Partij voor de Dieren wil einde aan visse­rij­sub­sidies


8 november 2010

Den Haag, 8 november 2010 - De Partij voor de Dieren wil dat het kabinet snel werk maakt van de afspraken die vorige week gemaakt zijn op de Biodiversiteitstop in Nagoya. 193 landen, waaronder Nederland, zijn doelstellingen overeengekomen voor de bescherming van natuur en ecosystemen. Een van de afspraken is dat subsidies die de biodiversiteit schaden vanaf 2020 niet meer worden verstrekt. Gelet op de enorme schade die door commerciële visserij wordt aangericht aan ecosystemen in zeeën en oceanen, zijn visserijsubsidies de eerste die moeten verdwijnen, vindt de Partij voor de Dieren. Esther Ouwehand, Kamerlid voor de Partij voor de Dieren, dient daarvoor een motie in tijdens het Begrotingsoverleg Visserij met staatssecretaris Bleker vandaag.

De Partij voor de Dieren heeft gemengde gevoelens over het nieuwe internationale akkoord ter bescherming van de biodiversiteit. De partij verwelkomt de overeengekomen afspraken, zoals het beschermen van een groter oppervlakte natuur en een duurzame exploitatie van alle landbouwgrond in 2020, maar wijst erop dat doelstellingen uit eerder overeengekomen Biodiversiteitsverdragen tot nu toe niet zijn gehaald. Zo had in 2010 de achteruitgang van soorten afgeremd moeten zijn, moet de impact van voedselproductie op de biodiversiteit afnemen en moeten natuurgebieden beschermd worden. De achteruitgang van soorten en ecosystemen is echter ongekend snel doorgegaan.

Om te voorkomen dat ook het nieuwe verdrag een wassen neus zal blijken, zal Esther Ouwehand staatssecretaris Bleker vragen op korte termijn duidelijk te maken hoe de internationale biodiversiteitsafspraken zullen worden vertaald naar Nederlands beleid. Ouwehand zal er bij Bleker op aandringen meteen een start te maken met de afschaffing van de subsidies in de visserijsector.

Ouwehand: "De commerciële visserij heeft een verwoestend effect op de mariene ecosystemen. Overbevissing, bijvangsten en veelvuldige omwoeling van de bodem zorgen voor een steeds verdere verschraling van het leven in zee. De subsidies op deze kapitaalvernietiging moeten zo snel mogelijk worden afgeschaft".

De blauwvintonijn, één van de bedreigde vissoorten. Foto: Tom Puchner (Flickr)

In de periode 2007-2013 geeft de EU zo'n 3,8 miljard euro subsidie aan de Europese vissersvloot. Lidstaten voegen daar vaak nog miljoenen aan toe vanuit de nationale begroting. In Nederland staat in de periode 2007-2013 in totaal een post van ruim 120 miljoen euro geboekt. Op dit moment wordt in de EU onderhandeld over een herziening van het Gemeenschappelijk Visserijbeleid. Esther Ouwehand: "De besprekingen over wijziging van het Europees visserijbeleid lopen al. Het is van belang dat de afspraken uit het nieuwe Biodiversiteitsakkoord meteen worden meegenomen in die besprekingen. Ik vraag het kabinet dan ook zowel de Nederlandse subsidies af te bouwen, als te pleiten voor afschaffing van de Europese visserijsubsidies. Uiterlijk in 2020 moet het afgelopen zijn met de subsidiëring van het leegplunderen van de zee."

De Partij voor de Dieren wil naast de afschaffing van de visserijsubsidies ook dat de subsidies voor de intensieve veehouderij worden afgeschaft. Esther Ouwehand: “De veehouderij vormt samen met de visindustrie een van de grootste oorzaken van de achteruitgang van de biodiversiteit. Maar nog altijd subsidiëren we bijvoorbeeld melkveehouders om steeds meer te produceren. De vee-industrie is verantwoordelijk voor ongeveer een derde van de achteruitgang in de biodiversiteit die we nu meemaken. Ook die subsidies zullen dus moeten worden beëindigd.”

Klik hier voor de motie.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief