Dieren­be­schermers gestig­ma­ti­seerd en gecri­mi­na­li­seerd


9 april 2009

Dierenrechtenactivisten zijn deze week weer volop in het nieuws. Woensdag vond in de Tweede Kamer een debat plaats met de ministers Ter Horst (BZK) en Hirsch Ballin (Justitie) over de plannen van het kabinet voor een hardere aanpak van ‘dierenrechtenextremisten’. Onderdeel van deze aanpak is het veelbesproken manifest, waarin van dierenbeschermers expliciet zouden moeten verklaren zich aan de wet te zullen houden. De Partij voor de Dieren heeft eerder bezwaar gemaakt tegen dit bizarre plan dat de hele dierenbeschermingswereld in de verdachtenbank zet. Een motie die vroeg om dit plan van tafel te halen werd afgelopen dinsdag verworpen. Tijdens het debat van woensdag keerde een Kamermeerderheid zich echter alsnog tegen dit manifest.

De AIVD benadrukte vorige week in een rapport over dierenrechtenactivisme opnieuw dat vermoedelijk enkele tientallen individuen betrokken zijn bij illegale acties, door het kabinet nu aangeduid als dierenrechtenextremisten. In gevallen van wetsovertreding is de Partij voor de Dieren voorstander van opsporing en strafrechtelijke vervolging. Duidelijk is dat tot nu toe veel strafrechtelijke mogelijkheden onbenut zijn gebleven. Er is geen goede registratie, zelfs geen aangiften. In de aanpak van illegale activiteiten is dus nog grote winst te behalen. De Partij voor de Dieren heeft echter ernstige bezwaren tegen de suggestie die telkens wordt gewekt dat er sprake zou zijn van criminele organisaties. Esther Ouwehand: "We noemen de ANWB ook geen criminele organisatie omdat die leden heeft die door rood rijden. Het gaat om individuen die zich crimineel gedragen. Deze kunnen toevallig lid zijn van een organisatie."

In het debat heeft Esther Ouwehand gewezen op het feit dat de constateringen en aanbevelingen die de AIVD doet op het gebied van het aanpakken van de voedingsbodem al jaren in de wind worden geslagen. Zo constateerde de AIVD al in 2004 dat het wantrouwen naar de overheid toeneemt door het constant centraal stellen van de concurrentiepositie van het bedrijfsleven in de besluitvorming rond dierenwelzijn. Dit geldt ook voor plotselinge wijzigingen in beleid, zoals het verbod op de nertsenfokkerij dat in 2001 werd afgevaardigd en weer teruggetrokken. De scepsis ten aanzien van ambtelijke oplossingen wordt alsmaar groter, concludeerde men vijf jaar geleden. Ook met de oproep om openbaarheid rondom dierproeven te betrachten is niets gedaan. De AIVD waarschuwde in 2005 dat het handhaven van de besloten besluitvorming over dierproeven zou kunnen leiden tot een verdere verharding van de standpunten en radicalisering van het dierenrechtenactivisme.

Als het aan de meerderheid van de Kamer ligt, worden ook legale manieren van protesteren zoals het houden van demonstraties steeds verder aan banden gelegd. Dinsdag stemde de Kamer, inclusief SP en PvdA voor de wet ‘maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast’, waarmee burgemeesters meer mogelijkheden krijgen om potentiële overlastgevers onder andere een gebiedsverbod of meldingsplicht op te leggen. Dierenrechtenactivisten vormen hierbij één van de doelgroepen.

Lees hier de bijdrage van de Partij voor de Dieren aan het overleg over dierenrechtenextremisme
Lees hier de bijdrage van de Partij voor de Dieren aan het debat over de wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief