Bijdrage Ouwehand AO Decen­tra­li­satie Natuur­beleid


24 november 2011

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. Staatssecretaris Bleker heeft wel eens geklaagd dat je bijna gestudeerd moet hebben om in een natuurgebied rond te lopen en te snappen wat je ziet. Dit zegt meer over zijn kennis van de natuur, dan dat dit geldt voor de manier waarop Nederlanders daarmee omgaan. Als wij zien hoe makkelijk deze staatssecretaris in een zeer kritisch PBL-rapport leest dat het allemaal wel goed komt met de natuur, twijfel ik serieus aan zijn vermogens om de natuur op waarde te schatten en kritische teksten te lezen die hem niet bevallen. Dan heeft het PBL nog niet een het Verdrag van Bern meegenomen. Omdat de staatssecretaris blijkbaar zo'n moeite heeft met de natuur en de kennis daarover, heb ik een juridische analyse van iemand die ervoor geleerd heeft. Kees Bastmeijer, hoogleraar natuurbeschermingsrecht, stelt dat de provincies verantwoordelijk worden gemaakt op het moment dat de natuur er slecht voorstaat. Zoals het PBL-rapport en eerdere onderzoeken al aangeven, verkeert 80% van de Europese natuurwaarde in een ongunstige staat van instandhouding. Dat is inderdaad jargon, maar ik mag hopen dat de staatssecretaris weet waar ik het over heb. Verdere verslechtering tegengaan is een hele opgave en volgens het PBL helemaal niet gewaarborgd. Het herstel realiseren is al helemaal onzeker. De financiering van de maatregelen die nodig zijn om de verplichtingen in te vullen, neemt zeer aanzienlijk af. Wij hebben het over 600 mln. Een van de beste vrienden van de staatssecretaris, de heer Jaap Dirkmaat van Stichting Das en Boom, zei daarover gisteren: 600 mln., dat is wat wij in dit land uitgeven aan kauwgom. Dat heb ik niet nagerekend, maar dat zou zomaar kunnen kloppen.

Er wordt verwezen naar het PBL-rapport en andere rapportages over de gevolgen van de voorgestelde ingrijpende beperking van de ehs, maar een oplossing zien wij niet. Dit akkoord kan niet los worden gezien van de plannen van de staatssecretaris met de natuurwet. Terwijl de provincie bovenstaand ambitie invulling moet geven, verzwakt de rijksoverheid het nationale natuurbeschermingsrecht aanzienlijk als het voorstel voor de nieuwe natuurwet ongewijzigd blijft. Het beschermingsniveau binnen Natura 2000 wordt naar beneden bijgesteld, onder andere door het schrappen van complementaire doelen. Een sterke nationale bescherming van de ecologische hoofdstructuur is niet gewaarborgd. Onzeker is hoe de ruimtelijke natuurbescherming onder een nieuwe omgevingswet vorm zal krijgen. Dat weten wij nog helemaal niet. Wij vermoeden het ergste. Beschermde natuurmonumenten die mede een waarde hebben voor Europeesrechtelijke doelen, worden geschrapt. Het juridisch toetsingsinstrumentarium, vergunningen en ontheffingen, wordt teruggeschroefd -- lees versoepeld -- waarmee de grip van de overheid op nadelige activiteiten wordt verkleind. De overheid wordt meer afhankelijk van eigen beoordelingen door initiatiefnemers, de vervuiler bepaalt zelf of zijn activiteit schade gaat toebrengen aan de natuur, en de goede werking van algemene maatregelen. Door het ingrijpend beperken van soortenbeschermingsrecht en het geen plaats geven van gedragscodes in de nieuwe regelgeving worden veel prikkels om natuurbescherming een plaats te geven in bedrijfsmatig handelen weggenomen. Zo kan ik nog wel even doorgaan.

Samengevat: dit akkoord is geen akkoord. Het is chantage. Wat er gaat gebeuren, is dat de rijksoverheid de spuigaten wijd openzet voor mest, de vermesting van ons landschap, supersnelwegen, de uitstoot van stikstof en tegen de provincies zegt dat die hun
natuurdoelen moeten halen. Het is een maffiose praktijk en een recept voor jarenlang ruziën over de natuur. De grootste grap is dat ook de jurist Kees Bastmeijer zegt dat dit enorme juridische onzekerheid gaat opleveren. Je kunt geen activiteiten meer toestaan als je én de natuur niet op een goed instandhoudingsniveau houdt én geen duidelijkheid schept in de regels. Wie is hier nou eigenlijk bij gebaat? Zijn dat de boeren? Nee, dat wil de staatssecretaris graag, maar dat is niet zo. Dit is een smerige electorale strategie om de natuurbescherming zo ingewikkeld mogelijk te maken, zodat de heer Koopmans namens het CDA de hele tijd de schuld aan de natuur kan geven dat ondernemers niet vooruit kunnen in dit land. Dit in de hoop dat boeren dit blijven pikken, het slikken, het niet zullen snappen en hun hoop vestigen op hun ergste vijand. Dit akkoord moet van tafel. Ik weet niet wat ik erger vind: het rücksichtslos in blinde natuurhaat vertrappen van alles wat waarde heeft of kiezers langdurig voor de gek houden. De boeren in ons land worden voor de gek gehouden door het CDA met enthousiaste steun van VVD en PVV.

Tot slot wil ik de mensen huldigen die door het gehele land trokken en lieten zien wat er gebeurt als staatssecretaris Bleker het voor het zeggen heeft over de natuur. Dan gaat er een streep door alles wat van waarde is. Omdat deze staatssecretaris niet schijnt te
begrijpen hoe belangrijk dat is, heb ik een voorbeeld meegenomen in de vorm van een gemeentebord. Wij zitten in Den Haag. Als wij dit beleid volgen, gaat er een streep door de dennen, de hagen en verdwijnen wij zelf ook. Daar gaat het om.

De voorzitter: Ik verzoek mevrouw Ouwenhand om het bord met Den Haag, dat zij voor zich heeft, weg te halen. Ik heb het even toegestaan omdat de andere Kamerleden stukken hebben aangeboden, maar officieel mogen de Kamerleden geen actiebord voor zich plaatsen tijdens een algemeen overleg of een debat.

[…]

Beantwoording door de Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie:

Staatssecretaris Bleker: Voorzitter. Verschillende Kamerleden hebben een inbreng geleverd die ook geleverd is ten tijde van de discussie over de regeringsverklaring en de eerste begroting van het ministerie van Economie, Landbouw en Innovatie. Toen ging het over aard en omvang van de voor de komende jaren beschikbare budgetten voor natuur. Die discussie is afgerond. Uiteindelijk is voor de eerste begroting die betrekking heeft op dit domein de steun van de Eerste en de Tweede Kamer verkregen en is die daarmee een wet geworden. Het is die wet waarbinnen ik heb gepoogd met de provincies tot een zo goed mogelijk akkoord te komen binnen de wettelijke kaders en de financiële randvoorwaarden die in de begrotingswet zijn bepaald. Het is een zo goed mogelijk akkoord waarbij twee dingen voorop staan: a. een echte volledige decentralisatie naar provincies en b. de middelen die er zijn zo slim mogelijk inzetten om in de periode tot 2021 een zo goed mogelijk ecologisch resultaat te boeken.

[…]

Staatssecretaris Bleker: […] De kaders stellen ons in staat tot realisatie van 600.000 ha of misschien wat meer. Dat is inderdaad 10% tot 15% minder, maar dan ligt het er wel. Het staat dan niet alleen op papier en is niet alleen bezit, maar het is ook daadwerkelijk ingericht. Het afgelopen decennium zijn duizenden hectares gekocht. De boeren zijn inmiddels allang in Canada of waar dan ook en die grond ligt er nog net zo bij als toen ze vertrokken. Waarom? Omdat wij dachten dat wij nog wel een tijd op deze manier konden doorgaan. Dat is nu over. Wij moeten zorgen dat de gronden worden ingericht. Als ze niet op de goede plek liggen omdat wij ze bij nader inzien toch niet zo nodig hebben, moeten wij de moed hebben om ze te verkopen en het geld beschikbaar te krijgen om cruciale gronden aan te kopen dan wel via onteigening te verwerven. Het is echt een andere aanpak dan de afgelopen periode. Inderdaad bracht het oude plan de internationale doelstellingen in 2018 niet voor 100% binnen bereik. Het nieuwe plan doet dat ook niet, maar binnen de gegevenheden is het wel de meest effectieve manier van werken, zowel financieel als ecologisch.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Ik heb er niet zoveel behoefte aan om de hele tijd te moeten luisteren naar wat de staatssecretaris denkt dat gaat werken of wat hij zelf verzonnen heeft. Er liggen serieuze rapporten. De staatssecretaris gaf zelf toe dat hij niet zoveel snapt van de natuur en dat je ervoor gestudeerd moet hebben. De Kamer baseert zich op mensen die ervoor hebben gestudeerd. Als hij zegt dat het allemaal wel gaat lukken, wil ik exact weten hoe en wil ik onderbouwing. Heeft hij het over het halen van de internationale afspraken, de biodiversiteitsdoelen? Als het daarover gaat, kan ik wel wat plaatjes laten zien van de berekeningen van het PBL. Die berekeningen zijn nog conservatief. De soorten gaan achteruit. De staatssecretaris zegt dat het oude beleid geen doelstellingbereik van 100% had. Dat klopt, wij hadden er dus een stapje bij moeten doen. Hij doet stappen terug. De doelen komen nog verder buiten bereik en hij zegt dat hij denkt dat het goed gaat omdat wij nu gaan inrichten. Waar baseert hij dat op?

Staatssecretaris Bleker: Beide rapporten van het PBL geven aan dat als er minder middelen zijn -- door sommigen wordt dat betwist, die vinden dat er meer middelen zouden moeten komen maar dat is tijdens de begrotingsbehandeling niet gebeurd -- je je moet afvragen wat je met de middelen, inclusief de gronden, het beste kunt doen. De provincies en het Rijk volgen het PBL-advies van februari en concentreren zich op de Natura 2000-gebieden, op inrichting en op beheer. Hebben wij dan in 2018 of 2021 de internationale doelen gerealiseerd? Nee, maar als ik de deskundigen beluister, is dit in de gegeven omstandigheden de meest effectieve strategie. U betwist de omstandigheden, maar die zijn via de begrotingswet bepaald. Ik beoordeel het akkoord met de provincies of het in de gegeven omstandigheden de meest effectieve strategie is. Ik heb nog geen alternatief gehoord hoe je het binnen de gegeven omstandigheden beter zou kunnen doen.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): De staatssecretaris maakt er misbruik van dat het planbureau altijd rekent binnen wat het kabinet toch al van plan is. Juristen geven aan dat als wij onze internationale doelstellingen niet halen, wij grote problemen krijgen met Europa, dat het geld gaat kosten en dat het herstel dat straks nodig is om deze afbraak te herstellen veel duurder is dan de huidige bezuinigingen. Als het planbureau erop wijst dat wij onze internationale doelen niet gaan halen, komt de staatssecretaris er niet mee weg door te zeggen dat wij het aan de basis niet eens waren over de conclusies, maar het toch maar zo gaan doen. Het planbureau heeft ook nog iets anders gezegd: je kunt wel zorgen dat je iets beter je doelen gaat halen, maar dan moet je mest aanpakken en zorgen dat het water minder vervuilt. Gaan wij dat doen? Ik heb het er nog niet van zien komen. Ga toch weg.

Staatssecretaris Bleker: Met zo'n laatste woord hoef ik eigenlijk niet te reageren. Als je vertrekt, is er ook geen interesse in een reactie. Dus die geef ik niet.

De voorzitter: Mevrouw Ouwehand, als u een antwoord wilt, hoort u die laatste opmerking niet te maken.

Klik hier voor het vervolg algemeen overleg Decentralisatie Natuurbeleid.