Kamer­vragen aan de minister van LNV over bestrij­dings­me­thode zwarte rat


Vragen van het lid Thieme aan de minister van LNV over bestrijdingsmethode zwarte rat

  1. Kent u het bericht `Limburg pakt overlast door zwarte rat aan met gifappels’? (1)
  2. Kunt u aangeven hoe groot de populatie zwarte ratten is in Brabant en in Limburg en op basis van welke gegevens is besloten over te gaan tot intensivering van bestrijding? Zo neen, waarom niet?
  3. Kunt u aangeven welke factoren aan de groei en verspreiding van deze populaties ten grondslag liggen? Zo neen, waarom niet?
  4. Kunt u aangeven in hoeverre de huidige populaties zwarte ratten in Zuid-Nederland een reële bedreiging vormen voor de volksgezondheid? Zo ja, waarop baseert u dit en welke wetenschappelijke onderzoeken liggen hieraan ten grondslag? Zo neen, waarom niet?
  5. Kunt u aangeven in hoeverre het gegrond is dat er nu al een start gemaakt wordt met het rigoureus bestrijden van de zwarte rat, terwijl er in Nederland vooralsnog geen besmette ratten zijn aangetroffen? Zo neen, waarom niet?
  6. Kunt u aangeven in hoeverre diervriendelijke methoden worden toegepast of onderzoek is gedaan naar diervriendelijke methoden om de gemelde opmars van de zwarte rat in Zuid-Nederland in te dammen? Zo neen, waarom niet?
  7. Kunt u aangeven waarom het LLTB (de Limburgse Land- en Tuinbouwbond) pas sinds kort is gestart met een proefproject om voorlichting te geven aan boeren en burgers over het voorkomen van rattenplagen? Heeft de overheid initiatieven op dit vlak ontplooid? Zo ja, welke? Zo neen, waarom niet?
  8. Deelt u de mening dat goede voorlichting aan burgers en boeren cruciaal is om problemen met plaagdieren vroegtijdig te kunnen voorkomen? Zo ja, bent u bereid hiervoor overheidsbeleid te ontwikkelen? Zo neen, kunt u dit toelichten?
  9. Deelt u de mening dat overlast van (zwarte) ratten voorkomen kan worden door (opgeslagen) voedsel onbereikbaar te maken voor deze dieren door goed afsluitbare constructies waar ratten (en muizen) niet bij kunnen? Zo ja, bent u bereid hiervoor beleid of instructies te ontwikkelen? Zo neen, waarom niet?
  10. Bent u bereid een onderzoek in te stellen naar de mogelijkheden om overlast, vraatschade en gezondheidsrisico’s door de zwarte rat met diervriendelijke middelen te bestrijden? Zo ja, op welke wijze en binnen welke termijn? Zo neen, waarom niet?

(1) Volkskrant, 18 maart 2008.

Antwoorddatum: 13 apr. 2008

1
Kent u het bericht ‘Limburg pakt overlast door zwarte rat aan met gifappels’? )

Ja.

2
Hoe groot is de populatie zwarte ratten in Brabant en in Limburg? Kunt u uiteenzetten op basis van welke gegevens is besloten over te gaan tot intensivering van bestrijding? Zo neen, waarom niet?

De omvang van de populatie is niet exact bekend. Wel is in de zuidelijke regio sprake van een toename van het aantal meldingen van overlast door zwarte ratten bij zowel agrariërs als particulieren. Onderzoek van het Kenniscentrum Dierplagen wijst erop dat lokaal de overlast groot is door de aanwezigheid van grote populaties.

3
Kunt u uiteenzetten welke factoren aan de groei en verspreiding van deze populaties ten grondslag liggen? Zo neen, waarom niet?

Nee. Vanuit eerdere onderzoeken is bekend dat de zwarte rat zich goed kan verplaatsen.

4
Kunt u uiteenzetten in hoeverre de huidige populaties zwarte ratten in Zuid-Nederland een reële bedreiging vormen voor de volksgezondheid? Zo ja, waarop baseert u dit en welke wetenschappelijke onderzoeken liggen hieraan ten grondslag? Zo neen, waarom niet?

Zowel zwarte als bruine ratten kunnen drager zijn van het ‘Seoulvirus’, een type Hantavirus. Hantavirussen kunnen tot ernstige nierschade leiden. Het ‘Seoulvirus’ is in Nederland nog niet aangetroffen bij mensen of ratten . Daarmee is er geen aanwijzing dat zwarte ratten in Zuid-Nederland op dit moment een bedreiging vormen voor de volks¬gezondheid.

Ratten kunnen ook drager zijn van ziekten zoals de Ziekte van Weil en verschillende bacteriën (Campylobacter, Salmonella en Trichinellose). Ook kunnen ratten dierziekten zoals mond- en klauwzeer, vogelgriep en varkenspest verspreiden .

5
Kunt u uiteenzetten in hoeverre het gegrond is dat er nu al een start gemaakt wordt met het rigoureus bestrijden van de zwarte rat, terwijl er in Nederland vooralsnog geen besmette ratten zijn aangetroffen? Zo neen, waarom niet?

Zoals ook het krantenartikel aangeeft, zal in een pilotgebied onderzoek worden gedaan naar de mate en verspreiding van de zwarte rat, de overlast die plaatsvindt, de reden van aanwezigheid en onderzoeken of en zo ja, welke actie noodzakelijk is voor het terug¬dringen van de overlast. Dit onderzoek zal plaatsvinden in een samenwerkingsverband tussen de Limburgse Land- en Tuinbouwbond, de gemeente Nederweert en het Kennis¬centrum Dierplagen. De rattenbestrijding vindt plaats conform de wet gewas¬bescherming en biociden.

6
Kunt u uiteenzetten in hoeverre diervriendelijke methoden worden toegepast of onderzoek is gedaan naar diervriendelijke methoden om de gemelde opmars van de zwarte rat in Zuid-Nederland in te dammen? Zo neen, waarom niet?

De meest toegepaste methoden die ingezet worden voor de bestrijding van zwarte ratten zijn biociden en klemmen. Er is geen apart onderzoek gedaan naar andere methoden. Bij de proef in Zuid-Nederland worden de mogelijkheden voor preventieve bestrijding van de zwarte rat onderzocht.

7
Kunt u uiteenzetten waarom het LLTB (de Limburgse Land- en Tuinbouwbond) pas sinds kort is gestart met een proefproject om voorlichting te geven aan boeren en burgers over het voorkomen van rattenplagen? Heeft de overheid initiatieven op dit vlak ontplooid? Zo ja, welke? Zo neen, waarom niet?

De zwarte rat wordt door individuele agrariërs bestreden in het kader van plaagdieren¬bestrijding. De LLTB is geïnteresseerd in een samenwerkingsproject waarbij wordt geprobeerd de plaagdierenbestrijding meer te coördineren. Met name om de bestrijding effectiever te laten verlopen. Indien beheersing succesvol is, kan de inspanning van individuele agrariërs en door hun ingeschakelde bestrijdingsbedrijven omlaag en zal ook het aantal zwarte ratten dat gedood wordt afnemen, omdat de populatie beter onder controle is. Hier is sprake van particulier initiatief. Verder bekijkt de overheid momenteel of de opleiding in plaagbestrijding voor agrariërs moet worden aangescherpt conform de eisen zoals deze gesteld worden aan professionele plaagdierbestrijders.

8
Deelt u de mening dat goede voorlichting aan burgers en boeren cruciaal is om problemen met plaagdieren vroegtijdig te kunnen voorkomen? Zo ja, bent u bereid hiervoor overheids¬beleid te ontwikkelen? Zo neen, kunt u dit toelichten?

Ja, goede voorlichting is van belang. Ik zie echter geen reden om daarvoor apart nieuw overheidsbeleid te ontwikkelen, omdat overheid én bedrijfsleven daar al diverse initiatieven voor hebben opgestart.

9
Deelt u de mening dat overlast van (zwarte) ratten voorkomen kan worden door (opgeslagen) voedsel onbereikbaar te maken voor deze dieren door goed afsluitbare constructies waar ratten (en muizen) niet bij kunnen? Zo ja, bent u bereid hiervoor beleid of instructies te ontwikkelen? Zo neen, waarom niet?

Ik ben van oordeel dat de particuliere houders en eigenaren van voedselvoorraden een eigen verantwoordelijkheid hebben om dergelijke voorzorgsmaatregelen te nemen. Deze maatregelen zullen de overlast overigens niet in haar geheel kunnen wegnemen.

10
Bent u bereid een onderzoek in te stellen naar de mogelijkheden om overlast, vraatschade en gezondheidsrisico’s door de zwarte rat met diervriendelijke middelen te bestrijden? Zo ja, op welke wijze en binnen welke termijn? Zo neen, waarom niet?

Het proefproject geeft voldoende aandacht aan deze specifieke aspecten. Zo wordt bezien of de verspreiding van zwarte ratten kan worden beperkt door ander wegbermbeheer en worden andere preventieve maatregelen onderzocht.



DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
VOEDSELKWALITEIT,


G. Verburg