Bijdrage Ouwehand aan debat over Europese Top


18 februari 2020

Voorzitter. Een buitengewone Europese top over twee dagen, waar de minister-president namens Nederland heen gaat. Dat schikt, want het zijn volgens mij buitengewone tijden. De Europese Commissie heeft mooie sier gemaakt met een Green Deal, maar de inkt was nog niet droog of diezelfde Europese Commissie zei: maar we willen wel heel graag toch dat handelsverdrag met de Verenigde Staten, die niet meer meedoen aan het klimaatakkoord van Parijs. Landbouw zou er niet in zitten, maar de Commissaris heeft een trucje verzonnen om landbouw toch in dat verdrag te fietsen.

De Partij voor de Dieren is daar verbaasd over, zeker over de kabinetsreactie op de Green Deal die we nu officieel hebben. We lezen dat het kabinet schrijft: "Het kabinet verwelkomt deze brede en ambitieuze aanpak die goed aansluit bij de inzet van het kabinet voor toekomstig EU-beleid zoals omschreven in de Staat van de Unie. Het kabinet heeft zich hier de afgelopen maanden voor ingezet. De Green Deal lijkt op hoofdlijnen goed aan te sluiten bij het nationale klimaatakkoord, bij de inzet van het kabinet voor een circulaire economie, het beschermen van lucht- en waterkwaliteit, de ingezette transitie naar kringlooplandbouw en het versterken van biodiversiteit." Ik begrijp dat niet helemaal. Kan de minister-president nou eens duidelijk maken hoe groot die kringloop precies is in de definitie van het kabinet? Want als je vrijhandelsdeals sluit met Brazilië, de Verenigde Staten, Canada en Thailand zie je dus de hele wereld als de kringloop en verandert er helemaal niets aan het landbouwbeleid.

Ik heb de minister-president eerder al gevraagd of hij met de boeren die hij de hele tijd spreekt in het kader van de stikstofcrisis, ook wel van gedachten wisselt over wat zij van dit alles vinden. De Nederlandse landbouw moet veranderen, als het aan het kabinet ligt. Het wordt kringlooplandbouw, maar we weten nog niet precies hoe het kabinet dat voor zich ziet. Verder moeten de boeren zich aanpassen, omdat het stikstofbeleid van de regering eindelijk en gelukkig onderuit is gehaald. Maar tegelijkertijd zet de Europese Unie, met steun van de Nederlandse regering, haar grenzen open voor producten die ver beneden Europese normen zijn geproduceerd. Over CETA hebben we helaas een bedroevende stemming gezien vandaag in de Tweede Kamer, maar we hebben hoop op de Eerste Kamer. Mercosur staat nog voor de deur. En dan hebben we Thailand nog niet gehad. Wat zeiden de boeren eigenlijk in de gesprekken die de minister-president met hen voerde over die vrijhandelsverdragen?

Hoe zit het eigenlijk met de landbouwsubsidies? We spreken vandaag ook over het Meerjarig Financieel Kader, zoals dat heet, ofwel: wat gaat er de komende zeven jaar aan Europees geld doorheen? 365 miljard aan landbouwsubsidies die voor een belangrijk deel neerslaan in de melkveehouderij, waarmee je dus je eigen stikstofcrisis financiert. Ik weet het niet, maar ik heb het kabinet daar eigenlijk nog geen bezwaar tegen zien maken. Waar gaat het dan precies heen met de transitie van de landbouw? Hoe sluit die Green Deal aan bij de ambities van het kabinet voor het versterken van de biodiversiteit?

Voorzitter. De Partij voor de Dieren is voor Europese samenwerking, maar zolang de Europese Unie grote democratische gebreken vertoont en altijd het neoliberale winstdenken boven belangrijke waarden zet — zoals: wat betekent dit voor mensen?; kan iedereen deze ontwikkelingen meemaken?; denken we niet alleen maar in kille winners- en verliezersplaatjes, maar kijken we ook of de mensen er beter van worden?; helpt het onze natuur?; maakt het onze landbouw sterker?; beschermen we onze boeren? — dan is zo'n Europese Unie een Unie met twee gezichten. En het lelijkste gezicht wint.