Kamer­vragen aan de ministers van VWS en LNV over het onder­steunen van de promo­tie­cam­pagne ‘Van vis krijg je nooit genoeg’


Indiendatum: sep. 2008

Vragen van het lid Ouwehand van de Partij voor de Dieren aan de ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) over het ondersteunen van de promotiecampagne ‘Van vis krijg je nooit genoeg’

  1. Kent u het persbericht van het Nederlands Visbureau voor de promotiecampagne ‘Van vis krijg je nooit genoeg’?
  2. Is het waar dat de promotiecampagne gesteund wordt door de ministeries van VWS en LNV? Zo ja, houdt deze ondersteuning ook financiële ondersteuning in, en zo ja, hoe groot is deze overheidsbijdrage?
  3. Kunt u aangeven waarom natuur-, milieu- en dierenwelzijnaspecten, zoals een duurzaam aanbod in de supermarkten van niet bedreigde vissen en geen vis die op een schadelijke manier is gekweekt of gevangen, geen onderdeel uitmaken van de campagne? Zo neen, waarom niet?
  4. Kent u het document van de Europese Commissie ‘Communication from the Commission to the Council, Fishing Opportunities for 2008’?
  5. Kunt u aangeven hoe het promoten van de visconsumptie zich verhoudt tot de conclusie van de Europese Commissie dat 80 procent van de Europese visbestanden zich in de gevarenzone bevindt, waaronder tong, schol en tonijn?
  6. Kunt u aangeven hoe de Voedingsnota van minister Klink, waarin ook de nadruk wordt gelegd op een grotere visconsumptie, zich verhoudt tot de teruglopende visbestanden ten gevolge van de wereldwijde overbevissing?
  7. Kunt u aangeven wat uw ambities zijn voor het herstel van de visstanden en welke concrete actie we van u mogen verwachten?
  8. Deelt u de mening dat het promoten van visconsumptie minstens op gespannen voet staat met inspanningen voor herstel van visbestanden? Zo ja, kunt u dit toelichten? Zo neen, waarop baseert u zich?

Indiendatum: sep. 2008
Antwoorddatum: 19 okt. 2008

Geachte Voorzitter,

Hierbij stuur ik u mede namens de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de antwoorden op de vragen van het lid Ouwehand (PvdD) over het ondersteunen van de promotiecampagne ‘Van vis krijg je nooit genoeg’.

  1. Kent u het persbericht van het Nederlands Visbureau voor de promotiecampagne ‘Van vis krijg je nooit genoeg’?

    Ja.
  2. Is het waar dat de promotiecampagne gesteund wordt door uw ministeries? Zo ja, houdt deze ondersteuning ook financiële ondersteuning in, en hoe groot is deze overheids¬bijdrage?

    Er is een subsidieaanvraag ingediend bij het ministerie van LNV voor een bedrag van
    € 700.000,-. Daarvan zal € 525.000,- nationaal gefinancierd worden en € 175.000,- vanuit het Europees Visserijfonds. Toetsingskader is het Operationeel Programma 2007-2013. “Perspectief voor een duurzame visserij”.
    Daarnaast vindt, in het kader van de doelstelling uit de Voedingsnota om de viscon¬sumptie te verhogen, afstemming en waar mogelijk samenwerking plaats tussen het Nederlands Visbureau en het Voedingscentrum.
  3. Kunt u aangeven waarom natuur-, milieu- en dierenwelzijnaspecten, zoals een duurzaam aanbod in de supermarkten van niet bedreigde vissen en geen vis die op een schadelijke manier is gekweekt of gevangen, geen onderdeel uitmaken van de campagne? Zo neen, waarom niet?

    Een campagne richt zich in het algemeen op één onderwerp om een boodschap kort en helder over het voetlicht te krijgen.

    Uitgangspunt bij de campagne ‘Van vis krijg je nooit genoeg’ is het verhogen van de visconsumptie in Nederland. Het thema is ‘gezondheid’. De hoofdboodschap benadrukt het feit dat regelmatig vis eten gezond is.
    Onderzoek toont aan dat in Nederland gemiddeld slechts eenmaal per 2,5 weken vis wordt gegeten. Het huidige consumptiepatroon staat in schril contrast met de door de Gezondheidsraad aanbevolen visconsumptie van tweemaal per week.

    De natuur-, milieu- en dierenwelzijnsaspecten worden in een onlangs gestarte campagne van het Voedingscentrum benadrukt. Doel van deze campagne is de consument te stimuleren een bewuste keuze te maken bij de aankoop van voedsel, door te wijzen op duurzaamheidsaspecten die bij de productie een rol spelen. Visproducten worden in die campagne apart aan de orde gesteld. Deze campagne wordt door het ministerie van LNV financieel ondersteunt.
    Daarnaast komt het ministerie van LNV voor het einde van het jaar met een nota over voedsel en consument met onder meer de ambities en doelen ten aanzien van duurzaam¬heidsaspecten bij de productie van voedsel.
  4. Kent u het document van de Europese Commissie ‘Communication from the Commission to the Council, Fishing Opportunities for 2008’?

    Ja.
  5. Kunt u aangeven hoe het promoten van de visconsumptie zich verhoudt tot de conclusie van de Europese Commissie dat 80 procent van de Europese visbestanden zich in de gevarenzone bevindt, waaronder tong, schol en tonijn?

    De promotiecampagne is erop gericht een perspectiefvolle afzetmarkt voor visproducten voor menselijke consumptie te creëren. Een sterke economisch basis en een kansrijke toekomst zijn voorwaarden om toekomstige investeringen in verduurzaming mogelijk te maken. De campagne hangt samen met andere activiteiten van het Nederlands Visbureau, zoals het stimuleren van verduurzaming door voorlichting aan de sector, die het bewust¬zijn en de kennis over verantwoorde productie moet vergroten. Een betere marktpositie voor visproducten doet niets af aan de beperkende vangstquota en herstelmaatregelen van het Gemeenschappelijk Visserijbeleid (GVB).
  6. Kunt u aangeven hoe de Voedingsnota van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, waarin ook de nadruk wordt gelegd op een grotere visconsumptie, zich verhoudt tot de teruglopende visbestanden ten gevolge van de wereldwijde overbevissing?

    Zie mijn antwoord op vraag 3 en 5.
  7. Kunt u aangeven wat uw ambities zijn voor het herstel van de visstanden en welke concrete actie van u mag worden verwacht?

    In het Gemeenschappelijk Visserijbeleid van 2002 is afgesproken om met voorrang herstel- en beheerplannen te ontwikkelen voor die bestanden waarvan de omvang beneden de veilige biologische limieten ligt. Ik vind deze plannen belangrijk. Ze scheppen duidelijk¬heid over wat we willen bereiken en hoe. Met de plannen maken we binnen de EU meerjarige afspraken. Dit komt de stabiliteit ten goede. Bovendien leveren de sector en maatschappelijke organisaties inbreng bij het vaststellen van de herstel - en beheer¬plannen. Daarmee is het draagvlak groter.
    In deze plannen zijn ook afspraken gemaakt over het bereiken van een exploitatie volgens het niveau van Maximum Sustainable Yield (MSY).

    Niet alleen binnen de EU werken we aan herstelplannen, maar ook in regionale visserij akkoorden. Sommige zijn nu nog in ontwikkeling, andere zijn al een tijd in werking en worden geëvalueerd en indien nodig aangepast. Ik vind dit instrument belangrijk. Ook andere middelen om de visserij te verduurzamen zullen aan het herstel bijdragen.
  8. Deelt u de mening dat het promoten van visconsumptie minstens op gespannen voet staat met inspanningen voor herstel van visbestanden? Zo ja, kunt u dit toelichten? Zo neen, waarop baseert u zich?

    Zie mijn antwoord op vraag 5.

    DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
    VOEDSELKWALITEIT,




    G. Verburg

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer