Vragen over het Franse voornemen een verbod af te kondigen op neoni­co­ti­noïden ivm hun rol in de zorg­wek­kende bijen­sterfte


Vragen van het lid Wassenberg (Partij voor de Dieren) aan de staatssecretaris van Economische Zaken en aan de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu over het Franse voornemen een verbod af te kondigen op neonicotinoïden ivm hun rol in de zorgwekkende bijensterfte

  1. Heeft u kennis genomen van het aangenomen amendement van het Franse parlement om neonicotinoïden vanaf 1 september 2018 te verbieden[1]?
  2. Herinnert u zich nog de aangenomen moties van de Partij voor de Dieren waarin ook het Nederlandse parlement vraagt om een verbod op het gebruik van neonicotinoïden (27858 nr 125, 27858 nr 151 en 27858 nr 155)?
  3. Bent u bereid om in overleg te treden met uw Franse collega’s over het uitvoeren van de wens van beide parlementen voor een totaalverbod op neonicotinoïden? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u bereid om de Kamer over de voortgang van deze gesprekken te informeren?

[1] http://www.boerderij.nl/Home/Nieuws/2016/3/Frans-parlement-wil-verbod-neonicotinoiden-2777652W/

Antwoorddatum: 12 apr. 2016

Geachte Voorzitter,

Hierbij bied ik u de antwoorden aan op de vragen van het lid Wassenberg (PvdD) over het Franse voornemen een verbod af te kondigen op neonicotinoïden in verband met hun rol in de zorgwekkende bijensterfte (ingezonden 22 maart 2016, kenmerk 2016Z05889).

1: Heeft u kennisgenomen van het in het Franse parlement aangenomen amendement om neonicotinoïden vanaf 1 september 2018 te verbieden?

Antwoord: Ja. Het gaat om een wetsvoorstel over biodiversiteit dat in het Franse Parlement voorligt. Daarin is ook een verbod van gewasbeschermingsmiddelen op basis van neonicotinoïden voorzien. Dat verbod zou moeten ingaan per 1 september 2018. Het Franse ministerie laat echter weten dat dit niet de finale positie is, het wetsvoorstel moet nog behandeld worden door de Franse senaat en daar ter stemming worden gebracht.

Frankrijk heeft dit voornemen ook nog niet aan de Europese Commissie (EC), EFSA en de andere lidstaten gemeld. Een dergelijke notificatie is wel vereist in de loop van de wettelijk vastgelegde procedure van de EU Verordening 1107/2009 voor het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen.

2: Herinnert u zich de moties van de Partij voor de Dieren waarin ook het Nederlandse parlement vraagt om een verbod op het gebruik van neonicotinoïden?

Antwoord: Op deze motie is uw Kamer een reactie gestuurd op 17 april 2014 (Kamerstuk 27 858 nr. 264), waarin toegelicht wordt dat gezien de juridische systematiek uit de gewasbeschermingsverordening 1107/2009 de rechtsgrond ontbreekt om de toelatingen van middelen te herzien of in te trekken. Derhalve zijn de moties naar oordeel van het kabinet niet uitvoerbaar.

Op een actieplan van de Partij voor de Dieren om de motie te kunnen uitvoeren is eveneens gereageerd door het kabinet, op 30 maart 2015 (Kamerstuk 27858 nr. 303).

3: Bent u bereid om in overleg te treden met uw Franse collega’s over het uitvoeren van de wens van beide parlementen voor een totaalverbod op neonicotinoïden?
Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u bereid om de Kamer over de voortgang van deze gesprekken te informeren?

Antwoord: Ik ben in nauw contact met alle collega’s in de EU, ook met de Franse collega.

Een totaalverbod is naar mijn inzicht en op basis van recente herbeoordelingen van de werkzame stoffen uit de neonicotinoïdengroep niet aan de orde. Daar waar hoge risico’s door EFSA zijn geïdentificeerd, is ingegrepen op de toelatingen en zijn deze ingetrokken of ingeperkt (Kamerstuk 27858 nr. 264). Indien er relevante ontwikkelingen zijn in het kader van het Franse wetsvoorstel over biodiversiteit zal ik uw Kamer daar over informeren.

(w.g.) Martijn van Dam

Staatssecretaris van Economische Zaken