Geen steun aan sierteelt- en aard­ap­pel­sector zonder duurzame voor­waarden


20 mei 2020

De sierteelt- en de aardappelsector kunnen respectievelijk op €600 miljoen en €50 miljoen steun rekenen om de verliezen als gevolg van de coronacrisis op te vangen. De Partij voor de Dieren vindt dat die miljoenen gebruikt moeten worden voor duurzame omschakeling. "Het is een gemiste kans als een einde aan het grootschalige gifgebruik geen voorwaarde wordt voor steun aan deze sectoren", stelt PvdD-Kamerlid Frank Wassenberg.

“Bij de sierteelt, vooral lelies en tulpen, en de teelt van aardappelen wordt het meeste landbouwgif gebruikt”, licht Frank Wassenberg toe. “De Nederlandse natuur en omwonenden kampen met de schadelijke gevolgen van het gif, terwijl bijna 90 procent van de aardappels en bloemen wordt geëxporteerd. Een bizarre situatie, waar nu verandering in moet komen.”

De Partij voor de Dieren wijst er in een schriftelijk overleg met landbouwminister Schouten op dat in de transitie naar natuur-inclusieve kringlooplandbouw de landbouwgronden zo efficiënt mogelijk ingezet moeten worden om duurzaam voedsel te produceren. Duurzame voedingstuinbouw moet dan ook prioriteit krijgen boven de op export georiënteerde sierteelt.
Daarom pleit de Partij voor de Dieren ervoor dat een groot deel van de sierteeltbedrijven met dit COVID-19-steunpakket geholpen wordt bij het omschakelen naar duurzame voedingstuinbouw. Daarnaast moeten er volgens de Partij voor de Dieren zowel voor de fritesaardappeltelers als de blijvende siertelers voorwaarden gesteld worden om het gebruik van landbouwgif drastisch te verminderen.