Vragen Ouwehand c.s. over veront­rei­niging met asbest, pesti­ciden en herbi­ciden in Suriname


Indiendatum: dec. 2010

Antwoorden op de schriftelijke vragen gesteld door de leden Ouwehand (PvdD), Jansen (SP), Van Tongeren (GroenLinks), Van der Staaij (SGP), Neppérus (VVD), Veldhoven-Van der Meer (D66) en Voordewind (ChristenUnie).

1. Is het waar dat door bedrijfsvoering van Stichting Machinale Landbouw in de regio rond het Surinaamse Wageningen een aanzienlijke verontreiniging van water en bodem met asbest, pesticiden en herbiciden is veroorzaakt? 1) Zo nee, op basis van welke gegevens komt u tot dit standpunt?

Uit navraag bij de Surinaamse autoriteiten blijkt dat in de regio Wageningen geen grondig onderzoek heeft plaats gevonden naar de vervuiling van water en bodem als gevolg van de aanwezigheid van asbest. Naar de aanwezigheid van pesticiden en herbiciden is evenmin recentelijk onderzoek verricht. Vanwege het ontbreken van onderzoeksdata is door de Surinaamse autoriteiten niet vast te stellen in hoeverre de bedrijfsvoering van Stichting Machinale Landbouw van invloed is op negatieve ontwikkelingen in de leefomgeving van Wageningen en omstreken. Naar aanleiding van de artikelen over asbestverontreiniging in Wageningen heeft de Surinaamse minister van Arbeid, Technologie en Milieu het Medisch Bureau Arbeidsinspectie verzocht een intern rapport op te stellen over de situatie in Wageningen.

2. In hoeverre zijn er contacten geweest tussen de Nederlandse en Surinaamse regering over de vermeende problemen in de regio rond het Surinaamse Wageningen?

Zie antwoord op vraag 1.

3. Is het waar dat in de omgeving van het Surinaamse Wageningen een gemiddeld hogere sterfte als gevolg van kanker is waar te nemen? Zo ja, welk onderzoek is bekend over de oorzaken hiervan? Zo nee, op welke gegevens baseert u zich?

Volgens het Ministerie van Arbeid, Technologische Ontwikkeling en Milieu is er in Wageningen geen onderzoek gedaan naar mogelijke causale verbanden tussen het voorkomen van vormen van kanker en de aanwezige asbest. Er is geen informatie beschikbaar over het aantal sterfgevallen als gevolg van kanker in Wageningen, waardoor een vergelijkend onderzoek met andere plaatsen in Suriname niet mogelijk is.

4. Is het waar dat Nederland vanaf de oprichting tot aan het onafhankelijkheidsverdrag in 1975 medeverantwoordelijk was voor de bedrijfsvoering waarbij veel asbest, pesticiden en herbiciden zijn toegepast? Zo nee, wie waren dan verantwoordelijk?

De "Stichting voor de Ontwikkeling van de Machinale Landbouw in Suriname" is in 1949 opgericht door de Nederlandse Landbouwhogeschool Wageningen als project, met als doel om Nederlandse boeren aan te zetten rijst te verbouwen in Suriname. Bij het bouwen van de SML en de woningen/gebouwen eromheen is gewerkt met materialen met asbest. Indertijd werd ook in Nederland nog gewerkt met asbest. Pas in 1994 kwam er in Nederland een algeheel verbod op de toepassing van asbest.

In 1975/1976 heeft in het kader van de onafhankelijkheid van Suriname overdracht plaatsgevonden van alle activa van de SML, waaronder begrepen genoemde woningen en gebouwen, aan een speciaal hiervoor in het leven geroepen Surinaamse stichting, de Stichting Machinale Landbouw. Iedere betrokkenheid van de Nederlandse Landbouwhogeschool Wageningen respectievelijk van de Nederlandse overheid eindigde daarmee. Pas in latere jaren heeft het inzicht dat vrijkomend asbest gevaarlijk is voor de gezondheid, veld gewonnen. De onderscheidene stichtingen waren, respectievelijk zijn, verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering en het beheer.

5. Welke afspraken zijn er in het onafhankelijkheidsverdrag van 1975 en daaropvolgende aanvullingen gemaakt over aansprakelijkheid van Nederlandse Staat als mede-eigenaar van SML voor toekomstige schade voor volksgezondheid, natuur en milieu?

Er zijn geen specifieke afspraken gemaakt in het onafhankelijkheidsverdrag van 1975 en de daaropvolgende aanvullingen over mogelijke aansprakelijkheid van Nederland voor toekomstige schade voor de volksgezondheid, natuur en milieu. Overigens zij hier herhaald dat de Nederlandse Staat geen eigenaar van SML is geweest.

6. In hoeverre zijn de ontstane problemen rond asbest te wijten aan het verval van het complex van de Stichting Machinale Landbouw na overdracht van het complex aan de Surinaamse staat? Kunt u aangeven hoe de Surinaamse regering na de onafhankelijkheidsverklaring met het complex en de asbestproblematiek is omgegaan?

Er is door de Surinaamse autoriteiten geen onderzoek gedaan naar de status van het complex van de Stichting Machinale Landbouw in de loop van de tijd. Het complex van de Stichting Machinale Landbouw verkeert al jaren in een deplorabele staat.

7. Bent u van mening dat de inwoners in de regio van het Surinaamse Wageningen voldoende op de hoogte zijn van de risico’s die zij lopen als gevolg van het toepassen van asbest, pesticiden en herbiciden? Zo nee, bent u bereid de actuele kennis over asbest, pesticiden en herbiciden met de Surinaamse overheid en de maatschappelijke organisaties te delen zodat zij de inwoners goed kunnen voorlichten? Zo ja, waarop baseert u deze mening?

8. Bent u bereid de Surinaamse overheid bij te staan met kennis en advies om te komen tot zorgvuldige sanering van het betreffende gebied ter bescherming van volksgezondheid, natuur en milieu?

De Surinaamse autoriteiten onderkennen dat de lokale bevolking van Wageningen niet voldoende op de hoogte is van de risico’s en gevaren van de toepassing van asbest, pesticiden en herbiciden. Zij zijn daarom voornemens, mede op basis van het onder 1 genoemde interne rapport van het Medisch Bureau Arbeidsinspectie, bewustwordings- en voorlichtingsactiviteiten te intensiveren.

Indien verzoek daartoe van de Surinaamse overheid wordt ontvangen is de Nederlandse regering uiteraard bereid de mogelijkheden van het verlenen van bijstand serieus te bezien.

1) De Ware Tijd 6, 7, 8 en 9 september 2010, Telegraaf 11 oktober 2010, Volkskrant 16 oktober 2011

Indiendatum: dec. 2010
Antwoorddatum: 21 dec. 2010

Antwoorden op de schriftelijke vragen gesteld door de leden Ouwehand (PvdD), Jansen (SP), Van Tongeren (GroenLinks), Van der Staaij (SGP), Neppérus (VVD), Veldhoven-Van der Meer (D66) en Voordewind (ChristenUnie).

1. Is het waar dat door bedrijfsvoering van Stichting Machinale Landbouw in de regio rond het Surinaamse Wageningen een aanzienlijke verontreiniging van water en bodem met asbest, pesticiden en herbiciden is veroorzaakt? 1) Zo nee, op basis van welke gegevens komt u tot dit standpunt?

Uit navraag bij de Surinaamse autoriteiten blijkt dat in de regio Wageningen geen grondig onderzoek heeft plaats gevonden naar de vervuiling van water en bodem als gevolg van de aanwezigheid van asbest. Naar de aanwezigheid van pesticiden en herbiciden is evenmin recentelijk onderzoek verricht. Vanwege het ontbreken van onderzoeksdata is door de Surinaamse autoriteiten niet vast te stellen in hoeverre de bedrijfsvoering van Stichting Machinale Landbouw van invloed is op negatieve ontwikkelingen in de leefomgeving van Wageningen en omstreken. Naar aanleiding van de artikelen over asbestverontreiniging in Wageningen heeft de Surinaamse minister van Arbeid, Technologie en Milieu het Medisch Bureau Arbeidsinspectie verzocht een intern rapport op te stellen over de situatie in Wageningen.

2. In hoeverre zijn er contacten geweest tussen de Nederlandse en Surinaamse regering over de vermeende problemen in de regio rond het Surinaamse Wageningen?

Zie antwoord op vraag 1.

3. Is het waar dat in de omgeving van het Surinaamse Wageningen een gemiddeld hogere sterfte als gevolg van kanker is waar te nemen? Zo ja, welk onderzoek is bekend over de oorzaken hiervan? Zo nee, op welke gegevens baseert u zich?

Volgens het Ministerie van Arbeid, Technologische Ontwikkeling en Milieu is er in Wageningen geen onderzoek gedaan naar mogelijke causale verbanden tussen het voorkomen van vormen van kanker en de aanwezige asbest. Er is geen informatie beschikbaar over het aantal sterfgevallen als gevolg van kanker in Wageningen, waardoor een vergelijkend onderzoek met andere plaatsen in Suriname niet mogelijk is.

4. Is het waar dat Nederland vanaf de oprichting tot aan het onafhankelijkheidsverdrag in 1975 medeverantwoordelijk was voor de bedrijfsvoering waarbij veel asbest, pesticiden en herbiciden zijn toegepast? Zo nee, wie waren dan verantwoordelijk?

De "Stichting voor de Ontwikkeling van de Machinale Landbouw in Suriname" is in 1949 opgericht door de Nederlandse Landbouwhogeschool Wageningen als project, met als doel om Nederlandse boeren aan te zetten rijst te verbouwen in Suriname. Bij het bouwen van de SML en de woningen/gebouwen eromheen is gewerkt met materialen met asbest. Indertijd werd ook in Nederland nog gewerkt met asbest. Pas in 1994 kwam er in Nederland een algeheel verbod op de toepassing van asbest.

In 1975/1976 heeft in het kader van de onafhankelijkheid van Suriname overdracht plaatsgevonden van alle activa van de SML, waaronder begrepen genoemde woningen en gebouwen, aan een speciaal hiervoor in het leven geroepen Surinaamse stichting, de Stichting Machinale Landbouw. Iedere betrokkenheid van de Nederlandse Landbouwhogeschool Wageningen respectievelijk van de Nederlandse overheid eindigde daarmee. Pas in latere jaren heeft het inzicht dat vrijkomend asbest gevaarlijk is voor de gezondheid, veld gewonnen. De onderscheidene stichtingen waren, respectievelijk zijn, verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering en het beheer.

5. Welke afspraken zijn er in het onafhankelijkheidsverdrag van 1975 en daaropvolgende aanvullingen gemaakt over aansprakelijkheid van Nederlandse Staat als mede-eigenaar van SML voor toekomstige schade voor volksgezondheid, natuur en milieu?

Er zijn geen specifieke afspraken gemaakt in het onafhankelijkheidsverdrag van 1975 en de daaropvolgende aanvullingen over mogelijke aansprakelijkheid van Nederland voor toekomstige schade voor de volksgezondheid, natuur en milieu. Overigens zij hier herhaald dat de Nederlandse Staat geen eigenaar van SML is geweest.

6. In hoeverre zijn de ontstane problemen rond asbest te wijten aan het verval van het complex van de Stichting Machinale Landbouw na overdracht van het complex aan de Surinaamse staat? Kunt u aangeven hoe de Surinaamse regering na de onafhankelijkheidsverklaring met het complex en de asbestproblematiek is omgegaan?

Er is door de Surinaamse autoriteiten geen onderzoek gedaan naar de status van het complex van de Stichting Machinale Landbouw in de loop van de tijd. Het complex van de Stichting Machinale Landbouw verkeert al jaren in een deplorabele staat.

7. Bent u van mening dat de inwoners in de regio van het Surinaamse Wageningen voldoende op de hoogte zijn van de risico’s die zij lopen als gevolg van het toepassen van asbest, pesticiden en herbiciden? Zo nee, bent u bereid de actuele kennis over asbest, pesticiden en herbiciden met de Surinaamse overheid en de maatschappelijke organisaties te delen zodat zij de inwoners goed kunnen voorlichten? Zo ja, waarop baseert u deze mening?

8. Bent u bereid de Surinaamse overheid bij te staan met kennis en advies om te komen tot zorgvuldige sanering van het betreffende gebied ter bescherming van volksgezondheid, natuur en milieu?

De Surinaamse autoriteiten onderkennen dat de lokale bevolking van Wageningen niet voldoende op de hoogte is van de risico’s en gevaren van de toepassing van asbest, pesticiden en herbiciden. Zij zijn daarom voornemens, mede op basis van het onder 1 genoemde interne rapport van het Medisch Bureau Arbeidsinspectie, bewustwordings- en voorlichtingsactiviteiten te intensiveren.

Indien verzoek daartoe van de Surinaamse overheid wordt ontvangen is de Nederlandse regering uiteraard bereid de mogelijkheden van het verlenen van bijstand serieus te bezien.

1) De Ware Tijd 6, 7, 8 en 9 september 2010, Telegraaf 11 oktober 2010, Volkskrant 16 oktober 2011