Vragen Van Esch over de Rutte-doctrine inzake het Granu­liet­dossier


Indiendatum: 13 jul. 2021

Schriftelijke vragen van het lid van Esch (PvdD) aan de minister van Infrastructuur en Waterstaat over de Rutte-doctrine inzake het Granulietdossier

1) Kan de minister aangeven waarom mijn eerdere schriftelijke vragen over granuliet van 25 mei 2021 (2021Z09219) na verzoek om uitstel op 17 juni (2021D24044) nog altijd niet beantwoord zijn?

2) Kan de minister aangeven waarom mijn eerdere schriftelijke vragen over granuliet van 8 juni 2021 (2021Z10107) zonder bericht van uitstel nog altijd niet beantwoord zijn?

3) Kan de minister beter onderbouwen waarom zij weigert inhoudelijk te reageren op het verzoek over granuliet van de gehele Kamercommissie Infrastructuur en Waterstaat van 18 mei 2021 (2021Z08264)?

4) Klopt het dat het verweer van de minister (de stukken zijn onder de rechter en daarom kan ik niet inhoudelijk reageren) geen stand houdt aangezien de genoemde stukken niet zijn aangedragen in de genoemde rechtszaken?

5) Indien de stukken wel blijken te zijn aangedragen in de genoemde rechtszaken, klopt het dan dat de minister daar al inhoudelijk op heeft gereageerd gezien de zitting op 2 juni j.l. heeft plaatsgevonden?

6) Waarom zou de minister die geleverde reactie, of een update/aanvulling erbij, niet kunnen delen met de Tweede Kamer?

7) Kan de minister alsnog op de kortst mogelijke termijn voldoen aan het verzoek van de gehele Kamercommissie Infrastructuur en Waterstaat? Zo niet, waarom besluit zij een meerderheidsbesluit naast zich neer te leggen?

8) Kan de minister de genoemde verzoeken, schriftelijke vragen en de voorliggende vragen binnen een week beantwoorden? En zo niet, kan de minister dan op de kortst mogelijke termijn de Kamer informeren waarom niet?

Indiendatum: 13 jul. 2021
Antwoorddatum: 30 aug. 2021

Vraag 1

Kunt u aangeven waarom mijn eerdere schriftelijke vragen over granuliet van 25 mei 2021 (2021Z09219) na verzoek om uitstel op 17 juni (2021D24044) nog altijd niet beantwoord zijn?

Antwoord 1

Naar aanleiding van de berichtgeving over het mogelijk vrijkomen van granuliet in de Moleneindse Waard heb ik Arcadis gevraagd naar de feitelijke situatie te kijken en het reviewrapport indien nodig hierop aan te passen. De voorbereiding daarvan kostte meer tijd dan verwacht. De beantwoording van uw vragen van 28 mei jl. is bijgevoegd.

Vraag 2

Kunt u aangeven waarom mijn eerdere schriftelijke vragen over granuliet van 8 juni 2021 (2021Z10107) zonder bericht van uitstel nog altijd niet beantwoord zijn?

Antwoord 2

Ik bied mijn excuses aan voor het feit dat de uitstelbrief te laat is verzonden aan uw Kamer. De beantwoording van de vragen heeft langer geduurd omdat nadere afstemming noodzakelijk was. De beantwoording van uw vragen van 8 juni jl. is bijgevoegd.

Vraag 3

Kunt u beter onderbouwen waarom u weigert inhoudelijk te reageren op het verzoek ten aanzien van granuliet van de vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat van 18 mei 2021 (Kamerstuk 30015, nr. 100)?

Antwoord 3

Aan de Kamer is in de in de vraag aangehaalde brief gemeld dat beide stukken onderdeel zijn van een lopende rechtszaak. Een inhoudelijke reactie naar uw Kamer is, zoals te doen gebruikelijk met stukken ‘die onder de rechter zijn’, daarom nu niet gepast. Ik stuur u als bijlage bij deze brief wel de antwoordbrief die ik gelijktijdig met deze brief verzonden heb aan het Burgercollectief Dreumelse en waarin een reactie is opgenomen op relevante punten die geen onderdeel uitmaken van de rechtszaak. Uiteraard zal ik de Kamer na afloop van de rechtszaak informeren over de uitkomst.

Vraag 4

Klopt het dat uw verweer (namelijk: "de stukken zijn onder de rechter en daarom kan ik niet inhoudelijk reageren") geen standhoudt, aangezien de genoemde stukken niet zijn aangedragen in de aangehaalde rechtszaken?

Antwoord 4

Beide stukken zijn ingebracht door de Gemeente West Maas en Waal op 12 mei 2021 en daarmee vormen deze onderdeel van het dossier voor de rechter.

Vraag 5

Indien de stukken wel blijken te zijn aangedragen in de aangehaalde rechtszaken, klopt het dan dat u daar al inhoudelijk op heeft gereageerd tijdens de zitting die op 2 juni 2021 heeft plaatsgevonden?

Antwoord 5

Inhoudelijk is er tijdens de zitting op 2 juni 2021 niet specifiek op de twee stukken gereageerd.

Vraag 6

Waarom kunt u die geleverde reactie of een update dan wel een aanvulling daarbij niet delen met de Kamer?

Antwoord 6

Zie antwoord 5.

Vraag 7

Kunt u alsnog op de kortst mogelijke termijn voldoen aan het verzoek van de commissie Infrastructuur en Waterstaat? Zo nee, waarom besluit u een meerderheidsverzoek naast u neer te leggen?

Antwoord 7

Zie antwoord 3.

Vraag 8

Kunt u de genoemde verzoeken, schriftelijke vragen en de voorliggende vragen binnen één week beantwoorden? Zo nee, kunt u dan op de kortst mogelijke termijn de Kamer informeren waarom u dat niet kunt?

Antwoord 8

Het is helaas niet mogelijk gebleken om aan dit verzoek te voldoen. De Kamer is hier op 16 juli 2021 over geïnformeerd[1].


[1] Kamerstukken II, Vergaderjaar 2020-2021, Aanhangsel van de Handelingen nr. 3627.