Vragen over het niet func­ti­o­neren van fauna­voor­zie­ningen


Vragen van het lid Ouwehand aan de staatssecretaris van Economische Zaken over het niet functioneren van tal van faunavoorzieningen die als compensatie moesten dienen voor het aantasten van de natuur.

1. Is het waar dat veel faunavoorzieningen die zijn aangelegd als compensatie voor de schade die economische activiteiten toebrengen aan de natuur niet functioneren, zoals droogstaande vispassages, verdronken zoogdiertunnels, constructiefouten in amfibieëntunnels en in verval geraakte looprichels terwijl deze dienen om de weg ter hoogte van een brug of duiker te kunnen passeren? Zo ja, hoe beoordeelt u dit?

2. Kunt u uiteenzetten op welke wijze en met welke regelmaat faunavoorzieningen worden gecontroleerd en kunt u de resultaten ten aanzien van het functioneren van faunavoorzieningen over de afgelopen 3 jaar uiteenzetten? Zo neen, waarom kunt u daar geen inzage in verschaffen?

3. Kunt u uiteenzetten hoe vaak er de afgelopen 3 jaar wettelijke sancties zijn opgelegd voor het niet functioneren van faunavoorzieningen die zijn aangelegd ter compensatie van activiteiten of ontwikkelingen die schade toebrengen aan de natuur? Zo neen, waarom niet?

4. Deelt u de mening dat het zorgwekkend is dat er bij schadelijke activiteiten voor de natuur op basis van de natuurwetgeving vaak wordt overgegaan tot mitigerende en compenserende maatregelen in de vorm van faunavoorzieningen, terwijl de gerealiseerde voorziening vervolgens niet of onvoldoende worden gecontroleerd en gemonitord op deugdelijkheid, functioneren en op te realiseren doelen ten aanzien van de getroffen soort(en)? Zo ja, op welke termijn en wijze wilt u maatregelen treffen? Zo neen, waarom niet?

5. Kunt u de observaties bevestigen van ecoloog en onderzoeker Edgar van der Grift van Alterra, dat de vele in verval geraakte loopbruggen, verdronken zoogdiertunnels en in slechte staat verkerende paddenschermen geen incidenten zijn? Zo nee, waarom niet en hoe verhoudt dit zich dan tot de vele niet functionerende voorzieningen die zijn aangetroffen in een steekproef waarvan de resultaten zijn gepubliceerd in Natuur Bos en Landschap?

6. Bent u bereid onderzoek in te stellen naar het functioneren van faunavoorzieningen? Zo nee, waarom acht u dit niet noodzakelijk? Zo ja, op welke termijn?

[1] Onbegaanbaar verklaard, Trouw, 22 februari 2013

Antwoorddatum: 16 apr. 2013

Geachte Voorzitter,

Hierbij zend ik u mijn antwoorden op de vragen van het lid Ouwehand (PvdD) over het niet functioneren van tal van faunavoorzieningen die als compensatie moesten dienen voor het aantasten van de natuur (ingezonden 4 maart 2013).

1: Is het waar dat veel faunavoorzieningen die zijn aangelegd als compensatie voor de schade die economische activiteiten toebrengen aan de natuur, niet functioneren, zoals droogstaande vispassages, verdronken zoogdiertunnels, amfibieëntunnels met ontwerp- en constructiefouten en in verval geraakte looprichels terwijl deze dienen om de weg ter hoogte van een brug of duiker te kunnen passeren?[1] Zo ja, hoe beoordeelt u dit?

Antwoord: Mij zijn geen onderzoeksgegevens bekend die bovenstaande bewering kunnen bevestigen of ontkennen. Het is uiteraard niet wenselijk dat aangelegde faunavoorzieningen niet als zodanig functioneren. Zie verder mijn antwoord op de vragen 3, 5 en 6.

2: Kunt u uiteenzetten op welke wijze en met welke regelmaat faunavoorzieningen worden gecontroleerd? Kunt u de resultaten ten aanzien van het functioneren van faunavoorzieningen over de afgelopen 3 jaar uiteenzetten? Zo neen, waarom kunt u daar geen inzage in verschaffen?

Antwoord: Faunavoorzieningen worden in de regel aangelegd in het kader van het Meerjarenprogramma Ontsnippering. Door Rijkswaterstaat zijn in dat kader vele honderden faunapassages en vele honderden kilometers raster, onder meer om dieren naar die passages te geleiden, aangelegd. Rijkswaterstaat organiseert zelf inspectie en onderhoud van faunavoorzieningen en heeft daarvoor richtlijnen opgesteld.[2] Ook door provincies, waterschappen, gemeenten en particuliere organisaties worden dergelijke voorzieningen getroffen. Het is mij niet bekend hoe deze organisaties op het functioneren van faunavoorzieningen controleren.

3: Kunt u uiteenzetten hoe vaak er de afgelopen 3 jaar wettelijke sancties zijn opgelegd voor het niet functioneren van faunavoorzieningen die zijn aangelegd ter compensatie van activiteiten of ontwikkelingen die schade toebrengen aan de natuur? Zo neen, waarom niet?

Antwoord: Indien het gaat om overtredingen van de Flora- en faunawet of voorzieningen die zijn voorgeschreven op grond van een ontheffing ex artikel 75 van die wet, kan ik handhavend optreden. De afgelopen drie jaar is door Dienst Regelingen in 200 gevallen afgedwongen dat de vereiste faunavoorzieningen alsnog werden gerealiseerd of, indien deze niet functioneerden, werden gerepareerd. In de meeste gevallen zijn de beheerders tot herstel van de faunavoorzieningen overgegaan, zodat geen sancties behoefden te worden opgelegd. Het betrof hier niet slechts faunapassages, maar ook andere faunavoorzieningen zoals nestgelegenheid voor vogels, vleermuiskasten, voortplantingspoelen voor amfibieën e.d.

4: Deelt u de mening dat het zorgwekkend is dat er bij schadelijke activiteiten voor de natuur op basis van de natuurwetgeving vaak wordt overgegaan tot mitigerende en compenserende maatregelen in de vorm van faunavoorzieningen, terwijl de gerealiseerde voorzieningen vervolgens niet of onvoldoende worden gecontroleerd en gemonitord op deugdelijkheid, functioneren en op de te realiseren doelen ten aanzien van de getroffen soort(en)? Zo ja, op welke termijn en wijze wilt u maatregelen treffen? Zo neen, waarom niet?

Antwoord: Zoals vermeld in mijn antwoord op vraag 3 beperkt mijn verantwoordelijkheid en bevoegdheid zich tot voorzieningen die zijn gerelateerd aan overtredingen van de Flora- en faunawet en voorzieningen die zijn voorgeschreven op grond van een ontheffing ex artikel 75 Flora- en faunawet. In voorkomende gevallen wordt bestuurlijk handhavend opgetreden.

5: Kunt u de observaties bevestigen van ecoloog en onderzoeker Edgar van der Grift van Alterra dat de vele in verval geraakte loopbruggen, verdronken zoogdiertunnels en in slechte staat verkerende paddenschermen geen incidenten zijn? Zo nee, waarom niet en hoe verhoudt dit zich dan tot de vele niet functionerende voorzieningen die zijn aangetroffen in een steekproef waarvan de resultaten zijn gepubliceerd in Natuur, Bos en Landschap?

Antwoord: De publicatie in Vakblad Natuur, Bos en Landschap heeft dezelfde strekking als de publicatie waarnaar u in vraag 1 verwijst. Als dit allemaal klopt, is dat reden voor zorg. Ik kan echter deze beweringen nu niet bevestigen.

Ik verwijs u verder naar het antwoord op vraag 6.

6: Bent u bereid een onderzoek in te stellen naar het functioneren van faunavoorzieningen? Zo nee, waarom acht u dit niet noodzakelijk? Zo ja, op welke termijn?

Antwoord: Eenieder die gebreken aan faunavoorzieningen constateert, kan de verantwoordelijke beheerder daarop aanspreken en, indien de voorziening voortkomt uit verplichtingen voortvloeiend uit de Natuurbeschermingswet 1998 of de Flora- en faunawet, een handhavingsverzoek indienen bij respectievelijk de provincie dan wel Dienst Regelingen van mijn ministerie. Ik roep dan ook iedereen op dit ook te doen. Ik zal zelf de verschillende terreinbeherende organisaties en de gemeenten en provincies benaderen en hen vragen te bezien of er inderdaad een achteruitgang is in het functioneren van faunavoorzieningen.

(w.g.) Sharon A.M. Dijksma

Staatssecretaris van Economische Zaken

[1] Onbegaanbaar verklaard, Trouw, 22 februari 2013

[2]http://www.rijkswaterstaat.nl/images/Richtlijnen%20voor%20inspectie%20en%20onderhoud%20van%20faunavoorzieningen%20bij%20wegen_tcm174-235685.pdf