Algemeen Overleg Landbouw- en Visse­rijraad / Landbouw


10 april 2007

WTO Onderhandelingen
Twee weken geleden heeft de Partij voor de Dieren antwoord gekregen op kamervragen over de bescherming van de Nederlandse markt tegen producten van buiten die nóg dieronvriendelijker worden geproduceerd dan hier. De Partij voor de Dieren vindt het positief dat de minister in haar brief mogelijkheden overweegt om het opnemen van non trade concerns in de WTO te stimuleren in plaats van in de onmogelijkheden te blijven hangen die het beleid totnutoe kenmerkte.

De minister geeft aan dat ze zich in wil spannen voor ons voorstel van verplichte etikettering en dat zij dit binnen de WTO onderhandelingen aan de orde wil stellen. Ook kijkt de Partij uit naar de inspanningen van de minister om de mogelijkheden via de Groene Box steun verder uit te werken. Zowel wat betreft de noodzakelijke investeringen voor diervriendelijke huisvesting als voor de meerkosten bij een diervriendelijke productie.

Op de agenda van de komende Landbouw en Visserijraad staat de WTO ongelukkigerwijs niet genoemd terwijl de onderhandelingen wel gaande zijn. De Partij voor de Dieren zou het betreuren wanneer de minister en de Landbouw en Visserij raad een belangrijk momentum aan zich voorbij laten gaan. Ook omdat nog onduidelijk is welk mandaat commissaris Fischer Boel heeft ten aanzien het verplicht laten opnemen van etikettering, non trade concerns en groene box steun in het Landbouwakkoord van de WTO, zal hier duidelijke actie op ondernomen moeten worden.

  • Kan de minister aangeven hoe het staat met de onderhandelingen over een nieuw Landbouwakkoord en wanneer het kan worden verwacht?
  • Kan de minister tevens aangeven op welke wijze zij haar ambities en standpunten op het gebied van dierenwelzijn kenbaar zal maken aan de onderhandelaars in de WTO en aan commissaris Fischer Boel in het bijzonder?
  • Kan de minister ook aangeven op welke wijze zij bij de ministers in de andere EU landen aan zal dringen op het belang van het opnemen van verplichte etikettering ook voorzien van voor consumenten negatieve productinformatie, de mogelijkheden voor groene Box steun waarin het criterium dierenwelzijn en het opnemen van non trade concerns in een WTO Landbouwakkoord?
  • Kan de minister aangeven op welke termijn zij een WTO Landbouwakkoord verwacht en op welke momenten zij zij hier invloed op uit zal oefenen.

Aviaire Influenza (AI)- Vogelpest
De vogelpest heeft de gemoederen begin dit jaar weer flink in beroering gebracht met een uitbraak in het Verenigd Koninkrijk en Hongarije. En ook nu weer zijn de kippen in de biologische en vrije uitloopsector de dupe van het ophok verbod. Per 7 maart zitten deze kippen weer binnen omdat het “gevaar”van de trekvogels zich weer zou kunnen voordoen.

De minister heeft zich hun lot aangetrokken, schreef de agrarische pers; dat bleek echter niet vanwege het kippenwelzijn te zijn, maar om de belangen van de vrije uitloop sector veilig te stellen. Door zich bij de Europese Commissie in te spannen om de producten van de vrije uitloop ook na 12 weken ophokken toch als buitenkip of ei op de markt te mogen brengen.

Ook dit is weer een ernstige vorm van symptoombestrijding, bovenop de symptoombestrijding van een ophok verbod en een schepje symbool politiek van ‘we doen ons best in Nederland’. En dat terwijl, ook volgens onderzoekers van het SOVON, steeds duidelijker blijkt dat de ziekte wereldwijd vooral via handelstromen wordt verspreid. Kan de minister aangeven of ze bereid is nader onderzoek in te stellen naar de verspreiding van dierziekten via handelsstromen. Kan ze bijvoorbeeld aangeven of de vrachtwagens die biggen naar Roemenië en Rusland vervoeren leeg terugkomen of ook weer vee terugbrengen naar onze regio? En welke konsekwenties dat heeft op de mogelijke verspreiding van dierziekten?
Ons systeem van dierziektenbestrijding is verkeerd. Het helpt niet om symptomen keer op keer aan te pakken met een middel dat vele malen dodelijker is dan de kwaal ooit had kunnen zijn. Het systeem van opeengepakte concentraties kippen, van gesleep met dieren door heel Europa en van een mono focus op economisch gewin. Ook de laatste uitbraak van vogelpest in het Verenigd Koninkrijk was volgens het Engelse ministerie duidelijk herleidbaar naar gesleep met kalkoen karkassen vanuit Hongarije.
De structuur van de sector, met vele contacten tussen bedrijven en het grote aantal opeengepakte dieren maakt zeer kwetsbaar. En een kwetsbare sector is gevoelig voor pest. Maar in plaats van de ogen te richten op deze grootschalige vorm van dierenuitbuiting en een eind te maken aan het gesleep met dieren, ook om verdere uitbraken te voorkomen; wordt angstvallig de lucht afgetuurd naar overvliegende trekvogels! Dit is een omgekeerde vorm van struisvogelpolitiek en bovendien erg kortzichtig.

Hierdoor is in Europees verband nog steeds geen uitsluitsel over hoe nu verder met het non vaccinatiebeleid en is onduidelijk wat de inzet is van de verschillende landen om te komen tot een vaccinatie programma.

Dat terwijl het LEI in haar rapport van maart 2007 aangeeft dat de bestrijding van de hoog pathogene vogelpest vanuit een ethisch maatschappelijk perspectief het beste kan plaatsvinden via vaccineren in combinatie met andere maatregelen (ruimen…). Hun verwachting is echter dat vaccinatie niet zal worden toegepast uit angst voor verlies van markt en andere economische consequenties. Dit is een ongewenste gang van zaken.

De Partij voor de Dieren streeft naar een afschaffing van de intensieve pluimveehouderij. Ten eerste via afschaffing van de kooihuisvesting; ten tweede een sterke reductie van het aantal dieren dat gehouden wordt en ten derde een effectief vaccinatieprogramma.

  • De Partij voor de Dieren wil graag helderheid van de minister hoe zij dit onderwerp gaat agenderen en op welke wijze zij zich gaat inzetten om de andere ministers te overtuigen van het belang van een voortvarend vaccinatiebeleid.
  • De Partij wil ook duidelijkheid over welke maatregelen zij wil gaat nemen op nationaal niveau wanneer Europese maatregelen uitblijven of vertraging oplopen.

Veterinaire onderhandelingen met Rusland-veetransporten
De lange afstandstransporten en het gesleep met dieren door Europa kent een lange en treurige geschiedenis die zich kenmerkt door schandaal op schandaal. Na de uitwassen van Nederlandse transporteurs in Italie, bleek vorige week dat een Deense biggenvervoerder meer dan 1000 biggen dagenlang had laten creperen in een vrachtwagen op weg naar Rusland (Agrarisch Dagblad 30 maart).

Door gebrek aan voedsel en water begonnen de biggen elkaar op te eten. Ook waren tientallen biggen verdronken in de urine. De situatie is te beschamend voor woorden, maar helaas is dit geen uitzondering. Dit is dagelijkse praktijk waar het huidige controlesysteem systeem ernstig te kort schiet. Ook de sector erkent dat dieren tijdens transporten onnodig veel lijden, maar doet daar zelf weinig aan. De markt lost dit niet op minister, dat weet u net zo goed als elk ander. En dus zullen er regels gesteld moeten worden om dieren niet langer aan hun lot over te laten. En die regels zullen gehandhaafd moeten worden, meer dan nu het geval is.

De minister geeft in haar brief van 22 maart aan dat de Europese verordening voorschrijft op welke wijze controles moeten plaatsvinden. Ook moeten lidstaten op basis van deze verordening ‘doeltreffende, evenredige en afschrikwekkende sancties vaststellen en toepassen. Hoe kan het zijn dat dit soort uitwassen als van de Deense vervoerder nog überhaupt voor kunnen komen als de sancties voldoende afschrikwekkend zijn?

  • Kan de minister voorbeelden geven van de afschrikwekkendheid en ook voorbeelden waaruit is gebleken dat deze voldoende is om dierenleed in transportsituaties uit te bannen?

De FVO checkt de bevoegde autoriteiten in landen of zij de verordening naleven. Maar zoals laatst al bleek met onze eigen lidstaat, wordt naar hun bevindingen ook niet altijd geluisterd. Zo vindt lidstaat Nederland dat de tekortkomingen die de FVO signaleert in procedure en sanctionering van veevoer fraudeurs overdreven.
De Partij voor de Dieren maakt zich grote zorgen over de veetransporten en het gesleep met dieren. Temeer omdat voor Nederland de verwachting is dat deze transporten op den duur niet zullen afnemen; maar juist toenemen. De afgelopen jaren is het transport van biggen ook al verdubbeld. Nederland is daarmee de grootste transporteur van levende dieren in Europa. Dat is iets waar we als land niet trots op moeten zijn, maar ons diep voor moeten schamen.

We hebben het laten gebeuren dat per jaar meer dan 4,5 miljoen biggen dagenlang in vrachtwagens zitten om duizenden kilometers verder afgemest te worden. Naast de meer dan 2 miljoen vleesvarkens die na uitputtende transporten in een ander land op de slachtlijn te belanden. Omdat het zo goedkoper is.

Veevoerfabrikant Hendrix UTD verwacht dat in 2010 in Nederland het aantal biggen dat op internationaal transport wordt gezet zal verdubbelen van 4,6 miljoen naar 8,9 miljoen. Wij verwachten dat ook deze biggen naar de grenzen van de EU vervoerd zullen worden, en zeker voor een deel in Rusland terecht zullen komen, via lange-afstandstransporten.

De Partij voor de Dieren vindt deze ontwikkeling ongewenst en wil graag van de minister weten op welke wijze zij zich in Europees verband gaat inzetten voor het beëindigen van deze en toekomstige lange afstandstransporten die dieronwaardig zijn.