Minister niet bereid hulp te bieden aan opvang­centrum in nood


1 juli 2008

Minister Verburg van LNV is niet bereid een helpende hand te bieden aan Stichting Dierenthuis te Aarle-Rixtel. Dit antwoordde zij vandaag op vragen van de Partij voor de Dieren. De minister acht het eveneens geen verantwoordelijkheid van de overheid om landelijke dekking van opvangcentra voor dieren te realiseren of stimuleren. Wel zegde ze toe dat de 560 dieren die zich op dit moment in het opvangcentrum van Stichting Dierenthuis begeven, niet zullen worden geëuthanaseerd.
De stichting dreigde de deuren van haar opvang per 1 juli te moeten sluiten, nadat de gemeente aangaf dat de vestiging van de opvang in strijd is met de bestemmingsplannen. Door bezwaar aan te tekenen tegen de dwangsom die hierbij werd opgelegd en vervolgens in beroep te gaan bij de rechtbank, heeft de stichting dit tot nu toe weten uit te stellen. De gemeente en provincie zoeken mee naar een nieuwe vestigingsmogelijkheid.

Klik hier voor eerdere berichtgeving over dit onderwerp.


De brief van Verburg:

Geachte Voorzitter,

Naar aanleiding van uw vragen over de dreigende sluiting van het Dierenthuis te Aarle-Rixtel (gemeente Laarbeek) bericht ik u het volgende.

Na contact met de gemeente Laarbeek blijkt dat de Stichting Dierentehuis haar deuren dreigt te moeten sluiten op straffe van een dwangsom. De Stichting heeft tegen de dwangsom bezwaar aangetekend bij de gemeente, die het bezwaar ongegrond verklaar­de. Hierop is de Stichting in beroep gegaan bij de rechtbank. Dit traject is nog niet afgerond.

Inmiddels zoeken de gemeente Laarbeek en de provincie Noord-Brabant een andere vestigingsmogelijkheid voor het Dierenthuis. De gemeente onderschrijft het doel van de Stichting en ook de provincie is bereid mee te helpen om naar een oplossing te zoeken. Dit laat onverlet de eigen verantwoordelijkheid die het Dierenthuis heeft in deze zaak. Het is in ieder geval niet de bedoeling van de gemeente Laarbeek dat er dieren worden geëuthanaseerd.

De opvang van zwerfdieren is geregeld in het Burgerlijk Wetboek, boek 5, artikel 8, lid 3. Vanwege dit artikel dienen dieren door de gemeente twee weken opgevangen te worden, zodat de eigenaar de mogelijkheid heeft om zijn dier nog terug te krijgen. Verwilderde zwerfkatten kunnen zeker een probleem vormen in gemeenten. De oplossing blijft echter een lokale aangelegenheid.

Ik acht het ongewenst dat er (verwilderde) zwerfkatten ontstaan. In eerdere correspon­dentie met u heb ik reeds aangegeven dat ik goede voorlichting over het houden van gezelschapsdieren essentieel acht om dit soort problemen zoveel mogelijk te voorkomen. Het Landelijk Informatiecentrum Gezelschapsdieren (LICG) dat door mij financieel wordt ondersteund, vervult hierin een leidende rol.

Hoe sympathiek het idee van een landelijke dekking van opvangcentra voor onplaatsbare dieren ook is, het voert te ver voor de rijksoverheid om instanties te bewegen om open eindevoorzieningen te realiseren. Daarnaast meen ik dat ook de voormalige eigenaar een eigen (financiële) verantwoordelijkheid heeft.

DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
VOEDSELKWALITEIT,

G. Verburg

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief