Opinie: Kabinet tart dier­vrien­de­lijke kiezer


13 mei 2007

De kabinetten Balkenende 1,2 en 3 vormden een ramp voor dieren. Nooit eerder werden zoveel dieronvriendelijke maatregelen genomen in zo’n kort tijdsbestek. Onderzoek van Blauw Research in opdracht van de Dierenbescherming in oktober 2006 wees uit dat 97% van de Nederlandse kiezers de plezierjacht afwijst. Desondanks bereidt het kabinet een voorstel voor om de plezierjacht in natuurgebieden weer vrij te laten. Een regelrechte provocatie van het CDA die het diervriendelijke imago van coalitiepartners Partij van de Arbeid en Christenunie blijvend zal kunnen schaden. Geen wonder dat presentatie van het voorstel enkele weken is uitgesteld.

In 2002 stelde CDA kamerlid Annie Schreijer-Pierik, erelid van de Kamper jagersvereniging en gehuwd met een gepassioneerd jager, na veelvuldig contact met de lobbyisten van de Koninklijke Nederlandse Jagers Vereniging, een aantal versoepelingen van de Flora- en faunawet voor.

In de praktijk kwamen die erop neer dat het complete beschermingsregime van deze wet aan flarden geschoten zou worden. Jagers zagen hun kans schoon de toevallig ontstane meerderheid in het parlement – als gevolg van de opkomst van de LPF- te benutten om de restricties in de jachtwetgeving in snel tempo naar de eeuwige jachtvelden te helpen.

Minister Veerman -de nieuwe voorzitter van Natuurmonumenten, hielp ze daar graag mee. Vossen zijn weer vogelvrij verklaard, jacht in draag- en zoogtijd kan weer volop doorgang vinden, het met lichtbakken verblinden van dieren tijdens de nachtelijke uren is weer mogelijk, 80.000 ganzen worden doodgeschoten onder het mom van “verjagen” en zelfs de drijfjacht op wilde zwijnen komt – onder een andere naam- weer gewoon terug ondanks het grote maatschappelijke verzet daartegen.

Eén onderdeel van de door Schreijer-Pierik verwoorde jagerswensen ging echter zelfs Veerman te ver: herinvoering van de plezierjacht in natuurgebieden.

Zoals het toestaan van motorcross in beschermde natuurgebieden niet voor de hand zou liggen, zo zag ook Veerman dat het doden van dieren in beschermde natuurgebieden, louter voor de lol en zonder enige noodzaak lastig uit te leggen is aan de burger. Hij had dat goed gezien, getuige de uitkomsten van Blauw research, waaruit bleek dat slechts 5% van de Nederlanders vond dat in het wild levende dieren deugdelijk beschermd werden door het kabinet Balkenende.

De maatschappelijke weerzin tegen het louter voor de lol doden van dieren had er eerder al toe geleid dat jachtgezinde krachten in de afgelopen jaren al alles in het werk hadden gesteld om via windowdressing de burger om de tuin te leiden in het belang van een handjevol jagers. Zo waren dieren als herten, zwijnen, reeën, ganzen en knobbelzwanen al een tijdje “niet meer bejaagbaar”. Ze werden weliswaar nog steeds bij vele duizenden geschoten, maar dat gebeurde nu niet meer onder de beladen noemer “jacht”. Eufemistische benamingen als “populatiebeheer”of “schadebestrijding-met-het-jachtgeweer” zorgden ervoor dat 28.000 gekostumeerde heren hun bloeddorstige hobby konden voortzetten ondanks de uitgesproken afkeer van het publiek. Voor knobbelzwanen betekent dat nog steeds dat jaarlijks één van elke drie dieren uit de lucht geschoten wordt en een veelvoud gewond raakt. Maar nee, “gejaagd” wordt er niet meer op deze dieren.

Ondanks het feit dat de Nederlandse wetgeving de jagers nu al ruimte biedt om elk jaar meer dan 2 miljoen dieren te doden (waarvan nut en noodzaak door niemand anders dan henzelf werd vastgesteld), blijft de jachtlobby bij monde van Schreijer-Pierik aandringen. Er moet en zal ook weer voor de lol gejaagd worden in natuurgebieden.

Veerman rekte het indienen van dit voorstel 4 jaar, maar net voor z’n afscheid zwichtte hij toch. En dus lag er voor de zich “diervriendelijker” noemende Gerda Verburg een in ijltempo uitgewerkt voorstel om van elk natuurgebied een schietbaan te maken. Jagers worden hooguit gecontroleerd door van hen afhankelijke jachtopzieners. Sociale controle door wandelaars en oplettende burgers wordt tegengegaan door bordjes “verboden toegang, rustgebied voor het wild” te plaatsen.

PvdA en CU staan nu voor een dilemma. Steunen ze de grootste coalitiegenoot, in de wetenschap dat de kiezer de plezierjacht massaal afwijst en ze daarmee kiezersbedrog zouden plegen? Of blijven ze trouw aan hun verkiezingsbeloften en riskeren ze ruzie met het CDA?

Natuurlijk zal er geprobeerd worden de kiezer een rad voor ogen te draaien met een omfloerst compromis. Juist omdat het zo overduidelijk om 100% plezierjacht gaat zal dat niet meevallen.

Niet voor niets hebben de kiezers ervoor gezorgd dat Nederland het eerste land ter wereld is met een Partij voor de Dieren in het parlement. Kiezers laten zich niet zomaar iets wijs maken als het over de belangen van dieren gaat. Als naast de Partij voor de Dieren ook Groenlinks, SP, PvdA, CU, PVV, VVD en D66 zich aan hun verkiezingsbeloften houden, komt er zeker geen hernieuwde plezierjacht in onze natuurgebieden. Gelet op de beloften aan de kiezers zijn 107 kamerleden gehouden om tegen plezierjacht in natuurgebieden te stemmen. Het worden weer spannende tijden. En niet alleen voor de dieren!

Marianne Thieme, fractievoorzitter Partij voor de Dieren

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief