Bijdrage Frank Wassenberg Nota-overleg Europese Raad 28-06-2016


29 juni 2016

Voorzitter, de Partij voor de Dieren is vóór Europese samenwerking, maar tegen deze ondemocratische vorm van de EU. Bij deze EU draait alles steeds meer om totale marktliberalisatie. Regels die het internationale bedrijfsleven in de weg zaten moesten weg. Productie werd overproductie. Alles in Europa moest méér, efficiënter, sneller, groter.

De EU is er vooral voor multinationals, voor de banken. Bescherming van immateriële waarden zoals natuur, gezondheid, arbeid, sociale cohesie, het zijn slechts sluitposten van het EU-beleid.

De verontwaardiging daarover bij de inwoners van de EU weerklinkt al lang. En de reactie is elke keer hetzelfde. Brussel belooft plechtig naar ‘de mensen’ te luisteren. Dat de EU voortaan echt alleen maar zal doen wat er nodig is. Maar het enige wat er uiteindelijk gebeurt, is dat Brussel een nòg grotere broek aantrekt. Langzaam maar zeker vloeit de macht van de lidstaten naar Europa. De lidstaten laten dat gebeuren. Tot het Verenigd Koninkrijk aan de noodrem heeft getrokken en de EU schokkend en trillend tot stilstand is gekomen. Zou het iets uithalen? Zou de Brexit leiden tot een heroriëntatie op Europa? Op fundamentele veranderingen? Het is te hopen. Tot nu toe zijn en blijven burgers voor de EU vooral consumenten en belastingbetalers – net zoals voor de EU dieren vooral consumptieartikelen zijn.

Voorzitter, de Partij voor de Dieren vindt al lang dat dit Europa terug naar de tekentafel moet. De vraag daarbij is niet: voor of tegen Europa? En ook niet: méér of minder Europa? Wat we nodig hebben is een ander soort Europese samenwerking. Een Europa dat bestaat uit zelfstandige landen die democratisch besluiten om grensoverschrijdende onderwerpen samen aan te pakken. Die belangrijke waarden delen en afspreken om die waarden samen te verdedigen.

De Europese samenleving die de Partij voor de Dieren voorstaat stelt duurzaamheid en mededogen boven economisch gewin op de korte termijn. Ze respecteert de vrijheid en privacy van haar inwoners en geeft burgers een grotere rol in de besluitvorming dan banken, multinationals en Brusselse ambtenaren.

Laten we hopen van Hermann von der Dunk gelijk krijgt wanneer hij in de Volkskrant van zaterdag zegt: “Voor Brussel is dit misschien wel een heilzame klap. Een blessing in disguise. Misschien is dit het begin van het einde van de EU als domein van keiharde rekenaars. Misschien gaat er nu soevereiniteit terug naar de lidstaten en misschien krijgt het Europees parlement nu een belangrijkere rol toebedeeld.”

Mijn vraag aan de minister-president is: wat gaan hij en het kabinet doen om te zorgen dat we terugkijkend inderdaad kunnen spreken van een heilzame klap?

Voorzitter. De reacties van het kabinet op het Nederlandse NEE tegen het handelsverdrag met Oekraïne is vooral afwachtend geweest. Er kwam geen inhoudelijke reactie, om de Britten toch vooral niet te beïnvloeden en om geen schade toe te brengen aan het Nederlandse voorzitterschap.

Het zou onze premier sieren wanneer hij de uitslag van het Nederlandse Oekraïne-referendum serieus neemt en niet langer blijft aarzelen om de wil van de Nederlandse kiezer ten uitvoer te brengen. De kiezer heeft zich uitgesproken tegen het verdrag met Oekraïne. Kan de premier helderheid geven over het tijdpad en de wijze waarop het hij het NEE gaat omzetten in beleid?

Voorzitter. Daags nadat het Britse volk zich uitsprak tegen de eurocratie wil de Juncker dat alle lidstaten weer volmondig ja zeggen tegen de onderhandelingen met de VS over TTIP, een monster van een vrijhandelsverdrag. Arbeidersrechten, milieubescherming, voedselveiligheid: ze spelen allemaal een ondergeschikte rol. TTIP zorgt er voor dat gewone mensen nòg minder te zeggen krijgen. Opnieuw zijn het de multinationals die hun eigen ruimte bepalen en zelfs staten voor hun eigen geheime geschillencommissies kunnen dagen, die door hun eigen vriendjes worden bemand. Zo’n verdrag is niet in het voordeel van de burger, vindt de Partij voor de Dieren.

Met een vrijhandelsakkoord waarmee er nóg meer bevoegdheden worden overgedragen aan Brussel - en aan Washington – ondergraaft de Europese Commissie het laatste restje draagvlak voor Europese samenwerking dat er nog bestaat bij sommigen. Deelt de minister-president de mening dat de onderhandelingen over TTIP niet door mogen gaan, in ieder geval niet totdat duidelijk is hoe de EU het enorme legitimiteitsprobleem dat zij zelf nu heeft wil gaan oplossen?