Kamer wil einde aan fokken rashonden met aange­boren afwij­kingen


4 februari 2013

De regering moet vaart zetten achter het onderzoek naar welzijnsproblemen van rashonden met erfelijke aandoeningen. Een meerderheid van de Kamer steunde een motie van de Partij voor de Dieren die hierom vraagt. Ongeveer veertig procent van alle rashonden lijdt aan erfelijke afwijkingen die een ernstige beperking vormen voor het welzijn van deze dieren. Al eerder werd de regering dankzij een motie van de Partij voor de Dieren opgedragen strenge welzijnsnormen te stellen aan het fokken van honden en andere dieren. Met de uitvoering van die motie werd echter teveel getreuzeld. De Partij voor de Dieren drong daarom aan op een snellere aanpak van de welzijnsproblemen in de fokkerij en wist ook daarvoor een Kamermeerderheid achter zich te krijgen.

Het fokken op uiterlijke raskenmerken bij honden is compleet doorgeslagen. De erfelijke afwijkingen die welbewust worden doorgefokt tasten het welzijn en de gezondheid van honden ernstig aan. Zo kunnen Bulldogs vaak nauwelijks normaal ademen door hun platte neus, hebben Cavalier King Charles Spaniels zo’n kleine schedel dat er niet genoeg plek is voor hun ogen en hersenen en hebben Shar Peis zoveel rimpels dat zij er verschillende huidaandoeningen op na houden en last hebben van eczeem en ontstekingen. De Partij voor de Dieren is van mening dat dieren nooit gefokt mogen worden puur op uiterlijke kenmerken met negatieve gevolgen voor de gezondheid en het welzijn van dieren.

Al in 2011 werd een motie van de Partij voor de Dieren met algemene stemmen aangenomen die de regering verzocht om de door de Raad voor Dieraangelegenheden geformuleerde kaders voor de fok van honden op te nemen in de aangekondigde Algemene Maatregel van Bestuur gezelschapsdieren. De kaders houden in dat het welzijn van de dieren voorop moet staan, en niet de uiterlijke kenmerken van een ras. De motie stelt dat dit voor alle dieren moet gelden. Erfelijke afwijkingen vormen tenslotte niet alleen bij honden een groot probleem; ook met katten, konijnen en andere dieren wordt teveel op uiterlijk gefokt ten koste van het dierenwelzijn.

Tot nu toe kreeg de motie te weinig gevolg. Daarom heeft de Partij voor de Dieren gevraagd het onderzoek naar het fokken van dieren met erfelijke aandoeningen uit te breiden naar meer rassen per jaar en zo het onderzoek te versnellen. De motie kreeg brede steun, alleen CDA en VVD stemden tegen.

Esther Ouwehand: “Erfelijke aandoeningen en schadelijke raskenmerken staan al jaren met stip op nummer één als oorzaak van ernstig dierenleed bij rashonden. Het is onethisch om puur op uiterlijk te selecteren zonder rekening te houden met het welzijn van de dieren. Hier moeten we zo snel mogelijk een einde aan maken.”

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief