Schrif­te­lijke Inbreng Mili­euraad


2 juli 2021


Wijziging verordening inzake de verdeling van de inspanningen (Effort Sharing Regulation)

De leden van de Partij voor de Dieren-fractie hebben kennisgenomen van de stukken en hebben hier nog enkele vragen over. De leden merken op dat de Effort Sharing Regulation enorm moet worden verbeterd om van betekenis te kunnen zijn bij het tijdig oplossen van de klimaatcrisis. De landbouw blijft vooralsnog buiten schot, terwijl de landbouw juist veel broeikasgassen uitstoot. Deelt de minister het inzicht dat er bindende concrete reductiedoelstellingen voor de landbouw moeten worden opgesteld? Zo nee, waarom niet? Deelt de minister het inzicht dat deze doelstellingen ook nodig zijn voor het behalen van de ambities in de Boer tot Bord Strategie? Zo nee, waarom niet? En wat is de inzet van Nederland met betrekking tot het Effort Sharing Regulation, onder andere voor de landbouw? Is de minister bereid om zich te verzetten wanneer het voorstel van de Commissie geen bindende reductiedoelstellingen voor de landbouw zou blijken te bevatten? Deelt de minister de mening dat een effectieve CBAM ook landbouw zou moeten omvatten, om de geïmporteerde emissies tegen te gaan, en dat dit niet alleen een zeer groot effect voor het klimaat zou kunnen bereiken, maar tegelijkertijd ook biodiversiteitsverlies kan helpen tegen gaan?

VN Klimaatconferentie (COP26)

De leden van de Partij voor de Dieren-fractie willen graag weten welke delegatie vanuit het Nederlandse kabinet deel zal nemen aan de VN Klimaatconferentie en hoe naar deze conferentie afgereisd zal worden? Zal de minister-president aanwezig zijn? En zal de delegatie per trein en boot afreizen? Wat zal de inzet zijn van de Nederlandse delegatie aan de COP26?

De leden merken verder op dat de consumptie van vlees, vis en zuivel schade aan klimaat, dieren, natuur en water veroorzaakt. De wetenschappelijke rapporten die adviseren om over te stappen van dierlijk naar meer plantaardig voedsel stapelen zich op. Zo is de vee-industrie volgens het World Resources Institute verantwoordelijk voor 80 procent van de ontbossing in het Amazonegebied. Desondanks ging het bij de vorige klimaattoppen van Katowice en Madrid helemaal mis. De wereldleiders en andere conferentiegangers werden getrakteerd op menukaarten vol vlees, vis en zuivel.

Deelt de minister de mening van de Partij voor de Dieren dat juist op internationale conferenties waar gesproken wordt over het oplossen van de problemen die mede worden veroorzaakt door de consumptie van vlees, vis en zuivel, het vanzelfsprekend zou moeten zijn dat de plantaardige optie daar de norm is? Is de minister bereid om te pleiten dat een plantaardig menu de standaard keuze wordt, terwijl opties met dierlijke eiwitten enkel op verzoek beschikbaar worden gemaakt? Wanneer gaat het kabinet de Kamervragen van het lid Teunissen (d.d. 14 april 2021) over aandacht voor de eiwittransitie op internationale conferenties beantwoorden? [1]

Biodiversiteitsverdrag (CBD)

De leden van de Partij voor de Dieren-fractie hebben kennisgenomen van de stukken en hebben hier nog enkele vragen over. De leden merken op dat eind augustus waarschijnlijk de 3OEWG (Third Open Ended Working Group) zal plaatsvinden in aanloop naar de Convention on Biological Diversity van volgend jaar. Tijdens de 3OEWG hebben landen de mogelijkheid om concrete tekstuele veranderingen van het Biodiversiteitsverdrag voor te stellen. De leden merken hierbij op dat gezien de urgentie van de klimaat- en biodiversiteitscrisis, de komende tien jaar worden gezien als de ‘the deciding decade’ (het beslissende decennium) om klimaatontwrichting en biodiversiteitsverlies te stoppen. De leden vinden echter dat het Biodiversiteitsverdrag de urgentie niet voldoende erkent en dat er daarom jaarlijks ‘milestones’ zouden moeten worden geformuleerd. Deelt de minister het inzicht dat het essentieel is dat er concrete jaarlijkse doelstellingen met behulp van impact-, proces- of outputindicatoren en een routeplan tot 2030 moet worden opgesteld? Wat vindt de minister van de suggestie om voor het rapporteren van jaarlijkse ‘milestones‘ gebruik te maken van technologieën om op een transparante en gestandaardiseerde manier te rapporteren, bijvoorbeeld via benchmarkingtools, quickscans of social media? Deelt de minister het inzicht dat op deze manier het rapport voor een breder publiek leesbaar kan worden, maar ook dat het rapporteren hiermee verandert van een 'rapportagelast' naar 'het vieren van successen en prestaties'.

Daarnaast merken de leden op dat de Theory of Change structuur het fundament is van het Biodiversiteitsverdrag waarop de doelstellingen zijn gebaseerd. Momenteel is er een onnatuurlijke scheiding aangebracht wat betreft 'menselijke behoeften' en het verminderen van het aantal bedreigde diersoorten en de bescherming van natuurgebieden en ecosystemen. Wat vindt de minister van het idee om het welzijn van mensen te koppelen aan het welzijn van de aarde en haar ecosystemen en biodiversiteit. Is de minister bereid om voorstellen te doen om de coherentie tussen menselijk welzijn en het welzijn van de aarde in de Theory of Change te verbeteren en zo ook duplicatie te verminderen? Deelt de minister het inzicht dat bij het opstellen van deze doelstellingen rekening gehouden moet worden met de planetaire grenzen en dat er niet alleen gekeken wordt naar bijvoorbeeld het verminderen van het aantal bedreigde soorten?

