Monde­linge vragen Ouwehand over de slachting van dolfijnen in Taiji


21 januari 2014

Bekijk deze vragen via debatgemist.nl

Vragen van het lid Ouwehand aan de minister van Buitenlandse Zaken over de slachting van dolfijnen in Taiji

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. De afgelopen dagen zijn in Japan weer zo'n 200 wilde dolfijnen de baai ingedreven van het vissersdorp Taiji. Dankzij vrijwilligers van Sea Shepherd, de zogenaamde Cove Guardians, kan de wereld kennisnemen van wat daar gebeurt. De dolfijnen worden de baai ingejaagd om dolfinaria de gelegenheid te geven, nieuwe slachtoffers en nieuw bloed te gebruiken in zeepretparken wereldwijd. De beste exemplaren worden uit het water gevist en voor grof geld verkocht. De rest van de dieren wordt op gruwelijke wijze afgeslacht.

De verontwaardiging over deze dolfijnenslachtingen, en ook die op de Faeröer trouwens, is groot; ook in de politiek, gelukkig. Onze moties hierover worden doorgaans door de Kamer gesteund -- alleen de VVD doet nooit mee -- en de Nederlandse regering heeft het officiële standpunt ingenomen dat we de slachting van dolfijnen door Japan en de Faeröer afwijzen en ons daartegen verzetten. Dat is mooi, maar dat moeten we dan ook wel doen. Als wij in de media lezen dat de ambassadeurs van het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten de dolfijnenslachtingen die nu begonnen zijn, scherp hebben veroordeeld, vraagt de Partij voor de Dieren zich af wat de Nederlandse ambassadeur heeft gedaan. Hoe zit het met de voorwaarden die we al dan niet bereid zijn om te stellen aan de onderhandelingen over het vrijhandelsakkoord met Japan? Daarover heeft de Partij voor de Dieren al eerder gezegd: stel nou als voorwaarden dat Japan de mensenrechten en het moratorium op de walvisjacht accepteert en stopt met die afschuwelijke slachtingen. Graag krijg ik een reactie van de minister van Buitenlandse Zaken.

Minister Timmermans: Voorzitter. Ik heb ook met afschuw kennisgenomen van de beelden -- ik heb ze nog even bekeken eerder vandaag -- van wat er zich in Japan afspeelt. Daar vinden heel wrede praktijken plaats. De beschrijving die mevrouw Ouwehand ervan geeft, klopt. Het gaat om het vangen van dieren die kunnen worden verkocht aan dolfinaria en zeepretparken. Andere dieren worden gedood, ook overigens op heel gruwelijke wijze; ze stikken uiteindelijk omdat ze met staven … Nou goed, ik ga niet in details treden. Het zijn wrede praktijken. Daar zijn we het snel over eens. Iedereen die ooit de film The Cove heeft gezien, weet wat er aan de hand is en zal daar met afschuw kennis van nemen.

Wat kunnen we doen, is de vraag van mevrouw Ouwehand. Ik heb helaas pas vanochtend kennisgenomen van hetgeen de Amerikaanse en de Britse ambassadeurs hebben gezegd; de Amerikaanse ambassadeur via Twitter. Ik vind dat de Nederlandse ambassadeur hetzelfde moet doen. Wij zullen onze ambassadeur in Japan instrueren om zijn Amerikaanse en Britse collega's in dezen te volgen. Tegelijkertijd volgt Nederland, zoals mevrouw Ouwehand weet, een langetermijnstrategie. Als het aan ons ligt, zullen ook de kleine zeezoogdieren onder het IWC-regime vallen dat geldt voor de grote zeezoogdieren. Daar blijven wij ons onverminderd voor inzetten. België heeft op dit punt het initiatief genomen. Dat zullen wij blijven steunen, zodat er een moment komt waarop culturele gebruiken die niet in beton gegoten zijn – want culturele gebruiken kunnen zich ook ontwikkelen en worden aangepast -- niet meer zullen leiden tot deze slachting onder zeezoogdieren.

Ik heb vandaag toevallig gezien dat Yoko Ono een brief heeft geschreven aan Japan. Daarin schrijft zij: ik heb respect voor onze cultuur en onze achtergrond, maar dit doet Japan geen goed; dit moeten we onszelf niet willen aandoen.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Dank aan de minister voor zijn uitspraak dat hij vindt dat ook de Nederlandse ambassadeur in Japan de slachtingen moet veroordelen. De inzet om de bescherming van het IWC uit te breiden naar kleine walvisachtigen is mij bekend. Wij hebben daar in een motie ook om gevraagd. Ik hoop daar binnenkort meer over te horen van de staatssecretaris van Economische Zaken, die daar een coalitie voor moet zien te vinden.

We kunnen echter nog meer doen. Zoals gezegd hebben we vragen gesteld over de onderhandelingen tussen de Europese Unie en Japan over dat vrijhandelsakkoord. Wij waren superblij dat we daarmee konden doorgaan, omdat Japan had beloofd ons kalfsvlees weer te zullen kopen. Toen hebben wij gezegd dat wij op onze beurt ook eisen moeten stellen. We moeten toch tegen Japan kunnen zeggen dat het de mensenrechten en het moratorium op de walvisjacht moet respecteren, en dat het moet stoppen met die slachtingen? We kunnen daar toch een wat stevigere positie in innemen? Ik zou graag van de minister willen horen wat de tussentijdse gesprekken met Japan hebben opgeleverd. Die waren het argument voor het kabinet om die voorwaarden niet te stellen. Het kabinet dacht dat het, als het in gesprek zou gaan met Japan over vrijhandel, genoeg gelegenheid zou krijgen om deze zaken aan de orde te stellen.

Als ik mij niet vergis, heeft de minister op 8 april gegeten met zijn Japanse collega. Heeft hij het daar aan de orde gesteld? In november is de Europese Commissie in Japan op bezoek geweest om de Europese producten daar verder te promoten. Heeft Nederland voorafgaand aan dat bezoek ingebracht dat deze gesprekken nadrukkelijk ook zouden moeten gaan over de zaken die ik zojuist genoemd heb?

Minister Timmermans: De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat er in de Europese Unie op dit punt geen consensus is. Er zijn ook aardig wat Europese landen die weliswaar de afschuw over de praktijk delen, maar daar geen verdere consequenties aan willen verbinden. Zoals mevrouw Ouwehand weet, zijn de besprekingen met Japan over een handelsverdrag een Europese aangelegenheid. Wat wij dus proberen te doen, is om de zaken in de Europese Unie meer in die richting te bewegen. Dat is ons in het verleden rond de zeehondenjacht ook gelukt. Dat zal ons echter niet lukken als wij daar in ons eentje verder in gaan dan de Europese Unie. Waar er ook over de zeehondenjacht vroeger totaal geen consensus was in de EU, maar er nu een verbod is op de import van zeehondenbont, is dat de weg die we willen gaan. Dat kost helaas meer tijd dan deze dolfijnen hadden. Het kost ons meer tijd om in de EU aan consensus te bouwen, maar daarmee is dit onderwerp inderdaad ook een onderwerp in de handelsbesprekingen. Dat moet echter via de EU. We kunnen dat niet bilateraal.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Dat snap ik. Ik zou de minister dan echter willen vragen om toe te zeggen dat hij de Kamer wat beter zal informeren over hoe de Nederlandse regering dit in de EU probeert. Als hij zegt dat hier geen consensus over is, dan wil ik dat best geloven. In de brieven die we krijgen, lees ik echter dat Europa wacht op toezeggingen van Japan om een ruimhartiger beleid te voeren over de import van onze landbouwproducten. Als dat gebeurd is, zegt Europa: kom maar door met je elektronica. Mij wordt dan niet duidelijk wat de inzet van Nederland is geweest voor die Europese positie.

Ik heb laatst een leuk interview met de minister gelezen. We zijn allebei muziekliefhebbers. Het ging over Bruce Springsteen en Rage Against the Machine. Ik dacht toen: misschien hebben we wel een verschillende aanpak. Ik ben meer Rage Against The Machine, en de minister is meer Bruce Springsteen. Wat hij bewondert in Bruce Springsteen, zo las ik, was dat Bruce Springsteen wel van de corrigerende tik is. Ik zou graag zien dat ook de minister die houding meer aanneemt in de opstelling ten opzichte van Japan.

Minister Timmermans: Ik heb goed geluisterd naar de boodschap aan het slot van het betoog van mevrouw Ouwehand. Haar concrete vraag was of ik bereid zou zijn de Kamer uitvoerig te informeren over wat we doen om het doel te bereiken dat wij delen. Die bereidheid heb ik. Ik zal ervoor zorgen dat in onze verslagen speciaal aandacht aan dit onderwerp wordt gegeven.

De voorzitter: Dank voor uw komst naar de Kamer.