Bijdrage Ouwehand aan debat over het coali­tie­ak­koord


16 december 2021

Voorzitter, dank u wel. Er is een verschil tussen praktische problemen en fundamentele problemen. Een praktisch probleem was dat we geen missionair kabinet hadden, maar, in alle eerlijkheid, ook een demissionair kabinet moet gewoon de basisbeginselen van onze democratische rechtsstaat respecteren. Dat betekent dat je je aan de rechtsstaat moet houden, ook als je demissionair bent. Dat betekent dat je het Urgendavonnis moet uitvoeren voor klimaat, dat je het stikstofarrest moet uitvoeren, dat je artikel 1 van de Grondwet moet respecteren en dat je verantwoording moet afleggen voor de fouten die je daarin hebt gemaakt.

Het praktische probleem lijkt opgelost, want er komt een doorstart van Rutte III. Het fundamentele probleem was — is, vrezen wij — verergerd. Nederland had geen kabinet waarin de bevolking en de Kamer vertrouwen konden hebben, en krijgt dat dus ook niet. En laat dat nou cruciaal zijn voor de grote uitdagingen waar we voor staan. Bij het leefbaar houden van de aarde is geen tijd meer te verliezen. Er moeten hele grote veranderingen plaats gaan vinden. Hoe gaat dat werken met een kabinet waar zo weinig vertrouwen in is?

Informateur Remkes zei, ik denk onbedoeld, iets over gewoonten die zo moeilijk zijn af te leren. Hij had het erover dat deze formatie zo lang heeft geduurd, dat dat de vorige keer ook al zo was en dat we daar geen gewoonte van moeten maken, want "slechte gewoontes leg je moeilijker af dan een slechte rok", als ik het goed heb gehoord. Ik geef toe dat ik er even op moest googelen; ik kende de uitdrukking niet uit mijn hoofd. Het punt dat hij maakte gaat natuurlijk niet alleen over dat je moet opletten dat je van die lange formaties geen gewoonte maakt. Wat ons betreft gaat het vooral over de gewoonten die zo hardnekkig in de kabinetten-Rutte zijn geslopen. Ik zeg er ook bij: het is niet alleen maar Rutte die een loopje nam met de Kamer. Het CDA kon er daarvoor ook wat van. Maar onder Rutte is die gewoonte wel heel erg diep geworteld geraakt.

De vraag is dus: komen we van die gewoonte af? Accepteren wij het met elkaar als we wel mooie woorden hebben over de versterking van de Kamer, als diezelfde Kamer accepteert dat de demissionaire minister-president, die is afgetreden vanwege de toeslagenaffaire en die heeft gelogen tegen de Kamer over het wegbonjouren van een kritisch Kamerlid, gewoon opnieuw het land gaat leiden? Wat zijn al die woorden over de versterking van de positie van de Kamer waard als we dat accepteren?

Voorzitter. Dan kom ik op de inhoud van het coalitieakkoord dat voorligt. Er is veel geld en er zijn een aantal goede punten, maar bijvoorbeeld bij stikstof en klimaat moeten we de conclusie trekken dat je met 25 miljard voor het stikstofprobleem de problemen kán oplossen, maar alleen als je dat in samenhang doet met al die andere problemen die spelen op het gebied van landbouw. Dan moet je het goed doen en dan moet je het taboe op dat het aantal dieren in Nederland fórs naar beneden moet, echt durven te beslechten.

Als je het gaat uitvoeren zoals het kabinet nu voorstelt — dat zeggen de doorrekenaars van Rutte III ook — dan ben je eventjes, misschien, een poosje van wat problemen af, maar je legt een hypotheek op de afkomst. Ja, het aantal dieren zal wel krimpen, maar er worden ook op kosten van de belastingbetaler bedrijven verplaatst. Er komen innovaties, maar daarvan zeggen de boeren dan weer: ja, ik moest investeren en toen was het nog niet genoeg. Precies, en daar gaat het kabinet gewoon mee door. En het gaat over legalisering: bedrijven die nooit een vergunning hebben gekregen omdat ze niet getoetst zijn op de natuureffecten en die het vorige kabinet gewoon heeft gelegaliseerd, krijgen nu de vergunning die ze niet hadden mogen hebben, gelet op de natuureffecten.

Het kabinet-Rutte II durfde na het klimaatakkoord van Parijs niet in te grijpen in de veehouderij: "We vragen wel een advies." Dan komt dat advies er: "Krimp van het aantal dieren is onvermijdelijk. Hoe langer je wacht, hoe moeilijker het wordt voor iedereen en hoe duurder het wordt." En dan denkt men: gewoon niet uitvoeren; niet uitvoeren dus. Dus over die 35 miljard voor klimaat plus die 25 miljard voor stikstof zeg ik: helaas is het zo dat er door het falende beleid van Rutte en zijn voorgangers veel geld nodig is om die problemen op te lossen. Maar als je dat dan doet, moet je wel de goede keuzes maken. Met de klimaatdoelen zijn we de middenmoter, en niet de koploper die Rutte zelf zei te willen zijn.

Voorzitter. Dan twee punten over die gewoontes. Ik had het al even in een interruptiedebatje met mevrouw Kaag over de gasboringen onder de Waddenzee. We zien dat dit kabinet zich met een woordspelletje probeert onder de wet uit te frommelen. En in het coalitieakkoord staat: er komen geen nieuwe vergunningen. Dus moeten wij dan geloven dat die VVD-dynamiek, die vorige week nog gold, vanaf januari anders is, en dat het nieuwe kabinet zich wel aan de wet gaat houden?

Dan Facebook, dat datacenter dat in Zeewolde dreigt te komen. In het coalitieakkoord staat keurig: daar moeten we misschien wel kritischer op zijn. Maar mag de VVD die maximale schade echt tot de allerlaatste dag nog aanrichten? Gaan we dat accepteren, terwijl dat de groene energiepolitiek volledig overhoopgooit? Of steken we daar, als die beloften wat waard zijn, vandaag toch met elkaar een stokje voor?


Interruptie door BBB

Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ik ga ervan uit dat de Partij voor de Dieren ook vindt "meten is weten", en gewoon met feiten wil werken. Maar kan mevrouw Ouwehand mij vertellen hoeveel onderzoeken en analyses er naar de bodem zijn gedaan in de 161 Natura 2000-gebieden in de afgelopen 30 jaar, en wat de resultaten van die analyses waren, qua verzuring en dergelijke?

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Nee, dat kan ik niet. Wat ik wel kan vertellen, is dat al 40 jaar bekend is dat Nederland een mestprobleem heeft. In 2002 vroeg het paarse kabinet om advies. Dat rapport was niet mals, en Wijffels zei: dit kan zo niet langer; het moet echt drastisch anders met de veehouderij. Dat kabinet zei toen: dat gaan we doen, want we gaan de doelen niet halen. Het allereerste burgerinitiatief dat in deze Kamer is behandeld, vijftien jaar geleden, heeft uitgebreid werk gedaan om te kijken naar alle problemen in de landbouw en alle doelen die je moet halen voor schoon water, een gezonde bodem, klimaat en natuur. Die doorrekening, van wat er nou moet gebeuren, kwam uit op een krimp van het aantal dieren met 70%. Dat weten we dus al minstens vijftien, twintig jaar. Dat zie je, als je naar alle doelen kijkt. Het is dus voor boeren niet eerlijk om te doen alsof dat anders is. Al die kostbare jaren, waarin we boeren hadden kunnen helpen om de transitie in te zetten, zijn dus verspeeld. Dat kan ik u wel vertellen.

Interruptie bij de VVD

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Gelukkig staan we niet in Brussel terwijl er pijnlijke vragen komen over die uithuisplaatsingen. De minister-president, de heer Rutte, zegt: "Ik begrijp dat er wantrouwen is en dat mensen denken: laat maar zien." Vervolgens werd Rutte een beetje boos op Klaver, omdat Klaver er één heel belangrijk punt uit haalde: wat wordt nu dan de nieuwe werkwijze? Toen was het een beetje: maar ja, we gaan natuurlijk niet op één punt een lakmoesproef doen. Ik heb dus even mee zitten schrijven. Er zijn meer punten. We zagen gisteren vier coalitieleiders, fractievoorzitters, die met elkaar hadden afgesproken: we doen bescheiden voor de beeldvorming; dat past het best. In het akkoord dat we hebben gelezen, zagen we dat alles wordt gepresenteerd alsof het natuurverschijnselen zijn: er is een stikstofcrisis, er is een klimaatcrisis, de kinderopvangtoeslagaffaire heeft ouders ongekend onrecht aangedaan. Nee, als je echt verantwoordelijkheid neemt, dan zeg je, zeker omdat je daardoor bent afgetreden: de overheid heeft ongekende schade toegebracht aan onschuldige burgers en sinds het aftreden is het alleen maar erger geworden; dat is een schandaal en daar nemen wij verantwoordelijkheid voor. We zagen ook dat de Rutte-beeldvormingsmachine ook besmettelijk is, want alle fractievoorzitters en alle coalitiepartijgenoten die we zagen, hadden het keurig over: dit formatieproces heeft te lang geduurd, maar dat kwam omdat we veel te lang hebben zitten soebatten over wie met wie wil. Zij verzwijgen netjes dat hier gelogen is over het wegmoffelen van een Kamerlid. Als dit nog niet genoeg is voor Rutte om te snappen dat er geen vertrouwen is, heb ik nog een paar testcases. Dan kunnen we de bullshitbingo rondmaken, zeg maar. Stikstof: voor corona was dat de grootste crisis in de carrière van de toenmalige minister-president. Tweeënhalf jaar later moeten we nog steeds een plan uitwerken. Is Rutte bereid om met de Kamer te delen hoe dat nou zo gegaan is, waardoor er in het kabinet zelfs na de uitspraak van de rechter geen bereidheid, wil, kennis of wat dan ook was om met een oplossing te komen?

De heer Rutte (VVD):
Ik ga die vraag beantwoorden. Daarmee ga ik niet in op alle andere inleidende beschietingen van mevrouw Ouwehand, maar laat geregistreerd zijn dat ik het daar grotendeels mee oneens ben, niet met alles maar met een groot deel. Nu ga ik naar haar vraag over stikstof. Dat is een terechte vraag. We zijn er in 2019, in het voorjaar en in het najaar, mee geconfronteerd dat de aanpak die tot dat moment gekozen was, niet standhield bij de rechter. Dat heeft geleid tot een eerste zeer grote interventie om ervoor te zorgen dat we dat probleem onder controle krijgen. Wat we hebben geanalyseerd in deze coalitiebesprekingen, is dat dat onvoldoende was en dat er veel meer moet gebeuren. We willen nu een aanpak kiezen waarmee we de problemen echt onder controle krijgen. Daarvoor worden fondsen vrijgemaakt en de komende tijd worden de plannen daarvoor verder uitgewerkt samen met de Kamer. Dat doen we voor ons welzijn, voor onze natuur en voor de impact die het op het klimaat heeft. Dat doen we ook omdat dat de ruimte creëert om bijvoorbeeld noodzakelijke woningen te bouwen en fietspaden, treinbanen en wegen aan te leggen waar dat nodig is. Om al die redenen gaan we dat doen. Het is dus niet zo dat er niks gebeurd is. We hebben in het najaar van 2019 natuurlijk zo'n hele aanpak gekozen. We hebben ook wetgeving door de Tweede en Eerste Kamer geloodst en heel veel geld uitgetrokken voor bijvoorbeeld natuurherstel. We hebben wel de analyse gemaakt dat we met een veel grotere klap nu echt voor die golf van stikstof willen komen. Dat is gewoon waar. Daarop heeft mevrouw Ouwehand op zichzelf ook terechte kritiek.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik zet weer een kruisje op de bingokaart. Want waar ik naar op zoek was, was zelfreflectie. Wat Rutte de Kamer en de bevolking, die straks 25 miljard mag ophoesten, hier weer probeert te verkopen, is: "We hebben het met de beste bedoelingen van de hele wereld gedaan, maar het is gewoon niet gelukt. Jammer, maar we hebben het echt geprobeerd." Mijn stellige indruk is — alle feiten wijzen daar ook op — dat dat niet was wat er aan de hand was. De VVD en het CDA waren gewaarschuwd. De stikstofcrisis is niet begonnen onder Rutte. Maar Rutte heeft met zijn eerste kabinet alle waarschuwingen in de wind geslagen en gesneden in het natuurbudget. De PAS-aanpak is doorgevoerd. U was wel gewaarschuwd, hoor. Die erkenning, reflectie en manier van verantwoordelijkheid nemen voor de problemen waar we nu voor staan, missen we dus ook al. Een kruisje erbij op de onbetrouwbaarheidsbingokaart. De volgende vraag. 25 miljard mag er nu voor worden uitgetrokken. Dat was niet nodig geweest als Rutte en zijn voorgangers eerder hadden geopereerd. Maar de vraag is: waar stuurt het kabinet nou op? Er liggen namelijk verschillende scenario's. Als we het regeerakkoord lezen, dan lijkt het te gaan om die zogenaamde gebiedsgerichte aanpak en om de politieke wens dat de veestapel wel degelijk wat zal krimpen, maar niet meer dan op basis van deze aanpak nodig is. De vraag is dus: stuurt kabinet-Rutte IV op het zo groot mogelijk houden van de veestapel?

De heer Rutte (VVD):
Nee, dat is geen doel op zichzelf. Overigens heeft mevrouw Ouwehand natuurlijk gelijk dat de PAS-aanpak — ik gebruik ook maar even jargon — door de rechter verworpen is. Het was natuurlijk wel een aanpak waar we na een brede politieke discussie met elkaar toe hebben besloten. Die bleek juridisch niet haalbaar. Dat heeft ons gebracht tot de crisis van 2019. Dus even los van de wat meer op mijn karakter gerichte kwalificaties, die ik maar even voor haar rekening laat, heeft zij inhoudelijk gewoon absoluut terechte kritiek op de vorige kabinetten. Dat is ook de reden dat we in 2019 begonnen zijn met de aanpak en nu met dit regeerakkoord voor de golf willen komen. Dat willen we doen door nu zo'n grote klap te geven op het probleem dat we het ook echt oplossen, inclusief het natuurherstel. Dat wordt dus een enorm groot vraagstuk. Dat zal ontzettend veel inspanning vragen. Dat vraagt inspanning voor het creëren van schone scheepvaart. Dat vraagt uiteraard heel veel inspanning voor het moderniseren van de agrarische sector en om ervoor te zorgen dat er in Nederland een toekomst blijft voor een sterke agrarische sector voor onze boeren. Maar tegelijkertijd moeten we de impact die dat heeft op ons klimaat, op de stikstof et cetera, dramatisch verminderen. Dat zal echt moeten. Dat kost geld. Het goede is dat die financiële ruimte er de komende jaren is, omdat we er financieel zo sterk voor staan.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik vroeg niet naar de feiten. Ik vroeg niet of het wel of niet waar is dat de rechter die aanpak heeft afgeschoten. Dat weten we. De vraag gaat over wie waar verantwoordelijkheid voor neemt. Ik denk dat Rutte en het CDA gewoon excuses moeten maken aan de boeren. Er is jarenlang boerenbedrog geweest. Nu worden ze ineens geconfronteerd met heftige maatregelen. "Excuses, belastingbetaler: 25 miljard." Het is nodig om de problemen op te lossen, maar niet met de aanpak die het kabinet nu kiest. De doorrekenaars hebben daarvan ook al gezegd: je stuurt wel even op korte termijn die doelen, voor 2030, maar omdat je het niet goed doet, leg je alsnog een hypotheek op de toekomst. Het is dus 25 miljard en dan nog eens een hele smak geld. Daar moet Rutte natuurlijk verantwoording over afleggen, want het zijn bewuste keuzes geweest. Hij is gewaarschuwd.
Voorzitter. Mijn laatste vraag gaat erover dat ik in het regeerakkoord las dat het kabinet van plan is om iets anders te doen met de benoemingen van topambtenaren. Ik neem aan dat dat ook gaat over de frustratie van burgers over het feit dat topambtenaren eigenlijk overal mee weg lijken te komen. Ook als je hebt gefaald, word je gewoon weggepromoveerd. Ik vroeg me af of er ook iets is afgesproken over falende bestuurders. Misschien heb ik het mis, maar dan kan Rutte daar iets over zeggen. Het enige voordeel van Rutte IV zou zijn dat Rutte zelf verantwoordelijkheid moet nemen voor alle fouten die er zijn gemaakt, waar straks allemaal parlementaire enquêtes over gehouden worden. Het zou toch wat zijn als hij, voordat dat gebeurt, is weggepromoveerd naar een of ander baantje in Europa! Welke integere afspraken zijn daarover gemaakt?

De heer Rutte (VVD):
Pff, oké. Voorzitter, eerst even over stikstof en überhaupt over het nemen van verantwoordelijkheid als dingen niet goed gaan. Ik kan mevrouw Ouwehand verzekeren dat premier van dit land zijn, all about het nemen van verantwoordelijkheid is en ook over het ervoor staan als dingen niet lukken. Dat doe ik hier ook, want dan leg daar verantwoording voor af. Daar hoeft mevrouw Ouwehand nooit over te twijfelen. Het kan zo zijn dat de verantwoordelijkheid soms breder ligt, maar dat raakt mij uiteindelijk als voorman, als premier, in het bijzonder. Daar hoeft mevrouw Ouwehand nooit aan te twijfelen. Daar zal ik altijd voor beschikbaar zijn. Dat zal ik altijd uitspreken. Als dingen wel goed gaan, is dat het team. Als dingen niet goed gaan, moet u bij mij zijn. Dat is mijn manier van werken en zo zal ik het blijven doen. Dan kom ik op haar tweede vraag, namelijk of ik ambitie heb voor een baan in Brussel. Die heb ik niet, ook niet in de toekomst. Mijn ambitie is om hier in Nederland de goede dingen te doen.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter, ik hoop dat u deze niet telt als een interruptie. Ik wil even opmerken dat ik dat niet vroeg, maar laten we het noteren op het kaartje.

Interruptie bij D66

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik wil voortbouwen op het punt van de heer Dassen. Ik zal in mijn eigen bijdrage ook opmerken dat het voor het klimaat nog niet genoeg is. Ik heb twee concrete vragen aan mevrouw Kaag. Ik lees in het akkoord dat er een onafhankelijke wetenschappelijke adviesraad komt die het beleid zal beoordelen en zal adviseren. Mijn vraag daarover is: wordt daarbij de klimaatwetenschap leidend? Mijn tweede vraag gaat over de gaswinning. Ik lees daarover in het akkoord het volgende: "We ronden de procedure rond Ternaard af. We geven geen nieuwe vergunningen af voor gaswinning onder de Waddenzee." Wat betekent dat?

Mevrouw Kaag (D66):
Op uw eerste vraag is het antwoord ja. Klimaatwetenschap wordt leidend. De tweede vraag is wat het betekent dat we de procedure afronden. Er loopt nog een procedure. Het kan heel goed zijn dat LNV die vergunning helemaal niet kan afgeven. Er is natuurlijk ook al onderbouwd protest tegen aangetekend. Er worden sowieso geen nieuwe vergunningen afgegeven.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik vraag daarnaar, want ik hoop natuurlijk dat die vergunning niet wordt afgegeven. Maar wat nu in het regeerakkoord staat over dat er geen nieuwe vergunningen worden afgegeven voor gaswinningen onder de Waddenzee, staat al lang en breed in de wet. In Rutte III maken we met minister Blok mee dat die zegt: de Kamer heeft in de wet geregeld dat er niet geboord kan worden ín de Waddenzee, maar dat gaan we ook niet doen, want we gaan schuin ónder de Waddenzee boren. Met andere woorden: het kabinet-Rutte III zoekt met woordspelletjes de ruimte op om gewoon lekker te doen wat het zelf wil. Wat nu in het regeerakkoord staat, staat al in de wet. Ik zou dus denken dat het een teken van een nieuwe bestuurscultuur en van echte verandering zou zijn dat dan in het regeerakkoord staat: die vergunning komt er gewoon niet, want we hebben dit al geregeld.

Mevrouw Kaag (D66):
Zo hadden we het misschien ook op kunnen schrijven, maar er staat: "er komen geen nieuwe vergunningen."

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik wil ook de heer Hoekstra zo direct nog interrumperen. Ja, dat hoopte hij al. Dus dan laat ik het hier, met pijn in het hart, bij.

Interruptie bij het CDA

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik heb een vraag en een voorstel tot samenwerking met het CDA namens de Partij voor de Dieren. Nu we dat voor ons zien, kunnen we die kans natuurlijk niet laten lopen. De vraag is de volgende. We hoorden van de heer Rutte: het doel is niet om de veestapel zo groot mogelijk te laten. Begrijp ik daaruit dat het kabinet zal sturen op de krimp van de veestapel die nodig is om al de problemen rond natuur, klimaat en al die problemen op te lossen?

De heer Hoekstra (CDA):
Mevrouw Ouwehand zal gezien hebben dat we echt werk gaan maken van twee van de grote transitieproblemen die er liggen. Of we het nou leuk vinden of niet — ik denk dat we het met elkaar allemaal niet leuk vinden — er ligt een enorme opgave op het gebied van stikstof. De landbouw, de woningbouw en de luchtvaart zullen daaraan moeten bijdragen. Dat zullen we op een manier moeten doen die tegelijkertijd maakt dat onze boeren verder kunnen, er nieuwe huizen gebouwd worden in dit land en er gewoon gevlogen kan blijven worden. Dat is een enorme transitieopgave en wij hebben daar heel veel geld voor gereserveerd. Er is geen andere keuze dan dat probleem aanpakken, maar ik vind het van groot belang dat we dat wel op een fatsoenlijke manier doen. We moeten zorgen voor alle mensen die dat betreft, niet in de laatste plaats de geweldige agrarische sector die we in Nederland hebben.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik zal in mijn eigen bijdrage betogen dat dat geld beter besteed kan worden dan het kabinet nu voorstelt, zodat het echt kan worden opgelost. Mijn vraag gaat over waar we samen kunnen optrekken. Ik lees namelijk in het coalitieakkoord dat de regels voor hyperscale datacenters zullen worden aangepast. Terwijl wij hier vandaag staan te debatteren, zou het zomaar kunnen dat het besluit valt dat dat datacenter van Facebook in Zeewolde komt. Ook het CDA was daar kritisch op. We hebben een uitspraak gezien van de Hoge Raad. Ik denk niet dat ik de heer Hoekstra hoef te vertellen dat het gebouwd zou worden op een van de meest vruchtbare landbouwgronden die we in Nederland hebben. Ik denk dat het CDA dat samen met de Partij voor de Dieren wil behouden. Is de heer Hoekstra bereid om met mij samen te werken om het kabinet vandaag nog te vragen om met een aanwijzing te komen om ervoor te zorgen dat dat datacentrum daar niet komt? Gelet op de ambities die in het regeerakkoord worden uitgesproken, zou het heel zuur zijn als we vandaag nog even laten gebeuren dat deze nog wel doorgaat.

De heer Hoekstra (CDA):
Laat ik er in algemene zin iets over zeggen en dan iets zeggen over de datacenters. Mevrouw Ouwehand heeft gelijk dat daar expliciet iets over staat opgeschreven in het coalitieakkoord. In algemene zin ga ik toch aansluiten bij wat de heer Rutte hier ook al heeft gezegd. Ja, het is een coalitieakkoord geworden dat minder beknopt is geworden dan wij het ons eerder misschien voorstelden. Tegelijkertijd hebben wij er bewust voor gekozen om wel degelijk alle grote thema's de revue te laten passeren, maar het niet tot op de laatste millimeter af te maken. Dat zie je bijvoorbeeld in die passage over de doorrekening. Je ziet dat er nog allerlei keuzes gemaakt moeten worden, bijvoorbeeld over hoe je de lastenverlichting exact vorm gaat geven.
Dat betekent dat je daar nog een flink debat, of debatten, over zult hebben, eerst in de Trêveszaal, want daar willen we echt nog veel nadrukkelijker dan de afgelopen periode het primaat van het bestuur neerleggen, en vervolgens in de dialoogjes hier in de Kamer. Ik kan alleen maar voor mezelf spreken. Ik heb de afgelopen jaren echt geprobeerd, in de Tweede Kamer en in de Eerste Kamer, letterlijk van links tot rechts de dialoog aan te gaan over allerlei onderwerpen, in mijn demissionaire rol vaak rakend aan de begroting. Maar ik heb altijd breder contact gezocht met fracties in het hele parlement. Daar wil ik zelf in ieder geval mee doorgaan. Dus als mevrouw Ouwehand zegt "we reiken hier het kabinet de hand en er zijn onderwerpen waar wij als Partij voor de Dieren graag over in gesprek willen", dan neem ik die hand onmiddellijk aan. Dan moeten we er vanzelf achter komen of we het ergens over eens worden of dat het aan het einde van de rit agree to disagree is, want dat hoort er ook bij. Ik zag ook de gedachtewisseling die de heer Rutte net had met een paar andere leden van dit huis.
Dan over de datacenters. Daar zeggen we volgens mij exact over wat er ook zou moeten staan, namelijk dat datacenters, klein en groot, aan de ene kant natuurlijk horen bij het type samenleving dat we hebben en dat we tegemoet gaan. Want die datacenters zijn onvermijdelijk, als je ziet wat we allemaal doen op het gebied van digitalisering. Maar je moet je wel afvragen hoe dat zich verdraagt met het verstandig besteden van de ruimte, wat dat precies aan werkgelegenheidseffecten oplevert of dat die misschien eigenlijk vrij gering zijn, en wat dat breder in de omgeving betekent als het gaat over de verrommeling en verdozing van uiteindelijk toch een heel klein land dat we met elkaar zijn. Daar willen we kritischer naar kijken, maar dat betekent niet dat op basis van die drie zinnen in dit coalitieakkoord een kabinet waar ik bovendien zelf nu nog demissionair deel van uitmaak, mee kan gaan in die aanwijzing. Ik kijk naar de gezichtsuitdrukking van mevrouw Ouwehand en ik denk dat ze dat eigenlijk ook wel verwacht had.

Interruptie bij de ChristenUnie

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ja, voorzitter, ik heb deze bewaard voor de ChristenUnie, al had ik nog wel even verder door willen gaan met de heer Hoekstra. Maar ik dacht: nee, ik wil toch één vraag aan de heer Segers stellen. De ChristenUnie en de Partij voor de Dieren hebben namelijk vaak samen opgetrokken, omdat we zagen dat die vrijhandelsverdragen niet eerlijk zijn voor onze boeren. En dan zijn er nog een paar andere bezwaren. Toen dacht ik: nu heeft de ChristenUnie de minister van Landbouw gehad. Die heeft vier jaar lang moeten accepteren dat zij aan de slag moest met een transitie in de landbouw en dat D66 gewoon won met: "Dan zetten we ook aan de buitengrenzen de deuren wagenwijd open voor producten uit Canada of straks Brazilië". Ik dacht dat de ChristenUnie het toch niet zou laten gebeuren dat, als ze een doorstart maken, er weer wordt gezegd: we voeren een actief handelsbeleid, met vrijhandels- en investeringsverdragen zoals CETA. Waarom staat dat hier toch in? Het is nu toch echt afgelopen met die periode?

De heer Segers (ChristenUnie):
Er staat meer in. Er staan de criteria in op grond waarvan en aan de hand waarvan wij vrijhandelsverdragen gaan beoordelen. Dan gaat het niet alleen maar over het productniveau of de kwaliteit van producten, maar ook over het productieniveau. Dat gaat dus over de manier waarop wij omgaan met de natuur, maar ook over de manier waarop wij omgaan met mensen. Als dat niet deugt en als dat leidt tot oneerlijke concurrentie met boeren, waarvan we juist willen en die we vragen om de omslag naar kringlooplandbouw te maken ... Als we hen opzadelen met een oneerlijke concurrentie met grootschalige boeren, die verkeerd omgaan met de natuur en verkeerd omgaan met mensen, dan zal ik daar niet mee instemmen.
Maar dan gun ik mevrouw Ouwehand wel iets meer strijdbaarheid dan zij nu laat zien. Alsof we het vlaggetje al hebben omgegooid! We gaan praten over die verdragen. We gaan ze beoordelen, en dan staan we misschien weer schouder aan schouder. Dan zit in vak-K het kabinet, en daar in de bankjes zit de Kamer, en dan gaan wij met de criteria die hierin zijn opgeschreven, beoordelen wat vanuit vak-K wordt gepresenteerd en gaan wij het debat aan. Dan hoop ik op iets meer strijdbaarheid dan wat ik nu zie, want het lijkt alsof mevrouw Ouwehand de strijd al hebt opgegeven en denkt dat de strijd al is verloren. Ik blijf strijden voor eerlijke handelsverdragen en voor een toekomst voor onze boeren, die eerlijk is.

Interruptie bij de informateur

De heer Remkes:
(…) Mevrouw de voorzitter. Ten slotte een enkele opmerking over de bestuurscultuur. Wat ik een eminente bijdrage aan een andere bestuurscultuur vond, of misschien moet ik wel zeggen een "bestuurlijke cultuur", was de bijdrage van mevrouw Ouwehand. Die ging over het datacentrum in Zuidwolde. Excuus, Zeewolde. Daarbij wordt hier in het debat tussen fractievoorzitters gevraagd of we dat niet even op een achternamiddag kunnen regelen, terwijl je weet dat de gemeenteraad van Zeewolde hedenavond vergadert. Dat is echt bestuurlijke vernieuwing: dat de gemeenteraad van Zeewolde via een telegram — om dat ouderwetse jargon maar even te gebruiken — zou moeten vernemen dat de Kamer, in opperste staat van opwinding bij elkaar, de gemeenteraad van Zeewolde de wacht aanzegt over de besluitvorming die hedenavond op de agenda staat. Dat vind ik echt een nieuwe bestuurlijke cultuur.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):

Ik ben blij dat informateur Remkes zo enthousiast is. Ik wil graag nog even toelichten waarom ik het heb voorgesteld. Er duiken verhalen op over hoe landelijk gezien dat datacenter daarnaartoe is gelokt, met allemaal dubieuze besluiten. En rond de besluitvorming in Zeewolde speelt ook nog wel het een en ander, bijvoorbeeld een uitspraak van de Hoge Raad. Dus er is meer over te zeggen. Maar ik ben heel erg blij om van de informateur de volle steun te krijgen om volgens de nieuwe bestuurscultuur te zeggen: kom op, als het een slecht plan is, houden we het gewoon tegen.

De heer Remkes:
Ik wil inhoudelijk een heel eind meedenken met mevrouw Ouwehand, mevrouw de voorzitter, maar zo gaan wij bestuurlijk in Nederland niet met elkaar om. Dat moeten we ook vooral niet willen, los van de inhoudelijke afweging. Dat dient langs ordentelijke bestuurlijke paden te worden bereid. Dat er een zekere centralisatie in het domein van de ruimtelijke ordening als grondtoon in het coalitieakkoord zit, zal u niet zijn ontgaan. Daar is ook alle aanleiding voor. Maar dat doen wij op een andere manier dan u in dit debat voorstelt.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik zal het zo ook nog neerleggen in een motie, maar dat is precies het coalitieakkoord dat onder leiding van informateur Remkes tot stand is gekomen. Daarin staat letterlijk dat het kabinet gebruik zal maken van de mogelijkheid van een aanwijzing als dat een groot publiek belang dient. Wij denken dat dit verstandig is. Toevallig speelt dat in Zeewolde. Daar speelt toevallig ook dat de Hoge Raad er een uitspraak over heeft gedaan of de gemeente de grond, die ze daar in eigendom heeft, aan één marktpartij mag verkopen of niet. Gelukkig is er een andere partij, Land van Ons — ik weet er alles van — die zegt: wij willen die grond ook wel kopen. Dus dan is de vraag of het eventuele besluit dat daar vanavond valt, rechtmatig is. Wat ook speelt, is dat het voorgaande kabinet nogal dubieuze dingen heeft gedaan om dat datacenter daarheen te lokken. Daar is heel veel weerstand tegen.
Als het dan niet in de geest is van het coalitieakkoord dat het kabinet een aanwijzing kan geven als er een groot publiek belang gediend is, dan weet ik niet of we elkaar wel begrijpen als het erom gaat wat daar bedoeld wordt.

De voorzitter:
Er ontstaat nu een debat. Dat komt door de heer Remkes, zeg ik erbij. Het is de bedoeling om inlichtingen te geven, maar er ontstaat nu een inhoudelijk debat. Dat moeten we, denk ik, niet doen. Dat moet even wachten. Dus ik wil ook aan de heer Remkes vragen — ik kijk nu even streng naar hem — om weer verder te gaan met het geven van voorlichting.

De heer Remkes:
Als u mij toestaat, dan nog één zin. Dat dient natuurlijk te gebeuren op basis van een ordentelijk uitgestippeld ruimtelijk beleid.