Vragen over vlucht­gedrag als gevolg van jachtdruk


Vragen van het lid Thieme (Partij voor de Dieren) aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over vluchtgedrag als gevolg van jachtdruk

1. Kent u het bericht ‘Schade door wilde zwijnen in Epe1’ ?

2. Hoe beoordeelt u de effectiviteit van het afschotbeleid als zwijnen naar de bebouwde kom trekken?

3. Hoe beoordeelt u wetenschappelijke publicaties234 , , die wijzen op een relatie tussen jachtdruk en vluchtgedrag van wilde zwijnen in het licht van uw eerdere beantwoording hierover5 ? Deelt u de mening dat uw eerdere antwoorden deze publicaties tegenspreken? Zo ja, kunt u toelichten hoe dat kan? Zo neen, waarom niet?

4. Hoe beoordeelt u (wetenschappelijke) publicaties67 , die wijzen op het uiteenvallen van de sociale structuur en home range door afschot van de leiderzeug in het licht van uw eerdere beantwoording hierover 8? Deelt u de mening dat uw eerdere antwoorden deze publicaties tegenspreken? Zo ja, kunt u toelichten hoe dat kan? Zo neen, waarom niet?

1 http://provincie-gelderland.citysite.nl/link/1/nieuws/2808178/712_Schade+door+wilde+zwijnen+in+Epe.html
2 Maillard, D., P. Fournier (1995). Effects of shooting with hounds on size of resting range of wild boar (Sus scrofa L.) groups in mediterranean habitat. IBEX J.M.E., 3: 102-107.
3 Scillitani, L., A. Monaco, S. Toso (2009) Do intensive drive hunts affect wild boar (Sus scrofa) spatial behaviour in Italy? Some evidences and management implications. European Journal of Wildlife Research, 1612-464
4Tolon, V., S. Dray, A. Loison (2009) Responding to spatial and temporal variations in predation risk: space use of a game species in a changing landscape of fear. Canadian Journal of Zoology, 87(12): 1129-1137
5 Aanhangsel van de handelingen, vergaderjaar 2009-2010, nr 308
6 Sodeikat, G., K. Pohlmeyer (2002). Temporary home range modifications of wild boar family groups (Sus scrofa L.) caused by drive hunts in Lower Saxony (Germany). Z. Jagdwiss, 48 (Supplement): 161-166
7 Grobbe, M. (2009) Didactiek voor faunabeheerders, of hoe leer je wilde zwijnen wild te blijven. Vakblad natuur bos landschap, 6(2): 24-25
8 Kamerstuk 31581, vergaderjaar 2009-2010, nr 13

Antwoorddatum: 21 mei 2010

Geachte Voorzitter,

Hierbij geef ik antwoord op Kamervragen van het lid Thieme (PvdD) over vluchtgedrag als gevolg van jachtdruk (ingezonden 3 mei 2010).

Vraag 1
Kent u het bericht “Schade door wilde zwijnen in Epe1?

Antwoord
Ja.

Vraag 2
Hoe beoordeelt u de effectiviteit van het afschotbeleid als zwijnen naar de bebouwde kom trekken?

Antwoord
Het gehanteerde afschotbeleid is gericht op het bereiken van een doelstand die bepaald wordt op grond van onder andere voedselaanbod, economische schade en verkeersveiligheid. Om te voorkomen dat wilde zwijnen in de bebouwde kom op zoek gaan naar eenvoudig te vinden voedsel, dienen rasters of hekken geplaatst te worden.

Vraag 3
Hoe beoordeelt u wetenschappelijke publicaties234die wijzen op een relatie tussen jachtdruk en vluchtgedrag van wilde zwijnen in het licht van uw eerdere beantwoording hierover5?Deelt u de mening dat uw eerdere antwoorden deze publicaties tegenspreken? Zo ja, kunt u toelichten hoe dat kan? Zo nee, waarom niet?

Vraag 4
Hoe beoordeelt u (wetenschappelijke) publicaties67die wijzen op het uiteenvallen van de sociale structuur en “home range” door afschot van de leiderzeug in het licht van uw eerdere beantwoording hierover8? Deelt u de mening dat uw eerdere antwoorden deze publicaties tegenspreken? Zo ja, kunt u toelichten hoe dat kan? Zo nee, waarom niet?

Antwoord vraag 3 & 4
Het is niet aan mij om wetenschappelijke publicaties te beoordelen. Het is wel zaak dat het bevoegde gezag (i.c. de provincie) en beheerders gebruik maken van de bestaande wetenschappelijke inzichten. Voorts is het mijn inziens niet relevant of mijn eerdere antwoorden in tegenspraak zouden zijn met de stellingen of conclusies van betreffende onderzoekers of niet. Er zijn immers afwijkende meningen over dit onderwerp en ook wetenschappers zijn het niet altijd met elkaar eens. Voor inzicht in de gangbare opvattingen, verwijs ik naar het rapport “Ex ante evaluatie van maatwerk beheer wilde zwijnen” (met bijbehorende literatuurlijst),dat ik u bij brief van 17 december 2009 heb toegezonden (Kamerstuk 31 581) en naar mijn brief van 29 maart 2010 (Kamerstuk 31 581, nr. 13) waarin ik vragen over genoemd rapport van de vaste commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit beantwoord.

DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR ENVOEDSELKWALITEITG.

Verburg