Kamer­vragen aan de ministers van LNV en VROM over vege­ta­risme tegen klimaat­ver­an­dering


Vragen van het lid Thieme van de Partij voor de Dieren aan de ministers van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu over vegetarisme tegen klimaatverandering

NB dit zijn aanvullende vragen op eerdere kamervragen gesteld op 17 april 2007 door het lid Thieme over de beperking van vleesconsumptie in Nederland


1. Kent u de berichten ‘The secret plans to turn us all vegetarian’(1) en ‘vegetarisme tegen klimaatverandering’(2) ?

2. Deelt u de mening dat de veehouderij een grote bijdrage levert aan de klimaatverandering, ontbossing, watervervuiling en broeikasgassen? Zo ja, op welke wijze wilt u deze bijdrage verminderen? Zo neen, waarom niet?

3. Deelt u de mening van de regering van het Verenigd Koninkrijk dat een massale omschakeling naar een veganistisch dieet belangrijke milieuvoordelen zou kunnen opleveren en een significante impact kan hebben op het klimaatprobleem? Zo ja, waarom? Zo neen, waarom niet?

4. Acht u een actieve promotie vanuit de overheid van een meer plantaardig dieet om klimaatverandering tegen te gaan wenselijk? Zo ja, op welke wijze wilt u dit gaan vormgeven en binnen welke termijn? Zo neen, waarom niet?

5. Bent u van mening dat burgers en met name kinderen en jongeren op de hoogte moeten worden gesteld van de feiten en cijfers over de gevolgen van de vleesconsumptie op de klimaatverandering, ontbossing, watervervuiling en broeikasgassen? Zo ja op welke wijze wilt u dat doen en binnen welke termijn? Zo neen, waarom niet?

6. Bent u van mening dat het voor de consument goed is te weten hoeveel vlees hij in een mensenleven gemiddeld consumeert (in het Verenigd Koninkrijk gaat het om circa 11.000 dieren in een mensenleven) en welke effecten dit heeft op de klimaatverandering, ontbossing, watervervuiling en broeikasgassen om zo de bewustwording te vergroten?

(1) Daily Mail 28 mei 2007

(2) Agrarisch Dagblad 31 mei 2007

Antwoorddatum: 27 jun. 2007

Geachte Voorzitter,

In deze brief beantwoord ik mede namens de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer de vragen van het lid Thieme (PvdD) over vegetarisme tegen klimaatverandering.

1
Kent u de berichten ‘The secret plans to turn us all vegetarian’ en ‘vegetarisme tegen klimaatverandering’?

Ja.

2
Deelt u de mening dat de veehouderij een grote bijdrage levert aan de klimaatverandering, ontbossing, watervervuiling en broeikasgassen? Zo ja, op welke wijze wilt u deze bijdrage verminderen? Zo neen, waarom niet?

Ik heb in antwoord op de vragen van het lid Thieme van 19 april jl. over de beperking van de vleesconsumptie in Nederland aangegeven dat aan ons voedselpakket milieubezwaren kleven. Ik heb hierin ook aangegeven hoe ik de bijdrage aan klimaatverandering en broei¬kasgassen wil verminderen. Om de ontbossing wereldwijd te verminderen, zet Nederland zich internationaal actief in. Dit gebeurt onder andere in de context van United Nations Forum on Forests, het Biodiversiteitsverdrag, Forest Law Enforcement, Governance and Trade proces, de International Tropical Timber Organisation en het Klimaatverdrag. In Nederland draagt het milieu-, mest- en waterbeleid bij aan het verminderen van de watervervuiling.

3
Deelt u de mening van de regering van het Verenigd Koninkrijk dat een massale omschakeling naar een veganistisch dieet belangrijke milieuvoordelen zou kunnen opleveren en een significante impact kan hebben op het klimaatprobleem? Zo ja, waarom? Zo neen, waarom niet?


Ik ben in mijn antwoord op de vragen over de beperking van de vleesconsumptie reeds ingegaan op de mogelijke effecten van het vervangen van dierlijke eiwitten door plant¬aardige eiwitten.

4
Acht u een actieve promotie vanuit de overheid van een meer plantaardig dieet om klimaatverandering tegen te gaan wenselijk? Zo ja, op welke wijze wilt u dit gaan vormgeven en binnen welke termijn? Zo neen, waarom niet?

Ik heb in mijn antwoord op de vragen over de beperking van de vleesconsumptie in Nederland aangegeven dat de rijksoverheid op dit moment geen specifieke communicatie¬activiteiten over dit thema gepland heeft en u gewezen op informatie die door het Voedingscentrum en Milieu Centraal wordt verstrekt over voeding en milieu-aspecten daarvan.

5
Deelt u de mening dat burgers en met name kinderen en jongeren op de hoogte moeten worden gesteld van de feiten en cijfers over de gevolgen van de vleesconsumptie op de klimaatverandering, ontbossing, watervervuiling en broeikasgassen? Zo ja, op welke wijze wilt u dat doen en binnen welke termijn? Zo neen, waarom niet?

6
Deelt u de mening dat het voor de consument goed is te weten hoeveel vlees hij in een mensenleven gemiddeld consumeert en welke effecten dit heeft op de klimaat¬verandering, ontbossing, watervervuiling en broeikasgassen om zo de bewustwording te vergroten?

Ik hecht er waarde aan dat jong en oud geïnformeerd zijn over de maatschappelijke gevolgen van productie en consumptie. In antwoord op vraag 4 heb ik aangegeven dat de overheid organisaties ondersteunt die informatie verstrekken over voeding en milieu-aspecten daarvan.

Daarnaast worden - bijvoorbeeld via de Subsidieregeling Maatschappelijke organisaties Milieubeheer - regelmatig projecten van maatschappelijke organisaties ondersteund, waarin een deel van de projectactiviteiten gericht is op de bewustwording en betrokken-heid van burgers over de milieu- en duurzaamheidsaspecten van productie en consumptie.

DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
VOEDSELKWALITEIT,


G. Verburg