Kamer wil meer open­baarheid en betere regi­stratie dier­proeven


29 januari 2007
Den Haag, 30 januari 2007 – De Partij voor de Dieren heeft vandaag een eerste succes geboekt in de strijd voor een beter Nederlands proefdierbeleid. Waar het huidige kabinet al jaren talmt om openheid van zaken te geven over dierproeven en de gevestigde politieke partijen nauwelijks aandacht besteden aan de slecht functionerende regelgeving omtrent proefdiergebruik, is vandaag een drietal door PvdD-kamerlid Esther Ouwehand (e.a) ingediende moties aangenomen. Een van de moties betrof de openbaarheid van de jaarverslagen van Dierexperimentencommissies, de commissies die belast zijn met de beoordeling van aanvragen voor proefdieronderzoek. Tot nu toe waren de jaarverslagen van deze commissies geheim, waardoor democratische controle op de afwegingen rond proefdiergebruik niet mogelijk was. Door het aannemen van de andere moties heeft de Kamer de regering opdracht gegeven haar te informeren over de doelen waarvoor dierproeven op primaten worden verricht, en moet het gebruik van ongewervelde dieren voor experimenten worden geïnventariseerd. Ongewervelde dieren worden niet beschermd door de Wet op de dierproeven, terwijl uit onderzoek blijkt dat veel van deze dieren wel degelijk pijn kunnen ervaren. Bij dierproeven wordt gebruik gemaakt van immense hoeveelheden ongewervelde dieren die tot nu toe volledig onbeschermd waren.
Esther Ouwehand wees er tijdens de behandeling van de Rijksbegroting voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport op dat Nederland de afgelopen jaren belangrijke kansen heeft laten liggen om het gebruik van proefdieren terug te dringen. Nu het Europees Parlement een resolutie heeft aangenomen waarin gesteld wordt dat ontwikkeling, validatie en aanvaarding van testmethodes zonder dierproeven versneld moeten worden, is het niet langer de vraag of, maar wanneer de EU Nederland via een nieuwe Richtlijn zal dwingen haar alternatievenbeleid meer prioriteit te geven. De PvdD pleit ervoor het niet zover te laten komen en nu te investeren in innovatief alternatievenonderzoek en een brede verspreiding van opgedane kennis.
Beoogde regeringspartijen laten proefdieren in de kou staan
Ondanks de beloften die in verkiezingstijd door vrijwel alle partijen zijn geuit ten aanzien van het lot van proefdieren, mochten niet alle moties rekenen op een meerderheid in de Kamer. Opmerkelijk was dat met name de formerende partijen PvdA, CU en CDA niet thuis gaven op de moties die een structureel en substantieel budget voor alternatieven voor dierproeven mogelijk maakten. Ook een motie voor een verbod op dierproeven voor schoonmaakmiddelen werd door deze partijen niet gesteund. De eerdere uitspraken van de betreffende partijen over een drastische verhoging van het budget voor alternatieven en een beëindiging van dierproeven voor niet-medische doeleinden lijken hiermee slechts als diervriendelijke ‘windowdressing’ te hebben gediend in verkiezingstijd. De Partij voor de Vrijheid, die zich ten tijde van de verkiezingscampagne als diervriendelijk profileerde, heeft slechts voor een van de moties ter bescherming van de belangen van proefdieren gestemd. Het is zeer teleurstellend dat zich diervriendelijk noemende politieke partijen zo makkelijk afstand lijken te nemen van eerder gedane verkiezingsbeloften. Ze onderstrepen daarmee het belang van een afzonderlijke Partij voor de Dieren.
De Partij voor de Dieren wil een einde maken aan de jarenlange stilstand in het Nederlandse beleid ten aanzien van dierproeven en alternatieven. Waar de Kamer ruim een jaar geleden een onafhankelijk evaluatierapport over de Wet op de dierproeven voor kennisgeving aannam, wil de PvdD alsnog een discussie voeren over de gefundeerde kritiek die in het rapport wordt geuit op het functioneren van de wetgeving waar het gaat om de bescherming van proefdieren.

Wij staan voor:

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief