Bijdrage Hazekamp AO Moties/Toezeg­gingen Landbouw en Natuur


14 maart 2012

Mevrouw Hazekamp (PvdD): Voorzitter. De PvdD signaleert een trend en dat is niet alleen de trend van de megastallen. Wij signaleren een trend van treuzelen, dralen en frustreren; u ontvangt nog een brief, u wordt nog geïnformeerd, u hoort nog van ons. Beloofde brieven en informatie laten op zich wachten en moties worden niet of nauwelijks uitgevoerd. De staatssecretaris loopt alleen warm voor het uitkleden en vernietigen van de natuur. Dan kan het opeens allemaal wel heel snel. Bij het uitvoeren van belangrijke moties en het nakomen van toezeggingen, hoe schamel deze soms ook zijn, wil de vaart er echter bij de staatssecretaris niet in komen. Zeker niet als het gaat om dierenwelzijn. Neem bijvoorbeeld de Nota Dierbeleid. Wij hebben anderhalf jaar reikhalzend uitgekeken naar de visie van de staatssecretaris op dierenwelzijn, maar worden afgescheept met een vlugschrift van twintig kantjes. Wat betreft de invulling van de Wet dieren wachten wij al zo'n twintig jaar op een positieflijst voor gezelschapsdieren. Hoe lang laat de staatssecretaris ons nog wachten? Een ander voorbeeld zijn de ganzen. Dit kan echt niet langer zo doorgaan. De staatssecretaris laat de provincies het vuile werk opknappen, waarna in 2015 alsnog de jacht op de gans geopend kan worden. Dit is toch niet in lijn met de gemaakte afspraken en met een duurzame aanpak? Dit is toch een strategie van niets? Wat mij betreft is er in dit verhaal maar een conclusie mogelijk: ganzen niet op de jachtlijst in de nieuwe Wet natuur.
Graag een reactie hierop. Ik kan alvast een toezegging van mijn kant doen: als de staatssecretaris geen helder antwoord heeft, kom ik met een motie op dit punt.
Ook het verbod op het zoutbad voor palingen laat op zich wachten. Hoe kan de staatssecretaris het rijmen dat de motie pas op 1 januari 2015 zal worden uitgevoerd, terwijl die al op 16 juni 2011 door de Kamer is aangenomen? Wij willen nog dit jaar een wettelijk verbod op het zoutbad. Bovendien dient de regelgeving voor het bedwelmen van palingen voorafgaand aan de slacht rond te zijn. Graag een toezegging van de staatssecretaris.
De staatssecretaris wil elk jaar onderzoek doen naar excessen bij twee hondenrassen. Met zo'n 300 hondenrassen zet dat geen zoden aan de dijk. Dan zijn wij straks 150 jaar verder en is er nog niets veranderd. Er is een oplossing: er moet een eind komen aan het fokken van rashonden die van ellende uit elkaar vallen. De PvdD ziet niet in hoe bij zwaar ingeteelde honden, die naar adem happen of chronische hoofdpijn of epilepsie hebben, sprake kan zijn van behoud van fysieke en mentale gezondheid. Wij willen niet 150 jaar onderzoeken afwachten, maar actie. Graag een reactie van de staatssecretaris. Veetransport is een van de speerpunten van het beleid van de staatssecretaris en was dat al eerder van de minister. Ondertussen wordt fokvee verder weg dan ooit getransporteerd en daarbij gaat nog steeds veel mis. Laatst was er nog dat afschuwelijke voorbeeld van de koe die met behulp van een heftruck verlost werd van een kalf, waarbij het kalfje doormidden werd getrokken en de koe uiteindelijk is overleden. Het gaat om een van de 60.000 internationale veetransporten. Het transport van pluimvee is dan niet eens meegeteld.
Waarom eigenlijk niet? Op hoeveel transporten komen we dan wel niet uit? Is de staatssecretaris bereid om ook een maximum aan het transport van fokvee en opfokdieren voor te stellen? De Kamer heeft meerdere moties aangenomen over broodnodige verbeteringen bij veetransporten, die de staatssecretaris weigert uit te voeren. Een motie van de PvdD om de controle op veetransporten en slachthuizen in overheidshanden te nemen, wordt niet uitgevoerd en ook moties van de SP laat de staatssecretaris liggen. De staatssecretaris wijst naar Europa en de sector zelf en neemt dus op deze manier genoegen met een njet van bijvoorbeeld Roemenië. De misstanden gaan maar door. Hoe lang gaat de staatssecretaris nog door met het afschuiven van verantwoordelijkheden op dit punt? Een brede toepassing van moderne hulpmiddelen, bijvoorbeeld permanente webcams bij slachterijen, is niet bereikt door dit onder de aandacht te brengen bij de sector. Hoeveel slachterijen maken al gebruik van de webcams? Wij denken niet een. Dit zou moeten worden opgelegd aan alle Nederlandse slachterijen. Graag een reactie.
Een paar weken geleden stond bij het algemeen overleg over de leefomgeving ammoniak en fijnstof op de agenda. Staatssecretaris Atsma weigerde toen antwoorden te geven op onze vragen over het Besluit ammoniakemissie huisvesting veehouderij (Besluit huisvesting). Hij verwees ons niet al te vriendelijk door naar de staatssecretaris van Landbouw. De staatssecretaris van Landbouw verwijst nu weer terug naar de staatssecretaris van Milieu. Wil geen van beiden de verantwoordelijkheid nemen voor de extra investeringen die de 130 km/u vragen aan de boer? De vragen die wij aan staatssecretaris Atsma stelden en waar wij geen antwoord op kregen, waren: hoe staat het met de wijziging van het Besluit huisvesting dat in 2014 in zal gaan en hoe verhoudt die zich met maatregelen uit het Varkensbesluit waarin staat dat in 2013 alle dragende zeugen in groepshuisvesting moeten staan? Krijgen de boeren dan ook weer elk jaar uitstel omdat die investeringen simpelweg niet opgebracht kunnen worden of omdat ze de vergunningen niet rondkrijgen? Graag een reactie van de staatssecretaris, want dit kan niet langer zo
doorgaan.

[...]

Staatssecretaris Bleker: Voorzitter. Er is gevraagd of de 130 km/u tot extra investeringen leidt met betrekking tot ammoniak. Samen met de staatssecretaris van I en M werk ik aan de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). In de PAS wordt reeds rekening gehouden met de aangekondigde snelheidsverhoging naar 130 km/u. De aangekondigde 130 km/u staat een stikstofdaling zoals op de kaarten van de PAS staat aangegeven niet in de weg. Ook bij 130 km/u ontstaat op een bepaald aantal snelheidstrajecten ontwikkelruimte.

[...]

Er zijn veel vragen over de ganzen gesteld. Het zal dit jaar moeten blijken of alle twaalf provincies voor al hun gebieden willen werken conform dit akkoord. Die verantwoordelijkheid ligt bij de provincies. Er vindt nu een onderzoek plaats naar kosteneffectiviteit en dergelijke en naar de gevolgen voor het Faunafonds en schades die wel of niet uitgekeerd moeten worden. Het is uiteindelijk aan elk van de provincies om te zeggen of men het doet met alle andere partners en conform het G-7-akkoord. Dit zal in de loop van dit jaar duidelijk moeten worden. Ik ben het met mevrouw Van Veldhoven eens dat wij daar nagenoeg buiten staan omdat het is gedecentraliseerd, maar voor zover het om nationale wetgeving gaat, zal de uitvoering van het G-7-akkoord door provincies ondersteunend dienen te zijn. Er is nu wetgeving van kracht die niet blokkerend is en een nieuwe Wet natuur zal ook niets blokkeren. Ik heb dat toegezegd in de vele overleggen die ik in januari met de organisaties heb gehad over de Wet natuur. Daarvoor sta ik borg. Ik zeg wel dat 2012 het uur U is voor het ganzenakkoord. Nu moet blijken of ook de provincies, die primair als overheid partner zijn en de uitvoering reguleren, die uitvoering mogelijk maken. Daarnaast moeten alle partijen de uitvoering ook daadwerkelijk ter hand nemen. Dat betekent praktisch dat in
sommige gebieden een half legertje mensen nodig is om eieren te prikken, jonge dieren te vangen, dieren te vangen die in de rui zijn of in de zomerperiode dieren af te schieten. Dat zijn ingewikkelde klussen. Om dat te doen conform het G-7-akkoord zal men grote ploegen mensen moeten hebben.

Mevrouw Hazekamp (PvdD): De staatssecretaris zegt dat er niets in de weg staat om dieren te doden. Zojuist hebben wij het voorbeeld gehoord van de uitspraak van de Raad van State over nijlganzen in Noord-Holland. De Raad van State is heel duidelijk: als er geen schade is en noodzaak en effectiviteit niet zijn aangetoond, zou je ganzen niet moeten doden.
Waarom houdt de staatssecretaris wel vast aan het doden als het gaat om de andere ganzen, terwijl dat eigenlijk niet effectief is en er voldoende alternatieven voorhanden zijn? Daar hoor ik de staatssecretaris niet over.

Staatssecretaris Bleker: Het is heel erg simpel. Als partijen bij de uitvoering van het G-7- akkoord op Texel, in Noord-Holland, Zuid-Holland, de Alblasserwaard of waar dan ook, dieren vangen die gedood moeten worden, moet dat op een manier gebeuren die in Nederland toelaatbaar is. In het kader van dierziektebestrijding worden ganzen gedood door middel van CO2-vergassing. Dat is toelaatbaar. Het is ook toelaatbaar om te euthanaseren met een injectie die door een dierenarts wordt gegeven. Daarnaast is de ambachtelijke, traditionele methode, het omdraaien van de nek, ook toegestaan. Wij kunnen er allemaal mooie verhalen over houden, maar als je een reductie wilt plegen en je moet daar dieren bij doden, moet er wel iemand zijn die dat doet. Dat doen niet de mensen die achter het bureau zitten. Het is of euthanaseren of een dier de nek omdraaien. Er moeten mensen gevonden worden die in de Alblasserwaard en op Texel gedurende een paar maanden die klus doen. Zo is het met G-7 en alle mooie woorden van dien. Dat is geen vergaderwerk, maar pittig rotwerk. Het moet wel gebeuren. Ik ben op Texel geweest. Vanuit natuur- en landbouwgebied geredeneerd zijn daar ongeveer 300 à 400 dieren toelaatbaar. Er zitten er 2200. Het is nu wel een keer voorbij met mooie praatjes en met rechters en juristen. Het is
hand aan de ploeg.

Mevrouw Hazekamp (PvdD): De staatssecretaris gaat voorbij aan waar het werkelijk om gaat, namelijk waarom die ganzen hier zijn. Die zijn hier omdat wij een ontzettende monocultuur aan eiwitrijke graslanden hebben. Dan kun je wel zeggen dat we met man en macht moeten proberen om die dieren uit te moorden, maar dat is niet de oplossing. Wij zouden juist iets moeten doen aan de biodiversiteit om te voorkomen dat de ganzen massaal op onze eiwitrijke graslanden zitten. Waarom blijft de staatssecretaris zeggen dat de dieren massaal gedood moeten worden zonder te kijken naar de andere oplossingen?

Staatssecretaris Bleker: Er hoeft van mij helemaal niets. Ik zeg alleen maar dat breed maatschappelijk wordt onderkend dat de boel uit de hand gelopen is en dat dat slecht is voor natuur- en landbouwgebieden. Er is een breed maatschappelijk akkoord van zeven partijen. Dat is hard werken en daar hoort ook doding van dieren bij. Het is jarenlang op zijn beloop gelaten, daar waren wij allemaal bij dus er wordt niet met vingers gewezen, en nu moet het opgelost worden. Dat is gewoon een heel vervelende periode van een jaar of vier, vijf waarin dat moet gebeuren en dan hoop je dat je een evenwichtssituatie hebt bereikt en het normale beheer kunt toepassen.

[...]

Staatssecretaris Bleker: Nogmaals, als de G-7-partijen na vijf jaar zeggen dat de ganzen nog vijf jaar niet effectief op de wildbeheerlijsten moeten staan, kan dat ook. Geef ons daar wat ruimte in. Op de lange termijn moeten wij een evenwichtssituatie krijgen. Dan moet je niet in de zomer, midden in het seizoen, op dieren hoeven te schieten. Dat is niet normaal, maar uitzonderlijk. In de normale situatie moet je een populatie hebben die je in de winterperiode enigszins kunt korten om de zaak niet uit de hand te laten lopen. Daarom staan de soorten ook op de wildbeheerlijst; die ganzen moeten in beginsel net zo beheerd worden als al de andere soorten. Dat mensen die beheren in de winter geen onderscheid kunnen maken tussen de ene gans of de andere, is een misvatting. Het G-7-akkoord biedt een noodpakket vanwege een uit de hand gelopen situatie. Ik zal er de wettelijke faciliteiten voor bieden dat men dat pakket kan uitvoeren. Ik hoop dat die noodperiode geen tien of twintig of vijftig jaar duurt, maar dat over een jaar of zes, zeven de boel in evenwicht is.

Mevrouw Van Veldhoven (D66): Dus zolang het nodig is, is het gegarandeerd.

Staatssecretaris Bleker: Juist.

Mevrouw Hazekamp (PvdD): De PvdD vindt het ook niet normaal om in de winter op dieren te schieten als dat niet volstrekt nodig is. De jachtlijst is onnodig omdat het hier gaat om plezierjacht. Je hoeft niet aan te tonen dat er schade is, je hoeft niet aan te geven waarom je jaagt, het is gewoon puur hobbymatig jagen. Wij vinden dat daarom de ganzen van de jachtlijst af moeten. De bestaande en ook de nieuwe wetgeving bieden alle ruimte om schade te bestrijden. Wij vroegen de staatssecretaris om een helder antwoord en om met een toezegging te komen. Hij zegt dat hij de jacht gesloten houdt en in dat geval kun je ze ook van de wildlijst afhalen. Wij zullen daartoe een motie indienen.

Staatssecretaris Bleker: Ik neem daar kennis van. Het is misschien verstandig af te wachten wat er precies in de Wet natuur staat. Er is namelijk straks geen jachtlijst meer en er zijn in de nieuwe Wet natuur belangrijke verbeteringen op het punt van het reguleren van de jacht. Ik kan er niet te veel over zeggen, want het wetsvoorstel ligt bij de Raad van State. Ik wil geen reprimande van de heer Donner hebben, die mij een uitmuntend expert lijkt op het gebied van de jacht.

[...]

Rond dierenwelzijn speelt een aantal zaken. Er komt een AMvB Gezelschapsdieren. De identificatie en registratie van honden is in procedure genomen en wordt geïntroduceerd. We gaan twee rassen per jaar onderzoeken waarbij ernstige vraagtekens bestaan over diergezondheid en excessen in de fokkerij. De Kamer zei dat het demagogie van de hoogste orde is, en dat we 150 jaar nodig hebben om alle 350 hondenrassen door te gaan. Bij het overgrote deel van de hondenrassen worden echter op fatsoenlijke wijze gezonde dieren gefokt. Daar ontstaan geen erfelijke afwijkingen in verband met het systematisch fokken op specifieke raseigenschappen. Er is een zelfregulerend vermogen, want er zijn veel fokkerijen in de hondenwereld die zodra zich ook maar iets voordoet wat duidt op een erfelijk gebrek zelf maatregelen nemen om dit te voorkomen. Denk alleen maar eens aan alle informatie die wordt verzameld over heupdysplasie (HD), waarmee in de diverse stamboeken heel gericht wordt voorkomen dat je met teven of reuen fokt die dat hebben of die dat in een bepaalde overgangsvorm hebben. Wek nu niet de suggestie dat rasfokkerij in Nederland of in de wereld gelijk staat met het fokken van ongezonde dieren die permanent hoofdpijn hebben, krom lopen en alleen via een keizersnede een diertje op de wereld kunnen brengen. Dat is echt de grootst mogelijke onzin. Het gaat om de excessen. Die gaan we snoeihard aanpakken, onder meer door die onderzoeken. Ik verwacht al over een paar weken te kunnen melden welke hondenrassen dit jaar aan de beurt zijn. Momenteel wordt 30% tot 40% van de paling op een goede manier bedwelmd. Ik voer de motie-Ouwehand uit en stel de bedwelming van paling voorafgaand aan het doden verplicht. Dit is ook mijn inzet in EU-verband. Ik zal de regelgeving per 1 januari 2015 in werking laten treden.

Mevrouw Hazekamp heeft gevraagd waarom transport van pluimvee niet is meegeteld. Dat is niet meegeteld omdat het kwaliteitssysteem QLL geen betrekking heeft op pluimveetransporten. Daar hadden we het over toen zij daaraan refereerde. In de AMvB Houden van dieren zullen de criteria en positieflijst worden opgenomen. Er wordt op dit moment aan gewerkt. Deze wordt in mei bij de Tweede Kamer voorgehangen. De lijst met dieren komt in een ministeriële regeling. Het betreft in eerste instantie zoogdieren en kan daarna worden uitgebreid naar andere diersoorten. Ik streef naar inwerkingtreding per 1 januari 2013. Ook daar maken we dus behoorlijk tempo. Naar aanleiding van de motie-Van Gerven heb ik de slachterijen opgeroepen webcams te gebruiken. Voor zover ik weet worden deze tot op heden niet toegepast. Ik laat momenteel onderzoeken op welke manier het gebruik van webcams kan worden bevorderd c.q. kan worden verplicht. Ik overweeg het als verplichting te introduceren, als een deel van de sector het niet vrijwillig wil doen. Dat moet dan wel een handhavingsbetekenis hebben. Het moet gecontroleerd kunnen worden en de gegevens moeten kunnen worden bewaard.
De Europese Commissie heeft aangegeven het kooiverbod met ingang van 1 januari 2012 strak te willen handhaven en heeft daarom lidstaten om informatie gevraagd. Mocht Italië niet voldoen, dan zal de Europese Commissie een ingebrekestellingsprocedure instellen. Wij begrijpen niet waar dit Italiaanse verhaal op is gebaseerd. Wij willen een beperking van veetransporten tot maximaal acht uur. Daar ben ik vanochtend al op ingegaan. Dit is ook onze inzet in Europees verband.

[...]

Ik kom in april met een voorstel hoe we zo snel mogelijk van de kantelbox afkomen bij het ritueel slachten. Het convenant wordt uitgewerkt, onder andere door een wetenschappelijke commissie onder leiding van de heer Hellebrekers en met de Amerikaanse deskundige die veel genoemd wordt.
Wat is de stand van zaken in de uitvoering van de motie over proefdieren? Dit valt onder de verantwoordelijkheid van mijn collega van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Daar moet het gebeuren.
Hoe staat het met het Besluit huisvesting? Volledige omschakeling naar groepshuisvesting zeugen volgt per 1 januari 2013. Daar moeten de varkenshouders aan voldoen. Vorige week zag ik een schitterende foto van Annechien ten Have met haar zeugen in nog comfortabeler stallen dan je maar kunt voorstellen. Het is echt een ontwikkeling ten goede. Dat zijn geloof ik de zogenaamde scharrelstallen, nee, het had zelfs nog een mooier woord: lupinestallen.

Mevrouw Hazekamp (PvdD): Voorzitter. Ik versprak mij zojuist en noemde de staatssecretaris gedeputeerde. Ik kan dat wel een beetje verklaren. De staatssecretaris gedraagt zich namelijk zoals ik hem ook ken als gedeputeerde, met enig gebrek aan voortvarendheid en daadkracht. Laat ik een voorbeeld noemen. In 2007 zag deze staatssecretaris als gedeputeerde geen enkele aanleiding om de melkveehouderij in Groningen aan banden te leggen. In 2008 en 2009 ook niet, hoewel de aanvraag voor de megastallen in Vlagtwedde toen ook al dreigde. Het is opmerkelijk dat de staatssecretaris nog steeds zegt dat hij gaat kijken of er normen zijn en of we normen moeten vaststellen voor wat een megastal is. Er is grote maatschappelijke onrust en die onrust is er niet voor niets. Megastallen schieten als paddenstoelen uit de grond. Dat moet echt worden aangepakt. Dit geldt eigenlijk voor alle andere vragen die ik heb gesteld. De staatssecretaris doet daarbij hetzelfde, hij geeft namelijk nergens antwoord op. Hij herhaalt wat hij ook al in de brieven heeft aangegeven over de stand van zaken rondom de moties, maar hij gaat nergens op onze concrete vragen in. Over de transportbeperkingen geeft de staatssecretaris bijvoorbeeld aan dat er transportbeperkingen zijn, maar die zijn er alleen voor slachtvee. Wij hebben expliciet gevraagd naar fokvee en opfokdieren. Datzelfde geldt voor het zoutbad voor paling. We hebben kunnen lezen dat dit pas in 2015 ingaat, maar waarom wordt er zolang gewacht? Waarom worden niet dit jaar maatregelen genomen? Ik verwacht eigenlijk niet dat ik in tweede termijn van de staatssecretaris wel antwoord krijg op deze vragen. In ieder geval heb ik al aangekondigd dat wij ten aanzien van de ganzen van de jachtlijst een motie zullen indienen. Wij beraden ons nog even op de andere punten.

[...]

Staatssecretaris Bleker: In december hebben we in de Kamer een debat gehad naar aanleiding van de rapporten van de heren Alders en Van Doorn. Het is nu 14 maart. Ik heb vorige week aangekondigd dat er op 15 juni een wetsvoorstel ligt. Ik kondig vandaag aan dat we los van dat wetsvoorstel moeten nadenken over het opstellen en onderbouwen van die norm. Daar geef ik in april een aanzet toe. Dan vind ik het heel reëel dat we gelegenheid bieden aan allerlei betrokkenen om hun gedachten daarover te formuleren. Het gaat om iets heel indringends. Dat heeft niets met dralen te maken.
Daar komt bij dat er een motie of een verzoek van de heer Graus is ingediend en volgens mij ook aangenomen. Hij zegt dat hij het verwarrend vindt. Wanneer is sprake van een megastal of een onaanvaardbare schaalgrootte in de varkenshouderij, melkveehouderij of pluimsector? Dat vind ik een reëel punt, maar het is geen kwestie van even iets uit de kast trekken. Daar moeten we goed over nadenken. Dat gaan we doen en daar gaan we de discussie over entameren. De uitkomst daarvan betrekken we bij de finale besluitvorming door de Kamer over de wenselijkheid van zo'n norm en de maat ervan. Dat is toch de goede volgorde der dingen? Ik wil hier duidelijk over zijn. Ik vind dat er reden is om met dit wetsvoorstel te komen. Ik vind ook dat er reden is dat voorstel, als het wet is, te gaan gebruiken om die normstelling te doen. Dat is mijn overtuiging en ik zal daar ook de meerderheid van de Kamer van proberen te overtuigen. Ik denk dat je het verhaal het beste kunt beoordelen als je niet alleen de formele kant van het wel of niet normen willen stellen met elkaar bespreekt, maar ook een idee hebt waar die norm uit kan bestaan. Anders is het een soort theoretische discussie, terwijl het een heel praktische moet zijn. Die gaan we de komende maanden in gang zetten. De gretigheid van de commissie is ongeveer gelijk aan de drive van mijn kant.

Mevrouw Hazekamp (PvdD): De staatssecretaris zegt dat hij heel voortvarend aan het werk is, omdat pas in december dat algemeen overleg is geweest. Mag ik de staatssecretaris eraan herinneren dat er vorig jaar maart al een motie is aangenomen voor een moratorium op het bouwen van megastallen, terwijl er ondertussen een jaar lang gewoon wordt doorgebouwd?

Staatssecretaris Bleker: Dat is de werkelijkheid in Nederland. Er zijn bestemmingsplannen en provinciale omgevingsplannen. Gelukkig is het zo dat een gemeente niet zo maar kan stoppen met het geven van vergunningen, als er toevallig een motie is aangenomen of ingediend. Dan zegeviert het recht. Uit een bestemmingsplan vloeien rechten voort. Een gemeente is gehouden op basis van het bestemmingsplan een vergunning in behandeling te nemen en te beoordelen. Dat is het element van het bestuursrecht en rechtsbescherming. Al heeft de Partij voor de Dieren 50 zetels, ik hoop niet dat dit element van de rechtsstaat verloren gaat.

[...]

Staatssecretaris Bleker: De transportbeperkingen en voorwaarden op het gebied van stahoogtes en oppervlaktes in de transportverordening gelden ook voor fokdieren en opfokvee. De duur van het transport geldt alleen voor slachtvee. Dit zal in Europees verband moeten worden geregeld. Het is niet eenvoudig, maar ik zet er wel op in.
Zoals eerder toegezegd vindt momenteel een audit plaats op het kwaliteitssysteem zoals dat privaat is ontwikkeld voor veetransporten. Deze audit ontvang ik in juni. Zo spoedig mogelijk
daarna, dus voor het zomerreces, zend ik deze evaluatie met een reactie mijnerzijds aan de Kamer.

De voorzitter: Wij zullen een VAO aanmelden met als eerste spreekster mevrouw Hazekamp. Zij zal zich met name richten op de ganzen.
Ik heb de volgende toezeggingen genoteerd:
- In juni 2012 ontvangt de Kamer de concrete aanpak over groen en doen.
- De vervreemdingsstrategie wordt meegenomen in de Grondnota die de Kamer in juni 2012
ontvangt.
- Het rapport van de Dierenbescherming over alternatieve vormen voor het verjagen van
ganzen zal worden voorgelegd aan de G-7, met het verzoek om een reactie. Het zal tevens
worden voorzien van een reactie van de staatssecretaris van EL&I.
- De vragen betreffende de archeologiewetgeving worden doorgeleid naar de
staatssecretaris van OCW met het verzoek tot een spoedige beantwoording. Het contact
met de staatssecretaris van OCW daarover zal worden gecontinueerd.
- In juni 2012 ontvangt de Kamer een plan van aanpak betreffende verduurzaming van
voedsel, waarin ook de stand van zaken wordt gegeven ten aanzien van de Regiegroep.
- De Kamer wordt tezijnertijd geïnformeerd over de implementatie van de integrale
Nitraatrichtlijn conform de motie-De Mos/Koopmans.
- In het kader van het Vijfde actieprogramma Nitraatrichtlijn zal de Kamer nader worden
geïnformeerd over bodemvruchtbaarheid.
- De Kamer ontvangt binnen enkele weken informatie over de hondenrassen die onderzocht
worden op malversaties in fokpraktijken.
- De Kamer wordt bij brief geïnformeerd over het couperen van staarten bij paarden, waarbij
tevens wordt ingegaan op het couperen in omringende landen.
- Eind april, begin mei 2012 ontvangt de Kamer een brief over de voortgang van de
verbetering in de implementatie van de Dienst Regelingen afgezet tegen de huidige praktijk.
- De Kamer wordt geïnformeerd over de brief betreffende de schaalgrootte in de veehouderij
die naar de provincies gaat.
- Voor het zomerreces 2012 ontvangt de Kamer de audit Veetransporten, inclusief de
kabinetsreactie.
- Eind april 2012 wordt het prestatieoverzicht Staatsbosbeheer aan de Kamer toegestuurd.
- Op korte termijn ontvangt de Kamer een lijstje van gewasbeschermingsmiddelen die
worden toegelaten.
Met deze veertien toezeggingen sluit ik deze bijeenkomst, onder dankzegging voor ieders
inbreng.