Bijdrage Ouwehand AO Kier­be­sluit Haring­vliet­sluizen


28 juni 2011

De heer De Mos (PVV): We kiezen voor Nemo en zijn vriendjes en daarmee wordt de vis duur betaald.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Er wordt gesproken over het uitsterven van de paling. Er is discussie over de vraag wat nu precies het ergste is: het opvangen of het feit dat die dieren niet goed kunnen migreren. Ik begrijp dat de PVV zich voortaan zal onthouden van termen als "onze palingvissers" en "we moeten niet overgaan tot een verbod"?

De heer De Mos (PVV): Volgens mij is de kier niet het enige wat nodig is om de paling doorgang te verlenen. Volgens mij is dat dus een beetje kort door de bocht. Maar goed, ik kan mij ook vergissen.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Dat kan de heer De Mos zeker. Maar we laten het hier even bij.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. Ik begin maar even met wat ik heel vaak hoor zeggen over dit kabinet. Mensen zeggen vaak tegen mij: dit is echt een kabinet van koekenbakkers. Als je kijkt naar dat regeerakkoord! Wat zij willen, dat kan toch allemaal niet! Nu houd ik best van een koekje, maar ik denk dan altijd: jullie hebben gelijk. Er staan allerlei prachtige, goudomrande beloften in, waarvan je, als je ook maar een beetje kennis van de betreffende dossiers hebt, moet vaststellen dat het heel erg lastig wordt. Het vervelende is alleen dat bij veel van die maatregelen pas nadat het kabinet allang weer wat anders aan het doen is -- als iedereen een duurbetaalde post bij een commerciële bedrijf heeft of wat er dan ook gebeurt als je geen bewindspersoon meer bent -- blijkt dat het inderdaad een kabinet van koekenbakkers was. Dat vind ik zo vervelend.

Wat ik nu zo verheugend vind aan het debat van vandaag, is dat het kabinet binnen een jaar moet toegeven dat het wel heel stoer had beloofd dat het Haringvliet gewoon lekker dicht zou blijven, maar dat dit natuurlijk helemaal niet kan. Dat zou namelijk heel erg veel geld gaan kosten, omdat het kabinet handtekeningen heeft gezegd. De Eerste Kamer, onder aanvoering van de Partij voor de Dieren, heeft het kabinet opgedragen om die sluizen toch op een kier te zetten. Juridisch onderzoek van de fractie van D66 wijst het kabinet pijnlijk op de onmogelijkheid. Kortom, de belofte die het kabinet heeft gedaan, wordt nu toch maar teruggedraaid. Dat zou ik eigenlijk ook bij de andere valse voorstellingen van zaken van het regeerakkoord willen zien. Maar goed, we beginnen dus vandaag met het Haringvliet. Daar ben ik blij mee.

Ik wil heel graag weten wat dit grapje nu precies gekost heeft. Ik heb laatst aan staatssecretaris Bleker ook al soortgelijke vragen gesteld. Hij zegt: mevrouw Ouwehand lijkt de indruk te hebben dat we hele afdelingen hebben die zich bezighouden met de vraag hoe wij ons Europa van het lijf houden, en dat is natuurlijk niet waar. Maar ja, als hij dat zegt, ga ik natuurlijk denken: jawel dus, er zijn dus kamers waar mensen in zitten die dat werk doen. Ook deze staatssecretaris heeft natuurlijk veel tijd gestoken in het overleg met buurlanden om te kijken of hij onder de afspraak uit kon komen. Dat mag, maar dan moet je wel eerlijk zijn en aangeven hoeveel tijd dat kost, ook qua ambtenareninzet. Dat geldt zeker voor een kabinet dat zegt: het kan wel een stukje minder met die overheid. Dus hoeveel heeft het nu gekost om te doen alsof we die sluizen dicht zouden houden, terwijl ze nu toch open gaan? Dat is de concrete vraag.

