Vragen over infil­tratie binnen de mili­eu­be­weging


Vragen van het lid Thieme (Partij voor de Dieren) aan de ministers van Binnenlandse Zaken, van Algemene Zaken en van Buitenlandse zaken over infiltratie binnen de milieubeweging

1. Kent u het bericht ‘Britse mol ondermijnt eigen werk’? [1]

2. Kunt u aangeven of Nederlandse overheden c.q. inlichtingendiensten op enigerleiwijze gebruik maken of hebben gemaakt van de informatie die via infiltranten in de milieubeweging is verzameld zoals in dit artikel weergegeven?

3. Kunt u concreet aangeven of de door Kennedy verzamelde informatie op enigerleiwijze is gedeeld met Nederlandse overheden en/of inlichtingendiensten?

4. Bent u met mij van mening dat overheidsinfiltratie in niet-criminele organisaties in elk geval dient te worden afgewezen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u bereid de Engelse regering van dit standpunt in kennis te stellen?

5. Kunt u verklaren dat infiltratie vanuit overheids- en of opsporingsdiensten in legale maatschappelijke organisaties (niet-gouvernementele organisaties) in Nederland wordt afgewezen en niet worden gepraktiseerd? Kunt u helder zijn in uw antwoord en als het antwoord nee luidt een heldere toelichting geven?

6. Kunt u verklaren dat infiltratie vanuit overheids- en of opsporingsdiensten in politieke partijen in Nederland wordt afgewezen en niet worden gepraktiseerd? Kunt u helder zijn in uw antwoord en als het antwoord nee luidt een heldere toelichting geven?

7. Bent u bereid te garanderen dat in Nederland in de toekomst in geen enkel geval geïnfiltreerd zal worden door overheidsinstanties en of inlichtingendiensten in NGO’s en/of politieke partijen wanneer er geen duidelijke en door het OM getoetste ernstige vermoedens van wetsovertreding zijn? Zo nee, waarom niet?

[1] Trouw 15-01-2011 pag 12

Antwoorddatum: 15 feb. 2011

1. Kent u het bericht ‘Britse mol ondermijnt eigen werk’? [1]

Ja.


2. Kunt u uiteenzetten of Nederlandse overheden c.q. inlichtingendiensten op enigerleiwijze gebruik maken of hebben gemaakt van de informatie die via infiltranten in de milieubeweging is verzameld, zoals in dit artikel weergegeven?

3. Kunt u concreet uiteenzetten of de door de heer Kennedy verzamelde informatie op enigerleiwijze is gedeeld met Nederlandse overheden en/of inlichtingendiensten?

4. Deelt u de mening dat overheidsinfiltratie in niet-criminele organisaties in elk geval dient te worden afgewezen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u bereid de Engelse regering van dit standpunt in kennis te stellen?

5. Kunt u verklaren dat infiltratie vanuit overheids- en of opsporingsdiensten in legale maatschappelijke organisaties (niet-gouvernementele organisaties) in Nederland wordt afgewezen en niet worden gepraktiseerd? Kunt u helder zijn in uw antwoord en, als het antwoord nee luidt, een heldere toelichting geven?

6. Kunt u verklaren dat infiltratie vanuit overheids- en of opsporingsdiensten in politieke partijen in Nederland wordt afgewezen en niet worden gepraktiseerd? Kunt u helder zijn in uw antwoord en, als het antwoord nee luidt, een heldere toelichting geven?

7. Bent u bereid te garanderen dat in Nederland in de toekomst in geen enkel geval geïnfiltreerd zal worden door overheidsinstanties en of inlichtingendiensten in NGO’s en/of politieke partijen wanneer er geen duidelijke en door het Openbaar Ministerie (OM) getoetste ernstige vermoedens van wetsovertreding zijn? Zo nee, waarom niet?

Antwoord vragen 2, 3, 4, 5, 6 en 7:

Zowel infiltratie ten behoeve van de Nederlandse opsporingsonderzoeken als infiltratie in Nederland ten behoeve van buitenlandse opsporingsonderzoeken is uitsluitend mogelijk binnen de kaders die het Wetboek van Strafvordering daaraan stelt. Daarbij wordt zorgvuldig het belang van het onderzoek afgewogen tegen de mate van inbreuk en de risico’s die inzet van dit zware opsporingsmiddel met zich brengt. In het geval van de in de vragen genoemde organisaties zal in beginsel zeer terughoudend worden omgegaan met inzet van het middel. Ook vindt inzet van het middel niet plaats zonder uitdrukkelijke toestemming van het College van procureurs-generaal. Op voorhand kunnen echter geen maatschappelijke sectoren of organisaties worden uitgesloten.

Navraag bij het Openbaar Ministerie heeft geen aanwijzingen opgeleverd dat er informatie ten behoeve van de opsporing uit bronnen van infiltranten in de Engelse milieubeweging aan Nederland is verstrekt.

In het openbaar kan ik niet nader ingaan op uw vragen of de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) natuurlijke personen inzet in de organisaties die u noemt, noch kan ik aangeven of de informatie uit bronnen van infiltranten in de Engelse milieubeweging is verstrekt ten behoeve van de taakuitvoering van de AIVD.

Wel kan ik aangeven dat voor de inzet van de bijzondere bevoegdheden door de AIVD het kader van de Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten 2002 geldt. De AIVD kan ingevolge deze wet gebruik maken van natuurlijke personen die onder verantwoordelijkheid en instructie van de AIVD zijn belast met het gericht verzamelen van gegevens omtrent personen of organisaties die voor de taakuitvoering van de dienst van belang zijn.

Iedere inzet van een bijzonder inlichtingenmiddel geschiedt altijd op basis van noodzakelijkheid, subsidiariteit en proportionaliteit. Het moet daarbij gaan om organisaties en personen die door de doelen die zij nastreven, dan wel door hun activiteiten aanleiding geven tot het ernstige vermoeden dat zij een gevaar vormen voor het voortbestaan van de democratische rechtsorde, dan wel voor de veiligheid of andere gewichtige belangen van de staat.

Voorts kan ik u melden dat wanneer de AIVD onderzoek zou doen naar een (kandidaat-) kamerlid omdat er aanleiding is tot het ernstige vermoeden dat deze persoon een gevaar vormt voor de democratische rechtsorde, de veiligheid van de staat of voor andere gewichtige belangen van de staat, hierover de voorzitter van de Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten geïnformeerd wordt. Deze werkwijze is door mij in september 2010 ook per brief medegedeeld aan de voorzitters van de in de Tweede Kamer vertegenwoordigde politieke partijen.

[1] Trouw, 15 januari 2011