk te maken wat je kunt doen om wat gas te besparen. Het viel niet zo op, maar tussen neus en lippen door zei deze demissionaire minister-president, die eerst nog een groenrechtse agenda had, echter dat hij niet gelooft in het een graadje lager zetten van de verwarming. Dan ben je dus letterlijk en figuurlijk wereldvreemd.

Ik heb één motie. We hebben al heel vaak gesproken over de landbouwsubsidies. Ik wil de VVD de gelegenheid geven om vandaag een positie in te nemen waarvan ze de volgende keer niet meer zal wegdraaien.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat er in de Europese Unie jaarlijks bijna 50 mld. wordt uitgegeven aan landbouwsubsidies;

verzoekt de regering, in te zetten op een verlaging van de landbouwsubsidies,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Ouwehand en Braakhuis. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 635 (21501-20).

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter. Ik begin ooit het vertrouwen nog eens in de groenrechtse plannen van de VVD te verliezen. Wie niet in de gaten heeft dat je geen economie kunt draaien zonder natuurlijke hulpbronnen, heeft echt ontzettend veel bij te leren. Dus als deze minister-president, nu demissionair, de lijst gaat trekken voor de VVD, dan zou ik hem willen adviseren om in de tussentijd nog even wat huiswerk te doen.