De verbazing is natuurlijk enorm. Ik heb hier een prachtig krantje voor me waarin antwoord wordt gegeven op vragen als: waarom is de vismigratie zo belangrijk? Dan wordt er gesteld: populaties van trekvissen in het stroomgebied van Rijn en Maas zijn in de afgelopen eeuw dramatisch achteruitgegaan of zelfs geheel verdwenen. In internationaal verband zijn afspraken gemaakt om de oorzaken aan te pakken. We hebben geïnvesteerd in waterkwaliteit, blablabla. En de laatste grootste barrière bevindt zich in het Haringvliet. Dat is dan een krant die is uitgegeven door Rijkswaterstaat. Het staat er gewoon nog op: juli 2010. En niet lang daarna moet datzelfde Rijkswaterstaat dus van dit kabinet terugkomen van zijn eigen bevindingen en een onderzoek gaan doen. Dat wekt gewoon verbazing. Nogmaals, ik hoor graag welke kosten daarmee gemoeid zijn.

Ik heb ook een paar vragen over het huidige voorstel van het kabinet. Hoe zit het met die 6 mln. die we dan tekort zouden komen? Ik zie dat die post gedekt zou moeten worden uit het beschikbare budget voor de Kaderrichtlijn Water. Dat lijkt me niet. We gaan die KRW al uitsmeren tot 2027 als het aan dit kabinet ligt, en flink bezuinigen. En dan zou die post dus nog verder moeten worden uitgekleed! Ik denk dat daar ook "afspraak is afspraak" in het gedrang komt. Bovendien zien we dat voor het alternatieve plan voor de Hedwigepolder, waarvan ook zal blijken dat het niet kan, er ineens wel een grote pot met geld ergens uit de lucht komt vallen. Ik zou zeggen: haal die 6 mln. uit dat potje. Dat is een concrete oproep aan de staatssecretaris. Verder zou ik zeggen: ga vooral door op de ingezette weg. Wees gewoon duidelijk over wat niet kan, ook als je zelf nog aan de macht bent. Dat is wel zo eerlijk. Ik zie de komende periode eigenlijk met steeds meer hoop tegemoet.

Staatssecretaris Atsma: Behalve door mevrouw Ouwehand is er niet echt inhoudelijk op ingegaan, maar er is te weinig geld. Er moet dus extra geld bij. Het kabinet heeft gezegd dat als we dit besluit nemen, we dat extra geld halen uit het budget van de Kaderrichtlijn Water. Dat doen we juist vanwege die overduidelijke relatie met de Kaderrichtlijn Water.

Er is een vraag gesteld over de kosten. Ik heb al aangegeven wat het budget was toen de Kamer in 2000-2002 besloot om over te gaan tot het inrichten van de voorzieningen die de kier mogelijk maken. Daar werd een budget van 35 mln. op basis van het prijspeil van 2003 voor beschikbaar gesteld. Zoals bekend, is er inmiddels al een flink deel van dat bedrag gebruikt, maar er is natuurlijk ook nog een fors bedrag over. We weten nu al dat dit bedrag opgehoogd moet worden. Daar moet 6,4 mln. bij. Gevraagd is wat de onderzoeken nu allemaal gekost hebben. Die hebben ongeveer een ton gekost. En een ton, dat is een 1 met vijf nullen, en dan in euro's. Ik kan het ook niet mooier maken. Het is niet zo dat die onderzoeken geen kennis hebben opgeleverd. Integendeel. Ik denk dat de kennis die we daardoor hebben vergaard, ook meegenomen is. Ik weet dat de Kamer de cijfers ook kent. Er zijn ook fracties die vragen stellen. De optelsom van al die vragen leidt soms zelfs tot een veelvoud van het bedrag dat deze discussie over de kier tot nu toe heeft gekost. Ik maak er geen jij-bak van, maar ik zeg het wel. Het heeft een ton gekost. En dat is geen weggegooid geld. We hebben er tot nu toe allemaal ons voordeel mee kunnen doen en we kunnen dat straks ook nog doen.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): De staatssecretaris heeft in een vorig leven als Kamerlid altijd een buitengewone interesse gehad voor vragen als: hoeveel ambtenaren houden zich nu bezig met het werk dat bijvoorbeeld een Kamerlid vraagt doordat hij of zij Kamervragen stelt? Het onderzoek heeft al een ton gekost. Maar hoe zit het met de ambtenareninzet? Hoeveel tijd heeft de staatssecretaris hierin gestoken terwijl hij ook andere dingen had kunnen doen, bijvoorbeeld beter milieubeleid verzinnen?

Staatssecretaris Atsma: Voorzitter. Dit is een soort van uitlokking. Er is in elk geval minder aan fte's ingestoken dan het aantal fte's dat is gemoeid met het beantwoorden van de vragen die tot nu toe door de Partij voor de Dieren zijn gesteld. Het heeft in het afgelopen halfjaar 2 fte's gekost. Over een heel jaar zou je kunnen zeggen: 2 x 0,5 = 1 fte voor een vol jaar. Ik ben er eerlijk over. Ik kan wel iets anders vertellen, maar we hebben er gelukkig ook nog enige kennis aan overgehouden die we verder gaan benutten. Ik wijs op mijn opmerking over de visriolen en op een paar andere zaken. Kortom, het is ook een leerbedrag. Maar één ambtenaar voor een vol jaar en twee voor een half jaar.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Ik stel het op prijs dat de staatssecretaris daar een eerlijk antwoord op geeft. Ik wil dan alleen nog weten hoeveel van zijn eigen tijd hij hieraan besteed heeft. Dat is natuurlijk ook relevant.

Staatssecretaris Atsma: Voorzitter. U wilt het niet weten. Ik heb er dag en nacht van wakker gelegen. Hele weekenden. Ik zei al dat ik in de krochten van het Haringvlietcomplex ben gedoken. Ik ben met een schoonzoon wezen vissen. Ik dacht: wie weet zit er nog ergens in het Noorden een zalm of een forel ...

Mevrouw Ouwehand (PvdD): En die was er natuurlijk niet.

Staatssecretaris Atsma: Nee, maar het aantal rivieren in Friesland is ook buitengewoon beperkt en overzichtelijk, kan ik u zeggen.
(…)
Dan de financiën. Ik heb al aangegeven waar de ruim 6 mln. vandaan komt, namelijk uit de Kaderrichtlijn Water. Een deel van het budget is nog niet concreet bestemd, zeg ik er ter geruststelling van mevrouw Ouwehand bij.

Wat de indirecte relaties betreft, vroeg mevrouw Ouwehand me al naar mijn agenda zeven dagen in de week. Wat de indirecte relaties met de collega's uit Vlaanderen betreft, kan ik u met de hand op mijn hart verzekeren dat die er met de Kamer wel zijn, maar met de collega uit Vlaanderen in minimale mate. Ik heb over dit specifieke punt echt geen enkel contact met Vlaanderen gehad en als ik het wel had gehad, dan had ik dat de Kamer wel medegedeeld. Ik heb er wel over gesproken met de heer Potocnik, de Europees Commissaris van Milieu, en voor de rest is het buitengewoon stil gebleven wat de discussies over de Hedwigepolder en de Haringvlietsluizen betreft.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. Niet zo lang geleden sprak deze commissie met het hoofd van het milieubureau van de Verenigde Naties. Dat was zo'n fijn gesprek en die meneer zei zulke mooie dingen dat ik na afloop heb getwitterd dat we graag onze staatssecretaris voor milieu wilden ruilen voor Achim Steiner, zo heet die meneer, een Duitser. Vandaag is echter een goede dag. Ik ben positief en in een goed humeur en wil dan toch maar zeggen dat staatssecretaris Atsma nog wel even mag blijven als hij hier meer van gaat doen en slechte besluiten dus blijft schrappen. Graag zien we hem ook nog een beetje goed milieubeleid voeren, maar vooruit: de zomer komt eraan, misschien dat hij er nog een nachtje over kan slapen en dan trek ik de wens om hem te ruilen, wel in.

Staatssecretaris Atsma: Voorzitter. Ik begin weer met de eerste woorden van de heer De Mos in eerste termijn, want na deze woorden van mevrouw Ouwehand ben ik natuurlijk helemaal van slag. Dan is het opletten geblazen. In haar eerste termijn noemde ze mij een koekenbakker en nu... Kortom, ik ga deze zaal straks wel met een goed gevoel verlaten na deze opbeurende woorden. Ik kijk uit naar de tweets die mevrouw Ouwehand op dit punt op Twitter zet. Die andere tweet over Achim Steiner was me inderdaad niet ontgaan. Ik heb toen ook een heel goed gesprek met hem gehad. Dat heeft de Kamer ongetwijfeld van hem gehoord. Hij was ook positief over de Nederlandse inzet en vooral over de financiële bijdrage aan UNEP.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Nu moet u niet jokken, want wij hebben andere dingen gehoord.

Staatssecretaris Atsma: Oké, dan hoor ik het wel als hij daar nu anders over denkt. Volgens mij is hij er nog steeds erg blij mee.