Opinie: Rabbijn Evers heeft geen gelijk


21 december 2010

Recent is in het Nederlands Dagblad het artikel "Partij niet voor de Dieren" verschenen(1), van de hand van Mr. drs. R. Evers, rabbijn van het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap. Het artikel is geschreven met medewerking van Prof. Dr. F.A. de Wolff. Deze hoogleraar is niet bekend als medewerker bij de Wageningen Universiteit en Research Centra, en de suggestie dat Wageningen Universiteit betrokken is geweest bij het schrijven van het artikel is daarom onjuist. Volgens onze zoektocht is de hoogleraar Prof. Dr. De Wolff verbonden aan de Universiteit van Leiden op een geheel ander vakgebied en heeft hij een persoonlijke betrokkenheid bij kosher eten.

Rabbijn Evers stelt dat pijn niet te meten is en de mate van pijn bij het slachten niet onderzocht is. Populair gesteld bestaat pijn als er pijn wordt gevoeld. De vraag of het gevoeld wordt kan alleen aan de mens - uitgezonderd baby’s - worden gesteld en beantwoord. Om toch ook iets te kunnen zeggen over pijn bij baby’s en dieren, is de laatste decennia veel onderzoek gedaan. Algemeen wordt nu aangenomen dat gezien de overeenkomst in anatomie, fysiologie en gedrag die dieren met mensen hebben, zij pijn kunnen ervaren. Evers trekt deze breed gedragen conclusie in twijfel, door te stellen: “Pijnbeleving is niet te meten en de mate aan pijn bij het slachten is niet onderzocht”. Een paar jaar geleden is er een uitgebreid onderzoek gedaan naar pijn bij het onverdoofd slachten in Nieuw Zeeland. De conclusie was, dat het dier pijn registreert(2).

Rabbijn Evers stelt dat in extreme stress situaties er endorfine en noradrenaline worden gevormd, die de pijn zouden verminderen. In de medische literatuur zijn inderdaad voorbeelden te vinden dat mensen in speciale gevallen minder of geen pijn beleven ondanks (groot) fysiek trauma. Dit is echter zeker geen algemene waarneming. Wetenschappers zijn het dan ook pertinent oneens met de suggestie dat het dier gestrest moet zijn voor de snede, om de snede zelf niet te voelen. M.a.w. het dier moet lijden (stress) om bij een volgende handeling het lijden (pijn) te verminderen. Dit kan niet de bedoeling zijn, maar is bovendien aantoonbaar onjuist.

In de literatuur wordt aangeven dat er fouten gemaakt worden in de praktijk bij het slachten van dieren. Als voorbeeld is bekend, dat het in 15% fout gaat bij het verdoven met het schietmasker bij runderen, zelfs bij correct gebruikt. Er kan echter snel worden herverdoofd. Ook is bekend dat het in 14% van de gevallen fout gaat bij het snijden van de keel zonder verdoving (zelfs met een chirurgische kwaliteit van het mes). Herstel bij alleen snijden door de snijder is moeilijker. Verder is bekend dat bij 7 – 8% van de gevallen er “ballooning” optreedt, waardoor het bloedvat gedeeltelijk verstopt en de uitbloeding wordt vertraagd. Van een snelle bloeddrukdaling is dan geen sprake, en bewusteloosheid treedt dan pas 3 tot 4 minuten na het snijden in. Bovendien treedt bij 10 – 15% een beperkte verstopping op met vertraging van de verbloeding. In de literatuur wordt aangegeven dat de kortste duur voor het intreden van de bewusteloosheid bij runderen ongeveer 30s is na het aansnijden(3). Uit het onderzoek van Wageningen UR blijkt dat de gemiddelde tijd ongeveer 80s bedraagt.

De discussie rond ritueel slachten is ingewikkeld, en dient op basis van wetenschappelijke feiten door wetenschappers met expertise te gebeuren. (deze reactie is gebaseerd op informatie die wij van Dr B. Lambooij van Wageningen UR kregen. De verantwoordelijkheid voor deze reactie ligt echter bij de Partij voor de Dieren). De politieke discussie wordt door de Partij voor de Dieren gevoerd. Ons standpunt is dat het onverdoofd ritueel slachten geheel moet worden verboden. Elk dier dat geslacht wordt in Nederland zal voorafgaand aan de slacht verdoofd dienen te worden. De Partij voor de Dieren heeft daartoe een wetsvoorstel verbod onverdoofd ritueel slachten ingediend, dat begin 2011 in de Kamer zal worden behandeld.

(1) Nederlands Dagblad, Opinie Debat Analyse, 9 december 2010
(2) Ref: Mellor, D. J.; Gibson, T. J.; Johnson, C. B., 2009. A re-evaluation of the need to stun calves prior to slaughter by ventral-neck incision: An introductory review. New Zealand Veterinary Journal 57, 74-76.
(3) Zie de resultaten van het DIALREL EU project

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief