Kamer­vragen aan de ministers van LNV, SZW en van VWS over kobalt­ge­halte veevoer.


1. Kent u het bericht ‘Provimi verlaagt kobaltgehalte veevoer’*?

2. Is het juist dat kobaltbronnen kankerverwekkend kunnen zijn bij inademing? Zo ja, bent bereid het gebruik van kobalt aan strenge regels te onderwerpen? Zo neen, waaraan ontleent u deze zekerheid?

3. Kunt u aangeven of kobalt vooral of uitsluitend noodzakelijk is als additief voor de productie van koeien die jaarrond op stal staan, of ook noodzakelijk is voor dieren die een substantieel deel van het jaar buiten gehouden worden?

4. Kunt u aangeven hoe koeien vitamine B12 aanmaakten toen nog geen kobalt aan hun voer werd toegevoegd?
5. Is er een wettelijke norm voor de maximale hoeveelheid kobalt die aan veevoer wordt toegevoegd? Zo ja, hoe luidt die? Zo neen, waarom niet en bent u bereid een dergelijke norm in te voeren?

6. Kunt u aangeven in hoeverre de kobalttoevoeging bij andere veevoerproducenten verschilt van die van Provimi? Zo ja, acht u het wenselijk dat producenten zelf kunnen bepalen hoeveel mogelijk kankerverwekkende stoffen ze gebruiken als additief voor hun veevoer? Zo neen, waarom niet?

7. Kunt u aangeven welke risico’s kleven aan de toepassing van kobalt in veevoer voor de productie van rundvee en voor de gezondheid van de medewerkers in de veevoedersector? Zo ja, kunt u aangeven op welke wetenschappelijke bronnen u uw antwoord baseert? Zo neen, waarom niet en bent u bereid nader onderzoek te doen verrichten naar aanleiding van de door Provimi gesignaleerde risico’s?

* www.agd.nl/1082002/Nieuws/Artikel/Provimi-verlaagt-kobaltgehalte-veevoer.htm

Antwoorddatum: 17 sep. 2009

Geachte Voorzitter,

Hierbij stuur ik u, mede namens de ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) de antwoorden op Kamervragen gesteld door het lid Thieme (PvdD) naar aanleiding van het kranten¬bericht “Provimi verlaagt kobaltgehalte veevoer” in het Agrarisch Dagblad van 12 augustus 2009.

1
Kent u het bericht “Provimi verlaagt kobaltgehalte veevoer”?1

Ja.

2, 5 en 7
Is het waar dat kobaltbronnen kankerverwekkend kunnen zijn bij inademing?
Zo ja, bent u bereid het gebruik van kobalt aan strenge regels te onderwerpen? Zo nee, waaraan ontleent u deze zekerheid?

Is er een wettelijke norm voor de maximale hoeveelheid kobalt die aan veevoer wordt toegevoegd? Zo ja, hoe luidt die? Zo nee, waarom niet en bent u bereid een dergelijke norm in te voeren?


Kunt u uiteenzetten welke risico’s kleven aan de toepassing van kobalt in veevoer voor de productie van rundvee en voor de gezondheid van de medewerkers in de veevoedersector? Zo ja, kunt u uiteenzetten op welke wetenschappelijke bronnen u uw antwoord baseert? Zo nee, waarom niet en bent u bereid nader onderzoek te doen verrichten naar aanleiding van de door Provimi gesignaleerde risico’s?

Het gebruik van kobalt in diervoeder is vanwege de onderkende risico’s op het gebied van volks- en diergezondheid en milieu al aan strenge regels gebonden.

Kobaltverbindingen zijn onder voorwaarden als diervoederadditieven toegelaten op basis van Verordening (EG) nr. 1831/2003 . De Europese Commissie geeft enkel een vergunning hiervoor af als dit niet schadelijk wordt geacht voor de volks- en diergezondheid en het milieu. Verordening (EG) 1334/2003 stelt voorts omwille van de volks- en diergezondheid en het milieu, als voorwaarde voor het in de handel brengen van deze elementen, dat het mengvoeder niet meer dan 2 mg per kg mag bevatten. Uit deze Europese regelgeving volgt dat toepassing van de stof binnen deze kaders op dit moment veilig wordt geacht.
Het gebruik van kobalt als diervoederadditief zal echter nog door de Europese Commissie opnieuw beoordeeld worden, omdat deze stof op grond van de oude additievenrichtlijn in de handel is gebracht. Dit geldt overigens voor alle diervoederadditieven. Bij deze beoordeling baseert de Commissie zich op een advies van de European Food Safety Authority (EFSA) aangaande de veiligheid van het desbetreffende additief voor mens, dier en milieu, als ook de effectiviteit van het additief.

Toevoegingsmiddelen zoals kobalt worden door middel van een voormengsel toegevoegd aan een mengvoeder. Bij de huidige werkwijze van inmenging van een voormengsel (inmengingspercentage is 0,5%) zal een beoogd gehalte van 2 mg per kg volledig diervoeder, leiden tot een voormengsel dat meer dan 100 mg kobalt per kg bevat. Deze voormengsels dienen geëtiketteerd te zijn met de gevarenaanduiding ”Kan kanker veroorzaken bij inademing” en voorzien zijn van een specifiek symbool in de vorm van een doodshoofd. Deze verplichting vloeit voort uit een aantal Europese richtlijnen en verordeningen ten aanzien van indeling, etikettering en verpakking van gevaarlijke stoffen.

Het Arbeidsomstandighedenbesluit verplicht de ondernemer de nodige, nader omschreven, maatregelen te nemen wanneer het gaat om het hanteren van kankerverwekkende stoffen. Daarom zal een diervoederfabrikant bij het gebruik van voormengsels met kankerverwekkende kobaltverbindingen voorzorgsmaat¬regelen moeten treffen om de blootstelling van zijn medewerkers aan deze kobaltverbindingen zo laag als technisch mogelijk te houden. Als eerste optie geldt hierbij vervanging van de stof door een stof die minder schadelijk is.
In ieder geval dient de blootstelling onder de wettelijke grenswaarde te liggen van 0,02 mg/m3 in de inademingslucht, gebaseerd op de publicatie van de American Conference of Industrial Hygiensts (ACGIH) uit 2001.

Mijns inziens gelden er, gelet op het voorgaande, voldoende strenge (geharmoni¬seerde) regels als het gaat om de etikettering, het hanteren door de medewerker en de toepassing als additief in diervoeder. Daarom zie ik geen reden, op dit moment, om het gebruik van kobalt aan strenge(re) nationale regels te onderwerpen. Ik vertrouw erop dat de EFSA in haar advies van kobalt als diervoederadditief de mogelijke schadelijke gevolgen op de gezondheid van de medewerker - die het gebruik van kobalt met zich meebrengt - laat meewegen. Wanneer dit leidt tot wijziging van de Europese regelgeving aangaande de toepassing van kobalt als diervoederadditief, zal ik uiteraard zorgdragen dat deze wijziging in Nederland wordt geïmplementeerd en in acht wordt genomen.

3
Kunt u uiteenzetten of kobalt vooral of uitsluitend noodzakelijk is als additief voor de productie van koeien die jaarrond op stal staan, of ook noodzakelijk is voor dieren die een substantieel deel van het jaar buiten gehouden worden?

Er bestaat geen verschil in de behoefte aan kobalt tussen dieren die het hele jaar staan opgestald of deels buiten lopen. Daarom is het ook een noodzakelijk additief ingeval de dieren in de zomermaanden buiten worden gehouden.

4
Kunt u uiteenzetten hoe koeien vitamine B12 aanmaakten toen nog geen kobalt aan hun voer werd toegevoegd?
Dierstudies hebben aangetoond dat kobalt een essentieel element is bij bepaalde diersoorten, zoals melkkoeien, vleesvarkens en lammeren, bestemd voor de vleesproductie. De mate waarin kobalt voorkomt in primaire grondstoffen is onder andere afhankelijk van het type grond waarop deze gewassen worden verbouwd. In het algemeen gelden zandgronden als kobaltarm. Het is daarom onduidelijk voor veehouders of de dagelijkse inname van kobalt via primaire grondstoffen in de behoefte van hun dieren voorziet. Om die reden wordt kobalt aan het meng¬voeder toegevoegd in zeer lage dosering. Zonder deze toevoeging bestaat het risico op een tekort bij een dier aan dit essentiële element.

6
Kunt u uiteenzetten in hoeverre de kobalttoevoeging bij andere veevoer¬producenten verschilt van die van Provimi? Zo ja, acht u het wenselijk dat producenten zelf kunnen bepalen hoeveel mogelijk kankerverwekkende stoffen ze gebruiken als additief voor hun veevoer? Zo nee, waarom niet?

Nee, het is mij niet bekend in welke mate de kobalttoevoeging bij andere veevoerproducenten verschilt van die van Provimi. Het gehalte aan kobalt is namelijk afhankelijk van de diersoort waarvoor het diervoeder is bestemd, naast het type grond waarop de veehouderij is gesitueerd.

Ik ben van mening dat elke fabrikant de vrijheid heeft zelf het gehalte aan kobalt in het mengvoeder te bepalen, op basis van nutritioneel inzicht, zolang het wettelijk maximum niet wordt overschreden.

DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
VOEDSELKWALITEIT,


G. Verburg


1Verordening (EG) Nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende toevoegingsmiddelen voor diervoeding.
2Verordening (EG) nr. 1334/2003 van de Commissie van 25 juli 2003 tot wijziging van de toelatingsvoorwaarden voor een aantal toevoegingsmiddelen van de groep sporenelementen in diervoeders.