Ook vinden de leden van de Partij voor de Dieren-fractie dat de polaire streken niet voldoende worden genoemd en beschermd in het Biodiversiteitsverdrag. Antarctica en de Zuidelijke Oceaan zijn een buitengewoon rijk aan bijzondere en bedreigde soorten, zoals pinguïns, walvissen en zeehonden. Bovendien zijn de oceanen van belang om klimaatverandering tegen te gaan; 30% van de koolstofemissie wordt hierin vastgelegd. Daarnaast vormt de Antarctische krill een essentieel onderdeel van de voedselketen voor veel mariene roofdieren in de Zuidelijke oceaan. Er wordt momenteel onderhandeld over het oprichten van twee Marine Protected Areas (MPA) voor de instandhouding van de levende rijkdommen van de Antarctische wateren. De MPAs zullen samen ongeveer 3 miljoen vierkante kilometer groot zijn. Kan de minister aangeven welke positie Nederland inneemt in deze onderhandelingen? Wat is het standpunt van Nederland? Deelt de minister het inzicht dat deze twee MPA’s er moeten komen en is ze bereid zich hiervoor actief in te zetten, ook in de bilaterale contacten met de landen die zich momenteel het meest verzetten tegen deze MPA's, namelijk China en Rusland?

Daarnaast pleiten de leden voor het opnemen van een wereldwijd moratorium op de introductie van organismen in de natuur die genetisch gemanipuleerd zijn door middel van gene drive technologie (genaandrijving). Genaandrijving is gericht op het uitroeien van populaties en zelfs hele soorten door middel van genetische manipulatie. De effecten daarvan zijn niet omkeerbaar. Het vrijkomen van gene drive-organismen in het milieu vormt een nieuwe en ernstige bedreiging voor de biodiversiteit en het milieu op een ongekende schaal, aangezien elk gene drive-organisme een ernstig risico van oncontroleerbare verspreiding van genetisch gemanipuleerde genen en genetische mechanismen in wilde en gedomesticeerde populaties met zich meebrengt. Gene drive-organismen kunnen zelf invasieve soorten worden, waarmee ze een ernstig gevaar vormen voor de biodiversiteit.

In antwoorden op eerdere vragen van de Partij voor de Dieren-fractie schreef de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit dat zij geen voorstander is van een wereldwijd moratorium, omdat het juist toegelaten moet zijn om de techniek (op een veilige manier) verder te ontwikkelen.[2] Wel erkent deze minister dat er nog deels onbekende risico’s kleven aan de toepassing.

Deze leden verzoeken het kabinet met klem om het standpunt te heroverwegen. Zo lang er nog onbekende risico’s zijn, en de techniek zich nog op een “veilige manier” zou moeten ontwikkelen, is introductie van gene drive-organismen in de natuur, met inbegrip van veldproeven, uit den boze. Deze leden verwijzen hierbij naar het voorzorgsbeginsel dat is verankerd in zowel het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie als in het Verdrag inzake Biologische Diversiteit. Gaat de minister uit voorzorg pleiten voor opname van een wereldwijd moratorium op genaandrijving in de tekst van het Biodiversiteitsverdrag?

Tot slot merken de leden van de Partij voor de Dieren-fractie op dat de Wereldbank deze week in kaart heeft gebracht dat de wereldeconomie in 2030 2,7 biljoen US dollar zal verliezen wanneer de achteruitgang van de ecosystemen niet gestopt wordt. Hierbij vermeld de Wereldbank dat te vaak politieke leiders kiezen voor exploitatie van natuurlijke hulpbronnen ten behoeve van een korte termijn economisch gewin, ten koste van de leefomgeving. De leden van de Partij voor de Dieren-fractie delen het inzicht dat de achterliggende oorzaken van de biodiversiteitscrisis gelegen zijn in hoe de economie is ingericht, hoe handel wordt gedreven en hoe grondstoffen worden geëxploiteerd, waarbij de negatieve gevolgen voor mens, dier en natuur niet worden geïnternaliseerd in de economie. Het is daarom van belang dat een houdbare economie binnen de draagkracht van de aarde blijft. De Britse econoom Kate Raworth schetst deze economie als een donut, waarin iedereen recht heeft op (sociale) basisvoorzieningen en niemand het recht heeft om het ecosysteem te misbruiken voor eigen gewin. Is de minister bereid om de donut economie, of het Natuurlijk Kapitaal Rekenen of andere alternatieve vormen van BNP (Bruto Nationaal Product), zoals brede welvaart, voor te stellen voor het Biodiversiteitsverdrag? Of is de minister bereid om voor te stellen dat dit concept geformuleerd wordt door een speciale deskundigengroep (expert group)? Daarnaast is een deel van de oplossing het verlagen van de belasting op arbeid en het verhogen van de belasting op grondstoffen, vervuiling, vermogen en winst. Deelt de minister dit inzicht en is ze bereid dit in te brengen in het Biodiversiteitsverdrag?

[1] Kamerstuk: 2021D13180. Ingediend: 14 april 2021.

[2] Kamerstuk 21501-32-1244